Het arrangement Het ontwikkelen en toepassen van onderzoeksvaardigheden is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.
- Auteurs
- Laatst gewijzigd
- 04-05-2015 09:03:25
- Licentie
-
Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:
- het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
- het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
- voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.
Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.
M. Antheunisse, L. Cizkova, A.C.A. van Ginneken, F. Sloff
Eindhoven School of Education (ESoE), TU/e
Aanvullende informatie over dit lesmateriaal
Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:
- Toelichting
- Ontwikkelen en toepassen van (bij voorkeur bèta) onderzoeksvaardigheden. Project voor brugklasleerlingen, evtl hulpmiddel voor hogere klassen. De onderzoeksvaardigheden zijn gepresenteerd als onderdelen van een onderzoekscyclus en geoefend aan de hand van verschillende projecten. De leerlingen mogen zelf een project kiezen bv op basis van hun interesses.
- Leerniveau
- VWO 2; HAVO 1; VWO 1; HAVO 2;
- Leerinhoud en doelen
- Natuurkunde;
- Eindgebruiker
- leerling/student
- Moeilijkheidsgraad
- gemiddeld
- Studiebelasting
- 0 uur 50 minuten
In Nederland zijn er ontzettend veel verschillende soorten bruggen. Met dit project gaan leerlingen onderzoek doen naar verschillende soorten constructies van bruggen. Een aantal van deze constructies gaan ze nabouwen met behulp van papier en lijm (minimaal twee verschillende constructies) en met deze papieren bruggen gaan ze testen welke constructie steviger is.
De Golden ratio of Gulden snede in het Nederlands, is een verhouding van lijnstukken met bijzondere eigenschappen. Al eeuwenlang houden wiskundigen over de hele wereld zich bezig met deze verhouding. De Golden ratio is bovendien terug te vinden in heel veel dingen in de natuur en in het dagelijks leven, van architectuur tot het menselijk lichaam. Met dit project gaan leerlingen onderzoek doen naar deze wereldberoemde Golden ratio.
Zoet, zuur, zout en bitter. De vier smaken die je kunt proeven. En zoet is het tegenovergestelde van zuur. Zuur is niet alleen een smaak maar ook de naam van een soort chemisch stof. De stof die azijn zuur maakt heet azijnzuur. In een citroen zit weer citroenzuur.
Heb jij een huisdier? Denk jij dat hij veel of juist weinig eet in vergelijking met andere soorten (huis)dieren? Na omrekenen naar lichaamsgewicht kan het heel verrassend uitkomen: van welk dier verwacht jij dat hij het meest eet voor zijn gewicht?
De Jakobsstaf is een oud meetinstrument (14de eeuw) waarmee men o.a. hoogtes en afstanden van/tot gebouwen of bergen kon bepalen. Het instrument werd ook gebruikt voor bepaling van posities op aarde en boogafstanden tussen sterren. Het deed vooral dienst in de zeevaart en sterrenkunde maar ook in de praktijk van het landmeten. Het apparaat bestaat uit een lange stok met daarop loodrecht een kleinere, beweegbare stok gemonteerd (zie figuur). Op de lange stok zijn bijvoorbeeld centimeters uitgezet. Soms zie je verschillende maten van de kleinere, verticale stok getekend. Met dit project gaan leerlingen een eenvoudige Jakobsstaf maken en bepalen hoe ze hem gaan toepassen. Daarna voeren ze enkele metingen uit.
Met dit project gaan leerlingen onderzoeken welke materialen geschikt zijn voor het maken van een parachute. Hierbij is het belangrijk dat het materiaal voldoende weerstand biedt tegen de lucht, zodat de parachute langzaam en veilig beneden terecht komt. De leerlingen gaan van verschillende materialen kleine parachutes bouwen en vergelijken welke materialen beter zijn voor een parachute.
Sommige materialen produceren licht als je ze langs elkaar wrijft. Dit verschijnsel heet triboluminescentie, triboluminescence in het Engels. Kijk maar eens naar onderstaand filmpje. Tijdens dit project gaan leerlingen onderzoek doen naar dit natuurkundig verschijnsel.
Je hebt zeker wel eens boter-kaas-en-eieren of vier-op-een-rij gespeeld. Heb jij gewonnen?
e eerste les wordt de lessenreeks geïntroduceerd aan de hand van de onderzoekscyclus. Elke leerling krijgt een kopie van deze cyclus om hier gedurende de lessen zijn/haar eigen interpretatie van elk onderdeel op in te vullen. Na het introduceren van de onderzoekscyclus worden de projecten kort toegelicht. Leerlingen vormen vervolgens groepjes van ca. vier leerlingen en kiezen één van de projecten uit. Het is raadzaam elk groepje leerlingen een mapje o.i.d. te geven waarin alle materialen, die gedurende de lessen verzameld worden, kunnen worden opgeborgen. Denk hierbij aan de informatie over het project, de logboeken, verzamelde informatie en evt. extra materialen.
Tijdens het eerste gedeelte van de tweede les staat mediawijsheid centraal. Leerlingen leren hoe ze informatie kunnen opzoeken, beoordelen en verwerken. Ze leren bewust om te gaan met media en krijgen een aantal DOs and DON'Ts aangereikt. Ze krijgen bovendien een document waarmee ze kunnen bepalen of een website bruikbaar is en een document waarin wordt uitgelegd hoe ze bepaalde bronnen moeten vermelden in de bronnenlijst van het verslag.
De derde les gaat over het ontwerpen van een plan voor het experiment. Aan de hand van een voorbeeld komen hier o.a. het meten van eigenschappen (variabelen), het maken van een fishbone diagram en het verdelen van de taken aan bod. Leerlingen leren bovendien hoe ze het experiment goed voor kunnen bereiden met een zogenaamd labjournaal.
Het klassikale gedeelte van de vierde les is maar kort; leerlingen gaan vooral zelf aan de slag met het uitvoeren van hun experiment. Er wordt kort iets gezegd over meetfouten en hoe de leerlingen deze minimaal kunnen houden en er worden een aantal tips gegeven voor bij het uitvoeren van het experiment.
De vijfde les gaat over het verwerken van resultaten. Leerlingen zien hoe ze hun resultaten in een tabel kunnen verwerken en wat het reduceren van data inhoudt. Vervolgens leren ze, aan de hand van een aantal voorbeelden, hoe ze gemiddelden en spreidingen kunnen berekenen. Tot slot komen er een aantal representatievormen aan bod, zoals een cirkeldiagram, een staafdiagram en een grafiek.
Het presenteren van de resultaten komt uitgebreid aan bod tijdens de zesde les. Als afsluiting van de lessenreeks, maken de leerlingen een verslag van het onderzoek en bereiden ze een presentatie voor, m.b.v. PowerPoint, Prezi of een poster. Het eerste gedeelte van de les gaat over het maken van een verslag. Hier worden een aantal aandachtspunten gegeven en leerlingen krijgen bovendien een lay-out voor het verslag. Het tweede gedeelte gaat over de presentatie. Er worden een aantal tips gegeven voor een goede presentatie en leerlingen krijgen de tijd om aan het verslag en de presentatie te werken tijdens de les.
Tijdens de laatste les van deze lessenreeks, presenteren de leerlingen de resultaten van hun onderzoek. De les begint met een aantal korte tips voor tijdens de presentatie die de vorige les ook al aan bod zijn gekomen. Daarnaast kunnen de leerlingen ook de rubrics invullen ter zelfevaluatie (zie 'Beoordeling').