Introductie op het thema
Als je leeft met een psychische beperking is niet altijd alles vanzelfsprekend. Zoals naar school gaan,
werken of het onderhouden van sociale contacten. De organisatie Veendal biedt cliëntondersteuning
aan (ouders van) kinderen, jongeren en volwassenen met een psychische beperking. Zij geven
informatie, advies en ondersteuning op maat. Medewerkers van Veendal kijken samen met de cliënt
wat nodig is om uiteindelijk zelf weer verder te kunnen. De laatste tijd krijgt Veendal veel vragen
over studeren met een psychische beperking. Zes procent van alle studenten heeft namelijk psychische
klachten, zoals angst, somberheid of psychosen, maar ook concentratiestoornissen, een
autismespectrumstoornis, eetstoornis of slaapstoornis. Na intern overleg is besloten dat er een team
wordt samengesteld dat zich bezig gaat houden met deze vragen: het team StudentPlus.
Lesinhoud PIT
Planning
Aan de slag, durf te vragen
Jij krijgt de verantwoordelijkheid over het StudentPlus-team. Een hele klus, want zowel het team zelf als alle specifieke kennis die nodig is binnen dit team moet in zijn geheel worden opgebouwd. Het team zal bestaan uit zeven leden, inclusief jijzelf.
Drie mensen werken al bij Veendal, de overige teamleden worden van buitenaf geworven. Je wilt overal op voorbereid zijn en weten waaraan je begint. Daarom schrijf je een plan van aanpak. Hierin beschrijf je een klinische les en hoe je gaat werken aan teambuilding. Daarnaast beschrijf je hoe je persoonlijk leiderschap inzet
voor het managen van het team en hoe je een teamlid coacht.
stap 1 gezamenlijke leervraag
De betrokkenen bij het project komen gezamenlijk, bijvoorbeeld door onderzoek in een brainstormsessie, tot een aantal uitdagende en/of inspirerend leervragen. De vragen passen bij het thema/onderwerp en zijn authentiek voor beroep, maatschappij en/of opleiding. Aan het einde van het project kan elke student hierop beargumenteerde antwoorden geven of gevraagde producten laten zien. Een kenmerk van de leervragen is dat er vooraf geen eenduidig antwoord is.
Stap 2, persoonlijke leervraag
Iedere student formuleert, n.a.v. stap 1, één of meer persoonlijke leervragen om tijdens het project aan te werken. Deze leervragen kunnen te maken hebben met zelfbeeld, opleidingsbeeld, beroepsbeeld, beroepsinhoud en hebben een onderzoekend karakter en worden aan het einde van het project door de student beantwoord.
Stap 3, bronnen en leeractiviteiten
Onderzoeksvragen over studeren met een psychische beperking
Raadpleeg voor de volgende vragen internet.
• Welke psychische beperking komt het meeste voor onder studenten?
• Is er een duidelijk verschil in het soort psychische beperking ten aanzien van de gekozen opleiding
(mbo/hbo/wo)? Komt de ene stoornis bijvoorbeeld vaker voor onder wo’ers dan onder mbo’ers?
• Waar lopen studenten met een psychische beperking tegenaan? Splits uit naar beperking en noteer
waar studenten met deze beperking tegenaan lopen.
• Welke beperkingen ondervinden zij wanneer zij gaan studeren (mbo, hbo of wo)? Splits uit naar
beperking en noteer belemmeringen.
• Welke ondersteuning kan deze studenten geboden worden? Splits uit naar beperking en noteer
ondersteuningsmogelijkheden.
• Welke praktische oplossingen kun je vinden voor de beperkingen waar deze studenten tegenaan
lopen? Splits uit naar beperking en noteer praktische oplossingen.
Onderzoeksvragen over de theorie
Raadpleeg voor de volgende vragen de thema’s uit het boek Agogisch medewerker ggz.
• Aan welke soorten doelen kun je werken tijdens teambuilding? Licht de doelen toe.
• Waarop ben je alert bij het begeleiden van een team?
• Welke vier stappen doorloop je bij het organiseren van een klinische les?
• In welke ontwikkelingsfase(n) zitten de nieuwe teamleden? Motiveer je antwoord.
• Welke coachingtechnieken kun je inzetten?
• Hoe kun je al coachend een nieuw teamlid instrueren? Beschrijf de zes stappen.
• Wat is persoonlijk leiderschap?
• Wat zijn paradigma’s?
• Welke eigenschappen moet je jezelf, volgens Covey, aanleren om succesvol in het leven te staan?
Licht ze toe.
• Wat is het verschil tussen gezond en ongezond zelfvertrouwen?
• Welke stappen kun je nemen bij een ongezond zelfvertrouwen?
• Welke eetstoornis kun je onderscheiden?
• Wat zijn de gevolgen van een eetstoornis?
• Wat houdt ‘mindful eten’ in?
• Welke slaapstoornissen kun je onderscheiden?
• Wat zijn de gevolgen van een slaapstoornis?
Stap 4, Producten
Deelproduct 1: PowerPoint klinische les
Stel een PowerPoint-presentatie (of Prezi) op voor een klinische les die je gaat geven aan je teamleden,
over studeren met psychische beperking. Zet in je PowerPoint uiteen wat het doel is van het
StudentPlus-team. Waar lopen deze studenten tegenaan en hoe gaan jullie ondersteuning bieden?
Noteer op een A4 wat je precies tijdens de klinische les wilt overbrengen. Dus welke tekst je bij welke
PowerPoint-dia je gaat vertellen. Print je PowerPoint (zes dia’s op een pagina) en je begeleidende
tekst.
Deelproduct 2: voorstel teambuilding
Schrijf een voorstel voor teambuilding. Geef aan wat het doel is van de teambuilding en welke
activiteit(en) jullie gaan ondernemen. Motiveer hierbij je keuze. Noteer ook de verwachte kosten.
Deelproduct 3: goodiebag
Je wilt je teamleden bedanken voor hun komst naar de teambuildingactiviteit(en). Stel een goodiebag
samen die de teamleden na afloop meekrijgen. De goodiebag bevat producten of spullen die een
relatie hebben met StudentPlus. Je mag zelf weten of je daadwerkelijk een goodiebag maakt, of dat
je exact beschrijft wat er in deze goodiebag zit. Maak dan wel tekeningen die de beschreven spullen
verduidelijken. Noteer eventuele kosten.
Deelproduct 4: verslag persoonlijk leiderschap
Schrijf een verslag over hoe jij persoonlijk leiderschap in gaat zetten tijdens het managen van het
StudentPlus-team.
Aanpak:
• Laat zien hoe je persoonlijk paradigma’s van positieve invloed kunnen zijn op het managen van
het StudentPlus-team.
• Laat zien hoe je de eigenschappen van Covey toepast in het managen van het StudentPlus-team.
• Beschrijf hoe een ongezond zelfvertrouwen van invloed kan zijn op het managen van het
StudentPlus-team en noteer hoe dit ongezonde zelfvertrouwen aangepakt kan worden.
• Beschrijf hoe een gezond zelfvertrouwen van invloed kan zijn op het managen van het
StudentPlus-team.
6 UITDAGING EEN NIEUW PROJECT
Deelproduct 5: rollenspel coaching
Schrijf een rollenspel waarin je een teamlid coacht. Doorloop hiervoor de volgende stappen:
• Bedenk een specifieke vaardigheid dat een teamlid zich eigen moet maken binnen StudentPlus.
• Schrijf een script voor een rollenspel waarin je als leidinggevende een teamlid al coachend instrueert
over deze vaardigheid.
• Speel het rollenspel uit. Een student is de leidinggevende, een student het teamlid en de overige
temleden observeren en maken aantekeningen.
• Perfectioneer je script aan de hand van de observaties en notities.
Keuzeonderdeel naar behoefte van opleiding of student
Bij dit keuzeonderdeel kies je het deelproduct dat het beste bij je uitstroomrichting past of dat het
beste aansluit bij je persoonlijk leerdoel.
Deelproduct 1: voorbeeldbrief
Wanneer het StudentPlus-team eenmaal actief is, zal het contacten leggen met diverse
onderwijsinstellingen. Het team probeert dit zo veel mogelijk alvast vanuit eigen initiatief te doen.
Als een nieuwe student met een psychische beperking aangeeft ondersteuning te willen bij het
studeren bij een specifieke onderwijsinstelling, is het aanhalen van het eerder gelegde contact een
groot voordeel. Stel een voorbeeldbrief op die je naar onderwijsinstellingen kunt sturen om contact
te leggen.
Deelproduct 2: folder signalering
Stel een folder op voor onderwijsinstellingen waarin je ze wijst op signalen van psychische
problematiek onder studenten. Welke signalen kunnen zij waarnemen bij hun studenten, waar
kunnen ze op letten?
Stap 5, Waardering
Er wordt kritisch gekeken naar de bereikte resultaten. Successen worden gewaardeerd, gevierd en verzilverd. Welke factoren droegen
bij aan het succes? Voor wat niet goed ging worden verbeteringen voorgesteld
Toestsing PIT
beoordelingsformulier
Criteria O V G
Te behalen punten bij O V G 1 2 3
Brononderzoek
Beoordeel vragen per cluster.
Over studeren met een psychische beperking
• Welke psychische beperking komt het meeste voor onder studenten?
• Is er een duidelijk verschil in het soort psychische beperking ten aanzien van de
gekozen opleiding (mbo/hbo/wo)? Komt de ene stoornis bijvoorbeeld vaker voor
onder wo’ers dan onder mbo’ers?
• Waar lopen studenten met een psychische beperking tegenaan? Splits uit naar
beperking en noteer waar studenten met deze beperking tegenaan lopen.
• Welke beperkingen ondervinden zij wanneer zij gaan studeren (mbo, hbo of wo)?
Splits uit naar beperking en noteer belemmeringen.
• Welke ondersteuning kan deze studenten geboden worden? Splits uit naar
beperking en noteer ondersteuningsmogelijkheden.
• Welke praktische oplossingen kun je vinden voor de beperkingen waar deze
studenten tegenaan lopen? Splits uit naar beperking en noteer praktische
oplossingen.
Over de theorie
• Aan welke soorten doelen kun je werken tijdens teambuilding? Licht de doelen
toe.
• Waarop ben je alert bij het begeleiden van een team?
• Welke vier stappen doorloop je bij het organiseren van een klinische les?
• In welke ontwikkelingsfase(n) zitten de nieuwe teamleden? Motiveer je antwoord.
• Welke coachingtechnieken kun je inzetten?
• Hoe kun je al coachend een nieuw teamlid instrueren? Beschrijf de zes stappen.
• Wat is persoonlijk leiderschap?
• Wat zijn paradigma’s?
• Welke eigenschappen moet je jezelf, volgens Covey, aanleren om succesvol in het
leven te staan? Licht ze toe.
• Wat is het verschil tussen gezond en ongezond zelfvertrouwen?
• Welke stappen kun je nemen bij een ongezond zelfvertrouwen?
• Welke eetstoornis kun je onderscheiden?
• Wat zijn de gevolgen van een eetstoornis?
• Wat houdt ‘mindful eten’ in?
• Welke slaapstoornissen kun je onderscheiden?
• Wat zijn de gevolgen van een slaapstoornis?
V = geeft antwoord op de vragen.
G = gebruikt ook relevante zelf geformuleerde onderzoeksvragen.
Producten
PowerPoint klinische les
V = het is een nette presentatie over de problemen die studenten met een psychische beperking kunnen ondervinden. En de rol van StudentPlus.
G = er wordt goed uiteengezet wat de problematiek is en wat StudentPlus vervolgens kan betekenen. Er is duidelijk nagedacht over diverse aspecten. Zoals contacten onderhouden met diverse instanties/mbo’s/hbo’s/universiteiten of hoe StudentPlus naar buiten treedt. Dus ook de taken van het team worden kort aangestipt. En welke psychische problemen het meest voorkomen. Een logisch en samenhangend geheel.
Voorstel teambuilding
V = het is een activiteit die er vooral in eerste instantie op is gericht elkaar te leren kennen, het is immers een nieuw team, eventuele problemen zijn nog niet aan de oppervlakte gekomen. Bestaande activiteit, middels een
organisatie of zelf bedacht.
G = de activiteit is zowel gericht op de ‘nieuwheid’ van het team, als op mogelijke toekomstige teamproblemen. Er is gericht gezocht naar een activiteit die past bij dit team die deze taak (StudentPlus) op zich neemt.
Reële kosten met berekening.
Goodiebag
V = het zijn enkele spullen die gelinkt kunnen worden aan StudentPlus. Bijvoorbeeld een pen met logo van StudentPlus.
G = het zijn diverse spullen die niet heel standaard als relatiegeschenk gebruikt worden (creatief), maar wel een link hebben met StudentPlus. Kan betrekking hebben op de doelgroep of het feit dat er een nieuw team
gevormd is. De teamleden moeten het op prijs stellen. Reële kosten met berekening.
Verslag persoonlijk leiderschap
V = alle opgesomde punten zijn uitgewerkt.
G = er is een volledige uiteenzetting/analyse van de invloed van persoonlijk leiderschap op het managen van het StudentPlus-team. Alle beschreven aspecten hebben specifiek betrekking op dit team, met deze doelgroep.
Rollenspel coaching
V = het is een goed lopend script waarbij een leidinggevende de stappen van coachend instrueren doorloopt, met mogelijke reacties van het teamlid.
G = er is een relevante vaardigheid voor het StudentPlus-team bedacht welke nauwkeurig wordt geïnstrueerd.
Voorbeeldbrief
V = het is een nette brief, correct Nederlands, waarin StudentPlus zich voorstelt en aangeeft wat zij aan ondersteuning biedt.
G = de reden van de brief wordt uitgelegd of er wordt gevraagd alvast een kennismakingsafspraak te maken, zodat StudentPlus enkele tips kan geven aan de onderwijsinstelling over eventueel aanwezige of nieuwe studenten
met een psychische beperking. Dus niet slechts informatief, maar ook uitnodigend tot actie.
Of:
Folder signalering
V = het is een folder met tekst en eventueel afbeeldingen. Specifieke signalen
worden benoemd.
G = is professioneel vormgegeven. Zou daadwerkelijk informatief zijn voor onderwijsinstellingen en helpt psychische problematiek te signaleren.
Persoonlijk verslag
Beoordeel de twee onderdelen:
7
[o]
gaat in op het persoonlijk leerproces
gaat in op het groepsproces
V = de uitwerking voldoet aan de eisen.
G = de uitwerking getuigt van een grote mate van zelfinzicht.
Totaal aantal punten
Aanvullende feedback:
Richtlijnen voor het behalen van een voldoende voor deze uitdaging:
Voor een voldoende moet je minimaal 16 punten hebben.
Punt 1 en 4 moeten voldoende zijn.
Het persoonlijk verslag moet voldoende zijn (alle vragen zijn ruimschoots beantwoord).
Brief aan jezelf
Iedereen maakt een persoonlijk verslag waarin je reflecteert op de uitdaging en jouw werkwijze.
In dit verslag staan de volgende onderwerpen beschreven:
Met betrekking tot jouw persoonlijke leerproces:
• Wat heb je geleerd van het opstellen van het plan van aanpak?
• Met welke gedachte ben je aan deze uitdaging begonnen?
• Welke onderwerpen waren nieuw voor je? Waarover heb je nieuwe kennis opgedaan?
• Hoe ben je te werk gegaan? Wat heb je aangepakt en op welke manier?
• Hoe kijk je terug op deze uitdaging? Waarop ben je trots en waarover ben je minder tevreden?
Wat ga je volgende keer anders doen?
• Welke conclusie trek jij uit de dingen die je met deze uitdaging geleerd hebt?
Met betrekking tot het groepsproces:
• Hoe is het plan van aanpak tot stand gekomen?
• Wat was jouw rol?
• Welke andere rollen zag je bij jouw groepsleden?
• Wat vond jij prettig bij het samenwerken in deze groep?
• Wat zou jij liever anders gezien hebben?
• Wat vind je van de beoordeling die je kreeg van je groepsleden?
De beschrijving van de antwoorden op de bovenstaande vragen geeft duidelijk zicht op het
leerrendement van elk groepslid.
Afstudeerproject
Inleiding
Inleiding
Het Beroepsproduct is een onderdeel van de afsluiting van je opleiding. Hierin laat je alles wat je geleerd hebt samenkomen. In de volgende hoofdstukken staat beschreven waar je beroepsproduct aan moet voldoen.
Veel plezier en succes bij het maken van het beroepsproduct!

Studiehandleiding Afstudeerproject
Klik hier voor de studiehandleiding Afstudeerproject.
De Wegwijzer
Het is belangrijk om de stappen van het project te volgen. Je krijgt hier een 3 tal lessen over die aansluiten bij de opdracht.
1 Oriënteren
2 Plannen
- Schrijf een persoonlijke activiteitenplan,.
- Verwerk de vijf W in je PAP:
- Wat ga je doen?
- Waar, in welke context?
- Wie zijn er bij betrokken?
- Wanneer?
- Welke hulpmiddelen?
- Maak een planning voor de weken.
Zie bijlage 1 voor verdiepingsvragen
Leg je idee, stappen 1&2 Oriënteren en Plannen, voor aan het werkveld en je docent voor een GO.
3 Uitvoeren
4 Controleren
- Controleer of je volgens plan hebt gewerkt.
- Controleer of je bewijsstukken aan de criteria voldoen.
- Ga na of je de verkregen feedback hebt verwerkt.
- Evalueer met je Critical Friend, BPV docent, SLB docent en BPV begeleider(s) je onderzoek- en ontwikkelproces.
- Laat je product beoordelen door je Critical Frein, docent en begeleider (zie bijlage 3).
5 Reflecteren
- Je kijkt terug op de uitvoering van het beroepsproduct en wat je er voor de toekomst van geleerd hebt. Dit doe je met behulp van de STARRT-methode.( nier verplicht om deze methode te gebruiken, je mag ook je eigen reflectiemethode kiezen.
Je reflecteert op je rol en de keuzes die je gemaakt hebt tijdens de uitvoering.
In lesweek 6 wordt er gepresenteerd. Het werkveld mag hierbij aanwezig zijn.
Dit gaan jullie zelf organiseren.
GO formulier Projectvoorstel
Klik hier voor het GO formulier en voeg deze toe aan je projectvoorstel.
Bijlage 1 Startvragen
Bijlage 1
Startvragen die je kunnen helpen bij het opzetten van een geschikt beroepsproduct
Wat ik wel eens zou willen uitproberen is:
|
Ik ben niet zo gelukkig met:
|
Ik zou meer willen weten over:
|
Ik weet niet wat ik aan moet met:
|
Het zou een verschil zijn als:
|
Wat ik graag zou willen verbeteren is:
|
Waar ik steeds tegen aanloop is:
|
Wat me bijzonder interesseert is:
|
Bijlage 2 Critical friend
Bijlage 2
De regels voor de Critical Friend
Bespreek de uitvoering van je beroepsproduct regelmatig met betrokken collega’s, begeleider, docent en medestudenten. Om regelmatig feedback te kunnen krijgen en te geven, werk je samen met een “Critical Friend”.
Plan daarmee iedere week een kort ontmoetingsmoment of contactmoment via mail op een vast tijdstip. Meld elkaar kort de stand van het proces en breng één probleem, knelpunt of vraag in waar je feedback over wilt krijgen. Doel van deze besprekingen is een kritische verheldering van door jezelf ingebrachte situaties, problemen, werkwijzen, blokkades, vertragingen, doodlopende wegen, etc.
Je bent “sparringpartner” van elkaar dus vraagt én geeft feedback.
Criteria:
- Vraag naar concrete gebeurtenissen, voorbeelden en ervaringen. Doe dit bijvoorbeeld met behulp van de STARRT methode.
- Vraag naar de achtergronden van de situatie, het probleem, de werkwijze,etc. Oftewel vraag naar reden, motivatie of doel.
- Vraag naar de rol van andere factoren (personen, comntext, literatuur) die betrokken zouden kunnen worden bij het analyseren en begrijpen van wat wordt ingebracht.
Bijlage 3 Beoordelingsformulier
Bijlage 3
Beoordelingsformulier
Verslag van de stappen van de Wegwijzer
|
|
Voldaan
|
Niet voldaan
|
Motivatie
|
Oriënteren
|
|
|
|
Plannen
|
|
|
|
Uitvoeren
|
|
|
|
Controleren
|
|
|
|
Evalueren
|
|
|
|
Beoordeling van het Beroepsproduct
|
|
Voldaan
|
Niet voldaan
|
Motivatie
|
Functionaliteit
|
|
|
|
Professionaliteit
|
|
|
|
Duurzaamheid
|
|
|
|
Inventiviteit
|
|
|
|
Complexiteit
|
|
|
|
PowerPoints beknopte informatie
PowerPoints uitgebreide informatie
Literatuurlijst en bronnen