Leerlijn Digitale Geletterdheid | Groep 6, 7 en 8

Leerlijn Digitale Geletterdheid Bovenbouw

Praktische ICT-basisvaardigheden

In de bovenbouw ligt de focus op het begrijpen van netwerken, bestanden opslaan en terugvinden in een digitale omgeving en het veelzijdig gebruik van programma's en apps. Onder andere voor tekstverwerking en creatieve doeleinden. Leerlingen leren niet alleen de technische aspecten, zoals het opslaan en delen van bestanden, maar ook de ethische, zoals het veilig omgaan met wachtwoorden. Deze vaardigheden zijn cruciaal voor hun digitale zelfstandigheid en voorbereiding op de moderne arbeidsmarkt.

Digitale Informatievaardigheden

Informatievaardigheden in de bovenbouw draait om het verzamelen, beoordelen en effectief gebruiken van (digitale) bronnen voor onderzoeksvragen. Leerlingen leren niet alleen hun bronnen te organiseren, maar ook de betrouwbaarheid en bruikbaarheid ervan te beoordelen. Ze ontwikkelen de vaardigheid om informatie uit verschillende bronnen samen te voegen, hun onderzoeksvragen te beantwoorden en hun bevindingen op passende wijze te presenteren. Het aanleren van deze informatievaardigheden is van groot belang voor kinderen in deze leeftijdsgroep omdat het hen helpt kritisch te denken, relevante informatie te onderscheiden van minder relevante, en hun bevindingen op een begrijpelijke manier te delen.

Computational thinking

In de bovenbouw draait Computational thinking om het verder ontwikkelen van het denkvermogen van leerlingen in realtie tot computers en technologie en hoe ze dit kunnen toepassen om problemen op te lossen. Ze leren niet alleen over de werking van computers, maar ook hoe ze deze kunnen inzetten om creatieve oplossingen te bedenken. Leerlingen leren problemen op te splitsen in logische onderdelen en deze om te zetten in herhaalbare stappen (algoritme). Ook begrijpen ze het nut van computer bij automatisering van repeterende taken in allerlei vormen, zoals bijvoorbeeld in een fabriek. Deze fase van Computational thinking bevordert probleemoplossend denken en het bedenken, testen en aanpassen van creatieve oplossingen. Deze vaardigheden zijn niet alleen waarde vol in de digitale wereld, maar ook in het dagelijks leven.

Mediawijsheid

Mediawijsheid in de bovenbouw omvat het begrijpen van de boodschappen die media proberen over te brengen, het kritisch nadenken over de betrouwbaarheid van mediaberichten, en het bewust worden van het eigen mediagebruik. Kinderen worden bekend met de begrippen ‘meningen en feiten’ en oefenen met het herkennen van nepnieuws.

Mediawijsheid helpt kinderen ook inzicht te krijgen in de manieren waarop media hen verleiden om meer tijd te besteden aan kijken, klikken of spelen. Ze leren over de rol van digitale media in hun eigen leven en in de wereld, inclusief de invloed van advertenties en het verzamelen van persoonlijke gegevens (data).

Mediawijsheid is zeker ook in de bovenbouw van cruciaal belang omdat het kinderen in staat stelt om kritisch te denken, nepnieuws te herkennen, bewust om te gaan met hun digitale tijd en zich te wapenen tegen digitale verleidingen en/of ongewenst online gedrag.

Praktische ICT-basisvaardigheden

1. Ik kan vertellen uit welke onderdelen een netwerk bestaat.

1.1 Ik begrijp het begrip ‘netwerk’ en kan dit toepassen binnen de juiste context.

1.2 Ik kan het begrip ‘online netwerk’ toepassen binnen de juiste context.

1.3 Ik begrijp het begrip ‘cloud’, weet hoe ik dit kan gebruiken en wat hier de voor- en nadelen van zijn.

1.4 Ik weet dat internet een online netwerk is en hoe data verstuurd kan worden.

1.5 Ik begrijp dat het Internet of Things (een netwerk van apparaten) ook een voorbeeld is van een online netwerk.

2. Ik kan mijn bestanden op een veilige en handige manier opslaan en terugvinden.

2.1 Ik kan mijn bestand een naam geven en opslaan op een logische plek (bijvoorbeeld in een mappenstructuur).

2.2 Ik weet waarvoor wachtwoorden gebruikt worden en ik kan een veilig wachtwoord maken.

2.3 Ik kan bestanden opslaan / terugvinden / kopiëren / verwijderen op verschillende opslagmedia.

3. Ik kan een aantal (relevante) computerprogramma’s gebruiken voor tekstverwerking en het maken van presentaties.

3.1 Ik kan een omgaan met de basisfuncties van een presentatieprogramma, zoals Microsoft PowerPoint of Google Presentaties.

3.2 Ik kan omgaan met de basisfuncties van een tekstverwerkingsprogramma, zoals Microsoft Word of Google Documenten.

4. Ik kan het juiste programma bij een opdracht kiezen.

4.1 Ik kan een opdracht uitvoeren of uitwerken met behulp van een bijpassend digitaal programma. Bijvoorbeeld: ik kan de mening van mijn klasgenoten vragen door een quiz te maken in Forms of Kahoot.

5. Ik kan een opdracht maken en dit op een veilige manier delen met anderen.

5.1 Ik kan samenwerken met anderen in eenzelfde bestand.

5.2 Ik kan mijn werk delen met anderen en begrijp wat anderen dan met mijn document kunnen doen (lezen, bewerken).

1. Ik kan vertellen uit welke onderdelen een netwerk bestaat.

1.1 Ik begrijp het begrip ‘netwerk’ en kan dit toepassen binnen de juiste context.

 

Digi-doener! | Internet, hoe werkt het?

Aansluiting op vak(ken): Nederlands, Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren dat het internet niet zo ongrijpbaar is als ze misschien wel denken. Door middel van opdrachten maken ze inzichtelijk hoe het internet werkt. Ook leren ze hoe het mogelijk is dat satellieten zo nauwkeurig onze locatie kunnen bepalen terwijl ze zo ver van onze aarde staan.

 


1.2 Ik kan het begrip ‘online netwerk’ toepassen binnen de juiste context.
1.4 Ik weet dat internet een online netwerk is en hoe data verstuurd kan worden.

 

Digi-doener! | Online verbonden

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

We zijn tegenwoordig de hele dag online met elkaar verbonden, maar vaak hebben we geen idee hoe dit soort verbindingen werken. Deze les leren de leerlingen hoe het internet werkt, welke verschillende soorten netwerken er zijn en hoe deze functioneren.

 


1.3 Ik begrijp het begrip ‘cloud’, weet hoe ik dit kan gebruiken en wat hier de voor- en nadelen van zijn.

 

Digi-doener! | Met je hoofd in de cloud!

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe de cloud en alle diensten die daarop draaien technisch werken. Daarnaast gaan ze nadenken over welke cloud diensten ze zelf gebruiken en wat daar de voor- en nadelen van zijn.

 


1.5 Ik begrijp dat het Internet of Things (een netwerk van apparaten) ook een voorbeeld is van een online netwerk.

 

Digi-doener! | Internet of things

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

Dagelijks zijn we zelf, net als miljoenen apparaten, verbonden met het internet. Deze apparaten worden slimme apparaten genoemd. Denk bijvoorbeeld aan een slimme thermostaat die je met je telefoon kunt bedienen. Het internet zorgt ervoor dat al deze apparaten met elkaar zijn verbonden. We noemen de verbondenheid van al deze apparaten het Internet of Things, afgekort: IoT. In deze les leren de leerlingen wat het Internet of Things is en wat de mogelijkheden ervan zijn.

 


2. Ik kan mijn bestanden op een veilige en handige manier opslaan en terugvinden.

2.1 Ik kan mijn bestand een naam geven en opslaan op een logische plek (bijvoorbeeld in een mappenstructuur).
2.3 Ik kan bestanden opslaan / terugvinden / kopiëren / verwijderen op verschillende opslagmedia.

 

Digi-doener! | Kraak de digitale kluis

Aansluiting op vak(ken): Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

In deze les gaan leerlingen proberen een digitale kluis te kraken. Ze werken in groepjes en voeren verschillende opdrachten uit om het wachtwoord te achterhalen. Door antwoorden te verzamelen en op te slaan, komen ze stap voor stap dichter bij het openen van de kluis. Leerlingen leren bestanden opslaan en structureren. En ze ontdekken hoe belangrijk het is om documenten goed te bewaren en makkelijk terug te vinden.

 


2.2 Ik weet waarvoor wachtwoorden gebruikt worden en ik kan een veilig wachtwoord maken.

 

Digi-doener! | Wachtwoorden

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie, Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe ze goede wachtwoorden kunnen maken. Ook leren ze waar wachtwoorden hun oorsprong in hebben en wat kasteelheren vroeger deden om hun kasteel en hun bezit te beschermen.

 


3. Ik kan een aantal (relevante) computerprogramma’s gebruiken voor tekstverwerking en het maken van presentaties.

3.1 Ik kan een omgaan met de basisfuncties van een presentatieprogramma, zoals Microsoft PowerPoint of Google Presentaties.

 

Digi-doener! | Maak je eigen stripverhaal!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen, Creëren met digitale technologie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe ze met een presentatieprogramma hun eigen stripverhaal kunnen maken. Ze leren op deze manier hoe je afbeeldingen, iconen of vormen in kunt voegen, hoe je nieuwe slides toevoegt, hoe je de sprekersnotities kunt gebruiken, hoe je een layout kunt kiezen en hoe je verschillende animaties tussen dia’s toevoegt.

 


Digi-doener! | Microsoft PowerPoint 1

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

Dit is deel 1 van de tweedelige lessenserie over PowerPoint. In deze les gaan de kinderen de basis van PowerPoint leren. Ze ervaren hoe het programma werkt en hoe ze makkelijk een basispresentatie kunnen maken.

 


Digi-doener! | Microsoft PowerPoint 2

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

In de les PowerPoint 1 hebben de leerlingen de basisvaardigheden van Microsoft PowerPoint geleerd. In deze les ervaren ze wat er nog meer mogelijk is met PowerPoint. Leerlingen leren animaties, vormen en notities toevoegen.

 


3.2 Ik kan omgaan met de basisfuncties van een tekstverwerkingsprogramma, zoals Microsoft Word of Google Documenten.

 

Digi-doener! | Maak een reisbrochure

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen, Creëren met digitale technologie

In deze les gaan leerlingen in tweetallen aan de slag met hun favoriete vakantielanden. Ze duiken in de rol van een vormgever en ontwerpen een informatieve en aantrekkelijke reisbrochure in Microsoft Word of Google Documenten over hun favoriete vakantieland, compleet met afbeeldingen, opsommingen, tabellen en een inhoudsopgave.

 


Digi-doener! | Microsoft Word 1

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

Deze les is onderdeel van de lessenserie over Microsoft Office. Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe het werken is met een tekstverwerker: Word. Ze leren hoe het programma Word eruit ziet en welke functies het heeft. De leerlingen gaan natuurlijk ook een paar functies uitproberen.

 


Digi-doener! | Microsoft Word 2

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale systemen

In deze tweede les over Microsoft Word gaan de leerlingen leren wat er allemaal nog meer mogelijk is met deze tekstverwerker. De leerlingen zullen ontdekken dat je makkelijk een plaatje toe kunt voegen of een mooi opgemaakte tabel.

 


4. Ik kan het juiste programma bij een opdracht kiezen.

4.1 Ik kan een opdracht uitvoeren of uitwerken met behulp van een bijpassend digitaal programma. Bijvoorbeeld: ik kan de mening van mijn klasgenoten vragen door een quiz te maken in Forms of Kahoot.

 

Digi-doener! | De perfecte groente

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, de samenleving en de wereld

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren welke planten we eten als groente en uit welke onderdelen deze bestaan. Ook leren ze dat mensen groentes kunnen aanpassen aan hun wensen, door ze te kruisen of door het DNA aan te passen. Ze gaan in groepjes op zoek naar informatie over een specifieke groente en bedenken daarbij zelf welke vragen ze willen beantwoorden en hoe ze hun informatie willen presenteren. Tot slot denken ze na over de vraag of we het DNA van groentes wel mogen aanpassen.

 


5. Ik kan een opdracht maken en dit op een veilige manier delen met anderen.

5.1 Ik kan samenwerken met anderen in eenzelfde bestand.
5.2 Ik kan mijn werk delen met anderen en begrijp wat anderen dan met mijn document kunnen doen (lezen, bewerken).

 

Digi-doener! | Een geheime boodschap

Aansluiting op vak(ken): Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Creëren met digitale technologie

Tijdens deze les gaan de leerlingen een geheime boodschap versturen. Ze spreken samen een code af en werken in hetzelfde document om zo elkaars vragen te beantwoorden.

 


Digitale informatievaardigheden

1. Ik kan mijn digitale bronnen verzamelen in een overzicht en kan ze daar terugvinden.

1.1 Ik kan een lijst opstellen met gebruikte (digitale) bronnen.

1.2 Ik kan de lijst met gebruikte (digitale) bronnen op een handige plaats bewaren, bijvoorbeeld via de website www.symbaloo.com .

1.3 Ik kan informatie uit verschillende bronnen met elkaar vergelijken.

2. Ik kan beoordelen of digitale informatie betrouwbaar en bruikbaar is voor het beantwoorden van mijn onderzoeksvraag.

2.1 Ik weet of mijn gevonden informatie betrouwbaar en bruikbaar is en weet dat er hulpmiddelen zijn om dit te toetsen.

2.2 Ik weet of mijn gevonden informatie het juiste niveau heeft, passend bij het onderwerp, leeftijd of doelgroep.

2.3 Ik kan op een snelle manier bronnen doorzoeken, bijvoorbeeld door de inhoudsopgave of de kopjes van een stuk tekst te lezen, om zo te zien of de informatie over mijn onderzoeksvraag gaat.

3. Ik kan digitale informatie gebruiken om mijn onderzoeksvraag te beantwoorden.

3.1 Ik kan de gevonden informatie in eigen woorden verwerken tot een antwoord op de onderzoeksvraag.

3.2 Ik kan de gevonden informatie op een logische manier ordenen.

4. Ik kan doelgericht, verantwoord en kritisch omgaan met artificiële intelligentie als bron.

4.1 Ik weet dat AI teksten, afbeeldingen, muziek en video's kan maken door een opdracht (prompt) van een mens.

4.2 Ik kan samen met de leerkracht een prompt bedenken om bijvoorbeeld een verhaal te laten schrijven door kunstmatige intelligentie.

4.3 Ik weet dat AI ook foute informatie kan geven en hoe ik hiermee om kan gaan

5. Ik kan mijn antwoord op mijn onderzoeksvraag presenteren.

5.1 Ik kan het antwoord presenteren in een passende presentatievorm, bijvoorbeeld een tekening, presentatie of mindmap.

5.2 Ik kan het antwoord presenteren, afgestemd op het niveau, de interesse en verwachtingen van de doelgroep.

1. Ik kan mijn digitale bronnen verzamelen in een overzicht en kan ze daar terugvinden.

1.1 Ik kan een lijst opstellen met gebruikte (digitale) bronnen.
1.2 Ik kan de lijst met gebruikte (digitale) bronnen op een handige plaats bewaren, bijvoorbeeld via de website www.symbaloo.com .

 

Digi-doener! | Zoek (je) slim!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren dat de hoeveelheid beschikbare websites enorm is en dat het zoeken op het internet gepaard gaat met de nodige valkuilen. De leerlingen leren betrouwbare websites te herkennen en bronnen te controleren. Daarnaast krijgen ze tips om op een goede manier om te gaan met de zoekmachine Google.

 


1.3 Ik kan informatie uit verschillende bronnen met elkaar vergelijken.

 

Digi-doener! | Bestemming: Silicon Valley

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, de samenleving en de wereld

In deze les leren we hoe Silicon Valley is ontstaan met jonge mensen die vanuit garages grote ontdekkingen deden en nu zijn zij uitgegroeid zijn naar techgiganten met veel macht. Als laatste bedenken de leerlingen welke technologieën zich in de nabije toekomst zullen ontwikkelen en bespreken ze aan de hand van een ethische stelling wat ze vinden van de datamacht van deze grote bedrijven.

 


2. Ik kan beoordelen of digitale informatie betrouwbaar en bruikbaar is voor het beantwoorden van mijn onderzoeksvraag.

2.1 Ik weet of mijn gevonden informatie betrouwbaar en bruikbaar is en weet dat er hulpmiddelen zijn om dit te toetsen.

 

Digi-doener! | De brondetective

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Internet is superhandig voor het opzoeken van informatie, maar niet alles wat online staat klopt. In deze les gaan de leerlingen aan de slag als brondetective en beoordelen ze verschillende bronnen op betrouwbaarheid. Hiervoor vullen ze een betrouwbaarheidsrapport in. Ook leren ze betrouwbare en relevante informatie op te zoeken over stellingen. Kunnen de leerlingen achterhalen of de stellingen kloppen of niet?

 


Digi-doener! | Wat wil jij weten?

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren dat goede onderzoeksvragen aan bepaalde eisen moeten voldoen. Daarvoor maken ze kennis met het vragenmachientje. Ook leren ze het verschil tussen open en gesloten vragen en welke categorieën onderzoeksvragen er zijn.

 


Find it! | Bronnen, bronnen, bronnen

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

In deze les ontdekken de kinderen welk type informatiezoeker ze zijn en welke soorten bronnen er allemaal bestaan. Tijdens een klassengesprek ontdekken de kinderen dat je bij elke soort bron voor- en nadelen kunt ervaren. Na het klassengesprek gaan de kinderen op zoek naar goede bronnen die bij hun type passen.

 


2.2 Ik weet of mijn gevonden informatie het juiste niveau heeft, passend bij het onderwerp, leeftijd of doelgroep.

 

Find it! | Verzamelen maar!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

In deze les gaan de leerlingen goede zoekwoorden bedenken zodat ze op internet en in de online catalogus van de bibliotheek de juiste bronnen kunnen vinden. Daarbij oefenen ze met het herkennen van sleutelwoorden en het bedenken van synoniemen.

 


2.3 Ik kan op een snelle manier bronnen doorzoeken, bijvoorbeeld door de inhoudsopgave of de kopjes van een stuk tekst te lezen, om zo te zien of de informatie over mijn onderzoeksvraag gaat.

 

Digi-doener! | Informatie in overvloed

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Tijdens deze les ervaren de leerlingen dat er verschillende bronnen zijn waar ze informatie vandaan kunnen halen. Ook verdiepen ze zich in vijf verschillende onderwerpen die met informatie en bronnen te maken hebben. Elke leerling wordt expert op het gebied van een van deze onderwerpen en houdt een korte presentatie in een groepje.

 


3. Ik kan digitale informatie gebruiken om mijn onderzoeksvraag te beantwoorden.

3.1 Ik kan de gevonden informatie in eigen woorden verwerken tot een antwoord op de onderzoeksvraag.
3.2 Ik kan de gevonden informatie op een logische manier ordenen.

 

Find it! | In je eigen woorden

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

In deze les maken de kinderen een voorlopige inhoudsopgave door de vragen die ze bedacht hebben in les 1 in een logische volgorde te zetten. Vervolgens noteren ze achter elke vraag welke bron informatie geeft over deze vraag. Dan begint het ‘echte’ werk; het in je eigen woorden opschrijven van de gevonden informatie. Dat is een moeilijke klus. Door klassikaal te oefenen met het herkennen en onderstrepen van sleutelwoorden en het bedenken van synoniemen maken ze hier een begin mee. Laat, afhankelijk van de groep en het niveau, de kinderen hiermee oefenen.

 


4. Ik kan doelgericht, verantwoord en kritisch omgaan met artificiële intelligentie als bron.

4.1 Ik weet dat AI teksten, afbeeldingen, muziek en video's kan maken door een opdracht (prompt) van een mens.

 

Digi-doener! | Generatieve AI

Aansluiting op vak(ken): Kunstzinnige oriëntatie, Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Generatieve AI is een vorm van AI die nieuwe content kan creëren (kan genereren), zoals afbeeldingen, video, audio (geluidsfragmenten) of tekst. De bekende chatbot ChatGPT is een voorbeeld hiervan. Tijdens deze les gaan de leerlingen experimenteren met verschillende vormen van generatieve AI, zoals het maken van tekst, afbeeldingen en audio. We maken hiervoor gebruik van gratis (vaak open source) tools waarvoor geen inlog nodig is.

 


4.2 Ik kan samen met de leerkracht een prompt bedenken om bijvoorbeeld een verhaal te laten schrijven door kunstmatige intelligentie.

 

Digi-doener! | Prompts

Aansluiting op vak(ken): Nederlands, Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Wat is een prompt? Waarom is het belangrijk? Wat is een goede prompt voor een tekst? En voor een afbeelding? Na de uitleg spelen jouw leerlingen online een spel over het schrijven van een goede prompt voor het maken van afbeeldingen.

 


4.3 Ik weet dat AI ook foute informatie kan geven en hoe ik hiermee om kan gaan.

 

Digi-doener! | De AI-inspecteur

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

In deze les ervaren leerlingen hoe betrouwbaar AI is. Ze nemen deze technologie onder de loep en kruipen in de huid van een inspecteur. Via vijf opdrachten onderzoeken ze of AI altijd de juiste antwoorden geeft, of de antwoorden van AI volledig zijn en of AI altijd dezelfde antwoorden geeft (consequent is). Na het onderzoek vullen ze een inspectierapport in en trekken ze hun conclusie: kun je AI altijd vertrouwen?

 


5. Ik kan mijn antwoord op mijn onderzoeksvraag presenteren.

5.1 Ik kan het antwoord presenteren in een passende presentatievorm, bijvoorbeeld een tekening, presentatie of mindmap.

 

Pitch it! (hele serie van 5 lessen)

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Creëren met digitale technologie

In deze lessenreeks leren de leerlingen hoe ze een boeiende presentatie kunnen geven over een zelfgekozen onderwerp. Ze oefenen met het bedenken van interessante vragen, het boeiend maken van hun verhaal en het effectief gebruiken van hun stem, houding en contact met het publiek. Aan het eind van de lessen kunnen ze zelfstandig een onderwerp kiezen en hun presentatie goed voorbereiden.

 


5.2 Ik kan het antwoord presenteren, afgestemd op het niveau, de interesse en verwachtingen van de doelgroep.

 

Digi-doener! | School van de toekomst

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie, Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, de samenleving en de wereld

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe je een school duurzaam kunt maken. De leerlingen gaan onderzoek doen op internet naar verschillende duurzame oplossingen. Ze leren keuzes te maken en deze te beargumenteren

 


Computational thinking

1. Ik kan een probleem kleiner maken door deze te verdelen in verschillende onderdelen.

1.1 Ik kan een probleem opdelen in logische onderdelen. (Bijvoorbeeld: als ik een grote puzzel maak zoek ik eerst de hoekjes en stukjes met dezelfde kleuren uit).

1.2 Ik kan de onderdelen in een logische volgorde plaatsen.

1.3 Ik kan de onderdelen naar een reeks logische stappen vertalen die zich- zelf steeds herhalen (algoritme).

2. Ik kan een stappenplan maken om zo een probleem op te lossen.

2.1 Ik weet dat een algoritme een reeks opeenvolgende stappen is, die zich steeds herhalen.

2.2 Ik kan een probleem oplossen met behulp van een algoritme.

2.3 Ik weet dat robots werken met een algoritme dat door de mens is geprogrammeerd.

3. Ik kan uitleggen hoe artificiële intelligentie wordt gebruikt om computers slimme dingen te laten doen en problemen op te lossen.

3.1 Ik kan in grote lijnen de werking van een AI-systeem beschrijven

3.2 Ik begrijp dat AI slim wordt door data te bestuderen en daar patronen in te vinden.

3.3 Ik begrijp dat data van mensen afkomstig zijn en dat AI daar gebruik van maakt.

3.4 Ik kan één of twee voorbeelden geven welke invloed AI heeft op de samenleving en de toekomst.

3.5 Ik kan voorbeelden noemen van hoe AI wordt gebruikt in het dagelijks leven, zoals virtuele assistenten (Siri en Google Assistant), aanbevelingen voor films of muziek en zelfrijdende auto's.

4. Ik kan een oplossing van een probleem testen en waar dat nodig is aanpassen.

4.1 Ik kan met passende digitale hulpmiddelen een eenvoudig computerprogramma schrijven dat mijn probleem simuleert (nabootst). (bijvoorbeeld met ‘Blockly’ een programmeertaal voor kinderen die werkt met blokken en variabelen, zoals het programma Scratch).

4.2 Ik kan controleren of het computerprogramma dat ik gemaakt heb klopt en begrijp wat ik moet doen om het eventueel aan te passen.

5. Ik kan omschrijven hoe een oplossing ook bij een ander probleem ingezet kan worden.

5.1 Ik kan de stappen van een probleem weergeven in een model, tekening of schema. Bijvoorbeeld: hoe kom ik van de school naar huis? Teken of programmeer een routekaart.

5.2 Ik kan een model, tekening of een schema gebruiken voor het oplossen van verschillende, soortgelijke problemen. Bijvoorbeeld: ik kan dezelfde routekaart gebruiken om ook de weg van huis naar de winkel te tekenen of programmeren.

5.3 Ik weet dat AI en computers geen gevoel en emoties hebben, maar dat het wel kan lijken alsof je met een mens praat.

1. Ik kan een probleem kleiner maken door deze te verdelen in verschillende onderdelen.

1.1 Ik kan een probleem opdelen in logische onderdelen. (Bijvoorbeeld: als ik een grote puzzel maak zoek ik eerst de hoekjes en stukjes met dezelfde kleuren uit).

 

Digi-doener! | Ontwerp een app met een zoek-algoritme

Aansluiting op vak(ken): Nederlands, Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Creëren met digitale technologie

Tijdens deze les gaan de leerlingen leren dat apps functioneren vanwege hun algoritmes. Ook gaan ze een prototype ontwerpen voor een app met een zoek-algoritme.

 


1.2 Ik kan de onderdelen in een logische volgorde plaatsen.
1.3 Ik kan de onderdelen naar een reeks logische stappen vertalen die zich- zelf steeds herhalen (algoritme).

 

Digi-doener! | The Big Escape

Aansluiting op vak(ken): Wetenschap & techniek

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

In deze les vinden leerlingen aanwijzingen, combineren kennis en passen belangrijke vaardigheden toe om voor het einde van de les een kluisje te openen met een cijfercode. We maken van de klas een mini-escaperoom! Een escaperoom in de klas is een mooi voorbeeld van hoe gamification de motivatie van leerlingen kan versterken.

 


2. Ik kan een stappenplan maken om zo een probleem op te lossen.

2.1 Ik weet dat een algoritme een reeks opeenvolgende stappen is, die zich steeds herhalen.

 

Digi-doener! | Spirograaf

Aansluiting op vak(ken): Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

In deze les gaan de leerlingen met behulp van een computerprogramma (Scratch) een spirograafkunstwerk maken. Klik op de groene vlag om het programma te starten. Ben je al nieuwsgierig hoe het programma werkt? Klik dan eens op ‘bekijk van binnen’ en probeer eens te snappen wat er gebeurt.

 


2.2 Ik kan een probleem oplossen met behulp van een algoritme.
2.3 Ik weet dat robots werken met een algoritme dat door de mens is geprogrammeerd.

 

Digi-doener! | Robots... handige hulp bij al je klusjes!

Aansluiting op vak(ken): Wetenschap & techniek

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

In deze les gaan leerlingen aan de slag met een aantal verschillende robots. Ze ontdekken waar robots wel en niet goed in zijn. Ze leren daarnaast dat robots werken volgens door een mens geprogrammeerde algoritmes.

 


3. Ik kan uitleggen hoe artificiële intelligentie wordt gebruikt om computers slimme dingen te laten doen en problemen op te lossen.

3.1 Ik kan in grote lijnen de werking van een AI-systeem beschrijven

 

Digi-doener! | Kunstmatige intelligentie (AI-cursus Junior: de basis)

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Tijdens deze les gaan de leerlingen kennismaken met kunstmatige intelligentie. Dit wordt dé meest ingrijpende technologische ontwikkeling van onze tijd. Er wordt zelfs gezegd dat AI meer verandering teweeg gaat brengen dan het internet. Leerlingen gaan met elkaar in gesprek over ethisch over een ethisch vraagstuk: zou een robot jouw beste vriend zou kunnen zijn?!

 


Digi-doener! | Een introductie op AI (AI-cursus Junior: generatieve AI)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld, Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Tijdens deze les leren jouw leerlingen wat kunstmatige intelligentie is en hoe het werkt. Ook gaan zij zelf experimenteren met AI-tools. Daar wordt het DIY-werkblad voor gebruikt. Dit kan zelfstandig of klassikaal.

 


3.2 Ik begrijp dat AI slim wordt door data te bestuderen en daar patronen in te vinden.

 

Digi-doener! | Machine en deep learning (AI-cursus Junior: de basis)

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe slimme systemen leren en krijgen ze het inzicht dat sommige van deze systemen best op ons hersenen lijken. Zo leren zij over machine en deep learning en hoe dat in het dagelijks leven al wordt ingezet. De leerlingen leren wat een algoritme is en hoe je deze zelf ook maakt en uitvoert.

 


Digi-doener! | Machine learning en neurale netwerken (AI-cursus Junior: generatieve AI)

Aansluiting op vak(ken): Nederlands, Kunstzinnige oriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

De begrippen machine learning en neurale netwerken worden geïntroduceerd en aan de hand van verschillende voorbeelden uitgelegd. Ook hier experimenteren jouw leerlingen met verschillende AI-tools die gebruik maken van machine learning.

 


3.3 Ik begrijp dat data van mensen afkomstig zijn en dat AI daar gebruik van maakt.

 

Digi-doener! | Wij zijn data (AI-cursus Junior: de basis)

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie, Data

Deze les richt zich op bewustwording van de data die we dagelijks produceren en achterlaten, inclusief de verschillende soorten data die commerciële bedrijven en overheden verzamelen. Leerlingen leren over ethische kwesties met betrekking tot privacy en ervaren wat een sociaal kredietsysteem inhoudt. Zo'n systeem heeft direct te maken met kunstmatige intelligentie omdat het afhankelijk is van geautomatiseerde systemen voor dataverzameling, -analyse en -beoordeling. Ze vormen een mening over het afstaan van persoonlijke data en reflecteren op de mogelijke gevolgen.

 


3.4 Ik kan één of twee voorbeelden geven welke invloed AI heeft op de samenleving en de toekomst.

 

Digi-doener! | Later als ik groot ben (AI-cursus Junior: de basis)

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Deze les gaat over de invloed van kunstmatige intelligentie op banen van nu en in de toekomst. Leerlingen leren over hun digitale voetafdruk en welke eigenschappen robots niet zomaar kunnen overnemen. Ze bespreken hoe ze kunnen samenwerken met robots en denken na over manieren om hun digitale voetafdruk te beheren.

 


3.5 Ik kan voorbeelden noemen van hoe AI wordt gebruikt in het dagelijks leven, zoals virtuele assistenten (Siri en Google Assistant), aanbevelingen voor films of muziek en zelfrijdende auto's.

 

Digi-doener! | Kunstmatige intelligentie (AI)

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Artificiële intelligentie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren hoe kunstmatige intelligentie, of artificiële intelligentie (AI), precies werkt. Ze ontdekken daarnaast hoe het in hun dagelijks leven wordt toegepast. Zo leren ze dat je computers zelf voorspellingen kunt laten doen door ze eerst heel veel voorbeelden van iets te laten zien: computers die leren op de manier zoals mensen dat doen.

 


4. Ik kan een oplossing van een probleem testen en waar dat nodig is aanpassen.

4.1 Ik kan met passende digitale hulpmiddelen een eenvoudig computerprogramma schrijven dat mijn probleem simuleert (nabootst). (bijvoorbeeld met ‘Blockly’ een programmeertaal voor kinderen die werkt met blokken en variabelen, zoals het programma Scratch).

 

Digi-doener! | Computational thinking doe je ZO!

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie, Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

‘Computational thinking doe je ZO!’ is het tweede deel van vier Digi-doeners om digitale geletterdheid concreet te kunnen maken in de bovenbouw van het basisonderwijs. De vier onderdelen van digitale geletterdheid (mediawijsheid, computational thinking, ICTbasisvaardigheden en informatievaardigheden) komen op een creatieve, ervaringsgerichte en laagdrempelige manier aan bod. In dit tweede deel ontdekken de leerlingen wat computational thinking is, wat het betekent en ze gaan computational thinking offline én online ervaren.

 


4.2 Ik kan controleren of het computerprogramma dat ik gemaakt heb klopt en begrijp wat ik moet doen om het eventueel aan te passen.

 

Micro:spelen 1: Bewegen met de micro:bit in de klas

Aansluiting op vak(ken): Wetenschap & techniek

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

In deze les gaan de leerlingen met hulp van de micro:bit bewegen in de klas. Een tosser, een reactiesnelheid- spel en dansen met de micro:bit zijn een paar activiteiten waar ze mee aan de slag gaan. De leerlingen worden uitgedaagd om zelf ook toffe ideeën te bedenken met de micro:bit.

 


Micro:spelen 2: Bewegen met de micro:bit in de klas

Aansluiting op vak(ken): Wetenschap & techniek

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

In deze les gaan de leerlingen weer aan de slag met de micro:bit. Deze gaat gebruikt worden bij spel- en sportactiviteiten. Denk hierbij aan een variatie op de bekende piepjestest, een estafette en de bitster (twister). De activiteiten zullen nu buiten de klas plaatsvinden. Wederom worden de leerlingen uitgedaagd om hun eigen ideeën uit te werken en zelf toffe toepassingen te bedenken met de micro:bit en beweging.

 


5. Ik kan omschrijven hoe een oplossing ook bij een ander probleem ingezet kan worden.

5.1 Ik kan de stappen van een probleem weergeven in een model, tekening of schema. Bijvoorbeeld: hoe kom ik van de school naar huis? Teken of programmeer een routekaart.

 

Digi-doener! | Hexahexaflexagons

Aansluiting op vak(ken): Rekenen

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

Tijdens deze les gaan de leerlingen aan de slag met figuren. Ze kijken hoeveel kanten een figuur heeft en maken een hexahexaflexagon. De stappen om alle kanten van het hexahexagon te zien vormen een algoritme: een reeks van te volgen instructies.

 


Digi-doener! | Aardbevingen in Scratch

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren waar aardbevingen voorkomen op de aardbol. Ook leren ze hoe je data kan verwerken met de computer.

 


5.2 Ik kan een model, tekening of een schema gebruiken voor het oplossen van verschillende, soortgelijke problemen. Bijvoorbeeld: ik kan dezelfde routekaart gebruiken om ook de weg van huis naar de winkel te tekenen of programmeren.

 

Digi-doener! | Programmerende piraten?

Aansluiting op vak(ken): Bewegingsonderwijs

Conceptkerndoel SLO: Programmeren

Tijdens deze les gaan de leerlingen aan de hand van een spel ervaren hoe een computer weet welke acties op elkaar volgen, bijvoorbeeld bij het keuzemenu van een telefoon of bij het kopen van een treinkaartje bij de treinkaartjesautomaat. Ook leren ze hoe dit heet, op welke manier het genoteerd wordt en krijgen ze voorbeelden van het gebruik van dit principe.

 


Mediawijsheid

1. Ik kan omschrijven welke boodschap de maker van een media-boodschap wil overbrengen.

1.1 Ik kan benoemen hoe een mediaboodschap mij probeert te vermaken, te informeren en/of te overtuigen. Bijvoorbeeld: de leerling kan aangeven of een nieuwsbericht of online artikel hem/haar overtuigt, informeert en/of vermaakt.

1.2 Ik ken de begrippen ‘meningen’ en ‘feiten’ en kan van allebei een voorbeeld noemen.

1.3 Ik weet dat er verschillende soorten mediaboodschappen zijn (krantenbericht, nieuwsitem, website, tv-programma) die meningen of feiten verkondigen.

1.4 Ik begrijp dat een boodschap op verschillende manieren kan worden ontvangen. Bijvoorbeeld: het vertrekpunt, de context, je eigen omgeving en leefomstandigheden bepalen vaak hoe je een boodschap leest.

2. Ik kan kritisch nadenken over de betrouwbaarheid van een media-bericht.

2.1 Ik ben bekend met de term nepnieuws en kan twee voorbeelden hiervan noemen.

2.2 Ik oefen met verschillende tips en richtlijnen die ik kan gebruiken om te controleren of een mediaboodschap betrouwbaar is. Bijvoorbeeld: controleer de bron van een bericht, is dit een wetenschappelijk onderzoek of sociale media? En kloppen de foto's, cijfers of video’s?

2.3 Ik kan een paar voorbeelden noemen van hoe kunstmatige intelligentie gebruikt wordt om media te manipuleren. Bijvoorbeeld Deep Fake, Voice Cloning etc.

3. Ik kan vertellen op welke manieren ik media gebruik (bijvoorbeeld; hoe vaak en welke soorten) en welke rol dit in onze levens en in de wereld speelt.

3.1 Ik kan 4 vormen van media benoemen die ik zelf gebruik of in mijn omgeving zie.

3.2 Ik herken hoe en wanneer ik word afgeleid door mediagebruik.

3.3 Ik ben me bewust van hoeveel tijd ik besteed op digitale apparaten.

3.4 Ik ben me bewust dat media overal aanwezig is in onze leefwereld, bijvoorbeeld in vorm van avatars die gebruikt worden in games, sociale media en de zorg.

4. Ik kan vertellen over de wijze waarop media mij verleiden om steeds vaker te kijken, klikken of spelen.

4.1 Ik weet dat sommige apps, games of websites gemaakt zijn om gebruikers er langer gebruik van te laten maken en/of aankopen te laten doen.

4.2 Ik weet dat reclamemakers of adverteerders geld verdienen door mijn mediagebruik.

4.3 Ik weet dat er speelgoed, apps, websites en games zijn die data over me verzamelen.

4.4 Ik ben me bewust van de mogelijkheden en risico’s van dat ik op internet data achterlaat en kan hier een voorbeeld van noemen. Bijvoorbeeld: Als ik op internet zoek naar nieuwe schoenen, krijg ik hier de dagen erna advertenties over te zien.

5. Ik begrijp de risico’s van online communiceren en/of een digitale omgeving en kan omschrijven hoe ik hier veilig en bewust mee om kan gaan.

5.1 Ik oefen met me digitaal weerbaar opstellen.

5.2 Ik kan vertellen welke maatregelen ik tref om digitaal weerbaar te zijn en/ of online pesten te voorkomen. Bijvoorbeeld: Gebruik van een nickname, selectief zijn in het accepteren van vriendschapsverzoeken, geen herken- bare foto’s plaatsen, wachtwoorden altijd geheim houden.

5.3 Ik herken online uitingen die gericht zijn op mensen die tot een bepaalde groep behoren (afkomst, religie, gender, politieke voorkeur etc.) en kan benoemen wat het maatschappelijk effect hiervan is. Bijvoorbeeld: Het zet aan tot onverdraagzaamheid of zelfs haat. Of: negatieve berichten krijgen veel aandacht en/of worden veel gedeeld, daardoor lijkt het ‘de waarheid’.

5.4 Ik begrijp dat online platformen gebruik maken van algoritmes die ervoor zorgen dat we in een ‘bubbel’ van gelijkgestemden terecht komen en dat dit een eenzijdig beeld van de werkelijkheid creëert.

5.5 Ik begrijp de risico’s van het versturen van seksueel getinte berichten, foto’s of video’s (‘sexting’) en dat dit alleen mag als beide partijen hier toestemming voor hebben gegeven.

5.6 Ik weet dat het belangrijk is om bewust om te gaan met persoonlijke profielen of persoonlijke informatie (bijvoorbeeld telefoonnummers of adresgegevens) en dat ik deze nooit zomaar openbaar mag maken.

5.7 Ik kan vertellen wat online fraude is en kan hier twee voorbeelden van noemen. Bijvoorbeeld iets verkopen via internet zonder het product te leveren, identiteitsfraude en hacking.

1. Ik kan omschrijven welke boodschap de maker van een media-boodschap wil overbrengen.

1.1 Ik kan benoemen hoe een mediaboodschap mij probeert te vermaken, te informeren en/of te overtuigen. Bijvoorbeeld: de leerling kan aangeven of een nieuwsbericht of online artikel hem/haar overtuigt, informeert en/of vermaakt.
1.2 Ik ken de begrippen ‘meningen’ en ‘feiten’ en kan van allebei een voorbeeld noemen.

 

Digi-doener! | YouTube reclame

Aansluiting op vak(ken): Wereldoriëntatie, Kunstzinnige oriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, jezelf en de ander

Leerlingen maken kennis met de manier waarop hun favoriete YouTubers gesponsorde producten aanbevelen in hun video’s. Ze ontdekken dat YouTubers geld moeten verdienen om van te leven én om leuke niet-gesponsorde video’s te kunnen maken. Ze gaan op onderzoek uit op YouTube om te ontdekken hoe dit precies werkt én wat voor invloed het op hen zelf heeft!

 


1.3 Ik weet dat er verschillende soorten mediaboodschappen zijn (krantenbericht, nieuwsitem, website, tv-programma) die meningen of feiten verkondigen.
1.4 Ik begrijp dat een boodschap op verschillende manieren kan worden ontvangen. Bijvoorbeeld: het vertrekpunt, de context, je eigen omgeving en leefomstandigheden bepalen vaak hoe je een boodschap leest.

 

Digi-doener! | The power of green

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld, Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

In deze les gaan de leerlingen ervaren wat propaganda met ze doet. Tijdens de les krijgen de leerlingen bewust een eenzijdig en positief beeld over vegetarisme voorgeschoteld. Ze ontdekken wat de power of green is, wat het ons oplevert om vegetariër te zijn en welke bekende mensen er vegetariër zijn. Aan het einde van de les worden ze geconfronteerd met het feit dat er propaganda in de les is verwerkt en wordt er gekeken wat dit met ze heeft gedaan.

 


2. Ik kan kritisch nadenken over de betrouwbaarheid van een media-bericht.

2.1 Ik ben bekend met de term nepnieuws en kan twee voorbeelden hiervan noemen.

 

Digi-doener! | Nepnieuws?!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren dat fake news in veel verschillende vormen voorkomt en vaak lastig is om te herkennen. Ook leren ze wat clickbaits zijn en waar die voor gebruikt worden. Ze maken kennis met deepfake en ze zien wat de invloed van technologie op (nep)nieuws is. Daarnaast krijgen ze krijgen tips om berichten te controleren op echtheid.

 


2.2 Ik oefen met verschillende tips en richtlijnen die ik kan gebruiken om te controleren of een mediaboodschap betrouwbaar is. Bijvoorbeeld: controleer de bron van een bericht, is dit een wetenschappelijk onderzoek of sociale media? En kloppen de foto's, cijfers of video’s?

 

Digi-doener! | Mediawijsheid vlog je ZO!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Creëren met digitale technologie

In deze les ontdekken de leerlingen wat mediawijsheid betekent en wat belangrijke vaardigheden hierbij zijn. Aan het einde van de les zetten de leerlingen hun kennis om in een echte online óf offline vlog voor hun eigen klas!

 


2.3 Ik kan een paar voorbeelden noemen van hoe kunstmatige intelligentie gebruikt wordt om media te manipuleren. Bijvoorbeeld Deep Fake, Voice Cloning etc.

 

Digi-doener! | Zien is geloven?

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie, Artificiële intelligentie

Tijdens deze les gaan de leerlingen leren dat het tegenwoordig erg eenvoudig is om beelden te bewerken. Ze zien voorbeelden van bewerkte video’s en foto’s en ze gaan nadenken hoe ze kunnen zien of een beeld is bewerkt. Deze les kan klassikaal worden behandeld, maar de leerlingen kunnen ook zelfstandig met de DIY- opdracht aan het werk. Totale duur: 1 uur.

 


3. Ik kan vertellen op welke manieren ik media gebruik (bijvoorbeeld; hoe vaak en welke soorten) en welke rol dit in onze levens en in de wereld speelt.

3.1 Ik kan 4 vormen van media benoemen die ik zelf gebruik of in mijn omgeving zie.

 

Digi-doener! | Laat je niet afleiden!

Aansluiting op vak(ken): Kunstzinnige oriëntatie, Wereldoriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Creëren met digitale technologie

Tijdens deze les gaan de leerlingen, door het doen van een testje, ervaren dat afleiding effect heeft op het concentratievermogen. Ook leren ze dat SIRE een onafhankelijke stichting is die maatschappelijke problemen onder de aandacht wil brengen door middel van filmpjes. De leerlingen komen erachter dat deze filmpjes niet altijd effect hebben en dat ze zelfs ter discussie hebben gestaan. Ze gaan zelf een storyboard maken voor een SIRE-filmpje waarin aandacht wordt gevraagd voor het effect van mobieltjes op de concentratie tijdens het leren van huiswerk.

 


3.2 Ik herken hoe en wanneer ik word afgeleid door mediagebruik.
3.3 Ik ben me bewust van hoeveel tijd ik besteed op digitale apparaten.

 

Digi-doener! | Technostress: Altijd bereikbaar?

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld, Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, jezelf en de ander

Tijdens deze les gaan de leerlingen het hebben over technostress. Ze worden zich bewust van hoeveel tijd ze besteden op digitale apparaten en van de eventuele stress die zij hierbij ervaren. De leerlingen praten met elkaar over wanneer je telefoonverslaafd bent en over altijd bereikbaar willen zijn.

 


3.4 Ik ben me bewust dat media overal aanwezig is in onze leefwereld, bijvoorbeeld in vorm van avatars die gebruikt worden in games, sociale media en de zorg.

 

Digi-doener! | Avatars

Aansluiting op vak(ken): Wetenschap & techniek

Conceptkerndoel SLO: Digitale technologie, de samenleving en de wereld

In deze les maken leerlingen kennis met de serieuze kant van avatars. Ze ontdekken dat het niet alleen maar plaatjes zijn die gebruikt worden in games of als profielfoto op social media, maar dat ze tegenwoordig ook ingezet worden in bijvoorbeeld de zorg. Ze gaan natuurlijk ook hun eigen avatar maken. Met alle avatars van de klas speel je daarna het spel ‘Wie is Wie?'.

 


4. Ik kan vertellen over de wijze waarop media mij verleiden om steeds vaker te kijken, klikken of spelen.

4.1 Ik weet dat sommige apps, games of websites gemaakt zijn om gebruikers er langer gebruik van te laten maken en/of aankopen te laten doen.

 

Digi-doener! | Zo verdienen games aan jou!

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Tijdens deze les gaan de leerlingen ervaren op welke manieren online games geld verdienen aan gebruikers. Ook leren ze dat er verschillende manieren zijn waarop de game- industrie geld verdient en dat de games erop gericht zijn om de gebruiker veel te laten spelen en te verleiden aankopen te doen in de games.

 


4.2 Ik weet dat reclamemakers of adverteerders geld verdienen door mijn mediagebruik.

 

Digi-doener! | Brain hacking!

Aansluiting op vak(ken): Kunstzinnige oriëntatie

Conceptkerndoel SLO: Digitale media en informatie

Leerlingen leren wat brain hacking is. Ze leren dat sommige functies van bijvoorbeeld apps of websites zijn gemaakt om er voor te zorgen dat de gebruiker dingen doet die de makers willen dat hij/ zij doet. Ze leren dus dat niet alles wordt gemaakt om te zorgen dat de gebruiker het zo leuk mogelijk heeft. Overigens is het niet per definitie slecht! Maar hoe, waar en waarom dan?

 


4.3 Ik weet dat er speelgoed, apps, websites en games zijn die data over me verzamelen.
4.4 Ik ben me bewust van de mogelijkheden en risico’s van dat ik op internet data achterlaat en kan hier een voorbeeld van noemen. Bijvoorbeeld: Als ik op internet zoek naar nieuwe schoenen, krijg ik hier de dagen erna advertenties over te zien.

 

Digi-doener! | Voor niks gaat de zon op

Aansluiting op vak(ken): Nederlands

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

Als consument kun je gebruik maken van vele gratis diensten zoals gratis apps, informatie opzoeken met Google, grote documenten verzenden met WeTransfer, berichtjes versturen met Snapchat en ga zo maar door. Tijdens deze les gaan de leerlingen leren hoe deze bedrijven met gratis producten toch geld kunnen verdienen.

 


5. Ik begrijp de risico’s van online communiceren en/of een digitale omgeving en kan omschrijven hoe ik hier veilig en bewust mee om kan gaan.

5.1 Ik oefen met me digitaal weerbaar opstellen.

 

Hacking (Mijn Cyberrijbewijs les 2)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

In deze les leren jouw leerlingen over hacking. Samen met jouw klas ervaar je de rol van de hoofdpersonen die betrokken zijn bij een hack. Zouden jouw leerlingen stiekem hun cijfer aanpassen? Waarom is dat eigenlijk niet goed? Wat zouden jouw leerlingen doen in deze situatie? ​

 


5.2 Ik kan vertellen welke maatregelen ik tref om digitaal weerbaar te zijn en/ of online pesten te voorkomen. Bijvoorbeeld: Gebruik van een nickname, selectief zijn in het accepteren van vriendschapsverzoeken, geen herken- bare foto’s plaatsen, wachtwoorden altijd geheim houden.

 

Digi-doener! | Stop shaming en trolling!

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

Tijdens deze les ervaren de leerlingen wat shaming en trolling is. Ook leren ze wat ze in verschillende situaties juist wel of niet kunnen doen. Daarnaast bedenken ze een socialmediabericht waarmee ze anderen kunnen voorlichten over wat zij kunnen doen bij shaming en trolling.

 


5.3 Ik herken online uitingen die gericht zijn op mensen die tot een bepaalde groep behoren (afkomst, religie, gender, politieke voorkeur etc.) en kan benoemen wat het maatschappelijk effect hiervan is. Bijvoorbeeld: Het zet aan tot onverdraagzaamheid of zelfs haat. Of: negatieve berichten krijgen veel aandacht en/of worden veel gedeeld, daardoor lijkt het ‘de waarheid’.

 

Online Hate Speech (Mijn Cyberrijbewijs les 1)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

In deze les leren jouw leerlingen over online hate speech. Aan de hand van een realistische casus doen leerlingen kennis op en verplaatsen zich in de betrokkenen. Wat kan een aanleiding voor online hate speech zijn? En is het oké om het zomaar te laten gebeuren?

 


5.4 Ik begrijp dat online platformen gebruik maken van algoritmes die ervoor zorgen dat we in een ‘bubbel’ van gelijkgestemden terecht komen en dat dit een eenzijdig beeld van de werkelijkheid creëert.

 

In ontwikkeling

Aansluiting op vak(ken):

Conceptkerndoel SLO:

 

 


5.5 Ik begrijp de risico’s van het versturen van seksueel getinte berichten, foto’s of video’s (‘sexting’) en dat dit alleen mag als beide partijen hier toestemming voor hebben gegeven.

 

Sexting (Mijn Cyberrijbewijs les 5)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

In deze les leren jouw leerlingen over sexting. De leerlingen gaan zich verdiepen in sexting en hoe ze daar mee om kunnen gaan. Gezamenlijk kom je tot meningen en inzichten over de situatie en de betrokkenen. Waar is het misgegaan? En hoe pak je dat dan aan?

 


5.6 Ik weet dat het belangrijk is om bewust om te gaan met persoonlijke profielen of persoonlijke informatie (bijvoorbeeld telefoonnummers of adresgegevens) en dat ik deze nooit zomaar openbaar mag maken.

 

Doxing (Mijn Cyberrijbewijs les 3)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

In deze les wordt doxing behandeld. De leerlingen ervaren dat iemand onbedoeld dader kan worden en dat omstanders niet altijd onschuldig zijn. Wat is doxing eigenlijk? En hoe komt het dat een online ‘geintje’ grote gevolgen heeft in het offline leven?​

 


5.7 Ik kan vertellen wat online fraude is en kan hier twee voorbeelden van noemen. Bijvoorbeeld iets verkopen via internet zonder het product te leveren, identiteitsfraude en hacking.

 

Online Fraude (Mijn Cyberrijbewijs les 4)

Aansluiting op vak(ken): Oriëntatie op jezelf en de wereld

Conceptkerndoel SLO: Veiligheid en privacy

In deze les verdiepen jullie je in online fraude. Samen ga je op zoek naar een online fraudeur en onderzoek je verschillende motieven tot online fraude. Wat kun je daar eigenlijk tegen doen? En welke afspraken kun je daar in jouw klas over maken?

 


  • Het arrangement Leerlijn Digitale Geletterdheid | Groep 6, 7 en 8 is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    FutureNL
    Laatst gewijzigd
    24-10-2025 18:09:05
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Toelichting
    Dit is een test omgeving
    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    , FutureNL. (z.d.).

    Leerlijn Digitale Geletterdheid | Groep 4 en 5

    https://maken.wikiwijs.nl/214058/Leerlijn_Digitale_Geletterdheid___Groep_4_en_5

  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    Voor developers

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.