Bouw je klacht

Opdracht: Bouw je klacht – oefenen met zinnen en structuur

Doel van deze les:

Je oefent met het formuleren van losse zinnen voor een informele klacht in het Duits. Je leert hoe je klachten beleefd en duidelijk kunt verwoorden, en je maakt kennis met typische uitdrukkingen en zinsstructuren die daarbij horen.


Deel 1: Zinnen afmaken

Onderstaande zinnen zijn nog niet compleet. Vul ze in het Duits aan met een logisch vervolg. Werk in tweetallen en bespreek samen wat een passende aanvulling zou zijn.

  1. Ich habe bei euch eine Jacke bestellt, aber ...

  2. Im Restaurant war das Essen ...

  3. Ich finde es schade, dass ...

  4. Ich hatte mich sehr auf ... gefreut, aber ...

  5. Leider kam das Paket ...

  6. Ich hoffe, dass ...

Voorbeeld:
Ich habe bei euch eine Jacke bestellt, aber sie war beschädigt.


Deel 2: Beleefder of informeler?

Soms klinkt een klacht te direct of te boos. In een informele klacht probeer je beleefd te blijven, maar wel duidelijk te zeggen wat je wilt. Herschrijf de onderstaande zinnen in tweetallen, zodat ze beleefder en vriendelijker klinken.

  1. Ich will mein Geld zurück!

  2. Der Service war schlecht.

  3. Das Essen war kalt und ungenießbar.

  4. Ich bin total sauer!

  5. Ihr habt alles falsch gemacht!

Voorbeeld:
Der Service war schlecht.Leider war der Service nicht so gut wie erwartet.


Deel 3: Maak je eigen zinnen

Kies drie van de onderstaande situaties en schrijf bij elke situatie één of twee zinnen in het Duits die je in een klacht zou kunnen gebruiken.

Situaties:

Gebruik woorden en uitdrukkingen zoals:
leider, schade, nicht wie erwartet, enttäuschend, ich hoffe, ich hatte gedacht, dass..., vielleicht könnt ihr...


Deel 4: Reflectie – wat neem je mee?

Beantwoord de volgende vragen kort in het Nederlands:

  1. Wat viel je op aan de toon van beleefde klachten?

  2. Welke zinsstructuren of woorden vind je handig om te onthouden voor jouw eigen klacht later?

  3. Wat vind je nog lastig bij het formuleren van een klacht in het Duits?