Wetter und Aktivitäten (2)

Dat kan niet!
Vervollständige die Sätze. Schreibe die Sätze in dein Heft.
Achte auf die Wortfolge!
Maak de zinnen compleet. Schrijf de zinnen in je schrift.
Let op de woordvolgorde!

Voorbeeld
Wenn es sehr warm ist, will ich nicht rennen.


Controleer je antwoorden bij het kopje "Antwort".