Historische context: Koude oorlog

Historische context: Koude oorlog

Koude Oorlog 1945-1991

Vraag 1

Waardoor raakte Europa verdeeld in twee ideologische blokken en waardoor groeide de spanning tussen deze blokken, 1945-1955?

Kenmerkende aspecten

  1. De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie
  1. Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme
  1. Het voeren van twee wereldoorlogen
  1. Verwoestingen op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij de oorlogvoering
  1. De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog
  1. De eenwording van Europa


Bestudeer van de Kennisbank:

KB: Tijdvak 9: Communisme
KB: Tijdvak 10: Koude Oorlog (1 t/m 3)

Uitwerking vraag 1

Revolutie in Rusland leidt tot tegenstellingen Oost-West

In 1917 was het Russische keizerrijk in oorlog met Duitsland. Voor de Russen verliep de oorlog rampzalig. De tsaar kwam ten val, toen de bevolking in opstand kwam, soldaten deserteerden en de politie de kant van de opstandelingen koos. De regering kwam in handen van het parlement. De kleine, maar goed georganiseerde communistische partij onder leiding van Lenin pleegde kort daarna een staatsgreep en trok alle macht naar zich toe. Na een bloedige burgeroorlog kregen de communisten het hele Russische rijk onder controle en stichtten de Sovjet-Unie.

De communisten wilden een klasseloze samenleving tot stand brengen met volledige gelijkheid en staatscontrole op de economie en de maatschappij. Vooral toen Stalin aan de macht kwam, ontwikkelde de Sovjet-Unie zich tot een totalitaire staat waarin de strak geleide communistische partij het volledig voor het zeggen had. Door gelijkschakeling, indoctrinatie en censuur was er steeds minder individuele vrijheid. De economie werd volledig door de staat geleid: een planeconomie. Door snelle industrialisatie en collectivisatie van de landbouw moest het land worden gemoderniseerd. Alle bedrijven werden staatsbezit.

In het westen, gedomineerd door de VS, werd met afschuw en angst gereageerd op de ontwikkelingen in de Sovjet-Unie. Men zag het communisme als een groot gevaar voor democratie, individuele vrijheid en kapitalisme, ook omdat het communisme streefde naar een wereldrevolutie.


Groeiende spanning om Duitsland: Potsdam en Hiroshima

Nog in 1939 sloten de twee dictators Stalin en Hitler een verbond om elkaar niet aan te vallen en Polen onder elkaar te verdelen. Maar tijdens de Tweede Wereldoorlog veranderde dit, nadat Duitsland de Sovjet-Unie was binnengevallen. Vanaf 1941 werkten de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten samen in de strijd tegen de as-mogendheden. Stalingrad en D-Day werden keerpunten in de strijd tegen de nazi's. In Duitsland ontmoetten de Amerikaanse en Russische legers elkaar in vriendschap.

Maar tegen het einde van de oorlog liep de spanning tussen beide landen snel op toen de vraag opkwam: wat moet er na de oorlog met Duitsland gebeuren? Tijdens de Conferentie van Potsdam in juli 1945 werden SU, VS en Groot-Brittannië het daarover niet eens.

Stalin wilde Duitsland voorgoed verzwakken om elk gevaar op een nieuwe oorlog te voorkomen, en eiste herstelbetalingen voor de enorme oorlogsschade. De westerse geallieerden wilden de democratie herstellen en de Duitse economie snel weer opbouwen. Ze waren bang dat een arm Duitsland opnieuw in handen van een dictator kon vallen, net als voor de oorlog was gebeurd. Beide partijen wantrouwden elkaar en wilden invloed op de machtsverhoudingen in Europa.
Door de Amerikaanse atoombom op Hiroshima (1945) werd het wantrouwen tussen de Sovjet-Unie en de Westelijke mogendheden nog groter.


Verdeeldheid door Invloedssferen en satellieten

Zowel de Sovjets als de westerse landen wilden hun positie in Europa versterken door zicht te verzekeren van bevriende landen om zich heen. Bij het ontstaan van deze invloedssferen beschuldigden de VS en de SU elkaar ervan de eigen macht te willen uitbreiden. Elke partij maakte in zijn propaganda een vijandbeeld van de andere partij. In het westen was angst voor het streven naar wereldrevolutie door de Sovjets; de Sovjet-Unie wilde zijn westgrens beveiligen en zich daar verzekeren van een bufferzone van bevriende landen.

Zo werden de door de SU bevrijde landen in Oost-Europa onder druk van de Sovjet-Unie omgevormd tot volksdemocratieën. Ook in deze landen kreeg de communistische partij het dus alleen voor het zeggen, met op de achtergrond de dreiging van ingrijpen door het Sovjetleger. Deze communistische buurlanden werden in het westen satellieten genoemd: landen die hun zelfstandigheid kwijt waren en werden gedwongen zich helemaal op de Sovjet-Unie te oriënteren, zoals een satelliet steeds om de aarde draait. Westerse landen vroegen zich af hoe ver Stalin zou gaan met het uitbreiden van zijn invloedssfeer. Zou Duitsland het volgende land zijn?

Verdeeldheid door Trumandoctrine en Marshallplan

President Truman van de VS beloofde elke regering te zullen helpen die zich bedreigd voelde door verdere machtsuitbreiding van de Sovjet-Unie. Hij wilde geen bestaande communistische staten aanvallen, maar voorkomen dat het communisme zich nog uitbreidde. Deze politiek werd de Trumandoctrine genoemd.

De VS meende dat communisme vooral aantrekkelijk zou zijn voor arme, zwakke staten. Economische steun was dus nodig. Dit zou de vriendschap tussen de VS en de Europese landen verstevigen en goed zijn voor de handel. De VS zag Europa natuurlijk ook als een goede afzetmarkt zodra daar weer geld kon worden verdiend. Daarom kwam de VS in 1947 met het Marshallplan. Europese landen zouden economische steun ontvangen op voorwaarde van samenwerking bij de verdeling hiervan. Zo gaf dit plan ook de aanzet tot Europese samenwerking.

Het Marshallplan werd door de Sovjet-Unie uitgelegd als een poging tot machtsuitbreiding van het kapitalisme onder leiding van de VS. Geen van de satellietstaten mocht eraan deelnemen. In de westerse bezettingszones van Duitsland werd de wederopbouw sterk gestimuleerd. Maar de Russische bezettingszone werd door de Sovjets leeggeplunderd als vorm van herstelbetaling. Deze tegenstellingen kwamen tot een hoogtepunt toen de westerse zones steeds verder werden samengevoegd en een nieuwe munt kregen. Het was nu duidelijk dat er twee Duitslanden gingen ontstaan.


Duitsland gedeeld, de wereld verdeeld

In juni 1948 stelde Stalin een blokkade in om de stad Berlijn, die ook in zones was verdeeld. Het doel was Berlijn, dat middenin de Sovjet-zone lag, te dwingen zich geheel bij het communistische Oost-Duitsland te voegen. Daarom werden alle toevoerwegen van het westen afgesloten. West-Berlijn was nu belegerd. Volgens de Truman-doctrine kon de VS nu ingrijpen om West-Berlijn te bevrijden. Maar dat gebeurde niet. Truman wilde om Berlijn geen oorlog beginnen. In plaats daarvan brachten Amerikaanse bommenwerpers voedsel en voorraden naar West-Berlijn om de blokkade te doorbreken: de luchtbrug. Stalin moest de blokkade inderdaad opgeven, de weg naar het westen werd weer geopend en West-Berlijn bleef een kapitalistische enclave in communistisch Duitsland. Beide landen vormden in 1949 een eigen staat: de kapitalistische BRD en de communistische DDR. In hetzelfde jaar werd duidelijk dat de Sovjet-Unie ook een eigen atoomwapen bezat.

In het westen werd het militaire bondgenootschap van de NAVO gevormd, de Sovjet-Unie vormde samen met zijn satellietstaten het militaire Warschaupact.

De Koude Oorlog was nu een feit: Europa en de wereld raakten steeds verder verdeeld in twee blokken met ideologieën die recht tegenover elkaar stonden. De wereld raakte in de ban van deze tegenstelling die leidde tot een angstwekkende wapenwedloop. Bij elk conflict in de wereld, klein of groot, kozen de twee machtsblokken onmiddellijk partij tegen elkaar. Iedereen was bang dat vroeg of laat een derde wereldoorlog zou uitbreken. Toch gebeurde dit uiteindelijk niet.

Vraag 2

Waardoor liep de Koude Oorlog op kritieke momenten niet uit op een directe militaire confrontatie tussen beide grootmachten, 1955-1963?

Kenmerkende aspecten

  1. De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie
  1. Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme
  1. De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog

Bestudeer van de Kennisbank:

KB: Tijdvak 10: Koude Oorlog (4 en 5)

Uitwerking vraag 2

Stabilisering van de machtsblokken

Nu kwam er een periode waarin er rust leek te komen in de tegenstellingen. De Bondsrepubliek Duitsland (BRD) was lid van de NAVO. De Oost-Duitse Deutsche Demokratische Repubik DDR sloot zich aan bij het Warschaupact. Zo leek de Oost-Westverhouding in Europa vastgelegd. Als beide blokken zich hierbij konden neerleggen, was er in elk geval geen direct oorlogsgevaar en wellicht ruimte voor toenadering en overleg.
De eerste test voor de stabiliteit was de Hongaarse Opstand in 1956. Een protestdemonstratie liep uit op een opstand tegen de communistische regering, die naar Moskou vluchtte. Hongarije kreeg een nieuwe regering die meer westers gezind was. Maar de Sovjet-Unie accepteerde deze ommezwaai niet en stuurde 17 zwaar bewapende legereenheden naar Boedapest. De opstandige Hongaren vochten terug met molotowcocktails en vroegen via de radio wanhopig om hulp uit het bevriende Westen. Maar nu bleek dat het Westen niet bereid was tot militaire interventie. In het westen kwamen overal protesten en werd hulp voor vluchtelingen georganiseerd, maar de NAVO wilde geen oorlog riskeren om een staat die duidelijk in de invloedssfeer van de Sovjet-Unie lag. Het westen accepteerde dat Hongarije weer in handen kwam van een strenge communistische regering.


Crisis rond Berlijn, maar geen oorlog

In 1953 overleed Stalin. De nieuwe Sovjetleider Chroesjtsjov nam afstand van zijn voorganger en streefde vreedzame co-existentie: Oost en West moeten elkaars bestaan wederzijds accepteren zijn zonder met oorlog te dreigen. De nieuwe leider bracht zelfs een bezoek aan de VS. Maar nadat ook de VS een nieuwe leider had gekregen, de charismatische president Kennedy, ontstond er nieuwe dreiging. In 1961 brak er weer een crisis uit over Berlijn. Deze gedeelde stad lag middenin de DDR. West-Berlijn was daardoor een westerse enclave die in 1948 al eens bedreigd was door een blokkade. Nu de West-Duitse welvaart weer snel opbloeide, werd dit ook zichtbaar in West-Berlijn. Daar waren banen, daar was alles weer te koop, terwijl in het oostelijk stadsdeel en de DDR de planeconomie alleen maar algemene  armoede in stand hield. Veel Oost-Berlijnse DDR-burgers werden dan ook sterk aangetrokken door de vrijheid en welvaart het westen en 'stemden met hun voeten': ze verhuisden met honderden per dag naar West-Berlijn. Hierdoor dreigde een leegloop van juist het jonge en goed opgeleide deel van de Oost-Duitse bevolking naar het Westen. Dit was voor de DDR en de Sovjet-Unie niet langer acceptabel. De Sovjet-Unie bestuurde Oost-Berlijn nog steeds, en nu stelde Chroesjtsjov in 1958 voor het stadsdeel over te dragen aan de DDR, met instemming van het westen. De westerse mogendheden weigerden dit, ze wilden de DDR niet erkennen. Wel werden er gesprekken gevoerd waarin het westen duidelijk maakte, niet uit te zijn op een oorlog om Berlijn. Toen in 1961 de nieuwe, jonge Kennedy president van de VS werd, durfde Chroesjtsjov het aan om het westen voor het blok te zetten. De DDR-regering kreeg zijn toestemming om in augustus 1961 een muur dwars door Berlijn te bouwen om weglopen naar het Westen te voorkomen. De bouw had dramatische gevolgen. Wanhopige Berlijners probeerden nog over en onder de Muur door te vluchten en werden hierbij beschoten door grenspolitie. Opgeven van West-Berlijn zou een ernstige breuk betekenen in het verbond van westerse staten. Kennedy verklaarde later, toen hij er op bezoek was, dat hij West-Berlijn als symbool van westerse vrijheid nooit zou opgeven: "Ich bin ein Berliner". Tegelijk was duidelijk dat het westen ook nu geen oorlog wilde riskeren om de bouw ongedaan te maken. De Muur bleef staan en werd het bekendste symbool van de onvrijheid in het communistische machtsblok, en van de Koude Oorlog.


Raketten op Cuba, bijna oorlog

Zowel  de NAVO als het Warschaupact beschikten over steeds meer nucleaire raketten. Een deel van de NAVO-raketten stond opgesteld in de NAVO-landen Turkije en Italië, vlakbij de grenzen van het Warschaupact. Chroesjtsjov besloot in 1962 om ook raketten te plaatsen vlakbij de VS, op het bevriende communistische eiland Cuba. Dit leidde tot een gevaarlijke crisis. Kennedy besloot een zeeblokkade in te stellen om Cuba af te sluiten en te voorkomen dat Sovjetschepen met kernkoppen het eiland konden bereiken. Die schepen waren al dichtbij, begeleid door een onderzeeër met atoombewapening, en een confrontatie leek onvermijdelijk. Na koortsachtig overleg wisten de beide leiders Kennedy en Chroesjtsjov tot overeenstemming te komen: beide landen zouden hun kernwapens weghalen uit de grensgebieden. De Sovjet-Unie liet de schepen met kernkoppen omkeren en een nucleair conflict was op het nippertje voorkomen. Beide landen besloten naar aanleiding van de Cubacrisis een directe telefoonverbinding in te stellen, de hot line, om dit soort crises voortaan beter het hoofd te kunnen bieden.
De Cubacrisis van 1962 was ongetwijfeld het gevaarlijkste moment in de Koude Oorlog. De spanningen in de westerse samenleving liepen hoog op: er werden schuilkelders gebouwd en regeringen begonnen hun bevolking voor te bereiden op overleven tijdens een atoomoorlog. Maar iedereen besefte dat er meer moest gebeuren om een wereldramp af te wenden, nu oost en west samen genoeg atoomwapens bezaten om de hele wereld te vernietigen.

Vraag 3

Waardoor namen de spanningen tussen Oost en West af, 1963-1991?

Kenmerkende aspecten

  1. De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie
  1. Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme
  1. De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog
  1. De eenwording van Europa
  1. De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw aanleiding gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen

Bestudeer van de Kennisbank:

KB: Tijdvak 10: Koude Oorlog (6 t/m 8)

Uitwerking vraag 3

Detente, maar geen Praagse Lente

Oost en west begrepen na de Cubacrisis dat het tijd werd voor betere communicatie en echte wapenonderhandelingen. Vanaf 1967 begonnen bespreking tussen VS en Sovjet-Unie over beperking van de aantallen zware atoomraketten. Ook werd men het eens op een beperking van antiraketsystemen, dit om te voorkomen dat één van beide partijen zich hiermee veilig zou kunnen voelen om een aanval te beginnen. Deze SALT-1-besprekingen leidden in 1972 tot een akkoord dat door beide presidenten Nixon en Brezjnew werd ondertekend. Tijdens deze periode van  Detente (ontspanning) werden de betrekkingen tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie dus beter. Maar dat betekende niet dat de grenzen open gingen. Het IJzeren Gordijn bleef potdicht. Dat bleek toen in Tsjecho-Slowakije een nieuwe regering optrad die de bevolking wat meer vrijheid wilde geven: "socialisme met een menselijk gezicht". De plannen hielden in dat Tsjecho-Slowakije veel meer een eigen politieke koers ging varen binnen het Warschaupact. De Tsjecho-Slowaakse bevolking reageerde enthousiast. Velen waren nog niet vergeten hoe de Sovjet-Unie hen 20 jaar eerder had gedwongen een communistische regering te accepteren. In Praag moesten de Sovjettroepen zich terugtrekken vanwege de vele vijandige demonstraties. De Sovjetregering was bang voor een breuk in zijn bufferzone van satellietstaten en liet de nieuwe leider Dubcek in Moskou op het matje komen om duidelijk te maken dat de nieuwe koers niet zou worden geaccepteerd. In de volgende maanden werd de Praagse Lente van 1968 hardhandig de kop ingedrukt, nadat  de Sovjetleiding zich ervan had verzekerd dat er geen militaire reactie uit het westen zou volgen. 600 tanks rolden Praag binnen, een half miljoen soldaten van vier 'bevriende' Warschaupactlanden bezetten het land. De regering werd gedwongen om alle hervormingen terug te draaien. Uit protest staken enkele tientallen Tsjechen zichzelf in brand. Het droevige einde van de Praagse Lente maakte dus wel duidelijk dat de ontspanning van deze jaren maar betrekkelijk was.

Groeiend verzet tegen kernbewapening

Begin jaren 1980 regeerde president Reagan de VS. Zijn regering volgde een stevige anticommunistische koers en nam een nieuw initiatief in de wapenwedloop: de ontwikkeling van een ruimteschild tegen een eventuele atoomaanval met zware raketten. Dit SDI-project (Strategic Defense Initiative) was bedoeld om druk uit te oefenen op de Sovjet-Unie in de wapenbesprekingen. De Russische economie zou volgens de VS te zwak zijn om mee te gaan in deze nieuwe stap in de wapenwedloop. Tegelijk ontstond in het westen steeds meer weerstand onder de bevolking tegen de eindeloze wapenwedloop, waarin steeds weer nieuwe stappen werd ondernomen. In Nederland werden in de jaren '80 grote demonstraties tegen kernbewapening georganiseerd, vooral toen de NAVO wilde besluiten om kernraketten op Nederlandse bodem te plaatsen. Deze raketten werden uiteindelijk overbodig doordat de VS en de Sovjet-Unie in 1987 een verdrag sloten om dit type kernraketten voor de middellange afstand te vernietigen. Dat verdrag werd namens de Sovjet-Unie ondertekend door de nieuwe president Michael Gorbatsjov, die een einde zou helpen maken aan de Koude Oorlog.

Het einde van de Koude Oorlog

Michael Gorbatsjov begon vanaf 1986 in de Sovjet-Unie aan een plan om het communisme ingrijpend te hervormen. Dat was ook hard nodig, want economisch was de planeconomie een grote mislukking en de wapenwedloop slokte enorm veel inkomsten op. De communistische partij was niet in staat om vernieuwing te brengen. Op alle gebieden werd de achterstand op het westen steeds groter. Gorbatsjov greep nu hard in. Zijn grote veranderingen werden aangeduid met de begrippen Glasnost (hervorming) en Perestrojka (openheid). De strenge censuur werd losgelaten en er mocht openlijk worden gediscussieerd over meer vrijheid in de maatschappij en de overgang naar een vrijere economie.
Ook wat betreft de Koude Oorlog begon Gorbatsjov een nieuwe aanpak. Hij stapte in 1988 af van de Brezjnev-doctrine van zijn voorganger, die inhield dat Moskou bepaalde welke politieke en economische koers de satellietstaten moesten volgen. Voortaan mochten alle Oostblokregeringen zelf gaan bepalen in hoeverre ze nog wilden vasthouden aan een planeconomie, en of ze hun bevolking meer vrijheden wilden geven. De Sovjet-Unie zou niet langer dreigen met ingrijpen als zij afstand namen van het communisme, zoals eerder in Hongarije en Tsjecho-Slowakije was gebeurd.

Deze nieuwe koers van Gorbatsjov leidde al snel tot democratische hervormingen in de landen van het Warschaupact, Polen en Hongarije voorop. Hongarije stelde zijn grenzen naar het westen open. Veel inwoners van de DDR maakten gebruik van dit gat in het IJzeren Gordijn om via Hongarije naar het westen te reizen. In de DDR ontstond grote onzekerheid bij de communistische regering, nu de steun van Moskou wegviel. De bevolking greep het 50-jarige bestaan van de DDR aan om grote demonstraties voor vrijheid en democratisering te organiseren: "Wir sind das Volk". Zo vond op 9 november totaal onverwacht 1989 de val van Berlijnse Muur plaats, en wat niemand voor mogelijk had gehouden gebeurde: een jaar later was Duitsland herenigd.
Het Oostblok hield op te bestaan nu het IJzeren Gordijn openging. Nadat Gorbatsjov was afgezet kwam er in 1991 een einde aan het communistisch bewind in de Sovjet-Unie. Dit betekende het definitieve einde van de Koude Oorlog. Plotseling kreeg de Europese samenwerking nieuwe kansen, nu zoveel ex-satellietstaten klaarstonden om zich aan te sluiten bij het democratische, kapitalistische westen.


Extra uitleg:

Video's: Jortgeschiedenis (let op: 1 t/m 5 en 12 t/m 17 zijn voor HAVO:)

Jaartallen

Deze jaartallen moet je kennen:

  • 1917 Russische Revolutie; Rusland wordt Sovjet-Unie, communistische partijdictatuur
  • 1941 SU en VS vechten samen tegen de as-mogendheden
  • juli 1945 Conferentie van Potsdam: verdeling van Duitsland en Berlijn in vier bezettingszones
  • 1947 Trumandoctrine en Marshallplan
  • 1948 Blokkade van Berlijn
  • 1953 Dood van Stalin; politiek van vreedzame co-existentie
  • 1956 Hongaarse Opstand
  • 1961 Bouw Berlijnse Muur
  • 1962 Cubacrisis
  • 1968 Praagse Lente
  • 1980 SDI-project VS
  • 1989 Val Berlijnse Muur
  • 1991 Einde communisme in de SU

Examenvragen

HAVO 2014 TV1 vraag 21

HAVO 2014 TV1 vraag 22

HAVO 2014 TV1 vraag 23

HAVO 2014 TV1 vraag 24

HAVO 2014 TV1 vraag 25

HAVO 2014 TV1 vraag 26

HAVO 2014 TV1 vraag 27

HAVO 2014 TV1 vraag 28

HAVO 2014 TV1 vraag 29

 

HAVO 2014 TV2 vraag 21

HAVO 2014 TV2 vraag 22

HAVO 2014 TV2 vraag 23

HAVO 2014 TV2 vraag 24

HAVO 2014 TV2 vraag 25

HAVO 2014 TV2 vraag 26

HAVO 2014 TV2 vraag 27

 

HAVO 2015 TV1 vraag 25

HAVO 2015 TV1 vraag 26

 

HAVO 2015 TV2 vraag 22

HAVO 2015 TV2 vraag 23

HAVO 2015 TV2 vraag 24

HAVO 2015 TV2 vraag 25

HAVO 2015 TV2 vraag 26

 

HAVO 2016 TV1 vraag 22

HAVO 2016 TV1 vraag 23

HAVO 2016 TV1 vraag 24

HAVO 2016 TV1 vraag 25

HAVO 2016 TV1 vraag 26

 

HAVO 2016 TV2 vraag 22

HAVO 2016 TV2 vraag 23

HAVO 2016 TV2 vraag 24

HAVO 2016 TV2 vraag 25

HAVO 2016 TV2 vraag 26

  • Het arrangement Historische context: Koude oorlog is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    Timo van Reeuwijk Je moet eerst inloggen om feedback aan de auteur te kunnen geven.
    Laatst gewijzigd
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Toelichting
    Bij het samenstellen van deze leerbron is gebruik gemaakt van een arrangement uit de Stercollecties van VO-Content. Het oorspronkelijke arrangement is eigendom van VO-Content en gedeeld onder de CC-BY SA licentie. https://maken.wikiwijs.nl/102744/Historische_context__Koude_oorlog
    Leerniveau
    HAVO 4; HAVO 5;
    Leerinhoud en doelen
    De tijd van televisie en computer (vanaf 1950); Geschiedenis;
    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld
    Trefwoorden
    communisme, koude oorlog, propaganda, wereldoorlog

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    VO-content Geschiedenis. (2018).

    HC: Koude oorlog 1945-1991

    https://maken.wikiwijs.nl/102744/HC__Koude_oorlog_1945_1991