Om overzicht te krijgen is structuur heel belangrijk voor je plan. Je zet bepaalde zaken in een logische volgorde.
Dat kan zijn door te werken in een volgorde van stappen, in een weekschema of te werken in een tabel.

1. wie - wie zijn er betrokken? (doelgroep, begeleiders, ouders)
2. wat - wat ga je doen? (bijvoorbeeld: een spel, sport, studieopdracht)
3. waarom - met welke redenen? (iets nieuws leren? zelfstandigheid vergroten? ontspanning?)
4. wanneer - op welke datum vindt het plaats?
5. waar - op welke locatie gaat het plaatsvinden?
6. waarmee - welke middelen heb je nodig (maak een lijst van alle spullen die je nodig hebt)
Zij geven richting aan je plan van aanpak. Hiermee kun je zelfs een draaiboek maken om je goed voor te bereiden op grote en kleine activiteiten.

stap 1 > Open het programma Word en maak een nieuw bestand met de naam 'planning'.
stap 2 > Ga naar invoegen en kies een tabel
stap 3> Maak een tabel van 6 x 2 vakken (je kunt altijd vakjes bijvoegen als dat nodig is).
stap 4> Vul de bovenste rij in met de 6 W's.
stap 5 > Geef antwoord op de vragen wat je gaat doen.
stap 6 > laat je tabel zien aan je docent.
stap 7 > bewaar het tabel op je laptop.
Voorbeeld voor een activiteit die je moet voorbereiden:
|
wie? |
wat? |
waarom? |
wanneer? |
waar? |
waarmee? |
|
|
Voorbeeld voor een studie planning:
| week | vak | opdracht maken | inleveren |
| 43 | Ned | do 23 en vrij 24 okt | ma 27 okt |
| 44 | Rek | do 6 nov en vrij 7 nov | ma 10 nov |
| 45 | ADL | do 13 nov en vrij 14 nov | ma 17 nov |