(Didactische) uitgangspunten

 

Titel lessenserie

De verjaardag

Algemene informatie

 

De lessenserie 'De verjaardag'  bestaat uit een verhaal verdeeld in zes hoofdstukken met daarbij behorende opdrachten en werkbladen.
De hoofdstukken zijn:
1. De uitnodiging
2. De boodschappenlijst
3. Naar de supermarkt
4. Alles klaarzetten
5. Het feest
6. Alles opruimen

Doelgroep en aantal leerlingen

VSO Onderbouw Leerroutes 2 en 3 met uitstroombestemming Dagbesteding Klassikaal, in kleine groepjes en/of individueel

Beginsituatie leerlingen

De leerlingen zijn bekend met het vieren van een verjaardag, maar weten niet precies hoe zij zelf een verjaardag kunnen plannen en organiseren. Deze lessenserie is een onderdeel ter voorbereiding op hun toekomstige woonsituatie.

Voorbereiding
Zorg dat de materialen die je tijdens de les nodig hebt, van te voren klaar staan.
Geef de leerlingen opdracht om thuis lege verpakkingen en reclamefolders te verzamelen.
In de klas boots je een supermarkt met een kassa na.
Plak prijsstickers op de verpakkingen.
Zorg voor voldoende (klein)geld
Zorg aan het begin van deze lessenserie voor foto's van de voorkant van verschillende supermarkten en andere winkels. Verzamel ook plastic tassen, verkrijgbaar bij de supermarkt.
Zorg dat de materialen die je tijdens de les nodig hebt, van te voren klaar staan.

Didactische uitgangspunten

 

Alle lessen worden gegeven d.m.v het directe instructiemodel (DIM), waarbij de leraar start met het stap voor stap geven van klassikale instructie; de vervolgactiviteiten afstemt op de behoefte van de leerling. De handleiding DIM bevat de volgende onderdelen:
  1. DIM voor leraren/medewerkers.
  2. DIM voor leerlingen
  3. DIM Vragenkaartjes voor leerlingen
Ieder hoofdstuk start met denkstimulerende vragen (DGM)
Denkstimulerende vragen zijn open vragen die het denken stimuleren en helpen om dieper na te denken over onderwerpen, ervaringen en ideeën. In de handleiding DGM zijn drie voorbeelden uitgewerkt hoe je denkstimulerende vragen kunt stellen. Kies zelf welke het beste bij je past.

Tijdsduur les/(leer)activiteiten

Een hoofdstuk is één lesuur van 45 minuten incl. opdrachten en werkbladen. Het hele verhaal wordt iedere les voorgelezen. Daarna wordt een hoofdstuk dat aan de beurt is, uitgediept. Een aantal opdrachten kunnen ook uitgevoerd worden bij de praktijkvakken, bv. het maken van een verjaardagstaart, naar de supermarkt gaan.

Kernactiviteiten/-thema's per les/(leer)activiteit.

 

Dit leermateriaal is ontwikkeld om de technische lees- en spellingvaardigheid van leerlingen te versterken. Door gestructureerde oefeningen aan te bieden op het eigen niveau, met klankzuivere MKM-woorden en korte zinnen, worden herkenbare woordstructuren herhaald en visueel ondersteund.
De kernactiviteiten bestaan uit herhaald lezen, het koppelen van woord en beeld en het oefenen van de letter in verschillende werkvormen zoals werkbladen en spelactiviteiten. Door dezelfde inhoud via verschillende activiteiten aan te bieden, krijgen leerlingen veel herhaling en ondersteuning bij het automatiseren van de letter.

Organisatie, differentiatie en ondersteuning in de klas

 

Iedere les start met het voorlezen van het verhaal 'De verjaardag'.  De eerste les start met het boekje in zijn geheel te lezen. De leerlingen die het kunnen lezen het zelfstandig. Je kunt ook het verhaal klassikaal (voor)lezen op het digibord. Misschien heb je de mogelijkheid om de spraakondersteuning aan te zetten.
Nadat één hoofdstuk is gelezen kun je vragen stellen d.m.v. de denkstimulerende gesprekstechniek (DGM) stellen.
Iedere les wordt d.m.v. het Directe Instructie Model (DIM) gegeven.               
De opdrachten en werkbladen, kunnen individueel of in kleine groepjes gemaakt worden.

Eindopdracht om te bepalen of de leerdoelen zijn behaald

 

De leerkracht observeert tijdens de opdrachten en het maken van werkbladen of de leerling de aangeboden woorden correct leest en de juiste betekenis eraan koppelt.
Eindopdracht. Voorbereiding: de leerkracht zetten bakjes neer bij de plek die bij het geleerde woord hoort. De uitvoering: alle leerlingen krijgen de woordkaartjes van de aangeboden woorden. De leraar loopt met de leerlingen door de school en schoolplein. Terug in de klas legt de leraar legt uit dat de leerlingen het juiste woord bij de juiste plek in het bakje moeten neerleggen. Daarna voeren de leerlingen de opdracht uit. De leerkracht observeert of de leerlingen het juiste woord in het bakje leggen.

Bronnen/materiaalverwijzing

 

Klik hier voor meer informatie Functionele kerndoelen Voortgezet Speciaal Onderwijs SLO.