|
Lesweek |
Inhoud |
Doel |
|
9 |
Verslagen maken, informatie zoeken/verwerken en analyseren
|
Taalverzorging: de leerling weet welke toon hij of zij moet gebruiken en bedient zich van effectief en correct taalgebruik. |
Na deze les kun je:
• Verslagen in de juiste vorm gieten;
• Hoofd- en bijzaken onderscheiden;
• De betrouwbaarheid van bronnen inschatten;
• Informatie expliciteren en concreet maken;
• Taal effectief en correct inzetten;
• Verantwoording nemen voor een verzorgd verslag.
Een verzorgd verslag
Een verslag hoort er altijd verzorgd uit te zien. Je bent zelf verantwoordelijk voor het inleveren van een verzorgd verslag. Een verslag dat er verzorgd uitziet voldoet hieraan:
Een net uiterlijk (geen ezelsoren, een mapje eromheen, net lettertype)
Een goede indeling
Een duidelijke en volledige titelpagina
Correct taalgebruik
Een net uiterlijk
Vaak moeten verslagen geschreven worden in een bepaald lettertype en een bepaalde lettergrootte. Vraag dit altijd na bij je docent. Ook moet je ervoor zorgen dat je verslag er van de buiten- en binnenkant netjes uitziet. Dus geen vlekken, geen ezelsoren en een net mapje eromheen.
Een goede indeling en duidelijke titelpagina
Voor de juiste indeling van je verslag, lees de informatie bij de eerste les in deze reeks. Staat alles in de juiste volgorde? Ook moet je titelpagina volledig zijn. De docent moet in één oogopslag kunnen zien om welk verslag het gaat, bij welk vak dit hoort en wie het heeft geschreven.
Correct taalgebruik
Het is belangrijk dat er in je verslag geen lelijke taalfouten staan. Staan alle d’s en t’s op de juiste plaats? Heb je alle (werk)woorden goed gespeld? En hoe staat het met je leestekens? En zijn je zinnen goed opgebouwd en niet te lang? Veel leerlingen vinden dit lastig. De één is nou eenmaal beter in taal dan de ander. En toch ben je er zelf verantwoordelijk voor om een goed geschreven verslag in te leveren. Lees je verslag dus altijd heel goed door. Lever nooit een verslag in dat je nog niet in zijn totaal hebt doorgelezen.
Een andere tip: laat je verslag controleren door een klasgenoot, vriend of familielid die goed is in taal. Let wel op: er mag alleen gelet worden op de taalfouten. De inhoud moet je uiteraard zelf geschreven hebben!
Maar … Ik heb dyslexie!
Het klinkt flauw, maar ook dan ben je zelf verantwoordelijk voor het inleveren van een correct verslag. Niet om je te pesten, maar juist om je te leren omgaan met je beperking. Jij hebt immers dyslexie, dus jij zal een manier moeten vinden om ermee om te gaan. Ook dat is iets wat bij je leerproces hoort. Hoe vervelend dat soms ook is. Een tip is om je verslag altijd te laten lezen door iemand anders. Vraag iemand die jij vertrouwt en iemand die goed is in taal. Je kunt hier heel veel van leren!
Opdracht:
- Theorie
- Redactie opdracht: Vorm een ‘redactie’ in de klas van drie of vier leerlingen. Vervolgens komt ieder redactielid met een verslag (voor een ander vak) op tafel en gaat de redactie als geheel hier feedback op geven. Gelet moet worden op opbouw en taalverzorging.