Maak de volgende opgaven in je schrift.
▲ Vraag 39. Wat is kunstmatige selectie?
A) Wanneer organismen zichzelf aanpassen aan de omgeving
B) Wanneer mensen bewust de beste combinatie van planten of dieren kiezen
C) Wanneer mutaties vanzelf ontstaan
D) Wanneer een soort zich vormt zonder invloed van mensen
▲ Vraag 40. Wat is een voorbeeld van kunstmatige selectie bij dieren?
Vraag 41. Welke van de volgende voorbeelden hoort bij kunstmatige selectie?
A) Wilde bloemen verspreiden zich vanzelf over een veld
B) Mensen fokken honden met een specifieke vachtkleur
C) Vogels passen hun snavel aan door natuurlijke selectie
D) Mutaties vinden plaats in een groep dieren
Vraag 42. Waarom zou een boer planten willen veredelen die mooier gekleurde vruchten geven?
☆ Vraag 43. Waarom kan kunstmatige selectie leiden tot eigenschappen die in de natuur moeilijk zouden ontstaan?
▲ Vraag 44. Wat is genetische modificatie?
A) Wanneer een organisme zichzelf aanpast aan de omgeving
B) Wanneer het DNA van een organisme direct wordt aangepast
C) Wanneer eigenschappen van ouders worden doorgegeven aan kinderen
D) Wanneer mutaties spontaan ontstaan
Vraag 45. Bedenk een voorbeeld hoe genetische modificatie nuttig kan zijn in de landbouw.
☆ Vraag 46. Leg uit hoe genetische modificatie sneller kan werken dan kunstmatige selectie of veredeling.
☆ Vraag 47. Zoals je hebt gelezen, denken veel mensen anders over genetische modificatie bij mensen.
Wat vind jij? Vind je dat we genetische modificatie bij mensen mogen toepassen, of vind je dit te ver gaan?