2.3 opbouw van de aarde

De opbouw van de aarde
Heel vroeger dachten mensen dat het middelpunt van de aarde de hel was.
Een vlammende oven waar duivels in wonen. Maar de mensen hadden het mis. Er wonen géén duivels. Wél is het er enorm heet: ruim 5000 graden!

Bestudeer het volgende onderdeel uit de Kennisbank aardrijkskunde.

KB: Plaattektoniek

 

Bekijk de volgende clip op de website van SchoolTV.

 

In de clip komen onder andere de volgende woorden voor.

Zet de woorden bij het juiste deel van de aarde.

Opdrachten:

1. Download het werkblad De opbouw van de aarde .
Op het werkblad zie je bij stap 1 een afbeelding van de aarde.
Benoem de vier delen die je ziet en zet de woorden op de juiste plaats bij de afbeelding.

2. Vul onderstaand schema verder in.

  dikte in km materiaal relatief zwaar of licht
oceanische korst      
continentale korst      

 

3. Neem de cijfers 1 t/m 5 over op je antwoordblad en schrijf er het goede begrip achter.
Kies uit: korst – kern – warmte-uitstraling – mantel – convectie.

 
Het verschuiven van platen wordt ook wel platentektoniek genoemd. Hieronder een fimpje, waarin het verschuiven van deze platen van de afgelopen 600 miljoen jaar wordt getoond. Kijk goed en beantwoord onderstaande vragen:
 

4. Gebruik de animatie om aan te geven of de volgende stellingen waar of niet waar zijn.

  1. Zuid-Amerika en Noord-Amerika hebben altijd aan elkaar vastgezeten.
  2. Honderd miljoen jaar geleden lag India op het zuidelijk halfrond.
  3. Vijftig miljoen jaar geleden was Antarctica kleiner dan nu.
  4. Over 50 miljoen jaar zal de evenaar door Australië lopen
 

 

Onderstaande afbeelding komt uit de atlas en geeft aan welke platen er zijn en welke richting ze op verschuiven.

Opdrachten
5. De aardplaten hebben de 200 miljoen jaar over de aarde gezworven. En de platen bewegen nu nog.
In de animatie heb je gezien hoe de platen zijn verschoven. Pak het werkblad
De opbouw van de aarde. Je ziet bij stap 2 een afbeelding met de namen van de platen. Als je goed kijkt zie je ook de continenten.
Onder de afbeeldingen zie je een tabel. In de tabel een aantal namen van platen
. Geef van de in de tabel genoemde platen aan hoe de platen bewegen: naar elkaar, uit elkaar, of langs elkaar.