Kijk-luister en mondelinge vaardigheden

 

§1 Presenteren en debatteren

Als er iets belangrijk is in de politiek, dan is het wel goed kunnen presenteren en debatteren. Al jarenlang biedt het programma Het Jongerenlagerhuis teams van middelbare scholieren de ideale mogelijkheid om het tegen elkaar op te nemen in de politieke arena. Je gaat kijken naar de finale van Het Jongerenlagerhuis van 2013. De debaters worden begeleid door bekende politici en een journaliste. 

 

Opdracht 1

Vul tijdens en/of na het kijken het formulier in, dat je krijgt van je docent. Gebruik het bij het klassengesprek dat hierop volgt.

Jongerenlagerhuis finale

 

§2 Wat weet jij al over politiek?
 
Lees de informatie op de pagina van Scholierenverkiezingen.nl (zie onderstaande link). Klik alle geel gemarkeerde woorden  aan, zodat je de uitleg die dan oppopt, kunt lezen.
 
Opdracht 2 
Doe het stemexamen (klikken). 
 
Opdracht 3 
Maak de politieke taalquiz (klikken).
Sla de uitslagen op in je map CSW Kiest en lever ze in bij de opdracht op elo. 
 
Veel quizplezier!
 

Scholierenverkiezingen.nl

 

Lees de informatie over Je eigen verkiezingen. Vergeet niet de gemarkeerde woorden aan te klikken en het filmpje te bekijken, dit gaat over een Parlementaire democratie. Lees ook de informatie over de Tweede Kamer, onderaan de pagina.

Je eigen verkiezingen

 

§3 Vergaderen

Je weet nu al heel veel over de politiek en over diverse politieke stromingen. Inmiddels is de klas in twee groepen verdeeld, die ieder een partij vormen. Je weet of je bij een liberale (D66/VVD), een linkse (PvdA/Groen Links/SP), een christelijke (CDA/CU/SGP) een conservatieve partij (PVV) of een one issue-partij (Partij v.d. dieren) bent ingedeeld.

Om de kiezers voor jullie te winnen, moeten zij natuurlijk wel op de hoogte gebracht worden van jullie plannen voor het land. Om er zeker van te zijn dat de hele partij op een lijn zit, moeten er afspraken gemaakt worden over de standpunten wat betreft diverse onderwerpen en hoe jullie die gaan communiceren met de kiezer. Daar is een vergadering voor nodig. Om de tafel, dus!

 

 

Opdracht 4

 

 

De standpunten zijn duidelijk. Nu komt het erop aan de kiezer te overtuigen van het gelijk van jouw partij. Hiervoor zijn overtuigingskracht en argumentatieve vaardigheden nodig, zowel mondeling als schriftelijk. Mondeling gaat dit gebeuren in de vorm van een een-op-een-debat naar aanleiding van stellingen over de bekende onderwerpen: onderwijs en werkgelegenheid, natuur en milieu, jeugdbeleid en juegdzorg, vluchtelingen en asielbeleid, economie en zorg. 

Daarnaast gaat de helft van de partijleden in klassen voorlichting geven over de partij, om de stemgerechtigden ervan te overtuigen op jullie partij te stemmen. Zij moeten ook in staat zijn, antwoord te geven op (kritische) vragen van leerlingen. De andere helft van de partijleden neemt deel aan het grote auladebat, waarbij gereageerd moet worden op stellingen met betrekking tot politieke issues.

Voor de een-op-een-debatten krijg je een cijfer, dat meetelt (1/3) voor het SE Mondelinge Taalvaardigheid!

 

Opdracht 5

Verdeel de partijleden over bovengenoemde taken, dus:

Maak een lijstje met de namen met daarachter wie welke rol op zich neemt.

Lever dit in bij je docent Nederlands, op papier en via de opdracht (5) op elo.

 

 

Opdracht 6

Debatteren

Tijdens oefensessies wordt er aan de hand van diverse stellingen geoefend in het formuleren van een mening en het beargumenteren daarvan. Ook trainen we het reageren op, oftewel het weerleggen van tegenargumenten van tegenstanders.

Maar inhoud is niet het enige wat telt! Ook de manier waarop je iets presenteert, is heel belangrijk. Het gaat er ook om dat je overtuigend over komt. Werk dus aan je houding, je presentatie, aan je non-verbale communicatie en aan je formulering en stemgebruik. Het gebruik van beeldspraak en humor kan ook zeker in je voordeel werken, dus train jezelf daarin. 

Debaters doen er goed aan veel te kijken naar debatten op tv, ook het kijken naar andere gespreksvormen is nuttig. Het spreekt voor zich dat je beter kunt debatteren als je veel weet over jouw onderwerp en dat je er zelf echt in gelooft. Kijk maar eens hoe Malala dat doet.

 

 

 

Opdracht 7

Voorlichten

Als voorlichter schrijf je een tekst voor een toespraakje van ongeveer drie minuten. Alle onderwerpen moeten hierin kort aan bod komen, want deze tekst vormt de basis van je praatje voor de leerlingen die binnenkort mogen kiezen bij de verkiezingen. Voor de luisteraar moet dus heel duidelijk worden waar jouw partij voor staat. Waarom moet men kiezen voor deze partij en niet voor een andere? Overtuig je publiek! 

Natuurlijk zorg je ervoor dat je de belangrijkste informatie over alle onderwerpen in je praatje verwerkt en dat je inhoudelijke vragen daarover goed kunnen beantwoorden. Ook jij bereidt je dus uitstekend voor.