Prentenboek - Kleine ijsbeer in de tropen

Prentenboek - Kleine ijsbeer in de tropen

Lessenserie - Kleine ijsbeer in de tropen

Titel lessenserie

Kleine ijsbeer in de tropen

Algemene informatie lessenserie

..

Doelgroep en aantal leerlingen

Cluster: ...  Onderbouw, middenbouw, bovenbouw

Leerroute(s): ...

Aantal leerlingen: ...

Beginsituatie leerlingen

..

Kerndoelen van deze les

Kerndoel 1 - Mondelinge taalvaardigheid: De leerlingen leren informatie te verwerven uit gesproken taal. Ze leren deze informatie, mondeling of schriftelijk, gestructureerd weer te geven. In deze taalronde oefenen kinderen met luisteren naar anderen, informatie verwerken en eigen ervaringen gestructureerd vertellen.

Kerndoel 2 - Taalbeschouwing en woordenschat: De leerlingen leren taal te gebruiken als middel om te reflecteren op eigen ervaringen en om relaties te leggen met nieuwe begrippen. De kinderen breiden hun woordenschat uit met begrippen zoals warm, koud, smelten, bevriezen en gebruiken deze om eigen ervaringen te beschrijven.

Kerndoel 42 - De leerlingen leren onderzoek te doen aan materialen en natuurkundige verschijnselen, zoals licht, geluid, elektriciteit, kracht, magnetisme en temperatuur. Ze ervaren de kracht van water (drijven en zinken) & ervaren warm en koud subjectief.

Kerndoel 54 - Beeldende vorming: kleur, kleuren namen, soorten kleuren, het mengen van kleuren; schilderen (met kwast en vingerverf), gebruik plakkaatverf en gekleurde inkt.

Kerndoel 26 - Rekenen/Wiskunde: Getallen en bewerkingen.
De telrij tot 10/20: de telwoorden, verder tellen en terugtellen vanaf een willekeurig getal. Tellen in sprongen van 2, 5 en 10.
Getalpatronen herkennen zoals die op de dobbelsteen en bij dominostenen.

Koppeling aan leerlijn(en), leerroute(s)

..

Volgorde van de lessen

Lineair

Tijdsduur les/(leer)activiteiten

..

Kernactiviteiten/-thema’s per les/(leer)activiteit

1. Tijdens de introductieles staat verwondering centraal. Het gaat erom dat de leerlingen worden geactiveerd en nieuwsgierig worden naar het boek. Daarom laat je de leerlingen ervaren met behulp van een ijsblok, wat er gebeurt als het blok drijft en wanneer het gaat smelten. Je stelt ondertussen vragen aan de leerlingen over wat ze zien en hoe dat kan.

2. Tijdens de taalles volg je de onderdelen van een taalronde, waarin één onderwerp centraal staat. Het gaat in de taalronde om het vergelijken van warme landen met koude landen.

3. In de les "mens, natuur en techniek" gaan de leerlingen zelf aan de slag met het maken van een iglo van suikerklontjes. Wanneer de iglo af is, ga je die samen met de leerlingen laten 'smelten' door er warm water overheen te gieten. Je stelt vragen aan de leerlingen: wat zie je? wat gebeurt er met de iglo? Hoe denk je dat dit kan?

4. In deze les ontdekken de leerlingen wat het verschil is tussen warme en koude kleuren door deze op een creatieve manier te koppelen aan het leefgebied van dieren.

5. In de rekenles leren de leerlingen de telrij in het Nederlands en in hun eigen thuistaal. Ze gaan springen van ijsschots naar ijsschots en tellen hierbij de ijsschotsen. Maar de ijsschotsen smelten ook en het worden er dus minder, maar hoeveel. Ook springen de leerlingen over meerdere schotsen tegelijk, over 2, 5, 10 etc.

Didactiek / instructiemodel(len)

..

Bronnen / materiaalverwijzing

Hieronder staat de link naar de website prentenboeken in alle talen van De stichting Voorleesexpress.
Kleine ijsbeer - Een ijsbeer in de tropen | Prentenboeken in alle talen

 

 

Toelichting

De lessenserie, geschikt voor leerlingen van de onderbouw, begint met de introductie van het boek: Kleine ijsbeer - een ijsbeer in de tropen. Dit boek zal bij elke les weer aan bod komen. De leerlingen maken kennis met de kleine ijsbeer, Lars. Lars drijft op een ijsschots weg uit zijn witte poolwereld en komt in een land waar het warm en groen is. Tijdens de gehele lessenserie staan deze begrippen centraal: koud, warm, smelten, vriezen, drijven en zinken.  De leerlingen maken kennis met verschillende talen, en worden gestimuleerd om hun eigen thuistaal te gebruiken. Door meertaligheid op meerdere manieren te stimuleren tijdens de lessen, willen we dat alle leerlingen zich gehoord en gezien voelen.

Doel van de les:
Onze lessenserie bevat verschillende doelen. Het overkoepelende doel is om kennis te maken met meertaligheid. De leerlingen worden gestimuleerd om hun thuistaal actief te gebruiken in de klas.


Activiteit:
In de lessenserie komen meerder vakgebieden aanbod: Rekenen, taal, beeldende vorming en mens, natuur en techniek. Tijdens de lessenserie staat het boek: Kleine ijsbeer - een ijsbeer in de tropen centraal. Daarnaast maken we gebruik van de website: Prentenboeken in alle talen, op deze website is de vertaling van het prentenboek te beluisteren in zevenendertig talen.

 

Lesformulier - les 1

Introductie van het boek

Kerndoelen van deze les

Kerndoel 1 - de leerlingen leren informatie te verwerven uit gesproken taal. Ze leren tevens die informatie, mondeling of schriftelijk, gestructureerd weer te geven.

Kerndoel 42 - De leerlingen leren onderzoek te doen aan materialen en natuurkundige verschijnselen, zoals licht, geluid, elektriciteit, kracht, magnetisme en temperatuur. --> Ze ervaren de kracht van water (drijven en zinken) & ervaren warm en koud subjectief.

Kerndoel 43 - De leerlingen leren hoe je weer en klimaat kunt beschrijven met behulp van temperatuur, neerslag en wind.

Leerdoelen - kennis en/of vaardigheden

Leerlingen leren woorden die passen binnen de thema's van het boek en kunnen die woorden gebruiken bij het beantwoorden van een vraag.

Leerlingen ervaren drijven en zinken en het verschil tussen warm, koud en ijskoud.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht stelt een aantal vragen aan de leerlingen of geeft hen een kleine opdracht om een verhaaltje in eigen woorden te vertellen, waarbij zij minimaal 6 van de nieuw geleerde woorden moeten gebruiken.

Woordenschat: IJsvlakte, noordpool, berenvacht, sneeuwberg, ijsschots, ton, voetzolen, Hippo het Nijlpaard, Dago de arend, wereld, kameleon, horizon, Orka de walvis.

Leerlingen kunnen in hun eigen woorden uitleggen wat de volgende woorden betekenen: eenzaam, verlaten, tevoorschijn, afkoelen, reusachtig, overkant, geschikt plekje, verlangen, beleefd, hetzelfde moment, hoogste woord, nooit, begrijpen.

Leerlingen kunnen woorden geven aan dingen die ze in het echt zien gebeuren: drijven, zinken, verlaten, klauteren, dobberen, glijden, spetteren, verbazen, turen in de verte.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel (DPL)

 

Fase 1 – start / introductie:
Leg een blok ijs in de watertafel en zet het ijsbeertje erop.
Stel vragen om de kinderen te activeren:

  • Zou de ijsbeer de hele dag droog kunnen blijven?
  • Wanneer gaat een ijsblok smelten?
  • Wat gebeurt er als het gaat regenen?
  • Hoe zou de ijsbeer zich kunnen verplaatsen?

 

Fase 2 – interactieve instructie, modelling:

Voor het voorlezen
Bekijk met de kinderen de kaft van het boek, vraag wat ze zien en of ze een idee hebben wat dat betekent. Vertel in het kort waar het boek over gaat, zonder de clou weg te geven.
“Lars, de kleine ijsbeer staat op een ijsschots bij een grote sneeuwberg. Eerst zat de ijsschots nog vast aan een grote ijsvlakte waar Lars samen met zijn vader woonde. De ijsschots is afgebroken en nu is Lars helemaal alleen op zee. De stroming van de zee brengt hem naar land, maar waar zou hij terechtkomen?”


Tijdens het voorlezen
Als het boek voor de eerste keer voorgelezen wordt onderbreek je het verhaal zo min mogelijk. Geef kort uitleg bij lastige woorden die echt nodig zijn om het verhaal te begrijpen, bijvoorbeeld met hulp van de illustraties. Zorg ervoor dat alle kinderen het boek goed kunnen zien, bijvoorbeeld op het digibord.

 

Fase 3 – actieve verwerking:

Een tweede keer voorlezen

Je kunt de leerlingen aanzetten tot denken over een fragment in het verhaal. Stel denkvragen en vraag door op wat de leerlingen antwoorden

 

Voorbeelden van denkvragen:

  • Bekijk de bladzijde met Lars en zijn vader en de bladzijde met Lars en Hippo. Wat zijn de overeenkomsten / wat zijn de verschillen? Waarom denk je dat?
  • Zou jij hulp vragen aan iemand die je eng vindt? Net zoals Lars hulp vraagt aan Hippo.
  • Hoe zouden de dieren in de tropen Lars kunnen helpen om weer naar huis te komen?
  • Lees het boek voor tot de zin 'Waar is hij nu terechtgekomen?' Laat de leerlingen nadenken over de omgeving waar Lars naartoe is gedreven.
  • De ijsschots van Lars smelt en hij klimt op een ton. Stel dat er geen ton zou zijn, wat zou hij dan kunnen doen?
  • Waarom zou de ijsschots afbreken van de ijsvlakte?
  • Ben jij wel eens je vader of moeder kwijt geweest? Hoe heb je ze toen weer teruggevonden?

 

Fase 4 – eind van de les:

Geef een samenvatting van het verhaal dat jullie hebben gelezen en laat de leerlingen om de beurt woorden aanvullen in het verhaal.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:

  • Speelgoed ijsbeertje
  • Watertafel / teiltje met water
  • Boek: 'Kleine ijsbeer - Een ijsbeer in de tropen'.

Voorbereiding: Vries een paar dagen van te voren een ijsblok in wat groot genoeg is voor je speelgoed ijsbeertje:

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

..

Overige

..

Lesmateriaal

Aanvullende docenten handleiding

Lesvoorbereiding introductieles

 

Tijdens de introductie staat verwondering centraal. Van tevoren vries je (de leraar) een ijsblok in.  Tijdens de introductieles laat je dit ijsblok drijven in een bak met water met daarop een ijsbeertje. Het gaat erom dat de leerlingen worden geactiveerd en nieuwsgierig worden naar het boek.

Stel vragen als: zou de ijsbeer de hele dag droog kunnen blijven? Wanneer gaat het ijsblok smelten? Wat gebeurt er als het gaat regenen? Hoe zou de ijsbeer kunnen verplaatsen?

Na de verwondering introduceer je het boek, vertel kort waar het over gaat en lees daarna het boek met zo weinig mogelijk onderbrekingen voor.

Hieronder vind je een voorbeeld van een lesvoorbereidingsformulier. 

 

Lesformulier - les 2

Kerndoelen

Kerndoel 1 - Mondelinge taalvaardigheid: De leerlingen leren informatie te verwerven uit gesproken taal. Ze leren deze informatie, mondeling of schriftelijk, gestructureerd weer te geven. In deze taalronde oefenen kinderen met luisteren naar anderen, informatie verwerken en eigen ervaringen gestructureerd vertellen.

Kerndoel 2 - Taalbeschouwing en woordenschat: De leerlingen leren taal te gebruiken als middel om te reflecteren op eigen ervaringen en om relaties te leggen met nieuwe begrippen. De kinderen breiden hun woordenschat uit met begrippen zoals warm, koud, smelten, bevriezen en gebruiken deze om eigen ervaringen te beschrijven.

Leerdoelen - kennis en/of vaardigheden

Leerlingen praten, luisteren en denken na over hun eigen ervaringen met reizen naar een warm en koud land en oefenen zo hun mondelinge taalvaardigheid.

Leerlingen breiden hun woordenschat uit door het lezen en de gesprekken rondom het prentenboek: Kleine ijsbeer in de tropen.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

...

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Didactische opbouw - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start/introductie:

Verwondering: Je komt de klas binnen met een koffer. Maak de koffer open en trek de items aan. Denk aan een muts, sjaal, slippers, handschoenen, een zonnebril en een zomers jurkje of korte broek.

Introductie: ""Wie van jullie heeft wel eens een reis gemaakt naar een ander land of een bijzondere plek? Was het daar warm of koud?"
Laat de leerlingen in één woord zeggen waar ze aan denken bij het woord reizen. Bijvoorbeeld koffer, vliegtuig of zon. Stel ook de volgende vragen: ''Welke talen spreken ze in de landen waar je bent geweest?'', ''Welke talen spreken jullie thuis/op reis?''. Maak in de introductie ook gebruik van het prentenboek ‘Kleine ijsbeer - Een ijsbeer in de tropen’. Kom terug op het verhaal van de ijsbeer die op reis is gegaan.

 

Fase 2 – interactieve instructie, modelling:
Heb je dit nodig in een warm of koud land?
Vertel de kinderen dat we het vandaag gaan hebben over warme en koude landen. Leg in het midden van de kring een plaat van de zomer en een plaat van de winter neer en pak de koffer erbij. In de koffer zitten spullen die te maken hebben met een warm land of een koud land. Samen met de kinderen haal je de spullen uit de koffer en categoriseer je de spullen bij de juiste plaat. Er zitten ook foto's in de koffer, een foto van een ijsje en een foto van een gesmolten ijsje. Bespreek met de kinderen wat er gebeurt als je het ijsje buiten in een warm of in een koud land legt. Gaat het dan bevriezen of smelten? Hoe zou dit kunnen? Daarnaast zit er een foto van een ijsbeer en een foto van een neushoorn in. Weten de kinderen nog welk dier waar leeft?
Korte vertelronde: ervaringen vanuit het kind zelf
Vraag: "Wie is wel eens naar een warm land geweest? Wat is je herinnering hieraan?" & "Wie is wel eens naar een koud land geweest of een plek waar het sneeuwde? Wat vond je daarvan?" Wie heeft ook wel eens...
Vraag: "Wie heeft wel eens ijs zien smelten in de zon?" & "Wie heeft wel eens water zien bevriezen in de winter?". De kinderen steken hun hand op en delen kort wat ze hebben gezien of meegemaakt.

Fase 3 – actieve verwerking:
Lijstje maken (met drie tekeningen)
Laat de kinderen drie dingen tekenen over reizen en weersomstandigheden:

* Wat hoort bij een warm land? (bijvoorbeeld een zon, strand, ijsje).

* Wat hoort bij een koud land? (bijvoorbeeld sneeuw, een sneeuwpop, een muts).

* Iets dat smelt of bevriest (bijvoorbeeld een ijsblokje, een plas water).

Bespreek daarna kort wat de kinderen hebben getekend.
Tweetalgesprek
Laat de kinderen in tweetallen praten: "Vertel elkaar over een moment waarop je iets hebt zien smelten of bevriezen. Waar was je? Wat gebeurde er?"
Vertelronde in de grote groep
Nodig na het tweetalgesprek enkele kinderen uit om iets te vertellen aan de hele groep:

* "Wie wil aan de groep vertellen over zijn of haar tekening?"

* "Wat vond jij het meest bijzondere aan reizen of smelten/bevriezen?".

 

Fase 4 – eind van de les: Afsluitend spel
Op Tiny tap staat een spel klaar, dit spel is voornamelijk gericht op deze les. In het spel krijgen de kinderen de opdracht om aan te geven of het voorwerp in een warm land of in een koud land wordt gebruikt. Na deze activiteit volgen nog een aantal optionele opdrachten die met de kinderen gedaan kunnen worden. Je kunt het spel klassikaal spelen op het digibord of individueel (verspreid over meerdere momenten op de dag) op de iPad.

Link: https://www.tinytap.com/activities/g5pqz/play/een-ijsbeer-in-de-tropen :

Benodigde materialen en voorbereiding

Voorbereiding:
Voorafgaand aan de les vul je een koffer met zomerse en winterse items. Daarnaast print je de werkbladen, de foto van een ijsje en chocolade, de zomer- en winterplaat (het lesmateriaal).

Optionele materialen:

* Knuffel ijsbeer

* Prentenboek: ‘Kleine ijsbeer - Een ijsbeer in de tropen’

* Digibord of iPad.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

...

Overige

...

Lesformulier - les 3

Kerndoelen van deze les

Leerdoelen - kennis en/of vaardigheden

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Bijvoorbeeld:

Fase 1 – start:

Fase 2 – interactieve instructie, modelling:

Fase 3 – actieve verwerking:

Fase 4 – eind van de les:

Benodigde materialen en voorbereiding

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Overige

Lesformulier - les 4

Kerndoelen van deze les

Leerdoelen - kennis en/of vaardigheden

Gewenste eindresultaat/-gedrag

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

Didactische opbouw – hoe bouw je die activiteiten op

Didactische opbouw – Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start / introductie:

Fase 2 – interactieve instructie:

Fase 3 – actieve verwerking:

Fase 4 – eind van de les:

Benodigde materialen en voorbereiding

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Overige

Lesformulier - les 5

Kerndoelen van deze les

Leerdoelen - kennis en/of vaardigheden

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op 

Didactische opbouw - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start / introductie:

 

Fase 2 – interactieve instructie, modelling:

 

Fase 3 – actieve verwerking:

 

Fase 4 – eind van de les:

 

Benodigde materialen en voorbereiding

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Overige

  • Het arrangement Prentenboek - Kleine ijsbeer in de tropen is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    GOpen
    Laatst gewijzigd
    23-01-2026 10:53:32
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Toelichting
    De lessenserie, geschikt voor leerlingen van de onderbouw, begint met de introductie van het boek: Kleine ijsbeer - een ijsbeer in de tropen. Dit boek zal bij elke les weer aan bod komen. De leerlingen maken kennis met de kleine ijsbeer, Lars. Lars drijft op een ijsschots weg uit zijn witte poolwereld en komt in een land waar het warm en groen is. Tijdens de gehele lessenserie staan deze begrippen centraal: koud, warm, smelten, vriezen, drijven en zinken. De leerlingen maken kennis met verschillende talen, en worden gestimuleerd om hun eigen thuistaal te gebruiken. Door meertaligheid op meerdere manieren te stimuleren tijdens de lessen, willen we dat alle leerlingen zich gehoord en gezien voelen.
    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    GOpen. (z.d.).

    Voorbeeld GOpen lessenserie

    https://maken.wikiwijs.nl/220971/Voorbeeld_GOpen_lessenserie

  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    Voor developers

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.