Jullie gaan nu aan de slag met het oefenen van de regelmatige werkwoorden op -ir. Gebruik geen boek. Neem, voordat je begint met oefenen, nog even de uitgangen door.
Er zijn eerst 5 Schrik niet als je nog veel fouten maakt, daarvoor oefenen we;).
je stam + -is
tu stam + -is
il/elle/on stam + -it
nous stam + -issons
vous stam + -issez
ils/elles stam + -issent