Oefenen

Maak de volgende opgaven in je schrift.

▲ Vraag 8. Wat gebeurt er bij een energieomzetting?

▲ Vraag 9. Naar welke energievorm wordt bewegingsenergie omgezet in een dynamo?

▲ Vraag 10. Welke twee vormen van energie ontstaan bij een elektromotor?

Vraag 11. In de tabel hieronder staan verschillende situaties.
Schrijf de tabel over in je schrift.
Vul voor iedere situatie in de tabel op wat de energie is voor en na de energieomzetting.

Situatie Energiesoort
begin
Energiesoort(en)
eind
1. Een lamp brandt _____ _____ + _____
2. Een magnetron warmt eten op _____ _____
3. Een kaars brandt _____ _____ + _____
4. Een zonnepaneel maakt stroom _____ _____
5. Een smartphone wordt opgeladen _____ _____
6. Een blender mixt fruit _____ _____
7. Een windmolen wekt elektriciteit op _____ _____
8. Een achtbaan gaat van hoog naar beneden _____ _____


Vraag 12. Met welk apparaat kun je elektrische energie omzetten in licht en warmte?

☆ Vraag 13. Kijk eens naar een apparaat dat je thuis vaak gebruikt, zoals een waterkoker, televisie of wasmachine. Welke energieomzettingen vinden daarin plaats?

☆ Vraag 14. Kun je een apparaat bedenken dat minstens twee energieomzettingen achter elkaar uitvoert? Schrijf dit apparaat op in je schrift, en benoem alle energieomzettingen.