BETOOG - formuleren & reflecteren

BETOOG - formuleren & reflecteren

Je leert o.a. over

*  formuleren, taal- en stijlfouten, beeldspraak en stijlfiguren en

* over kritische reflectie op je eigen en andermans betogende teksten.

Een betoog overtuigt immers het meest, als het ook correct en passend is geformuleerd. Een schrijver van een tekst bedenkt eerst de inhoud: wat ga ik zeggen? Daarna vraagt hij zich af: hoe ga ik het zeggen, hoe ga ik mijn gedachten formuleren? Allereerst moet de schrijver zijn zinnen correct formuleren. Wie het Nederlands onvoldoende beheerst en veel zinsbouwfouten maakt, wordt als schrijver minder serieus genomen. Dat leidt ertoe, dat de lezer ook de boodschap van de tekst - de inhoud - niet zal accepteren. Verder is het voor de lezer plezierig wanneer de schrijver zijn tekst begrijpelijk en aantrekkelijk formuleert. Daarbij moet hij letten op zowel woordkeus als zinsbouw.

De theorie en de oefeningen zijn gearrangeerd onder anderen op basis van bestaande methodes voor het vak Nederlands en het materiaal op CambiumNed. Klik op de onderstaande link voor een overzicht van theorie en oefeningen.

http://www.cambiumned.nl/theorie/stijl/formuleren/

 

Opdracht "formuleringsfouten "

Tweetallen in de klas onderzoeken één formuleringsfout. Zoek via Google (geavanceerd zoeken) uitleg over de fout die jullie als tweetal krijgen toegewezen. Elk tweetal noteert

- een definitie van de fout

- vier voorbeeldzinnen bij de fout

Kun je op internet niets vinden, kijk dan eens in de bibliotheek in de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) of in het Volkskrant Stijlboek in de bibliotheek. Je kunt ook zelf zinnen bedenken. Succes!

 

Veel voorkomende formuleringsfouten

 

Klik op de begrippen, dan ga je naar de website van CambiumNed, lees de uitleg en maak de oefening (die kun je ook zelf controleren, via die website). 

Dubbelop

Twee of meer keer wordt hetzelfde woord onterecht herhaald.

Voorbeelden:

Oefening 1 (klik op de oefening/het begrip)
Oefening 2 (klik op de oefening/het begrip)

Verwijswoorden

Overige fouten

Korte herhaling van de theorie

Dubbelop

Er zijn verschillende soorten fouten waarbij iets op de een of andere manier twee keer wordt gezegd.

Onjuiste herhaling - als een vast voorzetsel ten onrechte twee keer wordt gebruikt, is dat een onjuiste herhaling

Tautologie - als hetzelfde twee keer wordt gezegd met verschillende woorden van dezelfde woordsoort (synoniemen) heet dat een tautologie

Pleonasme - bij een pleonasme wordt een deel van de betekenis van een woord of een woordgroep nog eens door een ander worod uitgedrukt. Dat andere woord is meestal van een andere woordsoort.

Contaminatie - als twee woorden of uitdrukkingen worden verward en ten onrechte worden vermengd, heet dat een contaminatie

Dubbele ontkenning - In zinnen met een werkwoord dat al een ontkennend karakter heeft (voorkomen, misbruiken, verbieden, weerhouden, nalaten) wordt soms ten onrechte een tweede ontkenning toegevoegd.

Formuleringsfouten

 

Opdracht

 

Zoek de gevallen van dubbelop en verbeter de zinnen

 

1) Vannacht zal er zeker zo nu en dan af e toe een buitje vallen, maar morgen schijnt de zon.

2) Hoe kan de trainer jou ooit verbieden om geen baantje te nemen: daar gaat hij toch niet over!

3) Ik wil mij verexcuseren voor mijn afwezigheid tijdens de vergadering.

4) Aan zo'n kletskous als die Maria zou ik mijn liefdesgeheimen zeker niet aan toevertrouwen.

5) Als docenten blijven we proberen de studieresultaten zo optimaal mogelijk te maken.

6) Tot mijn spijt moet ik u meedelen dat ik morgen helaas verhinderd ben.

7) De bonus wordt uiteraard alleen toegekeerd aan werknemers die het afgelopen jaar goed hebben gepresteerd.

8) Het maakt voor mij geen enkel verschil uit of ik veel studeer of weinig; ik haal toch wel voldoendes.

9) Het is misschien een klein detail, maar ik wil dat je er rekening mee houdt.

10) Misschien moet je er toch maar van afzien om op die kleine flat geen hond te nemen.

 

Formuleren - vervolg

 

Fouten met verwijswoorden

 

Verwijswoorden wijzen terug naar een eerder genoemd woord of vooruit naar een woord dat verderop in de zin staat, het antecedent. Het is belangrijk, dat je het juiste verwijswoord kiest dat het absoluut duidelijk is waarnaar het verwijswoord wijst.

 

Verwijswoorden wijzen vooruit of terug naar woorden, woordgroepen of zinnen. Het antecedent (datgene waarnaar verwezen wordt) bepaalt welk verwijswoord je moet gebruiken.

Bij woordgroepen wordt dat bepaald door het kernwoord.
In het Nederlands kennen we mannelijke, vrouwelijke en onzijdige woorden.

 

Voorbeelden van fouten:

Hem werd een contract aangeboden die nogal wat onduidelijkheden bevatte Die moet zijn dat want het is het contract(o).
De scholier stelde de staatssecretaris voor een probleem wat ze niet direct kon oplossen. Wat moet zijn dat want het is het probleem (o).
De Nederlandse scholierenbevolking heeft zijn stem laten horen. Zijn moet zijn haarwant bevolking is een vrouwelijk woord(v).
Dat is het beste dat ik ooit gedaan heb. Dat moet zijn wat want na de overtreffende trap gebruik je wat.
Ze doen waar hun zin in hebben. Hun moet zijn ze. Hun mag je niet als onderwerp gebruiken.


Klik op de onderstaande link en controleer of je de theorie begrijpt

(via Cambiumned).

http://www.cambiumned.nl/oefeningen/oefening-3-foute-en-slordige-verwijswoorden/

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Incongruentie

Bij een enkelvoudig onderwerp hoort een enkelvoudige persoonsvorm. Als bij een enkelvoudig onderwerp een meervoudige persoonsvorm hoort of bij een meervoudig onderwerp een enkelvoudige persoonsvorm, heet dat incongruentie.

 

theorie en uitleg worden nog toegevoegd

 

Dat/als-constructie

 

Een bijzin van voorwaarde begint vaak met als of wanneer. Als de bijzin niet achteraan de zin staat, ontstaat er een dat/als-constructie. Vermijd die door 'volgens mij' te gebruiken in plaats van 'ik denk' of 'ik vind'.

 

Onjuist

Daarom vind ik dat als films schokkende beelden bevatten of vormen van ernstig geweld, ze niet voor tien uur 's avonds moeten worden uitgezonden.

Juist

Daarom vind ik, dat films niet voor tien uur 's avonds moeten worden uitgezonden, als ze schokkende beelden bevatten of vormen van ernstig geweld.

 

Foutieve samentrekking

Samentrekking betekent weglating. Het komt voor

- bij woorddelen: voor- en nadelen

- bij woorden: korte (...) en lange broeken

- bij zinsdelen: [Jan koopt een cd] en Piet (...) een mp3-speler]

 

theorie en uitleg worden nog toegevoegd

 

Foutieve beknopte bijzin

Van een bijwoordelijke bijzin kun je een beknopte bijzin maken. In een beknopte bijzin staat geen persoonsvorm en ook geen onderwerp. Je kunt dat onderwerp wel in gedachten invullen. Het dekbeeldige onderwerp van de beknopte bijzin moet hetzelfde zijn als het onderwerp van de hoofdzin. Als dat niet zo is, klopt de zin niet.

 

theorie en uitleg worden nog toegevoegd

 

Losstaand zinsgedeelte

 

Bijwoordelijke bijzinnen zijn zinsdeel binnen een grotere zin. Ze mogen dus niet los staan van de zin waar ze in horen.

 

theorie en uitleg worden nog toegevoegd

 

Aanwijzingen voor aantrekkelijk formuleren

 

Aantrekkelijk schrijven is schrijven alsof je spreekt, het is praten op papier. Gebruik dus verzorgde spreektaal. Dat is makkelijk voor jou en plezierig voor de lezer. Hij begrijpt de tekst beter op die manier.

 

Aanwijzingen woordgebruik:

- gebruik geen lange woorden

- schrijf geen 'moeilijke' woorden over uit je bronnen

- vermijd deftige of formele woorden

- shrijf alleen afkortingen van woorden die je ook uitspreekt als afkorting

- gebruik liever synoniemen dan verwijswoorden

- hehaal niet teveel

 

Aanwijzingen zinsbouw:

- formuleer korte zinnen

- zet woorden die bij elkaar horen zo dicht mogelijk bij elkaar

- gebruik zoveel mogelijk actieve (geen passieve) zinnen

 

Verwijsfouten - uitleg https://youtu.be/bmzE2M_phMA

Soorten bijzinnen, over zinsbouw