Het vuil dat uit verschillende lagen bestaat, wordt tijdens de reiniging in fasen verwijderd.
De fasen zijn:
1. voorspoelen
2. reinigen met een reinigingsmiddel (loog)
3. tussenspoelen
4. reinigen met een zuur
5. naspoelen
De reiniging start met voorspoelen. Hierbij wordt het losliggende vuil verwijderd. Het voorspoelen moet direct na productie plaatsvinden om indrogen en groei van micro-organismen te voorkomen. In plaats van voorspoelen kan het losliggende vuil ook verwijderd worden door bijvoorbeeld te blazen of te vegen.
In de tweede fase wordt gereinigd met een basisch reinigingsmiddel. Dit zijn sterke zepen. Veel gebruikt wordt natronloog (ook wel 'loog' genoemd). Dit reinigingsmiddel lost koolhydraten, eiwitten en vetten op.
In de tussenspoelfase wordt dit reinigingsmiddel met de opgeloste stoffen weggespoeld. Dat is erg belangrijk omdat het basische reinigingsmiddel absoluut niet in contact mag komen met het zuur. Dat is zeer gevaarlijk!
In de vierde fase wordt gereinigd met een zuur. Daardoor worden zouten (zoals kalkaanslag) opgelost.
Het naspoelen dient voor de verwijdering van het reinigingsmiddel met daarin de opgeloste zouten.
Soms bestaat een reiniging uit drie fasen. Dan worden de tussenspoelfase en de reiniging met zuur achterwege gelaten.