|
Titel |
Bewijs 1: stuk zorgcoördinator over handelen coachleerling |
|
Datum |
13 september 2023 |
|
Relevantie |
Met dit bewijs laat ik zien dat ik..
|
|
Context |
V. is één van mijn coachleerlingen, hij is een redelijk rustige jongen en moet gehecht aan je raken om zijn verhaal kwijt te kunnen. Gelukkig heb ik deze band met hem kunnen opbouwen en voelt hij zich comfortabel genoeg om zijn situaties met mij te delen. V. reageerde in sommige situaties heel bijzonder, hij vertelde mij dat zijn oom was overleden en hierbij trok hij een staal gezicht. Twee maanden later vertelde hij dat zijn opa in het ziekenhuis belandde en dat het niet goed met hem ging, ook hier bleef hij heel serieus kijken en gaf geen trekje met zijn gezicht. Om te beginnen heb ik bij mijn teamleider gevraagd of hij dit ook merkte, omdat hij V. ook lesgeeft. Hij gaf aan dat het hem wel opviel, ik bekeek de overdracht vanaf de basisschool, maar helaas was hier niks in te vinden. Woensdagavond 13 september heb ik Focus-op-jou gesprekken gehad, dit vindt plaats met coach, ouders/verzorgers en kind. De pedagogische driehoek is heel belangrijk (Slooter, 2019). Daarom vond ik het belangrijk om mijn observatie te bespreken met de ouders. Ik heb uitgelegd wat mij opviel en vroeg of ouders V. hierin herkende. Zijn ouders vertelden mij dat hun zoon op de basisschool heel emotioneel reageerde op alle situaties en dat zij dit heel erg onderdrukt hebben. Hierdoor is het nu compleet de andere kant op gegaan en reageert hij heel koeltjes op situaties. Kinderen moeten een aantal competenties eigen maken om sociaal-emotioneel te leren (Slooter. 2019). V. kan zijn eigen gevoelens goed inschatten, omdat hij zelf ook merkt dat hij soms koel kan reageren. Hij vertelde dat hij het wel heel erg vindt van zijn oom en opa, maar hij dat lastig vindt om te uiten. Ik vroeg aan de ouders en hun zoon om de zorg in te schakelen bij ons op school om te kijken of wij hem hiermee kunnen helpen, waar alle drie heel positief op reageerden. Ik heb V. aangemeld bij de zorg, hier wordt hij gekoppeld aan een counselor waar hij gesprekken mee aangaat om te kijken hoe hij hierin geholpen kan worden. Nadat ik J. van de zorg gesproken heb, heb ik de ouders telefonisch op de hoogte gebracht om aan te geven dat de vervolgstappen in gang gezet zijn. Zelf blijf ik natuurlijk op de hoogte door de coachgesprekken met V. en de terugkoppeling van de counselor en belangrijke zaken deel ik met ouders. |
|
Resultaat/reflectie |
V. heeft zes weken bij de counselor gelopen en ik zie dat het al een heel stuk beter met hem gaat. Hij geeft zelf ook aan dat hij zijn emoties beter weet te plaatsen en dat hij nu beter weet hoe hij ermee om moet gaan. Zowel de counselor als zijn ouders gaven aan dat dit hem heel goed heeft gedaan.
Ik ben blij met de manier waarop ik heb gehandeld. V. is ermee geholpen, ook al was dit niet iets heel ernstigs wat hem enorm in de weg zat. Het heeft hem wel geholpen met het uiten van zijn emoties en het reageren op bepaalde situaties. |
|
Bewijs |
Mijn zorgcoördinator heeft dit stuk ondertekend als bewijs dat het op deze manier heeft plaatsgevonden. |
