In deze les heb je gezien dat AI ons veel kan helpen (bijv. met slimme oefenprogramma’s of patroonherkenning), maar ook risico’s kent (zoals fouten, bias en privacyproblemen). Je ontdekte hoe mens en machine samenwerken: jij bedenkt het doel en de AI voert snel nauwkeurig uit. Via prompten leer je hoe je een neuraal netwerk in gewone taal aanstuurt, terwijl algoritmen juist stap voor stap door jou geprogrammeerd worden en altijd voorspelbaar zijn. Prompten is flexibeler, algoritmen zijn preciezer—en samen vormen ze de basis van moderne digitale technologie.
Evaluatievragen in de klas:
Bespreek de opdracht(en). Wat hebben leerlingen zelf geleerd?
Extra verdiepende vragen:
Noem één kans en één risico van AI in ons dagelijks leven en leg kort uit waarom jij deze belangrijk vindt.
Wanneer zou je liever een algoritme gebruiken en wanneer geef je de voorkeur aan een prompt voor een neuraal netwerk?
Welke afspraak kunnen we in de klas maken om veilig en verantwoord met AI om te gaan?