
In deze proef ga je met de toongenerator geluiden produceren van verschillende frequenties (zoek op: wat zijn frequenties?). Deze frequenties kun je zichtbaar maken met de oscilloscoop.
Ga naar de laagste toon die je nog kunt horen en schrijf de frequentie op.
Ga naar de hoogste toon die je nog kunt horen en schrijf de frequentie op.
Neem een oudere proefpersoon (je docent!) en vraag of hij hetzelfde doet. Zet de resultaten in de tabel in het verslagformulier.
