Voortplantingsstelsel

Voortplantingsstelsel

Voorwoord

Welkom op de Wikiwijs over het thema Voortplanting, een wiki die gemaakt is in opdracht van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, opleiding LGW.

Voortplanting is een van de 10 thema's die centraal staan voor de Landelijke Kennistoets waaraan de studenten van de studie 'leraar gezondheidszorg en welzijn' deel moeten nemen. De onderdelen zijn vanuit 10 voor de leraar opgebouwd en bevatten zowel anatomie, fysiologie en pathologie van het voortplantingsstelsel van zowel de man als de vrouw.

Om de stof te beheersen wordt gebruik gemaakt van theorie en diverse digitale tools. Welke dit zijn staan in het voorwoord beschreven.

Wij hebben deze opdracht met veel uitdaging aangenomen en hopen dat u er net zoveel plezier aan heeft als dat wij eraan gewerkt hebben.

Heel veel succes.

Tosca, Mareen en Esther

Team Voortplanting

Inleiding

Beste lezer,

Deze les is zo opgebouwd dat iedere docent, ondanks (eventueel) weinig voorkennis, de les kan aanbieden aan de student. De student dient, om alle werkvormen uit te kunnen voeren, een aantal accounts aan te maken. Zodra dit is voltooid kan de student volledig zelfsturend aan het werk. Welke dit zijn, vindt u in het hoofdstuk Accounts aanmaken. Door de stappen in dit hoofdstuk te volgen, kan de student de wikiwijs volledig digitaal doorlopen en afronden. Het gebruik van een koptelefoon of oortjes is noodzakelijk.

Er wordt van de student een grote mate van zelfstandigheid en zelfdisipline verwacht bij het maken van de lessen middels wikiwijs!

Heel veel succes en leerplezier met deze wikiwijs les: Het voortplantingsstelsel!

 

 

Leerdoelen

Na het lezen van dit hoofdstuk is de student in staat om;

·       De normale anatomie en fysiologie van het voortplantingsstelsel van de man en de vrouw te beschrijven met daarbij de secundaire en primaire geslachtskenmerken

·       De anatomie en fysiologie rondom de zwangerschap en bevalling

·       De incidentie, risicofactoren, symptomen, oorzaken, diagnostiek, behandeling en preventie van endometriose, zwangerschapsvergiftiging en prostaatkanker te beschrijven

 

Deze leerdoelen passen bij:

Opleidingsdomein Zorg en welzijn (Crebonr. 79140)

B1-K1: Bieden van zorg en begeleiding in het verpleegkundig proces;

  • Vakkennis en vaardigheden
  • Een beginnend beroepsbeoefenaar
  • De student heeft gespecialiseerde kennis van anatomie, fysiologie en pathologie m.b.t.: het voortplantingsstelsel.

Aanmaken accounts

Via onderstaande links, maak je een account aan, om de opdrachten en toetsing te kunnen maken.

Zodra je geregisteert bent en ingelogd,  kun je via de Wiki in alle voorkomende digitale werkvormen.

Je begint vast met een kleine memory.

 

Succes!

 

KLIK HIER VOOR MEMORY

Wat weet jij al?

1. Vrouw

Het voortplantingsstelsel van de vrouw is in staat om een foetus te dragen, omdat de vrouw een eicel produceert. Het voortplantingsstelsel van de vrouw is tevens in staat om inwendig te voeden en bij volgroeiing van de baby, de baby te baren. Bij de vrouw bestaat het reproductieve systeem (of het voortplantingsstelsel) uit de ovaria (of de eierstokken), de trompet van Fallopius, de uterus (de baarmoeder), de baarmoederhals en de schede (de vagina). Het vrouwelijke geslachtsorgaan bestaat uit een inwendig deel en een uitwendig deel.

Afbeeldingsresultaat voor voortplanting vrouw

Figuur 1, Welke vormen van voortplanting zijn er? - Mr. Chadd Academy. (2019). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.mrchadd.nl/academy/vakken/biologie/voortplanting-wat-is-het-en-welke-vormen-zijn-er

Wat heb je gelezen? Maak onderstaande vragen.

Anatomie en fysiologie

Uitwendige genitaliën

In het volgende stuk tekst, zul je een groot deel theorie lezen over de uitwendige delen van het vrouwelijk geslachtsorgaan. Lees de tekst zorvuldig door en maak de opdrachten die volgen.

In onderstaande afbeelding staat het nog eens uitgelegd;

Anatomie van de uitwendige geslachtsorganen. Bron: shutterstock

Figuur 2, Slingeland Ziekenhuis Doetinchem. (z.d.). Anatomie vrouwelijke geslachtsorganen › Kenniscentrum Gynaecologie Slingeland Ziekenhuis. Geraadpleegd op 5 november 2019, van https://gynaecologie.slingeland.nl/kenniscentrum/Algemene-gynaecologie/Anatomie/449/455

Anatomie mons pubis (venusheuvel)

De venusheuvel is een vetlaag boven op de symfyse, de verbinding tussen de twee schaambenen. De buitenste schaamlippen, de labia majora, omgeven en beschermen  de overige uitwendige geslachtsdelen. De binnenste lippen, de labia minora, beschermen de opening van de vagina (schede) en van de urethra.

Anatomie clitoris

De clitoris is erectiel weefsel en speelt een rol bij seksuele opwinding en seksueel genot.

Anatomie urethra (urinebuis)

De urethramond, de opening van de plasbuis, zorgt voor de afvoer van urine uit de blaas. Bij de ingang bevinden zich twee kleine tubulaire klieren, ook wel glandulae urethrales. Deze scheiden lubrificerend (glibberig) slijm uit.

Anatomie perineum

Het perineum, het stuk tussen de anus en de urethramond, houdt de openingen van de urethra, vagina en rectum bijeen en ondersteunt de bekkenorganen. Het is ongeveer 5 cm lang. Het spierweefsel wordt voornamelijk gevormd door de levator ani (anusopheffer), de belangrijkste spier van de bekkenbodem.

Anatomie klieren

De vestibulaire klieren, ook wel de klieren van Bartholin genoemd, liggen aan weerszijden van de vaginale opening. Deze klieren zorgen tijdens seksuele prikkeling dat er een natuurlijk glijmiddel vrijkomt, dit is een slijmachtige vloeistof.




 

Vragen!

Test jezelf

Oefening:Uitwendige genitaliën van het vrouwelijk geslachtsorgaan

Inwendige genitaliën

In het volgende stuk tekst, zul je een groot deel theorie lezen over de inwendige delen van het vrouwelijk geslachtsorgaan. Lees de tekst zorvuldig door en maak de opdrachten die volgen.

In onderstaande afbeelding worden de inwendige delen benoemd;

baarmoeder

Figuur 3, Wat is de baarmoeder? (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.allesoverseks.be/baarmoeder

Anatomie ovaria(eierstokken);

In het onderstaand filmpje wordt een korte en bondige uitleg gegeven over de eierstokken;

YouTube. (z.d.-n). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=VV177izgCq4

Een vrouw heeft twee eierstokken die links en rechts naast de baarmoeder in de buikholte liggen. In de eierstokken vindt rijping van de eicellen en de aanmaak van oestrogeen en progesteron plaats.

Een ovarium (eierstok) bevat twee lagen;

  • schors (cortex)
  • merg (medulla)

Follikels

In de cortex liggen de follikels met daarin de toekomstige eicellen (oöcyten). Het merg bestaat uit vaatrijk losmazig bindweefsel. Er is geen duidelijke grens tussen de schors (weefsel dat aan de buitenzijde van een orgaan ligt) en het merg.

Het stroma

Het stroma, celtypen waaruit het baarmoederslijmvlies is opgebouwd, van de schors wordt gevormd door spoelvormige bindweefselcellen en fijne collagene (eiwit) vezels. Het wit gekleurde laagje, de tunica albuginea, kleurt het ovarium wit.

In de volgende afbeelding kun je zien wat de follikel voor ontwikkeling doormaakt in de ovaria;

Afbeeldingsresultaat voor oöcyten

Figuur 4, De embryonale ontwikkeling. (z.d.). [YouTube]. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=sGxIJ8Jyopg

De weg van het eitje

In het volgende korte filmpje wordt de weg van het eitje uitgelegd;

YouTube. (z.d.-o). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=v0s7VtP4yVw

Gele lichaam

Het gele lichaam geeft oestrogenen en progesteron af aan het bloed en zorgt ervoor dat er geen FSH (Follikelstimulerend hormoon) en LH (Luteïniserend hormoon) meer aan het bloed worden afgegeven. Deze hormonen worden gereguleerd uit de hypofyse.

In onderstaande afbeeldingen zie je de ligging van de hypofyse;

Hypofyse en hypothalamus - Ligging in de hersenen

Figuur 5, Groeiwijzer.nl - Hypofyse. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.groeiwijzer.nl/nl/diagnose-and-toekomst/secundaire-groeistoornissen/hypofyse

Start werking eierstokken

De werking van de eierstokken begint tijdens de puberteit en eindigt rondom het 50ste levensjaar. Als een vrouw niet zwanger is, dan wordt het endometrium (baarmoederslijmvlies) afgestoten en veroorzaakt het menstruatie. De hormonen uit de eierstokken (vooral oestrogeen) zijn mede verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het reproductiestelsel (voortplantingsstelsel) en voor de algemene vrouwelijke ontwikkeling in de puberteit.

Anatomie tubae uterinae (eileider);

De eileiders, liggend in het bovenste gedeelte van de brede baarmoederband, leiden de eicellen vanuit de eierstokken naar de baarmoeder (uterus). Aan de uiteinden van de eileiders, bevinden zich franjeachtige uitlopers, genaamd de fimbriae. Deze hebben als functie om de vrijgekomen eicellen te vangen, die uit de eierstok komen. In de eileiders vindt dan ook de bevruchting plaats van de eicellen. Deze eicellen blijven tot 24 uur na de ovulatie (eisprong) leven.

Samenstelling van de eileider

De eileider heeft een drielagige wand;

1)    Serieuze buitenbekleding van de peritoneum (buikvlies)

2)    Een spierlaag

3)    Binnenbekleding van trilhaarepitheel (Epitheel waarvan de buitenste laag uit trilhaarcellen bestaat)

Anatomie uterus (baarmoeder);

Figuur 6,Börger, B. (z.d.). Baarmoeder [Foto]. Geraadpleegd van https://biologielessen.nl/index.php/b/971-baarmoeder

Samenstelling van de baarmoeder

Zoals zichtbaar is op bovenstaande afbeelding, is de baarmoeder een hol en peervormig orgaan. Het baarmoederlichaam (corpus uteri) vormt het grootste en bovenste deel van de baarmoeder. De baarmoederhals (cervix uterus) is het smalste gedeelte van de baarmoeder dat uitsteekt in de vagina. De baarmoederwand is aan de buitenkant bekleed met een slijmvlieslaag, het endometrium. De hormonen oestrogeen en progesteron zorgen voor de verdikking die optreedt in de endometrium.

Het kanaal waarlangs de ova (eicellen) van de ovaria (eierstokken) naar de uterus (baarmoeder) vervoerd worden, noemt men 'de trompetten van Fallopius', ookwel baarmoedertrompetten.

Anatomie vagina;

De vagina is een dunwandige en buisvormige structuur van ongeveer 8 cm lang. De vagina loopt van het onderste deel van de baarmoeder tot de uitwendige geslachtsorganen.


 

Vragen!

Test jezelf

Quizlet genitaliën vrouw
Door op bovenstaande link te klikken kom je op de website van Quizlet. Je kan op deze website jouw kennis testen rondom de inwendige genitaliën van de vrouw. Zorg wel dat je ingelogd bent. Begin met het plaatje op de hoofdpagina waarop je in kunt zoomen. Als je op de rondjes in de afbeelding klikt staat de benaming en de functie erbij. Start daarna met verschillende testjes, begin bijvoorbeeld bij het kopje "combineren" of "leren". Veel leerplezier!

Hormonale ontwikkeling

Puberteit

Hormonen tijdens de puberteit

De puberteit begint als er een stijging plaatsvindt van de LHRH spiegel. LHRH staat voor Luteïniserend Hormoon-‘Releasing’ Hormoon en deze hormoon stimuleert de afgifte van het FSH hormoon en het LH hormoon door de hypofysevoorkwab.

Na de puberteit heeft het ovarium (eierstok) een dikke schors (cortex) en een vaatrijk merg (medulla). Bij de geboorte is dit nog niet. Dan bevat de schors vele primaire ovariële follikels. Omdat de follikels een belangrijk onderdeel is, wat steeds terugkomt, krijg je in onderstaand filmpje daar wat uitgebreidere informatie over;

YouTube. (z.d.-p). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=YP9mWEIx2qs

Soorten hormonen

Het FSH hormoon, stimuleert de groei van follikels en deze geven de hormonen oestrogeen en progesteron af.Oestrogenen dragen de verantwoordelijkheid voor de lichamelijke veranderingen in de puberteit.

Zie de veranderingen in onderstaand kort filmpje;

YouTube. (z.d.-q). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=0PbxKaNcIHc

Ontwikkeling van adolescentie tot de menopauze

Vanaf de adolescentie tot de menopauze is het vrouwelijk voortplantingsstelsel continue bezig aan cyclische veranderingen. Deze reproductieve (opnieuw voortbrengende) cyclus, maakt het lichaam zich ieder maand weer klaar voor een mogelijke zwangerschap en bestaat uit twee cycli;

·       Ovariële cyclus (geregeld door de FSH en LH hormoon)

·       Menstruele cyclus (geregeld door oestrogenen en progesteron)

Deze cycli lopen parallel en hangen onderling samen.

In onderstaande afbeelding wordt de cyclus schematisch uitgelegd;

 

Belangrijke gebeurtenissen in de menstruatiecyclus


Figuur 7, Redactie Gezondheidsplein. (2019). Verloop van de cyclus [Foto]. Geraadpleegd van https://www.gezondheidsplein.nl/dossiers/menstruatiecyclus/het-verloop-van-de-menstruatiecyclus/item68076

Vragen!

Menstruatie

Wat gebeurd er eigenlijk tijdens een menstruatie? Kijk het onderstaande filmpje;

YouTube. (z.d.-r). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=8jK1CGoIzeE

Hormonen tijdens de menstruatie

De menstruatie geeft een verandering in de oestrogeen- en progesteronspiegels. Deze, maandelijks herhalende,cyclus begint op de eerste dag van de menstruatie, wanneer het bloedverlies begint. Deze cyclus start omdat de hypothalamus een reactie van lage oestrogeen en progesteron LHRH afgeeft.

Geen plaatsgevonden bevruchting

In onderstaande wordt het proces bij géén bevruchting weergegeven

Afbeeldingsresultaat voor geen bevruchting hormonen en menstruatiecyclus

Figuur 8, Piek. (z.d.). Thema 4 Het hormoonstelsel [Foto]. Geraadpleegd van https://slideplayer.nl/slide/7535984/

Plaatsgevonden bevruchting

Bij een bevruchting nestelt zich in het endometrium een bevruchte eicel en blijft daar.

In onderstaande afbeelding, kun je de weg van de eicel volgen;

Figuur 9, Ottoy, L. (2014). innesteling - Dr. Liesbeth Ottoy [Foto]. Geraadpleegd van http://gynaecoloogherzele.be/indicatie-fertiliteitsbehandeling/innesteling/

Vragen!

Test jezelf

2. Man

De mannelijke geslachtsorganen produceren en transporteren zaadcellen. De penis en de ballen zijn waarschijnlijk de bekendste lichaamsdelen uit het mannelijk voortplantingstelsel.Bij een man kun je van buiten ook niet veel zien. Er gebeurt inwendig nogal wat in het mannelijk lichaam,voordat zaadcellen uit de ballen via de penis het lichaam verlaten.

Vrouw hand vinger wijzen in de richting van de mannelijke genitaliën terwijl de mens houdt open ondergoed en het tonen van zijn penis. Vraag van impotentie of seksuele orgaan grootte. Peny en medische of psychologische problemen Stockfoto - 38367559

Figuur 10, Man. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://nl.123rf.com/photo_38367559_vrouw-hand-vinger-wijzen-in-de-richting-van-de-mannelijke-genitaliën-terwijl-de-mens-houdt-open-onderg.html

Wat heb je gelezen? Maak onderstaande vragen.

Anatomie en fysiologie

Onderdelen genitaliën

In onderstaande film legt 'Joost' het voortplantingsstelsel van de man volledig uit;

YouTube. (z.d.-s). [YouTube]. Geraadpleegd op 20 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=O3WQzcfOFNg

Anatomie de testes e- epididymides(bijbal)

De testes dalen voor de geboorte via het lieskanaal af in de scrotum. Bij de indaling van de testes trekken ze het peritoneum(buikvlies) mee naar beneden, waardoor door de binnenkant van de balzak(tunica vaginalis) gevormd wordt.

Samenstelling van de testes

De testes bestaat uit 200-300 lobuli(klierkwab) die maximaal drie kleine, gekronkelde tubuli (nierbuisjes) bevatten.Het epitheel(weefsel) bevat cellen die door deling spermatozoïden vormen. De tubuli (nierbuisjes) worden ondersteund door losmazig bindweefsel met daarin groepjes cellen die het hormoon *testosteron aanmaken.

Combinatie testes en bijbal

De bijbal is een dunne, gedraaide buis die tegen de achterkant van de testes ligt. De zaad leidende buizen(tubuli seminiferi) van de testis komen uit in de bijbal en lopen naar de zaadleider. De testes liggen buiten het lichaam, omdat voor de zaadproductie een lagere temperatuur nodig is als de normale lichaamstemperatuur.

Anatomie de ductus deferentes(zaadleider)

De zaadleider is een voortzetting van de bijbal. Door de zaadstreng lopen een aantal structuren waaronder **arteriën, ***venen, de zaadleider (ductus deferens),lymfevaten en zenuwen. De linker zaadstreng is vaak wat langer dan de rechter, waardoor de linker testikel meestal lager hangt.

De weg van de zaadleider

Vanuit elke bijbal ontspringt een zaadleider, deze buis is zo'n 50 tot 60 centimeter lang. De zaadleider verbindt de bijbal met de plasbuis. Hiervoor gaat hij eerst via de lies en daarna met een grote bocht richting de prostaat. Achter de prostaat komen de zaadleiders samen met de afvoer van de zaadblaasjes. De twee zaadleiders vormen samen de ductus ejaculatorius. Deze buis loopt door de prostaat en mondt uit in de plasbuis.

Anatomie de vesiculae seminales(zaadblaasjes)

Zaadblaasjes zijn twee blaasjes die onder de urineblaas en het rectum(endeldarm) liggen.

In onderstaande afbeelding zie je duidelijk waar de ligging van de zaadblaasjes is;

mannelijk voortplantingsorgaan

Figuur 11, Jessa Ziekenhuis. (z.d.). Jessa Ziekenhuis - Prostaatklachten [Foto]. Geraadpleegd van https://www.jessazh.be/deelwebsites/urologie/prostaat--externe-genitalia--incontinentie/prostaat/goedaardige-vergroting/prostaatklachten

Wat doen de zaadblaasjes en welke structuur hebben zij?

Deze zaadblaasjes scheiden een basische(waterachtige) vloeistof uit met voedingsstoffen, waar een groot deel van het zaadvocht uit bestaat. De zaadblaasjes zijn klieren die spermavocht produceren. Ongeveer 70 procent van het sperma bestaat hieruit. Het dikke licht basische vocht bevat onder andere 'fructose', het hormoon 'prostaglandine' en het eiwit 'fibrinogeen'. Dankzij het basische vocht kan sperma in het zure milieu van de vagina overleven. De 'fructose' vormt een energiebron en de 'prostaglandine' verhoogt de beweeglijkheid. 'Fibrinogeen' draagt bij aan de verdikking van het sperma na ejaculatie.

Anatomie de ductus ejaculatorius(spuitbuisje) en de penis

Het spuitbuisje is een buisje van 2 centimeter lang, dat bij de prostaatklier begint en bij de urinebuis eindigt. In totaal telt het mannelijk lichaam er twee en ze liggen achter en enigszins onder de urineblaas.

Wat is de ligging van het spuitbuisje en welke structuur heeft het?

Om de binnenbekleding van de buisjes liggen twee spierlagen met daaromheen bindweefsel.
Samen met de buizen van de zaadblaasjes monden ze uit in het prostaatgedeelte van de urinebuis. Daar wordt de scheidingswand tussen de twee buisjes steeds dunner en uiteindelijk verdwijnt die helemaal.

Wat is de functie van het spuitbuisje?
De belangrijkste functie van het spuitbuisje is het transport van sperma vanuit de zaadleider naar de urinebuis.

De penis

De penis is een buisvorming orgaan, voorzien van grote bloedvaten(veneuze sinussen) die zich kunnen vullen met bloed, waardoor er een erectie ontstaat.

Structuur van de penis

De penis kan worden onderverdeeld in de wortel, de schacht en de eikel. De wortel zorgt er met de huid en spierenvoor dat de penis aan de bekken vastzit. Vanuit de wortel ontstaat de schacht, een bewegelijk deel van de piemel. De eikel is het voorste deel van de penis. In de schacht bevinden zich de drie zwellichamen, die opzwellen in geval van een erectie.

Voorhuid en de eikel

Om de piemel heen ligt de voorhuid, die dient als bescherming van de zeer gevoelige eikel. De voorhuid(preputium) kan naar achteren worden geschoven, dan komt de eikel bloot te liggen. Het stukje huid dat de eikel met de voorhuid verbindt noemen we het toompje (Dit stukje huid bevat veel zenuwuiteinden en is dus erg gevoelig. Als het toompje vastzit kan een erectie erg pijnlijk zijn).De glanspenis is bekender onder de naam eikel en is zeer gevoelig. De voorhuid - een losse huidflap die naar achteren kan schuiven tijdens bijvoorbeeld een erectie - beschermt het slijmvlies van de eikel. Aan de hals van de glanspenis bevindt zich een groef, het collum glandis. Ook vind je aan de basis van de eikel kliertjes die talg produceren.

Anatomie de prostaat

In het volgende korte filmpje, krijg je uitleg over de prostaat;

Stop het filmpje bij 29 seconde.

YouTube. (z.d.-t). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=wMHhprFaEJE

Anatomie de glandulae bulbourethrales(klieren van de urinebuis/klieren van Cowper)

De klieren van Cowper liggen aan weerszijde van het vlezige deel van de plasbuis. Deze klieren scheiden een stof af die deel uitmaakt van het sperma en monden uit in de plasbuis.

Sperma

Sperma is een mengsel van vocht uit;

  • De testes
  • De zaadblaasjes
  • De prostaat

Spermatozoïden

Sperma bestaat ook uit spermatozoïden. Cellen met een staartvormig uitsteeksel en een verdund stuk(de hals). De staart maakt een zweepslagbeweging, waardoor de cel zich kan verplaatsen. Zodra zij de vagina bereiken, kunnen zij via de baarmoeder en de eileiders op zoek naar de eicel.

*Het hormoon testosteron heeft een tweeledige functie: · Regulering van de groei van de geslachtsorganen (penis en testes)en de stimulering van de productie van zaadcellen (spermatozoïden)

**Bloedvat waardoor het bloed van het hart wegstroomt. De bloeddruk in de slagader (arterie) is hoog, de wanden zijn dik, stevig en elastisch

** *Een ader of vene is een bloedvat dat zorgt voor de terugvoer van het bloed naar het hart. Het bloed stroomt hier rustiger dan in een slagader en onder lage druk. (Aderen zijn wijder dan arteriën van dezelfde vertakkingsgeneratie, en er zijn er ook vaak meer van)

Vragen!

Test jezelf

Test je kennis
Als je op bovenstaande link 'test je kennis' klikt kom je op de website van wrts. Je kan hier door middel van een leuke tool jezelf overhoren. Je begint bij het eerste kopje dat 'lijst' heet. Hier staan onderdelen van de genitaliën van de man in de Nederlandse en Latijnse naam. Zodra je de woorden uit je hoofd weet kun je het dictee en de toets maken. Succes met leren!

Hormonale ontwikkeling

Hormonale ontwikkeling van de baby (jongen)

De testosteronproductie van de man, begint ongeveer twee maanden na de bevruchting. Het indalen van de testikels, wat gebeurd onder invloed van de testosteron in het scrotum, gebeurd tijdens de laatste twee maanden van de zwangerschap. Als de baby ongeveer 4-6 maanden is, is de testosteron nauwelijks meetbaar.

In onderstaande afbeelding zie je waar de aanmaak van testosteron begint;

Figuur 12, UZ Brussel. (z.d.). UZ Brussel Fertiliteitskliniek CRG - Brussel (Jette) - Seksuele functie bij de man [Foto]. Geraadpleegd van http://www.brusselsivf.be/seksuele-functie-man?doscroll=true#L4-4908

Puberteit

 

Hormonen tijdens de pubertijd

Het begin van de puberteit, begint bij de jongen rond 13 jarige leeftijd. Dan wordt het belangrijkste mannelijke geslachtshormoon, testosteron, geproduceerd in de testes onder invloed van een stimulerend hormoon uit de hypofyse: het interstitiële cellen stimulerend hormoon (ICSH; ICSH is identiek aan het hormoon LH). Er is dan een start van de afgifte van het hormoon GnRH (Ggonadotropin Releasing Hormone), door de hypothalamus , die de hypofysevoorkwab aanzet tot afgifte van de hormonen FSH en LH. Deze hormonen stimuleren de groei van de testikels, wat het eerste teken is van de puberteit.

In onderstaande afbeelding kun je zien waar zich de hypothalamus en de hypofyse zich bevinden;

Figuur 13, Spreekuurthuis hypofyseziekten. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van http://www.spreekuurthuis.nl/themas/hypofyseziekten/informatie/ligging%2C_bouw_en_functie_van_de_hypofyse

Wat doen deze hormonen?

  • Het hormoon LH zorgt voor de afgifte van testosteron door de testikels
  • Het hormoon FSH zorgt voor de productie van zaadcellen

Testosteron

Het testosteron brengt in de pre-puberteit en puberteit;

  • de mannelijke geslachtsorganen tot verdere ontwikkeling
  • bevordert de ontwikkeling van de secundaire geslachtskenmerken (baardgroei, stemdaling, haargroei in de schaamstreek),
  • bevordert de geslachtsdrift en de potentie
  • stimuleert de eiwitopbouw, in het bijzonder de ontwikkeling van de spieren.

Bij de man is er productie van mannelijk hormoon tot de ouderdom, al is er wel een min of meer sterke vermindering ongeveer na het 60ste levensjaar.

 

 

 

 

Vragen!

3. Voortplanting

Voortplanting vindt bij mensen plaats via geslachtelijke voortplanting (seksuele gemeenschap) dat een groot aantal meercellige organismen reproduceert. Hierbij fuseert een spermacel (spermatozoïde) met een eicel (ovum).

In onderstaand filmpje wordt uitgebreid uitgelegd hoe het werkt;

l

YouTube. (z.d.-u). [YouTube]. Geraadpleegd op 20 september 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=0DRWuxkBFtU

Verschillende soorten cellen;

Haploïde cel

Een haploïde cel is een cel met een enkel chromosoom van een chromosomen paar. Geslachtscellen (gameten) zijn voorbeelden van haploïde cellen. Een celkern van een haloïde cel bevat bij de mens 23 chromosomen. Een diploïde celkern  bevat 46 chromosomen en komen de de chromosomen in oaren voor.

Gameten

Een gameet is een geslachtscel, een cel die dient voor de voortplanting.
De geslachtscellen van een mannelijk organisme heten zaadcel, die van vrouwelijke organismen eicel. Een gameet is haploïd.

Zygote

Wanneer een eicel en een zaadcel van hetzelfde organisme samensmelten, vormen ze een zygote. dit is een diploïde cel die tot een nieuw organisme uitgroeit, en drager is van DNA van zowel vader als moeder.

Chromosomen

In onderstaand filmpje krijg je uitleg over chromosomen;

YouTube. (z.d.-v). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=Ru9KtHkUf38

Meiose en mitose

Celdeling

Tijdens vorming van geslachtscellen ontstaan er twee vormen van celdeling;

  • Meiose
  • Mitose

Meiose en mitose

In onderstaand filmpje wordt je uitgelegd wat meiose en mitose is en wat het verschil is;

YouTube. (z.d.-w). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=6I1hAfqhqNQ

DNA

DNA

De chromosomen bestaan uit een keten van genetisch materiaal, genaamd DNA.

In onderstaand filmpje wordt uitgelegd wat DNA is;

YouTube. (z.d.-x). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=7&v=it7XJyb3HmI

Genen

Sommige stukken DNA, niet allemaal,  worden *afgeschreven. De stukken die wel afgeschreven worden, heten genen. De totale set genen geeft de cel, en uiteindelijk de organisme, zijn kenmerken. Deze set genen wordt (deels) doorgegeven aan het nageslacht. Op deze manier worden kenmerken doorgegeven door ouders aan kinderen. Er bestaan meerdere varianten van de meeste genen. Ze zijn niet allemaal even sterk.

Verschillende soorten genen

Een sterk gen heet; dominant en het zwakkere gen heet; recessief. De uiteindelijke **genexpressie, heet het fenotype. Dit is afhankelijk van de dominantie van de genen.

*Afgeschreven heet ook wel; translatie en translate is het vertalen van een genetische code op het DNA naar een werkzaam eiwit

**Genexpressie is het proces waarbij informatie in een gen ‘tot expressie komt’ doordat het gen afgelezen wordt en RNA en eiwitten worden gemaakt.

 

 

Seksebepaling

tek-meisje-jongen-170_01.gif

Figuur 14, Gezondheid nv. (z.d.). Hoe wordt het geslacht van uw kind bepaald? | gezondheid.be [Foto]. Geraadpleegd van https://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=7943

Geslachtschromosomen

De mens heeft twee paar speciale chromosomen, die geslachtschromosomen heten. Die bepalen de sekse van de mens;

  • Vrouwen->dezelfde type geslachtshormonen->XX
  • Mannen->verschillende type geslachtshormonen->XY

De moeder geeft het nageslacht altijd een X chromosoom en als de vader daar een X chromosoom bij geeft, wordt het een meisje. Geeft de vader een Y chromosoom, dan wordt het een jongen.

In het filmpje hieronder word het nog eens uitgelegd.De gesproken tekst kan je rechts van het filmpje mee- of nalezen;

De embryonale ontwikkeling. (z.d.). [YouTube]. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=sGxIJ8Jyopg

Genetische afwijkingen

Mutatie

Meiose zorgt ervoor dat de genetische informatie in het DNA wordt doorgegeven aan de volgende generatie. Dit proces kan ook fout verlopen als het DNA beschadigt raakt door straling. Het proces van DNA- replicatie verloopt niet altijd feilloos. Schade aan het DNA heet; mutatie. Mutaties tijdens de meiose hebben ernstige gevolgen, omdat dan alle cellen van het nageslacht de mutatie dragen.  De aard van de afwijking hangt af van de plaats van de genoom (het totaal van alle genen), waar de mutatie (de schade aan de DNA) heeft plaatsgevonden.

Klassieke voorbeelden van genetische afwijkingen zijn;

  • Syndroom van Down

Afbeeldingsresultaat voor uiterlijke kenmerken downsyndroom

Figuur 15, Duijf, M. (2019). Kindje met syndroom van Down afgewezen door modellenbureau - EO Visie [Foto]. Geraadpleegd van https://visie.eo.nl/2019/02/kindje-met-syndroom-van-down-afgewezen-door-modellenbureau/

  • Ziekte van Huntington

Afbeeldingsresultaat voor Chorea van Huntington kenmerken uiterlijk

Figuur 16, Huntington. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://topaz.nl/nieuws/2016/mei/ppep4all/

  • Duchenne

Figuur 17, NOS. (2017). Marijke verloor haar zoons door Duchenne en is voor embryo-onderzoek [Foto]. Geraadpleegd van https://nos.nl/artikel/2165467-marijke-verloor-haar-zoons-door-duchenne-en-is-voor-embryo-onderzoek.html

Test jezelf

4. Zwangerschap

In dit hoofdstuk volgt veel informatie over de ontwikkeling van de embryo tot aan de bevalling. Tussen de hoofdstukken heb je geen digitale tools om te maken.Er volgt onderaan de hoofdstukken een casus met bijbehorende vragen.

Figuur 18, L. (2017, 14 september). Voeding en leefstijl tijdens de zwangerschap. Geraadpleegd op 2 november 2019, van https://9maandenmenu.nl/voeding-en-leefstijl-tijdens-de-zwangerschap/

Lichamelijke en hormonale veranderingen

Een vrouw is bekend met de regelmatige wisselingen in haar hormoonhuishouding, tijdens de menstruatiecyclus is dit een terugkomend verschijnsel. Tijdens de zwangerschap vinden er nog meer wisselingen plaats. De veranderingen in de hormoonhuishouding zijn nodig om het lichaam voor te bereiden op een zwangerschap, in stand houden van de zwangerschap, de bevalling en de borstvoeding. Deze hormonen worden onder andere aangemaakt door de placenta, de eierstokken, de hypothalamus en de hypofyse.

Verandering

Er verandert veel in het lichaam van een vrouw tijdens de zwangerschap, vaak kan de zwangere al in een vroeg stadium verschijnselen herkennen. Het komt vaker voor dat vrouwen zich helemaal niet bewust zijn van hun zwangerschap, zelden komt het voor dat de aanstaande moeder het tot het laatste moment niet weet dat ze zwanger is.In het onderstaande filmpje kun je de lichamelijke veranderingen aan de binnenkant bekijken.

YouTube. (z.d.-y). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=1&v=LXao48bRKig

- Hormonale veranderingen

In onderstaand schema worden de hormonale veranderingen beschreven;

Oestrogeen

  • Groei van de uterus
  • Ontwikkeling van de borsten voor borstvoeding
  • Vermindering van afscheiding van maagsappen
  • Vasthouden van natrium en vocht (oedeem)

HCG

  • Houd het gele lichaam de eerste weken in de stand
  • Word uitgescheiden in de urine

Progesteron

  • Vermindering van spierweefselspanning van de baarmoeder
  • Invloed op maag-darm kanaal (obstipatie)
  • Invloed op urinewegen en nieren (vaker plassen)
  • Invloed op bloedvaten (spataderen en aambeien)
  • Toename van lichaamstemperatuur

FSH

  • Door vermindering van dit hormoon vindt er geen ovulatie plaats

Prolactine

  • Zorgt voor melkproductie, word tot die tijd geremd door oestrogeen

Oxytocine

  • Zorgt voor weeën
  • Zorgt voor toeschietreflex bij borstvoeding

 

 

- Lichamelijke veranderingen

Veel lichamelijke kwaaltjes tijdens de zwangerschap zijn te wijten aan de veranderende hormoonhuishouding. In het voorgaande hoofdstuk heb je gelezen welke hormonen allemaal invloed hebben.

Nu ga je kijken in onderstaand schema,  welke lichamelijke ongemakken voor kunnen komen.

Figuur 19, Houben, F. (z.d.). https://www.studocu.com/nl-be/document/hogeschool-pxl/anatomie/samenvattingen/fysiologische-veranderingen-en-klachten-tijdens-de-zwangerschap/1420191/view. Geraadpleegd op 2 november 2019, van https://www.studocu.com/nl-be/document/hogeschool-pxl/anatomie/samenvattingen/fysiologische-veranderingen-en-klachten-tijdens-de-zwangerschap/1420191/view

Embryonale ontwikkeling

Wat is een embryo?

Een baby heet in het prille begin van een zwangerschap een embryo, we noemen dit zo tot aan de 11eweek van de zwangerschap. De embryonale fase van de zwangerschap is de meest belangrijke en kwetsbare periode in de zwangerschap voor de ontwikkeling van de baby.

In deze periode vindt de aanleg van alle organen plaats. Embryo betekent in het Grieks "émbruon", ongeboren vrucht.  

In onderstaand filmpje zie je de ontwikkeling van de embryo van dag 1 tot dag 40;

YouTube. (z.d.-z). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=JQI5VCv9hR8

Bloedcirculatie van de baby voor en na de geboorte

Bloedsomloop

Het hart en de bloedvaten zijn de eerste organen die worden ontwikkeld in de ongeboren vrucht. Rond de achtste week van de zwangerschap functioneert het volledig gevormde hart en is zichtbaar tijdens de echo. Dit noemen we de foetale bloedsomloop.

Het hart

Het hartje van de foetus klopt in een vroeg stadium van de zwangerschap sneller dan aan het einde van de zwangerschap. Het klopt ongeveer 120 tot 160 slagen per minuut, waarbij er constant kleine veranderingen zijn in de snelheid waarmee het hartje klopt. Dit kan veroorzaakt worden door het welzijn van de foetus maar ook door prikkels van buitenaf, bijvoorbeeld als de zwangere koortsig is of stress ervaart. Het hartje kan ook te langzaam kloppen oorzaken zijn dan vaak te vinden bij roken door de aanstaande moeder, zuurstofgebrek tijdens de bevalling, contracties van de baarmoeder of beknelling van het hoofdje in het geboortekanaal of door medicijngebruik van de aanstaande moeder

Samenstelling van het hart

Het hartje van de foetus bestaat uit twee boezems en kamers, alleen de wand tussen de boezems zijn nog niet gesloten, deze hebben een open verbinding, deze verbinding wordt de 'foramen ovale' genoemd. Tijdens de zwangerschap is er ook een open verbinding tussen de longslagader en de grote lichaamsslagader, deze heet de 'ductus Botalli'.

Zuurstof en voedingsstoffen

Doordat de longen van de foetus nog niet werken tijdens de zwangerschap en de bouw van het hart en de bloedsomloop anders zijn dan bij een pasgeborene of een volwassen wordt de baby voorzien van zuurstof en voedingstoffen deels over de placenta via de navelstrengbloedvaten. In onderstaande afbeelding kun je zien hoe dit werkt.

Figuur 20, Informatieboekje Van Jong naar Oud: Hoe je onstond tot volwassen en gezond. (z.d.). Geraadpleegd op 25 oktober 2019, van http://www.gezondheidsuniversiteit.nl/sites/gezondheidsuniversiteit/files/informatieboekje_avond_2_0.pdf

Werking van de longen

De longen gaan pas werken bij de geboorte, ook dan vinden er grote veranderingen plaats in de bloedsomloop. Op het moment dat de baby geboren wordt en de eerste ademhaling plaatsvindt,  sluiten deze verbindingen tussen de 'foramen ovale' en de 'ductus Botalli' en ontstaat de kleine bloedsomloop (longen) en de grote bloedomloop (lichaam). Binnen twee weken na de geboorte zijn de verbindingen volledig gesloten.

Slecht werkende ductus en complicaties

Als de 'ductus Botalli' niet sluit heet dat een 'open ductus', bij premature baby’s (baby’s die voor de zwangerschapsduur van 37 weken geboren worden) komt deze aandoening vaker voor. Als de ductus niet sluit kan dat leiden tot zuurstoftekort, de baby kan blauw zien, is moe en drinkt slecht. De arts hoort tijdens het lichamelijk onderzoek een ruis op het hart, een hartruis. Dit kan geprobeerd worden te verhelpen met medicatie en als dit niet werkt met medicatie.

ASD, het atriumseptumdefect

Soms sluit de opening tussen de boezems niet, dit noemen we een ASD, het atriumseptumdefect. Als dit een klein defect is kan het bestaan zonder verschijnselen, bij een grotere verbinding kan er een hartruis gehoord worden en kenmerken van zuurstoftekort worden gezien. Als hier sprake van is kan een operatie om het septum te sluiten noodzakelijk zijn.

Gesloten bloedsomloop

 

 

Gesloten bloedsomloop

 

 

 

 

 

 

 

 

Firguur 21, Informatieboekje Van Jong naar Oud: Hoe je onstond tot volwassen en gezond. (z.d.). Geraadpleegd op 25 oktober 2019, vanhttp://www.gezondheidsuniversiteit.nl/sites/gezondheidsuniversiteit/files/informatieboekje_avond__0.pdf

Fases van de bevalling en geboorte

Een bevalling en geboorte bestaat uit verschillende fases, in het onderstaande filmpje word helder uitgelegd welke dit zijn. In de navolgende hoofdstukken kun je nog eens uitgebreid nalezen wat er verteld is.

YouTube. (z.d.). [YouTube]. Geraadpleegd op 5 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=137&v=ZQkULC1bXzc

 

- Fases bevalling

Je hebt verschillende soorten weeën, voorweeën, ontsluitingsweeën, uitdrijvings- of persweeën en nageboorteweeën.

Hieronder kun je ze kort door nemen.

  • Voorweeën

Deze weeën zijn kort en hebben geven amper een pijnlijke ervaring. Ze hebben ook geen rol voor het veroorzaken van de ontsluiting maar zijn wel belangrijk voor het verstrijken van de baarmoedermond en het indalen van het babyhoofdje. Deze weeën kunnen al weken van tevoren aanwezig zijn.

 

  • Ontsluitingsweeën

Deze weeën zijn in het begin kort met lange tussenpozen, als de ontsluiting vordert duren ze langer en worden de pauzes korter. Ze duren dan meestal 60 seconden waarbij er een pauze is van ongeveer 4-6 minuten. Tijdens de ontsluitingsweeën zorgen de weeën dat de baarmoederhals korter wordt (verstrijken) vervolgens opent de baarmoedermond zich (ontsluiten)

 

  • Uitdrijvings- of persweeën

Deze weeën zorgen voor een onhoudbare persdrang en zorgen voor de uitdrijving van het kind door het baringskanaal naar buiten. Ze duren ongeveer 45-60 seconden en keren om de 2-4 minuten terug.

 

  • Nageboorteweeën

Deze weeën maken de placenta los van de baarmoederwand en drijven deze uit. Kort na de uitdrijving is de baarmoeder 2 vingers onder de navel voelbaar als een harde bal. De weeënactiviteit kan in deze fase nog doorgaan en worden als pijnlijk ervaren. De uterus trekt samen waardoor de vaten worden dichtgedrukt, en laat de wond sluiten die is ontslaan na het loslaten van de placenta.  

 

Weeën hebben duidelijke kenmerken:

-Ze zijn willekeurig

-Ze zijn in meer of mindere mate pijnlijk

-Ze hebben een bepaalde duur

-Ze keren regelmatig terug

-Ze hebben een duidelijk begin of eind

 

Het verloop van een wee lijkt op een golfbeweging, de wee begint rustig, bereikt een hoogtepunt en zwakt weer af. De kracht en de duur van de wee hangt af van de fase waarin de bevalling zich bevindt. Een wee is pijnlijk omdat er op het hoogtepunt druk wordt uitgeoefend op de baarmoedermond en de bekkenbodem, daarnaast wordt er getrokken aan de banden waarmee de baarmoeder wordt opgehangen aan het bekken. De pijn kan voelbaar zijn in de rug, buik, benen en liezen. Tijdens de wee worden de moederlijke vaten van de uteruswand dichtgedrukt waardoor er een vertraging van het hartritme kan plaatsvinden bij de baby, in de pauze na de wee herstelt dit zich weer en is er sprake van een normaal ritme.

 

- Fases geboorte

De bevalling bestaat uit 3 periodes

De eerste periode: de ontsluitingsperiode

De ontsluitingsfase wordt ook verdeeld in aan aantal fases, de beginfase, de middenfase en de overgangsfase.

Tijdens de beginfase, ook wel de latente fase genoemd verstrijkt de baarmoedermond. Hierbij wordt het weefsel van de portio geleidelijk opgenomen in de baarmoeder. Bij een eerste bevalling (primagravida) heeft de ontsluiting nog niet plaatsgevonden. De weeën zijn nog onregelmatig, ze duren kort en komen om de 5-15 minuten en het is onduidelijk of de bevalling al is begonnen. De zwangere kan hierbij haar activiteiten nog uitvoeren zoals zij gewend is. 

Tijdens de middenfase is de baarmoeder volledig verstreken en gaat verder open (ontsluiten). De weeën volgen sneller op elkaar en worden krachtiger en duren nu gemiddeld een minuut waarbij het hoogtepunt na 20 seconde plaatsvindt. Als het hoofdje goed op de ontsluiting drukt wordt er door het lichaam oxytocine aangemaakt (dit bevordert de weeën) en endorfine (een door het lichaam aangemaakte morfine) die ervoor zorgt dat de weeën beter op te vangen zijn. Hoe beter de zwangere zich kan ontspannen en zelfs afwezig lijkt, hoe meer endorfine wordt aangemaakt.

Als laatste tijdens de ontsluitingsperiode is er de overgangsfase, de baarmoedermond opent zich volledig, de overgangsfase begint ongeveer met 8 cm ontsluiting. De weeën volgend nu snel op elkaar en houden ongeveer 1,5 minuut aan.  De zwangere heeft vaak persdrang doordat het hoofdje drukt op het rectum, maar mag hier niet aan toegeven voor er sprake is van volledige ontsluiting. Enkele kenmerken dat de overgangsfase is bereikt:

  • Misselijkheid en braken
  • Hikken, oprispingen en winden laten
  • Bewustzijnsvernauwing
  • Welving van het perineum
  • Persdrang

De tweede periode: de uitdrijvingsperiode 

Als er volledige ontsluiting is en er sprake is van reflectoire persdrang (hevige persdrang waar de zwangere niet anders kan dan toegeven). De baby wordt door de persweeën en de buikpers (persen van de moeder) naar buiten gedreven. De duur van de uitdrijving hangt af van de perskracht en de weerstand van de baby ondervindt in het baringskanaal. Deze weerstand is afhankelijk van de wijdte en de stugheid van het baringskanaal maar ook van de grootte en de ligging van de baby. Bij de geboorte van een eerste kind duurt de uitdrijving gemiddeld een uur, bij een volgende bevalling varieert de uitdrijving van enkele weeën tot een half uur. Persweeën volgen elkaar op om de twee tot drie minuten en duren ongeveer een minuut. De persdrang die wordt gevoeld is niet of nauwelijks tegen te houden. Bij meer dan de helft van de vrouwen zijn de vliezen al voor het persen gebroken, als dit niet gebeurd is zal de verloskundige of de gynaecoloog de vliezen breken om zo de uitdrijving te verspoedigen. Tijdens het persen rekken de schaamlippen uit en word de spanning op het perineum erg groot. Dit is voor de zwangere pijnlijk en voelt branderig aan, dit is ook een teken dat de baby bijna geboren wordt. Als deze spanning te hoog wordt kan de verloskundige of gynaecoloog besluiten een knip (episiotomie) te zetten om uitscheuren te voorkomen of om de geboorte te versnellen. De knip wordt gezet op het hoogtepunt van de wee of als er tijd voor is wordt het perineum eerst verdoofd met lidocaïne. Als het hoofd is geboren (normaal gesproken in achterhoofdsligging) draait het hoofd opzij en maakt een uitwendige spildraai dan worden de schouders geboren en volgt de rest van het lichaam. De baby is dan geboren.

Derde periode: de nageboorte periode

Dit is de periode tussen de geboorte van de baby en de geboorte van de placenta. Als de baby in goede conditie verkeerd mag hij/zij direct bij de moeder komen liggen. Dit is een belangrijk moment voor de binding tussen moeder en kind. Hoelang deze periode duurt maakt niet uit, als de baby goed is afgedroogd en het hoofd is afgedekt. De baby wordt nu zo snel mogelijk aangelegd, het stimuleert de toeschietreflex en zo het opgang komen van de melkproductie maar ook zorgt het ervoor dat de baarmoeder gaat samentrekken. Vaak wordt er extra oxytocine toegediend om de geboorte van de placenta te versnellen. Door het samentrekken van de baarmoeder laat de placenta los, eerst aan het achterste deel waarna door de zwaartekracht de rest loslaat. De moeder moet voor de uitdrijving vaak even mee persen. Deze uitdrijving duurt van enkele minuten tot een uur. De moeder verliest door de geboorte van de placenta ongeveer 150-300ml bloed. Door het loslaten van de placenta ontstaat er een grote wond in de baarmoeder, door het sterk samentrekken van de baarmoeder na de geboorte worden de bloedvaten dichtgedrukt. Het bloeden neemt dan af.

Casus Hoofdstuk Zwangerschap en bevalling

Je hebt nu het hoofdstuk zwangerschap doorlopen met alle informatie die bij dit onderwerp hoort. Om je kennis te toetsen volgt nu een casus, met de daarbij behorende vragen. Soms zal dit nieuwe informatie zijn, dit zoek je op en hiermee verrijk je je kennis weer een beetje meer.

Casus:

Martine Bosma,

Is 29 jaar oud en zwanger van haar eerste kindje. Ze is nu 11 weken zwanger en bezoekt voor de eerste keer verloskundige Hilde. Zij heeft al eens een miskraam gehad en is toch nog wel een beetje bezorgd over deze zwangerschap. De verloskundige verricht de standaardcontroles. Martine zegt dat ze nog wel wat last heeft van ochtendmisselijkheid en ook nog behoorlijk moe is. Hilde spreekt dit met haar door en geeft haar wat adviezen. Daarna geeft ze Martine nog een aantal folders mee met adviezen en voorlichting.

Zij is nu 35 weken zwanger. Tot nu toe was de zwangerschap ongecompliceerd verlopen, afgezien van de gebruikelijke ongemakken. Echter, sinds 2 dagen voelt zij zich niet lekker. Ze slaapt erg onrustig, heeft hoofdpijn en een wat onbestemd gevoel in de maagstreek. Ook merkt ze dat haar voeten de afgelopen dagen dikker zijn geworden, haar schoenen passen nog moeilijk.

Ze besluit om contact op te nemen met de verloskundige. Verloskundige Hilde laat haar dezelfde dag nog op spreekuur komen. Zij controleert de bloeddruk en luistert naar de harttonen van de baby. Ze meet een bloeddruk van 130-90. De harttonen zijn positief. Bij lichamelijke inspectie ziet zij toenemend oedeem.

Bij controle van de buik constateert zij dat de fundushoogte enkele centimeters lager staat dan bij deze zwangerschapstermijn zou moeten. Tenslotte controleert ze ook nog de urine van Martine, er blijkt eiwit in de urine te zitten. Deze symptomen geven genoeg aanleiding om te gaan overleggen met de gynaecoloog van het plaatselijke ziekenhuis. Hij adviseert Hilde om Martine in te sturen

Martine is er geschrokken en belt met haar man Rob. Ze praat nog even na met de verloskundige en gaat vervolgens naar huis om wat spulletjes in te pakken. Daarna vertrekken ze samen naar het ziekenhuis.

Daar wordt een CTG gemaakt, weer urine gecontroleerd en bloed afgenomen. De bloeddruk wordt gemeten. Vervolgens wordt een echo gemaakt van de baby, waarop gezien wordt dat de groei van de baby achterblijft bij de zwangerschapstermijn.

De gynaecoloog besluit om Martine op te nemen. Ze zal zoveel mogelijk rust moeten houden, de bloeddruk wordt 4x daags gemeten en 2x daags wordt een ctg gemaakt om de toestand van de baby te beoordelen. Gezien de klachten schrijft hij Martine ook het medicijn Trandate voor, een bloeddrukverlagend middel.

Inmiddels ligt Martine al 5 dagen in het ziekenhuis. De bloeddruk is stabiel gebleven en zakt de hoofdpijn wat af. Helaas krijgt ze deze middag wat meer hoofdpijnklachten met een wat kramperig gevoel in de onderbuik en geeft dit aan bij verpleegkundige Judith. Zij meet de bloeddruk en constateert dat deze wat is gestegen naar 135-95. Ook ziet ze dat de oedemen toenemen. Ze besluit om te bellen met de arts

Judith maakt opnieuw een ctg , daarop is te zien dat de baby zich  rustig houdt. Daarbij ziet ze ook dat de baarmoeder een beetje onrustig is. Opnieuw belt ze de arts en vraagt dan ook of hij wil komen om de toestand van mevrouw te beoordelen.

De arts besluit, nadat hij Martine heeft onderzocht, om de medicatie te verhogen en ieder uur de bloeddruk te meten. Ook moet ‘s avonds nog een extra ctg gemaakt worden.

Die avond krijgt Martine steeds meer last van haar buik, het ziet er naar uit dat het weeën zijn.  De bevalling zou wel eens aanstaande kunnen zijn. De arts wordt gebeld en verricht een vaginaal toucher. Hij constateert een verstreken portio met 3 cm ontsluiting. De verpleegkundige raadt Martine aan om haar man te bellen en te vragen om te komen. De weeënactiviteit neemt toe en na een poosje wordt ze naar de verloskamer gebracht.

Ze blijkt bij vaginaal toucher nu 6 cm ontsluiting te hebben. De weeën komen om de 2 minuten. Daarna breken de vliezen en verliest ze vruchtwater dat heel licht groen van kleur is.

Na ongeveer een uur geeft Martine persdrang aan en wordt volkomen ontsluiting geconstateerd. Ze mag meepersen. Na 30 minuten wordt een zoon, Joost geboren. Hij huilt goed door en heeft al snel een mooie roze kleur. Even mag hij bij Martine op de blote buik liggen, daarna wordt hij onderzocht door de inmiddels gearriveerde kinderarts en in een couveuse gelegd, die naast het verlosbed wordt geschoven.

Judith vraagt aan Martine wat voor voeding zij aan Joost wil gaan geven, Martine kiest voor borstvoeding. Omdat Joost nog goed wakker is probeert Judith of hij nog even aan de borst wil proberen te drinken, dit gaat al aardig goed. Hij kan de tepel al goed vinden, hapt en zuigt goed. Na 5 minuten laat hij weer los, hij is moe. Judith legt hem weer in de warme couveuse.

Ze brengt Martine en Rob wat drinken, met beschuit met muisjes! Daarna laat ze de nieuwbakken ouders even alleen met hun kleine pasgeboren zoon.

Na een half uur komt ze terug, ze wil Martine gaan helpen om te douchen en doet eerst de controle van vitale functies. De bloeddruk is nog hoog, 130 /95. Pols is hoog, temperatuur is normaal.

Als Judith de baarmoeder wil controleren, merkt ze dat deze niet goed te voelen is. Ook ziet ze bij inspectie van het perineum dat Martine ruim vloeit.

Door massage probeert ze de baarmoeder te stimuleren tot samentrekken. Dit lukt wel maar telkens voelt ze dat deze weer ontspant. Ze vraagt Martine of zij misschien zou kunnen plassen, maar Martine zegt dat niet te voelen.

Twee dagen later:

De kinderarts is heel tevreden over Joost en hij mag uit de couveuse in een bedje in de warme kamer. Martine wordt geholpen bij het aanleggen, maar geeft aan zich toch wel erg onzeker te voelen. Ze is bang dat Joost niet genoeg krijgt, en dat de voeding niet goed op gang komt. Joost is nog klein en heeft niet zo veel kracht om te drinken. Hij krijgt ook bijvoeding, via de finger feeding methode.

Twee dagen later mogen moeder en zoon met ontslag. Judith voert een ontslaggesprek met mevrouw. Daarna maakt ze de ontslagpapieren in orde en neemt deze met de ouders door. Ze begeleidt hen naar de uitgang van het ziekenhuis. Joost gaat de wijde wereld in.

van Haeringen, E. (z.d.). De bevalling. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://bb.rocmn.nl/ultra/institution-page

 

Vragen!

Toets: Beantwoord de vragen

Start

5. Pathologie man en vrouw

Endometriose

Wat is endometriose?  

In onderstaand filmpje, wordt uitgebreid uitleg gegeven over endometriose, de behandeling, de medicatie, de prognose en de begeleiding;

YouTube. (z.d.-b). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=yllxArMWCGA

De meest voorkomende symptomen van endometriose zijn

  • Menstruatiepijn (voor/tijdens/na de menstruatie)
  • (Chronische) buikpijn
  • Darm- en blaasproblemen (darmkrampen, obstipatie, diarree, gevoelige branderig gevoel tijdens het plassen)
  • Vermoeidheid
  • Pijnlijke geslachtsgemeenschap (tijdens en na de gemeenschap)
  • Vruchtbaarheidsproblemen

Onderzoek en diagnose

Klachten bij endometriose worden niet vaak herkend en erkend. Het duurt vaak lang voordat de diagnose wordt gesteld. De diagnose wordt officieel gesteld met behulp van een kijkoperatie (laparoscopie). Maar de huisarts kan bij inwendig onderzoek ook voelen of er afwijkingen zijn, en soms kunnen de afwijkingen gezien worden tijdens het onderzoek met de eendenbek.

Andere manieren van onderzoek

Met behulp van een echo kan endometriose worden vastgesteld op bijvoorbeeld de eierstokken. Ook op een MRI kan endometriose gezien worden. Vaak zorgt een combinatie van lichamelijk onderzoek, echo en eventueel MRI en kijkoperatie voor het stellen van de diagnose.

Vormen van behandeling

Symptomatische behandeling

De arts schrijft medicatie voor die de symtomen behandeld.Er is geen medicijn dat de endometriose aanpakt. De arts schrijft medicijnen voor die de symptomen behandelen.Veel vrouwen hebben baat bij prostaglandineremmers zoals;Ibuprofen, diclofenac en naproxen. Deze pijnstillers remmen de eigen productie van prostaglandine, zodat de menstruatie minder pijnlijk verloopt. Prostaglandineremmers werken het beste als ze in genomen worden, zodra de pijn op komt zetten.

Hormonale behandeling

Bij een hormonale behandeling gaat de patiënt de medicijnen gebruiken die de aanmaak van hormonen voor de eisprong, de opbouw van het baarmoederslijmvlies en de menstruatie beïnvloeden. Deze hormonale medicijnen kunnen bijwerkingen hebben, maar de ernst hiervan verschilt per medicijn en per vrouw. Ieder medicijn werkt op een andere manier. Hormonale medicijnen hebben ongeveer drie tot zes maanden nodig voordat het lijf erop ingesteld is.

Chronische pijnklachten

Bij chronische pijnklachten is het van groot belang goed onderzoek te laten doen naar de oorzaak hiervan. Mogelijk wijzen die op diep invasieve endometriose (DIE). DIE is alleen operatief te behandelen. Pas als zeker is vastgesteld dat er verder geen beschadigingen optreden, kan er uitsluitend met pijnstilling gewerkt worden. Samenwerking tussen gynaecoloog en pijnteam is daarbij van groot belang

Complicaties

Bij de medicatie kunnen allerlei bijverschijnselen zijn. De ernst verschilt per vrouw, per medicijn. Hormonale medicijnen hebben gemiddeld 3 tot 6 maanden nodig , voordat het lijf erop is ingesteld.

Vroege complicaties

Tijdens de operatie kan er schade optreden van de omliggende organen zoals blaas, darm en urineleiders. Er kan een bloeding optreden en als deze niet te behandelen is, is het in zeldzame gevallen noodzakelijk om (een deel van) de eierstok te verwijderen. Kort na de operatie kan er een infectie ontstaan in de eierstok.

Late complicaties en prognose

In onderstaand filmpje verteld een ervaringsdeskundige over haar complicaties en haar ervaring met endometriose;

YouTube. (z.d.-c). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=Z2d67mNBmrQ

Begeleiding

Gynaecoloog, pijnspecialist, seksuoloog, maatschappelijk werker, uroloog, radioloog en chirurg.

 

Vragen!

Borstkanker

Wat is borstkanker?

In onderstaand filmpje krijg je een duidelijke uitleg wat borstkanker is, de symptomen, de behandelingen en de risicofactoren zijn;

 


YouTube. (z.d.-d). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=9BHx8npuJO4

Onderzoek en diagnose
In onderstaande filmpjes krijg je uitleg over de onderzoeken die kunnen plaatsvinden om borstkanker te constateren / voorkomen;

YouTube. (z.d.-e). [YouTube]. Geraadpleegd op 10 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=F9_sYXmQRQY

YouTube. (z.d.-f). [YouTube]. Geraadpleegd op 15 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=za8RwTyWw9U

Aanvullend onderzoek

  • MRI scan (plaatsbepaling tumor)
  • Biopsie of punctie
  • Genprofieltes (welke genen zitten er in de tumor / uitzaaiingen elder in het lichaam bepalen)
  • Biopt (bevestiging uitzaaiingen)
  • Bloedonderzoek (opsporen van de tumormakers)

Aanvullend beeldonderzoek (om te controleren of er uitzaaiingen zijn elders in organen of botten)

  • CT-scan
  • X-Thorax (röntgenfoto) van de longen
  • Botscan
  • PET-scan

Behandeling

Een operatie en bestraling behoort tot een behandeling.

Regionale en lokale behandelingen

Deze richt zich op uitzaaiingen in de buurt bv. lymfeklieren en heeft effect op de borsttumor zelf. Opereren gebeurt bijna altijd. Denk hierbij aan een borstsparende operatie of borstamputatie.  Na de operatie volgt er bijna altijd bestraling.

Palliatieve behandelingen

Als de borstkanker is uitgezaaid zal de arts een palliatieve behandeling voorstellen. Het doel hiervan is de ziekte te remmen en/of de klachten te verminderen: chemotherapie, doelgerichte therapie en hormonale therapie.

Onvruchtbaar worden
Als vrouwen nog niet in de overgang zijn (geweest) dan kan men door de behandeling onvruchtbaar of minder vruchtbaar worden.  Het advies voor vrouwen is om eventuele kinderwens te bespreken voordat de behandeling start.

Prognose
Doordat mensen goede voorlichting krijgen van de huisarts en door zelfborstonderzoek is de kans om te genezen van borstkanker steeds groter geworden.  Gemiddeld is vijf jaar na diagnose 87% van de borstkanker nog in leven.

Begeleiding en nazorg
In onderstaand kort filmpje wordt de nazorg uitgelegd;

YouTube. (z.d.-g). [YouTube]. Geraadpleegd op 27 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=pH_IjtAXl1s

Met een aantal specifieke klachten kan men terecht bij een fysiotherapeut, huidtherapeut of psychotherapeut. Ook kan een gesprek met de huisarts een uitkomst bieden. Een herstelproces zonder de nasleep duurt gemiddeld een jaar.

Goedaardige aandoeningen van de borst

  • Fibroadenoom; Dit is de meest voorkomende goedaardige tumor van de borst en bestaat uit bind- en klierweefsel. Ze komen vooral voor bij jonge vrouwen tussen 15-30 jaar en zwangere vrouwen.  Behandeling is meestal niet nodig omdat het fibroadenoom vanzelf weer kleiner wordt.
  • Mammacysten; Is een kleine, met vocht gevulde holte in de borst. Ze komen regelmatig voor bij vrouwen van 30-40 jaar.  De oorzaak hiervan is niet bekend. Ze kunnen pijnlijk zijn, vooral tijdens de menstruatie.

Vragen!

Eierstokkanker

Wat is ovariumcarcinoom (eierstokkanker)?

In onderstaand filmpje wordt uitgelegd wat eierstokkanker is, waar het ligt, de behandelingen en de complicaties;

YouTube. (z.d.-h). [YouTube]. Geraadpleegd op 12 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=MsMJ1QgMBY4

Risicofactoren

Risicofactoren om eierstokkanker te krijgen zijn o.a;

  • hogere leeftijd
  • kinderloosheid
  • eierstok-, borst- of dikke darmkanker in de familie  

De meest voorkomende symptomen van eierstokkanker

  • opgeblazen gevoel
  • vage pijn in onderbuik
  • vol gevoel
  • problemen met eten
  • veranderingen in het mictiepatroon (plassen)

Onderzoek en diagnose

Er bestaan geen geschikte tests om eierstokkanker vroeg op te sporen, er wordt ook maar 20 procent van de eierstokkankers in een vroeg stadium ontdekt.  
Het onderzoek bestaat uit:  

  • lichamelijk onderzoek  
  • inwendig onderzoek
  • echografie
  • bloedonderzoek; Bij 80% van de vrouwen is het CA 125-gehalte in het bloed verhoogd. Dit gehalte kan ook verhoogd zijn bij zwangerschap, levercirrose (beschadiging van weefsel in de lever), endometriose (chronische ziekte waarbij het weefsel dat enigszins lijkt op bekleding van de baarmoeder, buiten de baarmoeder wordt gevonden)
  • laparoscopie (kijkoperatie)

Aanvullend onderzoek
Om de meest passende behandeling te kunnen bepalen zijn er soms aanvullende gegevens nodig. Bijvoorbeeld over de plaats van de tumor en om uitzaaiingen uit te sluiten.  

  • MRI-scan voor plaatsbepaling van de tumor.
  • CT-scan
  • Biopsie of punctie
  • Gen profieltest (er wordt gekeken welke genen in de tumor voorkomen). Hierdoor kan men zien of er uitzaaiingen elders in het lichaam ontwikkelen.
  • Biopt voor een bevestiging van uitzaaiing
  • Bloedonderzoek voor het opsporen van tumormakers

Behandeling

In onderstaand filmpje wordt de behandeling van eierstokkanker besproken;

YouTube. (z.d.-i). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=xNQJuSZABE8

Operaties  

Er kunnen drie soorten operaties plaatsvinden;

  • Stadiëringsoperatie -> Als de arts vermoedt dat de kanker in een vroeg stadium zit. De arts verwijdert de tumor en kijkt of de omliggende weefsels van de baarmoeder, eierstokken, eileiders en andere organen zijn aangetast
  • Debulking -> Als uit onderzoek blijkt dat de kanker zich in de buikholte heeft uitgebreid en men een gevorderd stadium zit dan verwijdert de arts zoveel mogelijk tumorweefsel
  • Interval debulking -> als de kanker te ver is uitgebreid dan kan men chemotherapie krijgen, men noemt dit ook wel een neo-adjuvante behandeling. Het doel daarvan is om de tumor te verkleinen zodat de arts de tumor later beter kan weghalen

Soorten therapie

  • Doelgerichte therapie bij eierstokkanker (ook wel 'targeted therapy' genoemd)
  • Als de ziekte weer actief wordt nadat de kanker succesvol is behandeld met een operatie en chemotherapie dan kan men opnieuw chemotherapie krijgen. Soms kan men naast chemotherapie ook doelgerichte therapie krijgen. Zo’n terug keer van de ziekte heeft een recidief (opnieuw optreden van..)
    Een doelgericht medicijn dat men kan krijgen is bevacizumab, dat is een angionese remmer, deze remt de aanmaak van nieuwe bloedvaten.  

Kankercellen

Net als gezonde cellen hebben kankercellen zuurstof en voedingsstoffen nodig. Deze worden door het bloed naar de cellen gebracht. Als kankercellen te weinig zuurstof of voedingsstoffen krijgen, gaan ze groeifactoren aanmaken. Deze zorgen ervoor dat bloedvaten in de buurt van de tumor nieuwe bloedvaten gaan maken in de richting van de tumor. Zo wordt de tumor beter voorzien van zuurstof en voedingsstoffen. De vorming van bloedvaten heet angiogenese.
Angiogenese-remmers zorgen ervoor dat bloedvaten in de buurt van de tumor geen signaal krijgen om nieuwe bloedvaten te maken.

Behandeling door PARP-remmer
Vrouwen die met eierstokkanker hebben gekregen door erfelijke aanleg kunnen een andere vorm van doelgerichte therapie krijgen. De behandeling met PARP-remmers. Deze zijn alleen geschikt voor vrouwen:  

  • die draagster zijn van BRCA1 of BRCA2 mutatie (BRCA = Breast CAncer)
  • een recidief (terugkeer van..)

Afbeeldingsresultaat voor BRCA1 of BRCA2 mutatie

Figuur 22, Hebon - Borst- en eierstokkanker & erfelijkheid - Leefgewoonten en andere risicofactoren - Risicofactoren voor borstkanker. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.hebon.nl/borst-eierstokkanker-erfelijkheid/leefgewoonten-en-andere-risicofactoren/risicofactoren-voor-borstkanker?id=15

Complicaties na de operatie

  • Wondinfectie
  • Trombosebeen
  • Longontsteking (geeft verminderde weerstand)
  • Nabloeding
  • Onvruchtbaarheid (doordat de baarmoeder of beide eierstokken zijn verwijderd, of door chemotherapie/bestraling)
  • Vervroegde overgang (als de eierstokken zijn verwijderd komt men automatisch in de vervroegde overgang want de productie van bepaalde hormonen stopt)
  • Seksuele gevolgen (beleving kan veranderd zijn, gevoel van vrouw zijn kan anders zijn)
  • Lymfoedeem (als er tijdens de operatie lymfeklieren uit buik/bekken zijn verwijderd of beschadigd kan men last krijgen van vochtophogingen in de benen)
  • Darmstoma (de arts kan er voor kiezen om een tijdelijk stoma te maken om de darm gelegenheid te geven om te herstellen)

Prognose*:

In onderstaande afbeelding een schematisch overzicht van de prognose;

Figuur 23, Overlevingscijfers eierstokkanker/ ovariumcarcinoom. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.kanker.nl/kankersoorten/eierstokkanker/wat-is/overlevingscijfers-eierstokkanker

*Toelichting: Deze grafiek toont de 5-jaarsoverleving van eierstokkanker per stadium;
Stadium I: 1 jaar na de diagnose is 96% van de patiënten nog in leven. Na 5 jaar is dit 85%.
Stadium II: 1 jaar na de diagnose is 88% van de patiënten nog in leven. Na 5 jaar is dit 69%.
Stadium III: 1 jaar na de diagnose is 73% van de patiënten nog in leven. Na 5 jaar is dit 28%.
Stadium IV: 1 jaar na de diagnose is 58% van de patiënten nog in leven. Na 5 jaar is dit 12%.

Begeleiding

Om de kanker en- of terugkeer van de kanker in de gaten te houden krijgt men om de paar maand een controle afspraak. Ook krijgt men nazorg aangeboden. De termen nazorg en controle worden soms door elkaar gebruikt en worden ook wel follow-up genoemd. Voor klachten zoals depressie en angst kan de arts een doorverwijzing geven voor een medisch maatschappelijk werker. Geestelijk verzorger of een psycholoog. Er zijn ook speciale organisaties voor emotionele ondersteuning voor mensen die kanker hebben of hebben gehad.

 

Vragen!

Baarmoederhalskanker

Wat is Cervixcarcinoom (baarmoederhalskanker)?

In onderstaand filmpje worden meerdere factoren van baarmoederhalskanker uitgelegd. In onderstaande theorie die volgt, worden er nog een aantal belangrijke onderdelen benoemd;

YouTube. (z.d.-j). [YouTube]. Geraadpleegd op 29 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=VNoYUVpziSA

Soorten baarmoederhalskanker

Er zijn 2 typen baarmoederhalskanker:

  • Het plaveiselcelcarcinoom is kanker van de plaveiselcellen. Dit type kanker komt bij 8 van de 10 vrouwen met baarmoederhalskanker voor.
  • Het adenocarcinoom is kanker van de cilindercellen. Dit type kanker komt bij 2 van de 10 vrouwen met baarmoederhalskanker voor. Het is een agressievere vorm van baarmoederhalskanker met een slechtere prognose

De meest voorkomende symptomen

  • Na de overgang: bloedingen of bruinige afscheiding. Dit kan verward worden met een plotseling teruggekeerde menstruatie, maar als menstruatie al meer dan een jaar uit is gebleven is dit geen gewone ongesteldheid
  • Voor de overgang: tussentijdse bloedingen of menstruatiestoornissen.
  • Buikpijn. Meestal treedt deze klacht pas in een later stadium van baarmoederhalskanker op
  • Plasklachten
  • Vermoeidheid
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies

Oorzaken en risicofactoren

Er is nog weinig bekend over het ontstaan van baarmoederhalskanker.Er zijn wel een aantal factoren die de kans op deze zieken blijken te vergroten, waaronder hormonale schommelingen. Wanneer er bijvoorbeeld langdurig veel oestrogeen in het bloed aanwezig is, kan dit baarmoederhalskanker veroorzaken, is onder andere het geval bij vrouwen die:

  • Kinderloos zijn
  • Laat (na 52 jaar) in de overgang komen
  • Langdurig oestrogenen gebruiken (bijvoorbeeld tegen overgangsklachten)
  • Overgewicht hebben
  • Een zeldzame tumor van de eierstokken hebben die oestrogeen aanmaakt
  • Met het medicijn ‘Tamoxifen’ tegen borstkanker behandeld zijn

Andere risicofactoren zijn diabetes en een verhoogde bloeddruk.

Uitzonderingen

Net als de meeste vormen van kanker is baarmoederhalskanker niet erfelijk.De uitzondering betreft vrouwen met het zogenoemde ‘Lynch-syndroom’. Dit is een erfelijke aandoening die een verhoogd risico geeft op verschillende kankersoorten, waaronder baarmoederhalskanker,eierstokkanker, dikke darmkanker en maagkanker.

Onderzoek/diagnose:

  • Speculumonderzoek (eendenbek)
  • Vaginale echografie
  • Curettage (schoonmaak)
  • Röntgenonderzoek
  • Zelftest

Behandeling

De behandeling van baarmoederhalskanker kan gericht zijn op genezing of, wanneer dit niet meer mogelijk is, op het zover mogelijk terugdringen van de ziekte en/of het verminderen van de klachten. Dit laatste wordt palliatieve zorg genoemd. Er bestaan vijf behandelvormen:  

  • Een operatie
  • Een bestraling
  • Een hormonale palliatieve (behandelvorm door progesteron)
  • Chemotherapie
  • Hyperthermie (kankercellen verwarmt tot graden)

Prognose

De vooruitzichten bij baarmoederhalskanker zijn in vergelijking tot andere kankervormen erg gunstig. Dit komt vooral omdat in 85 prognose van de gevallen de tumor in het beginstadium wordt ontdekt. Na 5 jaar is 80-90 procent van de patiënten nog in leven. Minder dan een derde van de patiënten overlijdt aan deze ziekte als de tumor daarbij langzaam groeit.

Slechte prognose

De prognose wordt een stuk slechter wanneer de ziekte pas in een laat stadium aan het licht komt. De vijfjaar overleving van baarmoederhalskankerin stadium III en IV is maar 5-10 procent.

Begeleiding
Na de behandeling blijven vrouwen onder controle.  

  • De eerste 2 jaar -> elke 3-4 maanden onder controle bij de gynaecoloog en/of radiotherapeut
  • Na 2 jaar ->er wordt besproken of verdere controles nog nodig zijn
  • Na 5 jaar ->geen verdere controles meer nodig  

De controles richten zich vooral op het onderzoeken, bespreken en behandelen van mogelijke bijwerkingen en gevolgen van de behandeling. Ook onderzoekt de arts of de ziekte is teruggekomen.

Gevolgen

Gevolgen waar veel mensen met kanker mee te maken krijgen: vermoeidheid, geheugenverlies en concentratieproblemen, veranderingen in uw uiterlijk, angst voor terugkeer van de ziekte en somberheid.

Gevolgen

Baarmoederhalskanker de volgende specifieke gevolgen hebben:

  • Onvruchtbaarheid
  • Seksualiteit (beleving kan anders zijn)

Lichamelijke gevolgen

Ook kunnen lichamelijke gevolgen het seksleven beïnvloeden, zoals een tekort aan geslachtshormonen, droge vagina, minder prikkels en vermoeidheid. Bij veel vrouwen van wie de baarmoeder is verwijderd, verandert het orgasme.  

Vragen!

Prostaatvergroting en prostaatkanker

Wat is prostaatkanker?

In onderstaand filmpje worden vele aspecten van prostaatkanker uitgelegd. In de theorie die volgt, krijg je nog wat aanvulling;

YouTube. (z.d.-k). [YouTube]. Geraadpleegd op 14 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=wMHhprFaEJE

De leeftijd

Dit is de duidelijkst bepaalde risicofactor. Hoe ouder de man wordt, hoe groter de kans op prostaatkanker. Bij mannen boven de 80 stelt men zeer frequent prostaatkanker vast, maar dan groeien de kankercellen gewoonlijk zo langzaam dat ze geen enkel probleem veroorzaken.

Familiale voorgeschiedenis

Ook erfelijkheid wordt aangewezen als een van de mogelijke oorzaken van prostaatkanker. Mannen met een vader, broer en/of oom met prostaatkanker lopen namelijk een verhoogd risico.

Etnische afkomst

Er zijn abnormaal veel gevallen van prostaatkanker bij Amerikaanse zwarten, waarschijnlijk van genetische oorsprong.

Voeding

De relatieve zeldzaamheid van prostaatkanker in het Verre Oosten doet vermoeden dat er beschermende factoren in de voeding zitten. De vele gevallen van prostaatkanker in de westerse landen wijzen ook op de – deze keer nadelige – rol van onze voeding. De stoffen en mechanismen die achter die verschillen schuilen, blijven een discussiepunt.

De ziekte van Parkinson

Als de man lijdt aan de ziekte van Parkinson loopt hij samen met nakomelingen tot de derde graad een groter risico op prostaatkanker.

Symptomen van prostaatkanker

In onderstaande film, verteld Jan zijn ervaringsverhaal;

YouTube. (z.d.-l). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=r0F5FBxTofY

Veel voorkomende symptomen

  • vaker moeten plassen, zowel overdag als ’s nachts
  • moeite met plassen
  • pijn en een branderig gevoel bij het plassen
  • nadruppelen en/of een zwakke of onderbroken straal
  • het gevoel dat de blaas na plassen niet leeg is
  • troebele of bloederige urine
  • bloed in het sperma

Onderzoek en diagnose;

  • Rectaal toucher
  • Urinesediment (Microscopisch onderzoek om te zien of er bloedcellen of bacteriën in de urine zitten)
  • PSA-test (Deze test kijkt naar de hoeveelheid van een specifiek eiwit in je bloed. Dit specifieke eiwit wordt alleen door de prostaat gemaakt. Als je grote hoeveelheden van dit eiwit in je bloed hebt, dan zijn je PSA-waarden verhoogd. Dit kan wijzen op prostaatkanker.)
  • Echografie
  • Multi parametrische MRI scan
  • Prostaatbiopsie
  • MRI of CT scan
  • Botscan

​​​Soorten behandeling

Een adjuvante behandeling is een aanvullende behandeling. Deze krijgt men na een eerdere behandeling die in opzet genezend is.

Hormonale therapie tijdens en na uitwendige bestraling is een aanvullende behandeling bij prostaatkanker. Het doel is om mogelijke uitzaaiingen die niet te zien zijn te bestrijden, en daarmee de kans op ziektevrije, langdurige overleving te vergroten.

Palliatieve behandelingen bij prostaatkanker

Dan wordt het niet meer beter , dan blijf de man onder controle bij de specialist of verwijst hij naar de huisarts. Hij houdt bij hoe de ziekte zich ontwikkelt en welke klachten er zijn. Voor sommige klachten kan de man een palliatieve behandeling krijgen. Het is gericht op het remmen van de ziekte.

Complicaties

De tumor kan zich uitzaaien naar andere organen, vooral naar de botten van het bekken, de ruggenwervels, de ribben en de hersenen.
Na een radicale prostatectomie, hormonale therapie of bestraling komen soms erectiestoornissen, incontinentie voor urine en een droog orgasme voor. Bij de laatstgenoemde aandoening komt er tijdens het klaarkomen geen sperma meer uit de penis.

Prognoses

Het is moeilijk vast te stellen of iemand echt genezen is. De ziekte kan terugkomen, meestal binnen 5 jaar. Het percentage van de patiënten dat vijf jaar na het stellen van de diagnose nog in leven is, is in de loop der jaren verbeterd. Van alle mannen met prostaatkanker is dit nu ongeveer 80%.

Begeleiding

Uroloog, prostaatverpleegkundige.

Medicatie

Desmopressine vermindert `s nachts de urineproductie wanneer het voor het slapengaan wordt gebruikt. De man zou hierdoor 's nachts minder vaak moeten plassen. Het effect is meestal na enkele dagen merkbaar.

Vragen!

Zwangerschapsvergiftiging


Wat is zwangerschapsvergiftiging? (ook wel pre-eclampsie genoemd)

Een combinatie van een te hoge bloeddruk en eiwitverlies via de urine.

In onderstaande filmpje wordt pre-eclampsie (zwangerschapsvergiftiging en het HELPP syndroom op een duidelijke wijze uitgelegd. Meerdere aspecten zoals; symptomen, oorzaken, behandelingen en de nazorg worden benoemd. In de onderstaande theorie, krijg je nog een korte toelichting op deze ziekte;

YouTube. (z.d.-m). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=DNuTEOJM35k

Oorzaken

  • Als een vrouw ouder is dan 35, heeft deze een grotere kans de ziekte te krijgen
  • Zwangerschapsvergiftiging komt vaker voor tijdens een eerste zwangerschap
  • Wanneer een vrouw zwanger is van een meerling is het gevaar groter dan wanneer deze zwanger is van één kind
  • Er is een aantal ziekten die de kans op zwangerschapsvergiftiging vergroten. De belangrijkste zijn suikerziekte en een hoge bloeddruk (voor de zwangerschap). Ook wanneer iemand lijdt aan stollingsafwijkingen, afwijkingen in de bloedsomloop of bepaalde stofwisselingsstoornissen, behoort deze tot de risicogroep.
  • Bepaalde erfelijke factoren kunnen een rol spelen

Onderzoek en diagnose

  • Bloedonderzoek
  • Urinemonsters
  • Echoscopie
  • CTG

Behandeling

Helaas is er nog te weinig bekend om een behandeling te ontwikkelen, waarbij al de klachten in één keer worden bestreden.Rust houden is de voornaamste.

Vroegtijdig opwekken geboorte

Als er een ernstigere vorm is, kan de behandeling ook bestaan uit het vroegtijdig opwekken van de geboorte. Dit gebeurt wanneer de baby zonder ernstige gevaren buiten de baarmoeder verder kan leven. Dit is gemiddeld vanaf de 29e zwangerschapsweek. Er wordt gekeken naar;

  • hoe ver is moeder in de zwangerschap
  • hoe ziek is moeder
  • hoe zwaar de baby ongeveer is
  • wat het risico is als de moeder doorgaat met de zwangerschap
  • wat het risico is voor de baby als hij nu wordt geboren
  • wat het risico is voor de baby als hij nu niet wordt geboren

Wat is eclampsie?

Net als bij pre-eclampsie en het HELPP- syndroom wordt eclampsie veroorzaakt door nier- en leverfalen. Het grootste verschil is dat bij eclampsie de moeder ook last heeft van stuipen. Deze lijken erg op een epileptische aanval en zijn zowel voor moeder als voor baby erg bedreigend. Daarom wordt de moeder, wanneer deze pre-eclampsie blijkt te hebben ,meestal met spoed in het ziekenhuis opgenomen.

Verhoogd risico eclampsie

Wanneer er aanwijzingen zijn dat een vrouw een verhoogd risico loopt om eclampsie te ontwikkelen, kan dit door een behandeling met magnesiumsulfaat vaak worden tegengegaan. Ook wanneer de moeder toch stuipen krijgt, wordt meestal magnesiumsulfaat gebruikt. Dit moet zo snel mogelijk worden toegediend om de aanval te stoppen en om herhaling te voorkomen.

Complicaties

  • Nieren worden poreuzer
  • Minder goed functioneren van de lever
  • Meer vocht weglekken uit de bloedvaten

Schadelijk gevolg

Een ander schadelijk gevolg van de ziekte is dat de placenta minder goed gaat werken. Dit heeft directe gevolgen voor de gezondheid en ontwikkeling van de baby. Tijdens pre-eclampsie is de placenta minder goed doorbloed, waardoor de baby minder voedingsstoffen en zuurstof krijgt. Als gevolg van de verminderde toevoer van voedingsstoffen en zuurstof groeit de baby minder hard. Kinderen die na een zwangerschapsvergiftiging worden geboren, zijn vaak kleiner dan normaal. Als de baby na de geboorte weer genoeg voeding krijgt, herstelt dit zich.

Verhoogd risico

Sinds een aantal jaar weten we dat vrouwen die een zwangerschapsvergiftiging hebben gehad, óók een verhoogd risico hebben op hart- en vaatziekten. Meer dan vrouwen die een normale zwangerschap hebben gehad. En kan er een oedeem van de longen optreden.

Prognose

Ongeveer 7% van de vrouwen met zwangerschapsvergiftiging krijgt het zogenaamde HELLP-syndroom. Een klein gedeelte krijgt eclampsie. Eclampsie is een ernstige aandoeningen waarbij de hersenen worden aangetast waardoor stuipen (convulsies) optreden.

Begeleiding

Verloskundige, gynaecoloog, psycholoog.

Medicatie
Medicijnen om de bloeddruk te verlagen, zogenaamde antihypertensiva, worden gebruikt om de bloeddruk te verlagen tot de moeder is bevallen. Bij ernstige vormen van pre-eclampsie krijgt de moeder deze medicijnen via een infuus toegediend.

Andere soorten medicatie

  • Anti-convulsieve medicatie; Deze medicatie wordt voorgeschreven om epileptische aanvallen te stoppen en nieuwe aanvallen te voorkomen.
  • Corticosteroïden; Als de kans bestaat dat de baby voor een zwangerschapsduur van 33-34 weken geboren wordt, of gehaald moet worden, kunnen corticosteroïden (bijnierschorshormonen) gegeven worden. Deze medicijnen bevorderen de longrijping van de baby in de baarmoeder. Dit is belangrijk omdat baby’s die te vroeg geboren worden nog geen rijpe longetjes hebben en wel al moeten overleven buiten de baarmoeder. Deze medicijnen krijgt de moeder via een injectie toegediend.

 

 

 

Vragen!

6. Wat weet jij nu?

Toets: Eindtoets

Start

7.Terugkijken

Na het terugkijken op deze wiki en hoe jij deze wiki gemaakt hebt, beantwoord je onderstaande vragen. De antwoorden mail naar je docent. Samen kun je dan mondeling evalueren.

Inleiding

  • Lees de inleiding van deze opdracht nog eens door.
    Vind je het een goede intro om de opdracht mee te beginnen?
    Waarom wel of waarom niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Kun je wat je moet kunnen als je kijkt naar de gestelde leerdoelen?

Hoe ging het qua;

  • Tijd
    Bij de activiteiten stond dat je ongeveer 2 uur met de opdracht bezig zou zijn.
    Klopt dat?
  • Inhoud
    Was de inhoud van de opdracht nieuw voor je of wist je het meeste al?
    Schrijf op wat nieuw voor je was.
  • Eindopdracht
    Wat vond je van de eindopdracht? Heb je de toets met een voldoende afgerond? Zo niet, wat kun je er dan aan doen om wel een voldoende te halen? Kun je dit alleen oplossen of heb je de hulp nodig van je docent?

Bedankt voor het maken van deze wiki!

8.Begrippenlijst

Er zijn in deze wiki vele begrippen voorbij gekomen. Om het makkelijk voor je te maken, hebben we de meest voorkomende begrippen, die voorkomen in het voortplantingsstelsel van de man en de vrouw, voor je gebundeld in onderstaande begrippenlijst.

Primaire geslachtskenmerken
Kenmerken, die vanaf de geboorte aanwezig zijn en waaraan je het geslacht (jongen of meisje) kunt bepalen. Bijvoorbeeld: penis, prostaat, vagina, baarmoeder.

Mannelijk voortplantingsstelsel
Orgaanstelsel bestaande uit organen die betrokken zijn bij de voortplanting van dieren, mensen en planten.
Urineblaas man
Ook wel blaas genoemd; orgaan waarin de urine uit de nieren wordt opgeslagen tot het moment van urineren (plassen).
Prostaat
Deel van de mannelijke geslachtsorganen; de twee zaadleiders monden via de prostaat in de urineleider uit. De prostaat voegt vocht met voedingsstoffen toe aan de zaadcellen.
Zaadleider (de ductus deferentes)
Afvoergang van zaadcellen van de bijbal richting de prostaat.
Teelbal (testes)
Mannelijk geslachtsorgaan waar de aanmaak van zaadcellen plaatsvindt en waar mannelijke hormonen worden aangemaakt.
Penis
Mannelijk geslachtsorgaan, ook wel lid genoemd, dat wordt gebruikt om urine te lozen, voor seksualiteit en geslachtsgemeenschap.
Vrouw
Vrouwelijk organisme, met alleen vrouwelijke geslachtskenmerken.
Balzak (scrotum)
In de balzak liggen de teelballen. Hier worden de zaadcellen aangemaakt.
Voorhuid
Voorste huidplooi op de penis die de eikel bedekt en beschermt.
Eikel
Uiteinde van de penis; zeer gevoelig plekje van een man dat bij aanraking zorgt voor seksuele opwinding.
Urinebuis man
Afvoergang van de blaas naar de buitenkant van het lichaam, die urine vervoert. Bij de zaadlozing van een man gaat ook het sperma hier doorheen.
Zaadcellen
Voortplantingscel van mannelijk dier of mens. Ook wel spermacel.
Bijballen (de testes e- epididymides)
Deel van de mannelijke geslachtsorganen dat achter de teelbal in de balzak ligt. Hier worden zaadcellen opgeslagen.
Erectie
Als de zwellichamen volgelopen zijn met bloed spreek je van een erectie.
Zwellichamen
Orgaan in de penis dat zich kan vullen met bloed, waardoor de penis stijf wordt.
Sperma
Sperma is de naam voor zaadcellen en zaadvocht samen.
Vrouwelijk voortplantingsstelsel
Orgaanstelsel bestaande uit organen die betrokken zijn bij de voortplanting van dieren, mensen en planten.
Baarmoeder (uterus)
Deel van de vrouwelijke geslachtsorganen; het embryo nestelt zich hierin en ontwikkelt zich tot foetus. De baby of het jong blijft hier tot de geboorte.
Eileider (tubae uterinae)
Deel van de vrouwelijke geslachtsorganen; trechtervormige afvoergang van de eierstok naar de baarmoeder. In de eileider vindt de bevruchting plaats.
Eierstok (ovaria)
Vrouwelijk geslachtsorgaan waarin de ontwikkeling van eicellen plaatsvindt en waar geslachtshormonen worden aangemaakt.
Urineblaas vrouw
Ook wel blaas genoemd; orgaan waarin de urine uit de nieren wordt opgeslagen tot het moment van urineren (plassen).
Urinebuis vrouw
Afvoergang van de blaas naar de buitenkant van het lichaam, die urine vervoert.
Vagina (vulva)
Deel van vrouwelijke geslachtsorganen; verbindt de baarmoeder met de buitenkant van het lichaam.
Man
Mannelijk organisme, met alleen mannelijke geslachtskenmerken.
Baarmoederslijmvlies (endometrium)
Laag slijmvlies aan de binnenkant van baarmoeder dat in de loop van de menstruatiecyclus dikker wordt en tijdens de menstruatie wordt afgestoten.
Clitoris
Deel van de vrouwelijke geslachtsorganen; zeer gevoelig plekje van een vrouw, dat bij aanraking voor seksuele opwinding zorgt.
Buitenste schaamlippen (labia majora)
Grootste schaamlippen, die zorgen voor bescherming van de vagina.
Binnenste schaamlippen (labia minora)
Kleinste schaamlippen, die zorgen voor bescherming van de vagina.
Anus
Uitmonding van de endeldarm waardoor ontlasting het lichaam verlaat.
Ovulatie (eisprong)
Een eicel barst uit een rijpe follikel (blaasje met vocht in de eierstok) en komt vanuit de eierstok in de eileider terecht.
Hypofyse
Hormoonklier onder aan de hersenen, die verschillende hormonen aanmaakt en daarmee een groot aantal processen in het lichaam regelt.
Geslachtshormonen
Hormonen die worden aangemaakt in de geslachtsorganen (teelballen en eierstokken). Bijvoorbeeld: testosteron, oestrogeen en progesteron.
Oestrogeen
Vrouwelijk geslachtshormoon dat wordt aangemaakt in de eierstokken. Het zorgt o.a. voor bredere heupen en borstgroei in de puberteit en speelt een rol bij de menstruatiecyclus. Ook mannen hebben wat oestrogeen.
Progesteron
Hormoon dat wordt aangemaakt in de eierstokken. Onder invloed van progesteron wordt o.a. het baarmoederslijmvlies voorbereid op de innesteling van een bevruchte eicel. Als er geen zwangerschap optreedt, daalt de productie van progesteron en treedt menstruatie op.
Secundaire geslachtskenmerken vrouw
Geslachtskenmerken van meisjes die zich in de puberteit ontwikkelen, onder invloed van geslachtshormonen. Bijvoorbeeld: borsten en bredere heupen.
Testosteron
Mannelijk geslachtshormoon dat wordt aangemaakt in de teelballen; zorgt voor o.a. mannelijke beharing, ontwikkeling spieren, speelt een rol bij geslachtsdrift (libido). Ook vrouwen hebben testosteron (aangemaakt in de eierstokken en de bijnieren).
Secundaire geslachtskenmerken man
Geslachtskenmerken van jongens die zich in de puberteit ontwikkelen, onder invloed van geslachtshormonen. Bijvoorbeeld: extra spieren en baardgroei.

9. Bronnenlijst

                 Biologie Periode 3. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van http://turkishtatargirl.blogspot.com/2013/03/biologie-periode-3.html

Börger, B. (z.d.). Baarmoeder[Foto]. Geraadpleegd van https://biologielessen.nl/index.php/b/971-baarmoeder

                De embryonale ontwikkeling. (z.d.). [YouTube]. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=sGxIJ8Jyopg

                Deze symptomen kunnen erop wijzen dat je zwanger bent. (2019). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.24baby.nl/zwanger/ben-ik-zwanger/zwangerschapssymptomen/

Duijf, M. (2019). Kindje met syndroom van Down afgewezen door modellenbureau - EO Visie[Foto]. Geraadpleegd van https://visie.eo.nl/2019/02/kindje-met-syndroom-van-down-afgewezen-door-modellenbureau/

                Embryo: het prille begin van je baby – 24Baby.nl. (2019, 23 september). Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://www.24baby.nl/zwanger/zwangerschap-zo-werkt-het/embryo/

Geerts, W., & van Kralingen, R. (2016). Handboek voor leraren(Herz. ed.). Bussum, Nederland: Coutinho.

Gezondheid nv. (z.d.). Hoe wordt het geslacht van uw kind bepaald? | gezondheid.be[Foto]. Geraadpleegd van https://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=7943

                Groeiwijzer.nl - Hypofyse. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.groeiwijzer.nl/nl/diagnose-and-toekomst/secundaire-groeistoornissen/hypofyse

                Hebon - Borst- en eierstokkanker & erfelijkheid - Leefgewoonten en andere risicofactoren - Risicofactoren voor borstkanker. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.hebon.nl/borst-eierstokkanker-erfelijkheid/leefgewoonten-en-andere-risicofactoren/risicofactoren-voor-borstkanker?id=15

                Het hart van de baby voor en na de geboorte. (z.d.). Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://encyclopedie.medicinfo.nl/het-hart-van-de-baby-voor-en-na-de-geboorte

Houben, F. (z.d.). https://www.studocu.com/nl-be/document/hogeschool-pxl/anatomie/samenvattingen/fysiologische-veranderingen-en-klachten-tijdens-de-zwangerschap/1420191/view. Geraadpleegd op 2 november 2019, van https://www.studocu.com/nl-be/document/hogeschool-pxl/anatomie/samenvattingen/fysiologische-veranderingen-en-klachten-tijdens-de-zwangerschap/1420191/view

                Huntington. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://topaz.nl/nieuws/2016/mei/ppep4all/

                Ik heb een vaginale schimmelinfectie | Thuisarts. (2016, 2 mei). Geraadpleegd op 5 november 2019, van https://www.thuisarts.nl/vaginale-afscheiding/ik-heb-vaginale-schimmelinfectie

Ikonn, M. (2016, 13 oktober). Epic Pregnancy Transformation | Mimi Ikonn[YouTube]. Geraadpleegd op 20 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=1&v=gTIMGLp7QsM

                Informatieboekje Van Jong naar Oud: Hoe je onstond tot volwassen en gezond. (z.d.). Geraadpleegd op 25 oktober 2019, van http://www.gezondheidsuniversiteit.nl/sites/gezondheidsuniversiteit/files/informatieboekje_avond_2_0.pdf

Jessa Ziekenhuis. (z.d.). Jessa Ziekenhuis - Prostaatklachten[Foto]. Geraadpleegd van https://www.jessazh.be/deelwebsites/urologie/prostaat--externe-genitalia--incontinentie/prostaat/goedaardige-vergroting/prostaatklachten

Kallenberg, T., van der Grijspaarde, L., ter Braak, A., & Baars, G. (2017). Leren (en) doceren in het hoger onderwijs(3rd editie). Den Haag, Nederland: Boom Lemma.

                Man. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://nl.123rf.com/photo_38367559_vrouw-hand-vinger-wijzen-in-de-richting-van-de-mannelijke-genitaliën-terwijl-de-mens-houdt-open-onderg.html

NOS. (2017). Marijke verloor haar zoons door Duchenne en is voor embryo-onderzoek[Foto]. Geraadpleegd van https://nos.nl/artikel/2165467-marijke-verloor-haar-zoons-door-duchenne-en-is-voor-embryo-onderzoek.html

Ottoy, L. (2014). innesteling - Dr. Liesbeth Ottoy[Foto]. Geraadpleegd van http://gynaecoloogherzele.be/indicatie-fertiliteitsbehandeling/innesteling/

                Overlevingscijfers eierstokkanker/ ovariumcarcinoom. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.kanker.nl/kankersoorten/eierstokkanker/wat-is/overlevingscijfers-eierstokkanker

Piek. (z.d.). Thema 4 Het hormoonstelsel[Foto]. Geraadpleegd van https://slideplayer.nl/slide/7535984/

Redactie Gezondheidsplein. (2019). Verloop van de cyclus[Foto]. Geraadpleegd van https://www.gezondheidsplein.nl/dossiers/menstruatiecyclus/het-verloop-van-de-menstruatiecyclus/item68076

Rentes, L. (2017, 14 september). Voeding en leefstijl tijdens de zwangerschap. Geraadpleegd op 2 november 2019, van https://9maandenmenu.nl/voeding-en-leefstijl-tijdens-de-zwangerschap/

Slingeland Ziekenhuis Doetinchem. (z.d.). Anatomie vrouwelijke geslachtsorganen › Kenniscentrum Gynaecologie Slingeland Ziekenhuis. Geraadpleegd op 5 november 2019, van https://gynaecologie.slingeland.nl/kenniscentrum/Algemene-gynaecologie/Anatomie/449/455

Slooter, M. (2019). De zes rollen van de leraar(4e druk). Huizen: Pica.

                Spreekuurthuis hypofyseziekten. (z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van http://www.spreekuurthuis.nl/themas/hypofyseziekten/informatie/ligging%2C_bouw_en_functie_van_de_hypofyse

UZ Brussel. (z.d.). UZ Brussel Fertiliteitskliniek CRG - Brussel (Jette) - Seksuele functie bij de man[Foto]. Geraadpleegd van http://www.brusselsivf.be/seksuele-functie-man?doscroll=true#L4-4908

van den Aker , G., van der Maat, H. P. M., Haak, M. B., Dirkse, C., & Doornebos, N. (2019). Thieme Meulenhoff traject V&V, Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis. Amersfoort, Nederland: ThiemeMeulenhoff.

van Haeringen, E. (z.d.). De bevalling. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://bb.rocmn.nl/ultra/institution-page

                Wat is de baarmoeder?(z.d.). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.allesoverseks.be/baarmoeder

Watson, R. (2012). Zakboek Anatomie en fysiologie. Groningen/Houten, Nederland: Noordhoff.

                Welke vormen van voortplanting zijn er? - Mr. Chadd Academy. (2019). [Foto]. Geraadpleegd van https://www.mrchadd.nl/academy/vakken/biologie/voortplanting-wat-is-het-en-welke-vormen-zijn-er

Wikipedia-bijdragers. (2018, 30 april). Foetale bloedsomloop - Wikipedia. Geraadpleegd op 3 november 2019, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Foetale_bloedsomloop

                YouTube. (z.d.-a). [YouTube]. Geraadpleegd op 5 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=137&v=ZQkULC1bXzc

                YouTube. (z.d.-b). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=yllxArMWCGA

                YouTube. (z.d.-c). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=Z2d67mNBmrQ

                YouTube. (z.d.-d). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=9BHx8npuJO4

                YouTube. (z.d.-e). [YouTube]. Geraadpleegd op 10 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=F9_sYXmQRQY

                YouTube. (z.d.-f). [YouTube]. Geraadpleegd op 15 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=za8RwTyWw9U

                YouTube. (z.d.-g). [YouTube]. Geraadpleegd op 27 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=pH_IjtAXl1s

                YouTube. (z.d.-h). [YouTube]. Geraadpleegd op 12 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=MsMJ1QgMBY4

                YouTube. (z.d.-i). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=xNQJuSZABE8

                YouTube. (z.d.-j). [YouTube]. Geraadpleegd op 29 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=VNoYUVpziSA

                YouTube. (z.d.-k). [YouTube]. Geraadpleegd op 14 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=wMHhprFaEJE

                YouTube. (z.d.-l). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=r0F5FBxTofY

                YouTube. (z.d.-m). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=DNuTEOJM35k

                YouTube. (z.d.-n). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=VV177izgCq4

                YouTube. (z.d.-o). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=v0s7VtP4yVw

                YouTube. (z.d.-p). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=YP9mWEIx2qs

                YouTube. (z.d.-q). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=0PbxKaNcIHc

                YouTube. (z.d.-r). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=8jK1CGoIzeE

                YouTube. (z.d.-s). [YouTube]. Geraadpleegd op 20 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=O3WQzcfOFNg

                YouTube. (z.d.-t). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=wMHhprFaEJE

                YouTube. (z.d.-u). [YouTube]. Geraadpleegd op 20 september 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=0DRWuxkBFtU

                YouTube. (z.d.-v). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=Ru9KtHkUf38

                YouTube. (z.d.-w). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=6I1hAfqhqNQ

                YouTube. (z.d.-x). [YouTube]. Geraadpleegd op 1 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=7&v=it7XJyb3HmI

                YouTube. (z.d.-y). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?time_continue=1&v=LXao48bRKig

                YouTube. (z.d.-z). [YouTube]. Geraadpleegd op 6 november 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=JQI5VCv9hR8

Zelman, M., Dafnis, E., Raymond, J., Groendewoud, P., Mulvihill, M., Groenewoud, H., & Portier, C. (2018). Pathologie(2e Druk). Amsterdam, Nederland: Pearson Education Benelux.

                Zwanger en je ingewanden. (2015, 20 november). [YouTube]. Geraadpleegd op 15 oktober 2019, van https://www.youtube.com/watch?v=LXao48bRKig&feature=youtu.be

                Zwangerschapshormonen. (z.d.). Geraadpleegd op 10 oktober 2019, van https://encyclopedie.medicinfo.nl/zwangerschapshormonen

                Zwangerschaps­hormonen: wat doen ze met je?(2018, 23 november). Geraadpleegd op 27 oktober 2019, van https://www.oudersvannu.nl/zwanger/zwangerschapssymptomen/zwangerschapshormonen/