Schrijven
Opdracht schrijven
Je loopt stage op de afdeling Geriatrie van het medisch centrum in jouw regio. Hoewel dit je eerste ziekenhuisstage is, heb je al veel ervaring met deze doelgroep. Jouw twee vorige stages liep je namelijk op een somatische en een PG afdeling. Nu je hier bent, word je beschouwd als een stagiaire die nog niets weet en kan. Je moet alle rotklusjes opknappen en er loopt constant iemand mee om te kijken of je het wel goed doet. Je bent nu in week 9 van je stage en je hebt nog 11 weken te gaan. Je ligt niet lekker in het team en bovendien voel je je niet begrepen. Wanneer je dit aanhaalt bij je stagebegeleider, krijg je een sneer naar je hoofd geslingerd dat je nou eenmaal nog geen verpleegkundige bent. Je besluit een brief te schrijven naar het hoofd van de afdeling geriatrie. Maak voor jezelf duidelijk wat je precies met de brief wilt bereiken. Je kunt bijvoorbeeld een lijstje maken met alle gegevens die je sowieso in deze brief wilt verwerken. Daarnaast moet de brief in correct Nederlands geschreven.
Spreken
Opdracht
Je bent verpleegkundige op de polikliniek in het regionale ziekenhuis. Mevrouw Janssens is nierpatiënt en komt tijdens je spreekuur klagen over het zoutloze dieet dat ze sinds een half jaar moet volgen. Mevrouw overziet de gevolgen van een onjuist eetpatroon niet in. Hierdoor is ze vorige week met spoed opgenomen in het ziekenhuis, ze kan niet voldoen aan het zoutloze dieet dat haar is opgelegd. Jij als verpleegkundige moet haar laten inzien dat het wel degelijk van levensbelang is om haar leefstijl aan te passen. Haar nieren functioneren nog slechter met al dat zoutgebruik. Je geeft een adviesgesprek en hanteert daarbij de punten in de beoordelingsrubriek.
Luisteren
Luisteren
Deze opdracht is interactief. Er worden vijf leerlingen uitgekozen. Drie van hen gaan op de gang. De andere twee blijven in het klaslokaal. Student A krijgt een kaartje met een tekst. Hij/ zij leest dit voor aan student B. Student B moet zo goed mogelijk luisteren, want hij/ zij moet hetzelfde verhaaltje vertellen aan student C (diegene staat nog op de gang). Echter, dit keer wordt er geen gebruik gemaakt van het kaartje, de student moet alles uit het hoofd navertellen. Wanneer student B het verhaal zo goed mogelijk heeft doorverteld aan student C, wordt de volgende student opgehaald. Student C moet het verhaal dan navertellen aan student D. Student D moet op zijn/ haar beurt het verhaal vertellen aan student E. Uiteindelijk vertelt student E het verhaaltje zo goed mogelijk na. In de tekst zijn een aantal woorden roodgekleurd. Deze woorden zijn belangrijk voor de puntentelling. Student E moet zoveel mogelijk van deze woorden noemen. Elk genoemd woord is een punt waard. Nadat de punten geteld zijn, is het volgende team aan de beurt. Uiteraard krijgen zij een andere tekst.
Tekst 1: Mevrouw van der koningen is al jarenlang hartpatiënt. Jaarlijks komt zij in het ziekenhuis voor de algemene controle. Haar vitale functies worden getest. Vorige week voelde mevrouw van der koningen zich niet zo lekker. Ze had die middag een stamppotbuffet gehad in het groene hart, het plaatselijke buurtcafé waar die leuke meneer plunje altijd langskomt. Nadat ze weer naar buiten liep, voelde ze zich niet zo lekker. Ze schreeuwde naar haar minnaar dat ze een hartaanval zou krijgen. Meneer plunje belde de ambulance, zij hebben wat algemene test bij haar uitgevoerd. Het bleek dat ze voedselvergiftiging had opgelopen. Nooit meer hoeft mevrouw van der koningen boerenkool.
Tekst 2: Dhr. De Vries heeft al een half jaar vage klachten. Zo heeft hij tintelingen in zijn benen, lijdt hij aan geheugenverlies en is hij verschrikkelijk moe. Bij de huisarts voelt hij zich niet begrepen. Daar denken ze dat het psychisch is. Dhr. De Vries gaat erg aan zichzelf twijfelen. Toen hij een half jaar geleden verhuisde naar Wytgaard, een klein dorpje in Friesland, stapte hij over naar een andere huisarts. Deze arts nam hem wel serieus. Na een bloedonderzoek is gebleken dat hij een zwaar vitamine B12 tekort heeft. Na een aantal injecties voelt hij zich weer stukken beter.
Lezen
Lezen
Voor deze opdracht is het de bedoeling dat je een vaktijdschrift gaat lezen. Het moet een verpleegkundig tijdschrift zijn, je moet er iets aan hebben. In de mediatheek of in de bibliotheek kun je deze tijdschriften lenen.
Opdracht: Je lees twee artikelen en vat deze artikelen op twee verschillende manieren samen.
Manier 1: Je maakt een mindmap; Deze mag je schriftelijk (op papier) of met je computer maken. Zie voor het maken van een mindmap het bijgevoegde filmpje.
Manier 2: Je leest de tekst en haalt de belangrijkste punten eruit. Deze schrijf je op. Je zorgt in deze samenvattingen wel voor een samenhang in het verhaal.
https://www.youtube.com/watch?v=soj4RKksLmg
Uitleg over mindmap