Bij een rode oplossing, zal er veel groen licht geabsorbeerd worden met een golflengtegebied van 500 tot 560 nm. Nu is het niet zo dat binnen dit gebied steeds evenveel geabsorbeerd wordt. Meestal moet d.m.v. het bepalen van een extinctiespectrum (soms ook absorptiespectrum genoemd), uitgezocht worden welke golflengte het meest geschikt is om te meten.

Bij de golflengte behorend bij het midden van de piek is het meest geschikt om te meten. Een golflengte waar niet zo veel geabsorbeerd wordt is niet zo geschikt, omdat er te weinig verschil gemeten zou worden tussen de verschillende concentraties. Ook is het niet verstandig om op de helling van de piek te meten, omdat de naastliggende golflengtes te veel afwijken. (Wanneer we b.v. de golflengte opnieuw in moeten stellen is de kans groot, dat we niet exact hetzelfde terugvinden).