Kijk op de kaart! Met een goede overzichtskaart kan je makkelijk je weg vinden. Zo'n kaart moet je wel kunnen lezen. De schaal, de legenda en de symbolen geven de benodigde informatie. De kaarten die we nu gebruiken zijn vaak digitaal, maar gaan ook uit van dezelfde principes als de oude overzichtkaarten.
Zoekmogelijkheden
ZOEKMOGELIJKHEDEN IN DE ATLAS
Je hebt misschien nog niet zo goed geleerd hoe je iets in de atlas moet opzoeken.
1. Als je een bepaalde kaart in de atlas wilt opzoeken, bedenk dan eerst welke methode je het best kunt volgen.
2. Als je een land moet vinden zijn er twee mogelijkheden:
* de bladwijzer. Die vind je helemaal achteraan, aan de binnenkant van de kaft. Pak de bladwijzer voor je, Linkerbladzijde, onderste helft. Schrijf op van welk twee landen in Noord-Amerika er één aparte kaart is en schrijf de bladzijdenummers op
* de tweede manier om een land te vinden is het landenregister. Die vind je achterin, achter de laatste kaarten. Als je niet weet waar een land ligt, of er is geen aparte kaart van, dan gebruik je het landenregister.
3. Als je iets ‘kleins’ moet vinden (een stad of dorp, een rivier, een berg)dan gebruik je het register. Dat zijn al die bladzijden vol met namen. Er achter staat het bladnummer en het vakje.
4. Als je de betekenis van een kleur, of symbool wilt weten ga je naar de legenda. Eerst kijk je of de betekenis bij de kaart staat. Kijk om de hele kaart heen. Maak niet de fout om de legenda van een andere kaart op dezelfde bladzijde te gebruiken. Als de betekenis niet te vinden is, ga je naar de algemene legenda. Die vind je helemaal vooraan, in de binnenkant van de kaft.
5. Soms moet je een kaart over een bepaald onderwerp vinden. Dan ga je naar het trefwoordenregister. Dat vind je achteraan. In de GB 52e editie heeft het trefwoordenregister de naam zakenregister. Pak de laatste kaart voor je en blader tot je ‘trefwoordenregister’ ziet staan. In het trefwoordenregister staan allerlei onderwerpen. Als in een proefwerk wordt gevraagd om een kaart over het klimaat in Nederland te vinden, dan kijk je bij de ‘k’ van klimaat. Vervolgens zoek je de bladzijde over het klimaat in Nederland. Zoek de kaart over het klimaat van Nederland voor je en schrijf het nummer op.
6. Als geen van de hiervoor genoemde methoden werkt, dan gebruik je de inhoudsopgave. Die vind je bijna helemaal vooraan. Pak de inhoudsopgave voor je. Blader er doorheen: je ziet dat de inhoudsopgave uit 2 bladzijden bestaat. Achteraan staat waar je de verschillende registers kunt vinden. Handig!
De inhoudsopgave is verdeeld in hoofdstukken. Moet je een kaart over het klimaat van Europa hebben, ga dan naar het onderdeel ‘Europa’. Lees de vetgedrukte woorden, dan kom je al gauw de juiste kaart tegen. Op welke bladzijde staat de kaart over klimaat in Europa?
Samengevat:
· een land: bladwijzer of landenregister
· een stad, dorp, rivier, berg: register
· een onderwerp: trefwoordenregister (GB 52e editie: zakenregister)
· de betekenis van een kleur, teken: legenda bij de kaart of algemene legenda
· als je iets niet kunt vinden: algemene inhoud. Daarin staat, voorin waar je alle registers kunt vinden
Je hebt nu alle methoden die je nodig hebt gehad.
Soorten kaarten
Er zijn 3 soorten kaarten:
1. Overzichtskaarten: Deze kaarten geven een algemeen beeld van het gebied. Op deze kaarten is door middel van kleuren het relief te zien. Verder staan er rivieren en zeeën op, grote steden en de landsgrenzen.
2. Topografische kaarten: Topografische kaarten geven een overzicht van een klein gebied. Ze zijn veel minder verkleind dan andere kaarten. Op topografische kaarten kun je elke straat en bijna ieder huis zien staan.
3. Thematische kaarten: Een kaart die een onderwerp of enkele onderwerpen uit een gebied laat zien (bijv. neerslag, bevolkingsdichtheid, godsdienst).
Legenda
Op een kaart kun je veel makkelijker iets opzoeken dan op een luchtfoto. Dat komt omdat op een kaart allerlei woorden, tekens en kleuren staan. Die tekens en kleuren noemen we kaartsymbolen. De betekenis van de kaartsymbolen wordt uitgelegd in de legenda. In de atlas vind je helemaal op de eerste bladzijden de algemene legenda. In de algemene legenda worden de kaartsymbolen uitgelegd die op heel veel kaarten in de atlas te vinden zijn. Naast de algemene legenda voorin, heeft iedere kaart nog een eigen legenda. Hierin staan de symbolen verklaard, die specifiek bij die kaart horen.
Als je een kaartsymbool wilt weten, zoek je eerst in de legenda bij de kaart. Als het daar niet bij staat, kijk je in de algemene legenda.
Schaal berekenen
Uitleg schaal berekenen
Kaarten zijn kleiner dan de werkelijkheid. Het verkleinen van de werkelijkheid heet “op schaal tekenen”. Schaal 1:10.000 betekent dat de werkelijkheid 10.000 (tienduizend) maal verkleind is. Voor het omrekenen van het aantal centimeters op de kaart naar het aantal kilometers in werkelijkheid streep je van de schaal vijf nullen weg (of schuif je de komma vijf plaatsen naar links): dus bij een kaart met een schaal van 1:200.000 is 1 cm op de kaart 2 km in werkelijkheid. Bij een schaal van 1:10.000 is 1 cm op de kaart 0,1 km in het echt. Bij het meten van afstanden gaan we ervan uit dat je dat in een rechte lijn doet. Je noemt dat hemelsbreed.
Om te rekenen van cm naar km moet je 5 nullen weghalen.
cm-dm-m-dam-hm-km.
Er moet dus “een handvol nullen eraf”
VB: 200.000cm = 2 km
15.000.000cm = 150 km
3.500.000cm =35 km
Opdrachten Klas 1
Zoekmogelijkheden
Oefenopdrachten: zoekmogelijkheden
Zoeken van de antwoorden met behulp van de bladwijzer, register, trefwoordenregister, legenda en de statistiek.
Oefenopdracht 1: Geef de hoofdstad van de volgende landen.
a. China
b. Iran
c. India
d. Ivoorkust
e. Papoea-Nieuw-Guinea
f. Noord-Korea
g. Brazilië
h. Madagaskar
i. Uruguay
j. Belize
k. Bulgarije
l. Slowakije
Oefenopdracht 2: In welk land liggen de volgende steden?
a. Prince Rupert
b. Bristol
c. Ulaanbaatar
d. Windhoek
e. Igli
f. Vellore
g. Sibu
h. Porkkala
i. Maputo
Oefenopdracht 3: Zijn de volgende zinnen waar of niet waar? Noteer de gebruikte kaart.
a. De Mont Blanc is de hoogste berg van Europa.
b. België heeft meer dan 3 luchthavens.
c. De A12 is een weg van Antwerpen naar Gent.
d. België behoort bij de rijke landen.
e. Santa Fe ligt in de Amerikaanse staat Montana.
Oefenopdracht 4: Beantwoord de volgende vragen en noteer de gebruikte atlaskaart!
a. Hoe heet de zee ten oosten van Italië?
b. Hoeveel neerslag valt er per jaar in Tel Aviv?
c. Naar welke toeristische regio in Spanje gaan de meeste mensen uit het Verenigd Koninkrijk?
d. Wat is de grootste Nederlandse vissersstad, qua vissersschepen en aanvoer bij de visafslag?
e. Welke talen worden er in Zwitserland gesproken?
f. Hoeveel talen spreekt men in België?
g. Hoe diep is het diepste punt in de Marianentrog?
h. Hoe hoog is de Mount Everest?
Schaal berekenen
Oefenopdrachten: schaal berekenen.
Oefenopdracht 1: Bereken de volgende afstanden en noteer de berekening!
a. op kaartblad GB 40–41 (GB 36-37): Huizen – Amsterdam (van stadsrand tot stadsrand)
b. op kaartblad GB 98–99 (GB 88-89): Parijs – Londen (van stadsrand naar stadsrand)
c. op kaartblad GB 172–173 (GB 156-157): New York – Miami
d. op kaartblad GB 190–191 (GB 172-173): Amsterdam – New York.
Oefenopdracht 2: Hoe groot is de werkelijke afstand die wordt voorgesteld door 5 cm op de kaart bij de volgende schalen. Noteer altijd de berekeningen!
a. 1 : 1.000.000 d. 1 : 18.500
b. 1 : 5000 e. 1 : 250.000
c. 1 : 350.000 f. 1: 60.000
Oefenopdracht 3: Meet en bereken de hemelsbrede afstand tussen de volgende plaatsen. Noteer de berekening ook!
a. Wat is de afstand van Sint-Petersburg naar Magadan? Zoek een kaart waar allebei de plaatsen op staan!
b. Wat is de hemelsbrede afstand van Sölden naar Merano?
c. Wat is de hemelsbrede afstand tussen Istanbul en Ankara?
Oefenopdrachten: zoekmogelijkheden A
In de atlas werken we met verschillende soorten kaarten, we hebben
- overzichtskaarten
- staatkundige en natuurkundige kaarten
- thematische kaarten
- topografische kaarten
- gemeentekaarten
Overzichtskaarten:
Oefenopdracht 1:
Ga naar kaart 40-41 E4. Hier zie je een roze kleur, welk soort bodemgebruik vindt hier plaats?
Oefenopdracht 2:
Neem nu kaart 42-43 voor je. Meneer Vos, is met zijn kinderen wezen wandelen in de bossen bij zijn grootouders in de buurt. De kinderen hebben de gehele dag in het stuifzand gespeeld in de bossen. In welke plaats wonen zijn grootouders?
A. Helenaveen (F4) B. Barendrecht (D2) C. Waalwijk (E3)
Staatkundige kaarten:
Oefenopdracht 3:
Op staatkundige kaarten heeft ieder land of iedere provincie haar eigen kleur. Ga naar de staatkundige kaart van Nederland.
A. Welke kaart is dat?
B. Welke kleur heeft Noord Holland op deze kaart?
C. Noord-Holland heeft 2 hoofdsteden in de provincie welke?
1………………………………………………………………
2………………………………………………………………
D. Op welke manier wordt er onderscheid gemaakt tussen deze 2 hoofdsteden en hoe zie je dat terug in de kaart?
Oefenopdracht 4:
Neem kaart 164 voor je: Afrika staatkundig.
Wat is de hoofdstad van:
A. Tanzania:……………………………………………………………………………………
B. Zambia:………………………………………………………………………………………
C. Kongo:……………………………………………………………………………………….
Natuurkundige kaarten:
Vergelijk nu kaart 162 – 163 met kaart 164 – 165
Je ziet dat we net hebben gewerkt met een staatkundige kaart. Nu gaan we verder met een Natuurkundige kaart.
Oefenopdracht 5:
Bekijk op kaart 162-163 (G5) de Kilimanjaro. Dit is de hoogste berg van Afrika, hoe hoog is deze berg?
Oefenopdracht 6:
Ga weer terug naar kaart 162 - 163.
A. Welke 3 gebieden in Egypte liggen onder zee niveau?
1………………………………………………………………………………………………
2………………………………………………………………………………………………
3………………………………………………………………………………………………
B. Schrijf erachter hoe diep het daar is. ↑↑↑↑↑↑↑↑
Thematische kaarten
Oefenopdracht 7:
A. Neem kaart 211 E. Welk werelddeel heeft de meeste Malaria slachtoffers?
B. Van een aantal landen in Afrika zijn geen gegevens welke zijn dit?
Het arrangement Atlasvaardigheden - klas 1 is gemaakt met
Wikiwijs van
Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt,
maakt en deelt.
Auteur
R. van der Meij
Je moet eerst inloggen om feedback aan de auteur te kunnen geven.
Laatst gewijzigd
2018-09-03 20:51:20
Licentie
Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding vrij bent om:
het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.
Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:
Toelichting
Atlasvaardigheden voor 1e klas
Leerniveau
HAVO 1;
VWO 1;
Leerinhoud en doelen
Aardrijkskunde;
Eindgebruiker
leraar
Moeilijkheidsgraad
gemiddeld
Studiebelasting
0 uur en 50 minuten
Bronnen
Bron
Type
Kijk op de kaart! Met een goede overzichtskaart kan je makkelijk je weg vinden. Zo'n kaart moet je wel kunnen lezen. De schaal, de legenda en de symbolen geven de benodigde informatie. De kaarten die we nu gebruiken zijn vaak digitaal, maar gaan ook uit van dezelfde principes als de oude overzichtkaarten.
http://player.omroep.nl?aflID=10729927
Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten
terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI
koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI
koppeling aan te gaan.
Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.
Arrangement
IMSCC package
Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.
Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en
het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op
onze Developers Wiki.