Opgaven 14 t/m 17

Draaisymmetrie - puntsymmetrie - opgaven 14 t/m 17 ...................................................

 

14    Puntsymmetrisch of niet?

Bekijk de acht afbeeldingen hiernaast.

Noteer de nummers van de figuren die puntsymmetrisch zijn in je schrift.

 

 

 

 

 

15    Puntsymmetrisch in een assenstelsel
  1. Teken een assenstelsel met een x-as van -5 t/m 5 en een y-as van -5 t/m 5
  2. Teken de punten A(2 , 0), B(4 , 0), C(2 , 5) en D(0 , 4)
  3. Verbind punt A met B,  punt B met C, punt C met D en punt D met A. Zo ontstaat vlieger ABCD.
  4. We willen dat de vlieger een puntsymmetrische figuur maakt, dus als je de figuur op zijn kop legt, je de vorm nog een keer ziet. Probeer dit eens te tekenen.

 

 

16  Overstaande hoekpunten verbinden

Bekijk de afbeelding op je werkblad.

Verbind de overstaande hoekpunten met elkaar. Als je heel precies werkt, dan gaan alle verbindingslijnen door één punt in het midden van je figuur. We noemen dat het symmetrisch centrum van je figuur

 

 

17  Centrum van symmetrie tekenen

Bekijk de afbeelding op je werkblad.

Teken in alle vier de figuren het symmetrisch centrum door de overstaande hoekpunten met elkaar te verbinden.