Instructie voor het gebruiken van een oven
Voorverwarmen: Zet de oven aan en stel de juiste temperatuur in volgens het recept. Wacht tot de oven is opgewarmd.
Voorbereiden: Plaats het gerecht in een ovenbestendige schaal of op een bakplaat met bakpapier.
Ovenhandschoenen: Gebruik altijd twee ovenhandschoenen om je handen te beschermen tegen de hitte.
In de oven plaatsen: Open de ovendeur voorzichtig. Plaats het gerecht in het midden van de oven. Sluit de deur goed.
Baktijd instellen: Let goed op de klok of stel de timer in op de juiste baktijd volgens het recept.
Controleren: Controleer af en toe of het gerecht niet aanbrandt. Gebruik de ovenlamp of open de deur heel voorzichtig.
Gerecht eruit halen: Als je gerrecht klaar is, trek je de ovenhandschoenen aan en haal je voorzichtig het gerecht uit de oven.
Afkoelen: Zet het gerecht op een hittebestendige ondergrond en laat het even afkoelen voordat je het serveert.
Volg deze stappen altijd en wees voorzichtig om brandwonden te voorkomen.


Oven gebruiken
Op de afbeeldingen zie je de oven afgebeeld. Zorg ervoor dat je de juiste instelling selecteert. Als je alleen het lampje aanzet, gaat de oven niet aan. Draai daarom altijd de knop twee keer naar rechts om de oven aan te zetten.