Thema: Overheid en bestuur - vmbo-kgt34

Thema: Overheid en bestuur - vmbo-kgt34

Overheid en bestuur

Inleiding

Overheid en bestuur
De overheid speelt een belangrijke rol in de economie en de economie speelt een belangrijke rol bij de keuzes die de overheid maakt. Wie is de overheid eigenlijk en op welke manieren bemoeit de overheid zich met de economie? Welke producten worden door de overheid voortgebracht en waarom worden juist die producten door de overheid voortgebracht en andere niet? Wat wil de overheid bereiken met alle regelgeving en lukt dat ook? Een beter milieu begin met jezelf, maar welke rol speelt de overheid bij de bescherming van het milieu? 

Eindopdracht
De eindopdracht van dit thema heeft als titel 'Files!'. Je bestudeert uit de verkiezingsprogramma's van drie politieke partijen het gedeelte waarin ze iets zeggen over het fileprobleem. Je schrijft een kort artikel waarin je aangeeft welke partij volgens jou de beste oplossing heeft voor het fileprobleem.
Naast de eindopdracht vind je bij de afsluiting ook een overzicht van alle Kennisbankitems van dit thema plus een begrippenlijst, een diagnostische toets, examenvragen en enkele vragen die je helpen bij het terugkijken op het thema.

Genoeg te doen. Aan de slag!

Wat kan ik straks?

Aan het eind van het thema kan ik:

  • van verschillende situaties aangeven met welke overheid ik te maken heb.
  • (met behulp van voorbeelden) omschrijven wat wordt bedoeld met  economische politiek.
  • omschrijven wat het verschil is tussen een markteconomie en een planeconomie.
  • uitleggen waarom er in Nederland sprake is van een gemengde economie.
  • (met behulp van voorbeelden) uitleggen wat het verschil is tussen bedrijven in de particuliere sector en de collectieve sector.
  • (met behulp van voorbeelden) duidelijk maken wat het verschil is tussen collectieve en individuele producten.
  • uitleggen waarom de overheid op het gebruik van sommige producten subsidie geeft en waarom de overheid andere producten belast met accijns.
  • omschrijven wat bedoeld wordt met privatiseren.
  • uitleggen dat de economische politiek van de overheid ...
    • moet zorgen voor voldoende werkgelegenheid.
    • gericht is op het beperken van de inflatie.
    • moet zorgen voor een rechtvaardige inkomensverdeling.
    • moet bijdragen aan goede import- en exportmogelijkheden voor bedrijven.
  • twee voorbeelden van milieubeleid van de overheid noemen.
  • toelichten wat bedoeld wordt met maatschappelijke kosten.
  • twee voorbeelden noemen van milieuvriendelijk gedrag dat wordt gestimuleerd door de overheid.

Wat ga ik doen?

Het thema Overheid en bestuur bestaat uit de volgende onderdelen:

Voor je aan de slag gaat met de afsluiting maak je vier opdrachten.
In de tabel staat per activiteit hoeveel lessen je ongeveer nodig hebt.

Activiteit

Aantal lessen

Inleiding

0,5

Wat kan ik straks?

 

Wat ga ik doen?

 

Opdracht: Overheid en economie

2

Opdracht: Collectief of particulier?

2

Opdracht: Doelstellingen

2

Opdracht: Overheid en milieu

2

Afsluiting

 

Samenvattend

0,5

Eindopdracht

2

D-toets

0,5

Examenvragen

1

Terugkijken

0,5

Totaal:

13

 

*Extra opdracht

Opdrachten

Overheid en economie

Overheid en economie

Intro

Diny en Koos Vermolen hebben hun baan opgezegd, hun huis verkocht en een camping in Frankrijk gekocht. Om het hun gasten zoveel mogelijk naar de zin te maken, zijn er geen regels op de camping. Op het bord bij de ingang staat: "Vrijheid, blijheid". 

Wat denk jij?

Kan dat, een camping zonder regels? Waarom wel of waarom niet?

Bespreek je antwoord met een klasgenoot.

Wat kan ik straks?

Aan het eind van deze opdracht kan ik:

  • van verschillende situaties aangeven met welke overheid ik te maken heb.
  • (met behulp van voorbeelden) omschrijven wat wordt bedoeld met  economische politiek.
  • omschrijven wat het verschil is tussen een markteconomie en een planeconomie.
  • uitleggen waarom er in Nederland sprake is van een gemengde economie.

Wat ga ik doen?

Activiteiten

Aan de slag

Stap

Leervragen

Stap 1

Welke overheden zijn er en met welke overheid heb je in verschillende situaties te maken?

Stap 2

Welke verkiezingen zijn er?

Stap 3

Wat wordt bedoeld met economische politiek en op welke manier kan de overheid zich met de economie bemoeien?

Afronding

Onderdeel

Activiteit

Extra

Discussieer met mijn klasgenoten over rol van de overheid.

Terugkijken

Terugkijken op de opdracht.

 

Tijd
Voor deze opdracht heb je 2 uur nodig.

Aan de slag

Stap 1: Overheid en bestuur

In de Kennisbank Economie vind je een onderdeel over de inrichting van de overheid.
Bestudeer dat onderdeel.

Overheid en bestuur


Doe de oefening 'Overheid en bestuur'.

Er zijn in Nederland drie overheden: het rijk, de provincies en de gemeenten. De drie overheden hebben alle drie een eigen taak.

Iemand die in dienst is bij de overheid noem je een ambtenaar.

Stap 2: Verkiezingen

In Nederland hebben inwoners van 18 jaar en ouder kiesrecht.
Tijdens verkiezingen mogen zij hun stem uitbrengen op iemand van een politieke partij.
Er zijn vier verkiezingen:

  • de gemeenteraadsverkiezingen,
  • verkiezingen voor de Provinciale Staten,
  • verkiezingen voor de Tweede Kamer en
  • verkiezingen voor het Europese parlement.

 

Stap 3: Economische politiek

Maak eerst de volgende oefening en lees daarna de tekst onder de oefening.

De overheid heeft op veel terreinen invloed.
Veel beslissingen van de overheid hebben invloed op de economie.
Je zegt: de overheid voert economische politiek.

Als in een land van de invloed van de overheid zeer groot is, spreek je van een planeconomie.
Heeft de overheid in een land nauwelijks invloed, dan heeft dat land een markteconomie.
Een land heeft een gemengde economie als de overheid wel invloed heeft, maar niet alles regelt.

Afronding

Eindopdracht: Vóór of tegen?

Economen zijn het ook lang niet altijd met elkaar eens.
Er wordt veel gediscussieerd over de invloed die de overheid op het economische leven moet hebben.
Sommige economen zijn voorstanders van een overheid op afstand.
Andere economen pleiten juist voor een actieve overheid.

Terugkijken

Intro

  • Bekijk de intro opnieuw. Past de intro goed bij de opdracht?
    Waarom wel/niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Zorg dat je alle genoemde begrippen kunt omschrijven.

Hoe ging het?

  • Tijd
    Hoelang ben je met de opdracht bezig geweest?
    Welke stap heeft het meeste tijd gekost?
  • Inhoud
    Wist je al van het bestaan van een cao? Schrijf op wat nieuw voor je was.
  • Afronding - Samenvattingsopdracht
    Was het fijn om de theorie nog even op een rijtje te kunnen zetten?

Collectief of particulier?

Collectief of particulier

Intro

Bekijk de twee foto's hieronder. 
Je ziet een foto van een winkel en een foto van een stadskantoor.



Wat denk jij?

Wat zijn de verschillen tussen beide bedrijven?
Probeer zoveel mogelijk verschillen te bedenken.

Bespreek je antwoorden met een klasgenoot.

Wat kan ik straks?

Aan het eind van deze opdracht kan ik:

  • (met behulp van voorbeelden) uitleggen wat het verschil is tussen bedrijven in de particuliere sector en de collectieve sector.
  • (met behulp van voorbeelden) duidelijk maken wat het verschil is tussen collectieve en individuele producten.
  • uitleggen waarom de overheid op het gebruik van sommige producten subsidie geeft en waarom de overheid andere producten belast met accijns.
  • omschrijven wat bedoeld wordt met privatiseren.

Wat ga ik doen?

Activiteiten

Aan de slag

Stap

Leervragen

Stap 1

Wat zijn verschillen tussen collectieve bedrijven en particuliere bedrijven?

Stap 2

Wat zijn individuele overheidsproducten en wat zijn collectieve overheidsproducten?

Stap 3

Hoe kan de overheid het bezoek aan een museum stimuleren door subsidie te geven aan het museum?

Stap 4

Wat zijn voordelen en nadelen van privatiseren?

Afronding

Onderdeel

Activiteit

Samenvattend

Maak de samenvattingsopdracht.

Terugkijken

Terugkijken op de opdracht.

 

Tijd
Voor deze opdracht heb je 2 uur nodig.

Aan de slag

Stap 1: Collectief of particulier

Bestudeer uit de Kennisbank economie de pagina 'Collectief of particulier' van het volgende onderdeel.

Collectief of particulier

Doe de oefeningen.

Stap 2: Overheidsproducten

Bestudeer nu pagina 'Overheidsproducten' van het volgende onderdeel.
Bekijk ook de video op de volgende pagina.

Collectief of particulier

Doe de oefeningen.

Stap 3: Subsidies en accijns

Bestudeer nu ook de pagina Subsidies en accijns uit de Kennisbank.

Collectief of particulier

Doe de oefeningen

Stap 4: Privatiseren

Soms wordt een overheidsbedrijf geheel of gedeeltelijk verkocht aan particulieren.
Je noemt dat privatiseren.

In Nederland zijn bijvoorbeeld busmaatschappijen en energiebedrijven geprivatiseerd.
Enkele jaar geleden waren veel partijen vóór het privatiseren van overheidsbedrijven.
Nu wordt daar veel kritischer naar gekeken.

Afronding

Samenvattend

Wat heb je geleerd?

Terugkijken

Intro

  • Bekijk de intro opnieuw. Past de intro goed bij de opdracht?
    Waarom wel/niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Kun je uitleggen waarom de overheid zelf producten maakt?

Hoe ging het?

  • Tijd
    Ben je meer of minder dan twee uur met de opdracht bezig geweest?
    Welke stap kostte veel tijd? Hoe kwam dat?
  • Inhoud
    Je had natuurlijk al vaker gehoord over de overheid.
    Wist je ook dat de overheid zelf zoveel producten maakt?
    Kende je de term privatiseren al? Is je mening over privatiseren veranderd?
  • Afronding - Samenvattend
    Heb je de samenvattingsopdracht gemaakt?
    Ging het goed.

Doelstellingen

Doelstellingen

Intro

Bekijk de volgende vier krantenkoppen. 


Bij elke krantenkop hoort een begrip. Maak de juiste cijfer-lettercombinatie.

  1. inkomensverdeling
  2. inflatie
  3. import en export
  4. arbeidsmarkt

Bespreek je keuze met een klasgenoot.

Wat kan ik straks?

Aan het eind van deze opdracht kan ik:

  • uitleggen dat de economische politiek van de overheid ...
    • moet zorgen voor voldoende werkgelegenheid.
    • gericht is op het beperken van de inflatie.
    • moet zorgen voor een rechtvaardige inkomensverdeling.
    • moet bijdragen aan goede import- en exportmogelijkheden voor bedrijven.

Wat ga ik doen?

Activiteiten

Aan de slag

Stap

Leervragen

Stap 1

Hoe kan de overheid de werkgelegenheid positief beïnvloeden?

Stap 2

Hoe kan inflatie leiden tot een toename van de werkloosheid?

Stap 3

Waarom, denk ik, streeft de overheid naar een rechtvaardige inkomensverdeling?
Wat brengt de Lorenzcurve in beeld?

Stap 4

Waarom is het voor Nederland belangrijk dat er goede import- en exportmogelijkheden zijn?

Afronding

Onderdeel

Activiteit

Eindopdracht

Breng de vier doelstelling van de economische politiek in beeld.

Terugkijken

Terugkijken op de opdracht.

 

Tijd
Voor deze opdracht heb je 2 uur nodig.

Aan de slag

Stap 1: Werkgelegenheid

Een van de doelstellingen van de economische politiek van de overheid is zorgen voor voldoende werkgelegenheid.
De overheid probeert op verschillende manieren het aantal werklozen terug te dringen.
De makkelijkste manier is natuurlijk om zelf mensen in dienst te nemen.

Doe de volgende oefeningen.

Stap 2: Inflatie en werkloosheid

Inflatie is het duurder worden van producten.
Een van de doelstellingen van de economische politiek van de Nederlandse overheid is ervoor zorgen dat de inflatie beperkt blijft.

Stap 3: Rechtvaardige inkomensverdeling

Een van de doelstellingen van de economische politiek van de Nederlandse overheid is zorgen voor een rechtvaardige inkomensverdeling.
In Nederland verdient niet iedereen evenveel. Er zijn verschillende redenen voor inkomensverschillen.

Doe de oefeningen.

Lorenzcurve

In Nederland zijn er inkomensverschillen.
Een manier om de inkomensverdeling in beeld te brengen is de Lorenzcurve.
Hiernaast zie je een Lorenzcurve.
Bij de horizontale as staat het 'aandeel inkomenstrekkers in %'.
Bij de verticale as het 'inkomensaandeel in %'.
Als in een land iedereen evenveel verdient, is de Lorenzcurve de zwarte lijn:
- 25% van de mensen verdient 25% van het inkomen,
- 50% van de mensen verdient 50% van het inkomen, enz.

In werkelijkheid zijn er altijd inkomensverschillen.
Je krijgt dan bijvoorbeeld de groene lijn:
- de armste 25% van de bevolking verdient samen 10% van het totale inkomen,
- de tweede 25% verdient 15% (25 - 10 = 15) van het inkomen,
- de derde 25% verdient 22% (47 - 25 = 22) van het inkomen,
- de 25% rijksten verdienen samen 53% van het totale inkomen.

Stap 4: Import en export

Nederland is een klein land met een open economie. Handel met het buitenland is heel belangrijk voor Nederland.
Een van de doelstellingen van de economische politiek is ervoor zorgen dat er goede import- en exportmogelijkheden voor bedrijven zijn.
De Nederlandse overheid streeft naar een exportoverschot.

Afronding

Eindopdracht: Poster

Als eindopdracht maak je een poster (of vier kleine postertjes).

Op de poster komen krantenkoppen en afbeeldingen die passen bij de vier doelstellingen van het beleid van de Nederlandse overheid.

In de gereedschapskist vind je tips en tools voor het maken van een poster.

Klaar?
Lever de poster in bij je docent. De beoordelingscriteria vind je in de gereedschapskist.

 

Poster maken

Op een informatieve poster kun je laten zien wat de belangrijkste delen van de lesstof zijn. Ook kun je weergeven hoe bepaalde delen zich tot elkaar verhouden.

 

Terugkijken

Intro

  • Bekijk de intro opnieuw. Past de intro goed bij de opdracht?
    Waarom wel/niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Kijk of je bij iedere doelstelling van de economische politiek een voorbeeld kunt noemen.

Hoe ging het?

  • Inhoud
    Wist je dat de overheid zich met zoveel dingen bemoeit?
    Als jij zou mogen kiezen. Welke van de vier doelstelling vind jij dan het belangrijkste?.
  • Afronding - Eindopdracht
    Was het gemakkelijk om in de krant (of op internet) bij iedere doelstelling een krantenkop of afbeelding te vinden?
    Ben je tevreden over het resultaat?

Overheid en milieu

Overheid en milieu

Intro

Lees onderstaande tekst. 

Wat vind jij?

Moet de overheid ingrijpen als bedrijven stoffen produceren die schadelijk zijn voor het milieu?
En wat als dat ingrijpen ten koste gaat van de werkgelegenheid of zelfs een hele beroepsgroep?

Bespreek je antwoorden met een klasgenoot.

Wat kan ik straks?

Aan het eind van deze opdracht kan ik:

  • twee voorbeelden van milieubeleid van de overheid noemen.
  • toelichten wat bedoeld wordt met maatschappelijke kosten.
  • twee voorbeelden noemen van milieuvriendelijk gedrag dat wordt gestimuleerd door de overheid.

Wat ga ik doen?

Activiteiten

Aan de slag

Stap

Leervragen

Stap 1

Hoe kan de overheid milieuvriendelijk gedrag stimuleren?
Hoe kan de overheid de productie van niet milieuvriendelijke producties tegengaan?

Stap 2

Waarom zal de overheid de aanleg van een zonnecollector subsidiëren?

Stap 3

Wat zijn maatschappelijke kosten?

Afronding

Onderdeel

Activiteit

Eindopdracht

Voer een discussie over verschillende maatregelen tegen vervuiling.

Terugkijken

Terugkijken op de opdracht.

 

Tijd
Voor deze opdracht heb je 2 uur nodig.

Aan de slag

Stap 1: Overheid en milieu

Bestudeer uit de Kennisbank economie de eerste pagina van het volgende onderdeel.

Overheid en milieu


Doe de oefeningen.

De auto is een van de grootste vervuilers in Nederland. De regering probeert het gebruik van de auto onder andere terug te dringen door een hoge accijns op benzine. Een andere maatregel die wordt overwogen is het invoeren van rekeningrijden.

Stap 2: Zonne-energie

Beantwoord de vragen in de oefening 'Zonne-energie'.

Stap 3: Maatschappelijke kosten

Doe eerst de oefening en lees daarna de tekst onder de oefening.

Bestudeer uit de Kennisbank economie de pagina over 'Maatschappelijke kosten'.

Overheid en milieu


Doe de oefening.

Afronding

Eindproduct: Discussie

Bekijk samen met een klasgenoot de volgende situatie.

Terugkijken

Intro

  • Bekijk de intro opnieuw. Past de intro goed bij de opdracht?
    Waarom wel/niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Ga na of je de doelen gehaald hebt.

Hoe ging het?

  • Tijd
    Hoelang ben je met de opdracht bezig geweest?
    Welke stap heeft het meeste tijd gekost?
  • Inhoud
    Je hebt al vaker opdrachten over milieu en milieuvervuiling gemaakt.
    Wat maakt het dat deze opdracht goed bij het vak economie past?
  • Afronding - Eindopdracht
    Voor welke maatregel heb je uiteindelijk gekozen?

Afsluiting

Samenvattend

Hier vind je de Kennisbankitems die horen bij dit thema.

overheid
er zijn vier overheden: de gemeente, de provincie, het rijk en de Europese Unie.

ambtenaar
werknemer in dienst van de overheid.

economische politiek
beleid van de overheid dat invloed heeft op het economische leven.

planeconomie
de overheid heeft een zeer grote invloed op het economische leven.

markteconomie
de invloed van de overheid op het economische leven is klein.

subsidie
tegemoetkoming in de kosten die worden gemaakt bij het maken van een product. Doel is het gebruik van het product te stimuleren.

accijns
extra belasting op producten om het gebruik van die producten af te remmen.

privatiseren
een overheidsbedrijf wordt een particulier bedrijf. Het omgekeerde heet nationaliseren.

gemengde economie
de overheid heeft invloed op het economisch leven, maar bepaalt lang niet alles.

particuliere sector
niet-overheidsbedrijven.

collectieve sector
overheidsbedrijven.
Wordt ook wel publieke sector genoemd.

collectieve overheidsproducten
overheidsproducten waarvan iedereen gebruikmaakt en die worden betaald uit de belastingopbrengst.

individuele overheidsproducten
producten die door de overheid aan één of meerdere personen worden geleverd en waar meestal voor betaald moet worden.

milieubeleid
overheidsmaatregelen die er op gericht zijn milieuvervuiling tegen te gaan.

maatschappelijke kosten
kosten voor bijvoorbeeld het opruimen van milieuvervuiling die betaald moeten worden door de overheid.

milieuvriendelijk gedrag
gedrag dat het milieu zo min mogelijk belast.

Eindopdracht

Files!
De eerste file in Nederland was er al in 1925. Sindsdien is het aantal en de lengte van files eigenlijk alleen maar toegenomen. De irritatie over files ook.

Bekijk de volgende video over het fileprobleem in Nederland.

Er wordt veel nagedacht over oplossingen. In deze opdracht kijk je hoe de overheid meedenkt.

Eindproduct
In de eindopdracht van het thema 'Overheid en bestuur' kijk je naar wat de partijen willen doen aan het fileprobleem.
Je werkt samen met een klasgenoot. Jullie schrijven een kort artikel waarin jullie vertellen op welke partij jullie zouden stemmen als het gaat om het oplossen van het fileprobleem.

Verkiezingsprogramma's
In de verkiezingsprogramma's van de drie politieke partijen kun je lezen hoe deze partijen denken over het fileprobleem.

Uit het verkiezingsprogramma van de PvdA:
Met name in en rond de grote steden moet het autogebruik worden teruggebracht ten gunste van het openbaar vervoer. Het gebruik van de fiets moet worden gestimuleerd.
Belastingvoordelen die autogebruik bevorderen moeten worden afgeschaft. Het bestaande wegennet kan beter worden benut door toeritdosering en rekeningrijden.
Het delen en huren van auto's moet aantrekkelijker worden gemaakt.

 

Uit het verkiezingsprogramma van de CDA:
Werkgevers moeten stimuleren dat werknemers waar mogelijk thuis werken (telewerken). Op alle mogelijk manieren moet het openbaar vervoer verbeterd worden. Door de introductie van rekeningrijden, toeritdosering, betaal- en doelrijbanen kan het bestaande wegennet beter worden benut.
Bestaande wegen kunnen worden verbreed en er mogen nieuwe wegen worden aangelegd.

 

Uit het verkiezingsprogramma van de VVD:
Een bedrag van 2 miljard euro moet worden uitgetrokken voor verbetering van de infrastructuur.
Het wegennet in met name de randstad is volstrekt onvoldoende.
Het autogebruik moet worden afgeremd. Dit kan door het verbeteren van het openbaar vervoer en het stimuleren van telewerken.
Flexibelere werktijden kunnen er voor zorgen dat het wegennet beter benut wordt.
Maatregelen als rekeningrijden mogen alleen ingevoerd worden als er een goed alternatief van openbaar vervoer is.

Beantwoord eerst samen de volgende vragen.

  1. Zoek uit wat wordt bedoeld met:
    • Rekeningrijden
    • Toeritdosering
    • Betaal- en doelrijbanen
  2. Geef van de onderstaande uitspraken aan uit welk verkiezingsprogramma ze komen (het is mogelijk dat een uitspraak in meerdere programma's voorkomt).
    1. Belastingvoordelen die autogebruik bevorderen moeten worden afgeschaft.
    2. Er moet meer geld beschikbaar komen voor beter openbaar vervoer.
    3. De fiets moet een beter alternatief voor de auto worden.
    4. Het wegennet mag/moet worden uitgebreid.
    5. Rekeningrijden moet zeker worden ingevoerd.
    6. Telewerken moet gestimuleerd worden.
    7. Het huren van een auto moet aantrekkelijker worden.
  3. Op welke punten kunnen de PvdA en de VVD goed samenwerken?
    En op welke punten verschillen ze van mening?
  4. En op welke punten kunnen het CDA en de VVD goed samenwerken?
  5. En het CDA en de PvdA?
  6. Welke partij is volgens jou het meest 'milieuvriendelijk'?
  7. Op welke partij zou jij stemmen als je alleen let op dit deel uit het programma?

Eindproduct
Samen met een klasgenoot schrijf je een kort artikel waarin je aangeeft op welke partij jullie zouden stemmen als het gaat om het oplossen van het fileprobleem.
In het artikel komt in ieder geval:

  • een titel: schrijf bovenaan de titel.
  • een inleiding: leg uit waar het artikel over gaat.
  • een middenstuk: leg uit wat jullie hebben gedaan om tot een conclusie te kunnen komen.
    Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen de partijen.
  • een afsluiting: sluit af met de conclusie: 'Op welke partij stemmen jullie en waarom?'

Klaar?
Laat het artikel beoordelen door de docent.

Artikel schrijven

Een artikel is een goede manier om informatie te presenteren of een gebeurtenis te beschrijven.

 

Diagnostische toets

Test je kennis. Maak de diagnostische toets.

Examenvragen

Examenvragen
Op deze pagina vind je een aantal examenvragen uit examens van vorige jaren.
De vragen sluiten zo goed mogelijk aan bij dit thema.

VMBO-GT34 2017-TV1

2017-TV1 Vragen 23-27

VMBO-GT34 2018-TV1

2018-TV1 Vraag 39

VMBO-GT34 2018-TV2

2018-TV2 Vragen 6-10

VMBO-GT34 2019-TV1

2019-TV1 Vragen 7-11

 

Meer oefenen?
Wil je meer oefenen met examenvragen? Log dan in op ExamenKracht.

 

Terugkijken

Intro

  • Lees de intro van deze opdracht nog eens door.
    Vind je het een goede intro om de opdracht mee te beginnen?
    Waarom wel of waarom niet?

Kan ik wat ik moet kunnen?

  • Lees de leerdoelen van deze opdracht nog eens door.
    Kun je wat je moet kunnen?

Hoe ging het?

  • Tijd
    Bij de activiteiten stond dat je ongeveer 13 uur met dit thema bezig zou zijn.
    Klopt dat ongeveer?
  • Inhoud
    Het thema bestaat uit vier gewone opdrachten.
    Welke opdracht vond je het gemakkelijkste?
    En welke vond je best moeilijk? Schrijf op waarom je deze opdracht moeilijk vond.
  • Samenvattend
    Bekijk de begrippenlijst nog eens. Staan alle begrippen uit de leerdoelen in de lijst?
  • Eindopdracht
    Heb je de eindopdracht over 'Files in Nederland' gemaakt?
    Past de opdracht goed bij het thema?
    Ben je tevreden met het artikel dat je hebt geschreven?
  • D-toets
    Wat was je score voor de D-toets? Ben je tevreden met die score?
    Heb je geleerd van de fouten die je hebt gemaakt?
  • Examenvragen
    Heb je de examenvragen gemaakt? Ging het goed?
    Wil je meer oefenen en met recentere examens?
    Ga dan naar ExamenKracht.
  • Het arrangement Thema: Overheid en bestuur - vmbo-kgt34 is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    VO-content
    Laatst gewijzigd
    18-11-2025 08:38:58
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie.

    Het thema 'Overheid en bestuur' is ontwikkeld door auteurs en medewerkers van StudioVO.

    Fair Use
    In de Stercollecties van StudioVO wordt gebruik gemaakt van beeld- en filmmateriaal dat beschikbaar is op internet. Bij het gebruik zijn we uitgegaan van fair use. Meer informatie: Fair use

    Mocht u vragen/opmerkingen hebben, neem dan contact op via de helpdesk VO-content.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Toelichting
    Dit thema valt onder de arrangeerbare leerlijn van de Stercollecties voor economie voor vmbo-kgt34. In dit thema gaat het over de overheid en het bestuur. Het begint met een inleiding, vervolgens komen de leerdoelen, en daarna wat je gaat doen in dit thema. Dan kom je bij de opdrachten die horen bij dit thema, dit zijn: Overheid & economie, Collectief of particulier?, Doelstellingen en Overheid & Milieu. Begrippen die hier belangrijk zijn: overheid, ambtenaar, economische politiek, planeconomie en subsidie. De eindopdracht van dit thema is een artikel schrijven waarin jullie vertellen op welke partijen jullie zouden stemmen als het om het oplossen van het fileprobleem. Na de eindopdracht komt een D-toets, hier worden negen meerkeuzevragen gesteld over het thema: Overheid en bestuur. Vervolgens worden er nog verschillende examenvragen weergegeven die horen bij dit thema. Dit thema eindigt met het terugkijken op dit thema, dus hoe ging het? en kan ik wat ik moet kunnen?
    Leerniveau
    VMBO gemengde leerweg, 3; VMBO theoretische leerweg, 4; VMBO theoretische leerweg, 3; VMBO kaderberoepsgerichte leerweg, 4; VMBO gemengde leerweg, 4; VMBO kaderberoepsgerichte leerweg, 3;
    Leerinhoud en doelen
    Economie; Overheid en bestuur;
    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld
    Studiebelasting
    13 uur 0 minuten
    Trefwoorden
    accijns, ambtenaar, arrangeerbaar, economie, economische politiek, overheid en bestuur, planeconomie, stercollectie, subsidie, vmbokgt34

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    VO-content Economie. (2020).

    Opdracht: Collectief of particulier? - vmbo-kgt34

    https://maken.wikiwijs.nl/62292/Opdracht__Collectief_of_particulier____vmbo_kgt34

    VO-content Economie. (2020).

    Opdracht: Doelstellingen - vmbo-kgt34

    https://maken.wikiwijs.nl/62293/Opdracht__Doelstellingen___vmbo_kgt34

    VO-content Economie. (2020).

    Opdracht: Overheid en economie - vmbo-kgt34

    https://maken.wikiwijs.nl/62291/Opdracht__Overheid_en_economie___vmbo_kgt34

    VO-content Economie. (2020).

    Opdracht: Overheid en milieu - vmbo-kgt34

    https://maken.wikiwijs.nl/62294/Opdracht__Overheid_en_milieu___vmbo_kgt34

  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    Oefeningen en toetsen

    Overheid en bestuur

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    QTI

    Oefeningen en toetsen van dit arrangement kun je ook downloaden als QTI. Dit bestaat uit een ZIP bestand dat alle informatie bevat over de specifieke oefening of toets; volgorde van de vragen, afbeeldingen, te behalen punten, etc. Omgevingen met een QTI player kunnen QTI afspelen.

    Versie 2.1 (NL)

    Versie 3.0 bèta

    Voor developers

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.