Opdracht 2 - AI en rechten

Opdracht - Wat vind jij?

 

Doel:

Nadenken over het maken van dingen met AI.

Wat zijn de gevolgen daarvan voor anderen?

En hoe denkt de wet daar over?

 

Benodigdheden per groepje:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1. Beginnen

Eén leerling van jullie groepje begint met het voorlezen van een kaartje. De andere leden van het groepje zeggen één voor één wat zij denken en vinden van dit voorbeeld. De lezer van het kaartje is altijd als laatste aan de beurt om zijn mening te geven.
Als iedereen geweest is, gaat een ander kind een kaartje voorlezen en gaat iedereen weer langs om te vragen wat ze er van denken.

Zo gaan jullie door tot de tijd om is.

 

2. Wat vinden anderen er van?

De juf of meester heeft een aantal voorbeeldkaartjes uitgekozen om klassikaal te bespreken.
Je mag ook vragen stellen over bepaalde voorbeelden waar je meer over wilt weten.