Oefenen

Maak de volgende opgaven in je schrift.

▲ Vraag 1. Wat is een orgaanstelsel?
A) Een groep botten die samen steun geven
B) Een groep spieren die samen bewegen
C) Een groep organen die samenwerken
D) Een groep cellen die samenwerken

▲ Vraag 2. Wat is de functie van het spijsverteringsstelsel?
A) Voedsel verwerken
B) Lucht naar de longen vervoeren
C) Bloed rondpompen
D) Zuurstof opnemen

▲ Vraag 3. Schrijf het onderstaande schema over, en verbind de organen met de juiste functie.

1. Slokdarm   ●    A. Voedingsstoffen verwerken
2. Maag B. Transporteren van voedsel van de mond naar de maag
3. Darmen ●                              C. Tijdelijk opslaan van voedsel

▲ Vraag 4. Hebben alle orgaanstelsels dezelfde functie?

Vraag 5. Leg uit wat een orgaanstelsel is.

Vraag 6. Schrijf achter iedere zin of het juist of onjuist is.

De slokdarm zorgt ervoor dat voedingsstoffen uit het voedsel worden gehaald JUIST   /   ONJUIST
De maag is onderdeel van het spijsverteringsstelsel JUIST   /   ONJUIST
Alle orgaanstelsels in het lichaam hebben dezelfde functie JUIST   /   ONJUIST

☆ Vraag 7. Waarom moet voedsel eerst worden opgeslagen in de maag voordat het naar de darmen gaat?

☆ Vraag 8. Stel dat je een boterham eet. Beschrijf de route die de boterham aflegt van mond tot darmen.

☆ Vraag 9. Sommige mensen hebben problemen met hun darmen.
Waarom is het gevaarlijk als je darmen niet goed werken?