Van den Akker - spinnenweb

Figuur-1-Het-curriculaire-spinnenweb-Van-den-Akker-2006 (1).png

 

Visie:

 

Reflecteren, keuzes maken en doorzetten. Onze leerlingen groeien op in een snel veranderende wereld. Daarom willen we de leerlingen naast een diploma een brede maatschappelijke opleiding aanbieden, zodat ze optimaal kunnen deelnemen aan deze wereld. Door een brede opleiding kunnen ze ontdekken waar ze goed in zijn en wat ze leuk vinden. Eigenaarschap is hierbij erg belangrijk. Dit binnen heldere kaders, begeleid door docenten, die leerlingen stapje voor stapje ‘loslaten’.

Leerdoelen:

 

module 2:

  • Voor een bepaald doel en een bepaalde doelgroep een media-uiting maken

  • uitleg, instructie, voorlichting en informatie geven aan publiek, bezoekers en deelnemers

  • gebruik maken van passende communicatiemiddelen

Module 3

  • een ontwerp en een product beoordelen en suggesties doen voor verbetering

  • een product ontwerpen en tekenen in een 3D-tekenprogramma

  • een ontwerp en een product vertalen naar een werktekening

  • 3D-printprincipes en printtechnieken uitleggen

  • werktekeningen lezen en interpreteren, tekentechnische symbolen begrijpen

  • een product in elkaar zetten door gebruik te maken van verbindingen

  • het vervaardigde product controleren op de kwaliteit van de verbinding

  • een product vervaardigen met handgereedschappen, elektrische handgereedschappen en machines

  • handgereedschappen, elektrische handgereedschappen en machines veilig gebruiken

Leerinhouden:

 

Tijdens de lessenserie 'soaphy things' leren de leerlingen diverse vaardigheden. Zodra ze dit goed beheersen kunnen ze dit breed inzetten tijdens allerlei projecten. Het gaat er niet om dat ze leren hoe ze een zeepkist moeten maken. Wel leren ze tijdens dit proces allerlei basisvaardigheden zoals boren, schroeven en bijvoorbeeld zagen. Ze leren kritisch te kijken naar hun werk, moeten creatief zijn en leren probleemoplossend te werken. (Denk bijvoorbeeld aan het zelf bedenken van een rem). Ook leren ze werken met SketchUp. Daarnaast gaan ze bezig met presenteren en promoten. Ze leren hier een aantal basis vaardigheden die ze in hun verdere schoolloopbaan goed kunnen inzetten. En ze ontdekken waar ze goed in zijn en wat ze leuk vinden. Op basis hiervan kunnen ze een goede keuze maken voor het MBO.

Leeractiviteiten:

 

  • Groepsopdrachten (Denken, delen, uitwisselen, samenwerken met een groepje). Ook zeer interessant voor differentatie. Zwakkere leerlingen hebben veel profijt van de samenwerking met de sterkere leerling. Het is ook uitdagend voor de sterkere leerling, die een deel van de taak van de docent kan overnemen. Ze leren samenwerken en om elkaars kwaliteiten te benutten. Ook voor de ontwikkeling van de sociale vaardigheden is het erg belangrijk. Hoe overleg je? Hoe maak je je eigen plannen duidelijk in de groep?

  • Individuele opdrachten (zelfstandig werken).  De leerling leert om zijn eigen werk goed uit te voeren zonder hulp van anderen. De leerling moet leren om zelf taken op te pakken en problemen op te lossen. Je hebt niet altijd mensen om je heen die kunnen helpen. Zelfstandigheid is zeer belangrijk.

  • Klassikale opdracht (Samen brainstormen). Groepsgesprekken zijn leuk en kunnen verassend zijn. We kijken een filmpje en daar gaan we het samen over hebben. Door een klasgesprek kunnen we doorvragen en nieuwe ideeën opdoen.

  • Opdrachten bespreken met docent (feedback). Op deze manier leren de leerlingen om te reflecteren op hun eigen werk en om feedback om te zetten naar nieuwe acties.

  • Externe partijen (MBO en bedrijf). Een kijkje in het bedrijfsleven. Dit geeft de leerlingen een mooi duidelijk beeld van het bedrijfsleven. Hoe zit dit vak er eigenlijk uit in het werkveld? Wat kan de leerling verwahten?

  • Verschillende soorten opdrachten. Prakijk en theorie.  De opdrachten zijn afwisselend. Theorie en praktjk zijn met elkaar verweven. Soms moeten ze praktisch aan de slag, een andere keer moeten ze een verslag typen of ze moeten online iets gaan vormgeven. Op deze manier blijven de leerlingen het interessant vinden. (Teksten lezen, filmpjes kijken, stappenplannen volgen, Word gebruiken, Google Presentaties, Mindmap maken, Tekenen, etc.)

Differentiatie

Samenwerken. Zwakkere leerlingen hebben veel profijt van de samenwerking met de sterkere leerling. Het is ook uitdagend voor de sterkere leerling, die een deel van de taak van de docent kan overnemen. Ze leren samenwerken en om elkaars kwaliteiten te benutten

Daarnaast zijn de opdrachten stap voor stap uitwerkt. Ze zijn voor alle leerlingen behapbaar. De sterkere leerlingen kan ik extra uitdagen. Zo heb ik bij het bouwen van de zeepkist sommige leerlingen extra uitgedaagd. Een aantal leerlingen hebben de handrem nagemaakt van ons prototype. Andere leerlingen gingen zelf een handrem bedenken en uitvoeren. Ook in SketchUp kan je hier veel mee spelen. Sommige leerlingen maken alleen het voorbeeld na. De leerlingen die SketchUp snel onder de knie hadden konden een eigen ontwerp gaan maken.

Aanvulling na feedback: 

Dit model van Van den Akker bevat diverse ontwerpaspecten.  Het differentieren gebeurd in deze lessenreeks binnen verschillende onderdelen. Ik heb er twee uitgekozen om verder toe te lichten: namelijk docentrollen en groepsvorm. 

Docentrollen: 

Als docent heb je natuurlijk te maken met veel verschillen tussen leerlingen. Ze hebben verschillende niveaus en verschillende onderwijsbehoeften. Tijdens dit zeepkistenproject kan je goed differentieren met de instructie. Tijdens de klassikale onderdelen is er niet veel tijd voor differentiatie. Maar zodra de leerlingen met hun groepje zelfstandig aan de slag gaan wel.  Sommige leerlingen zitten bordevol ideeën en proberen alles uit. Deze leerlingen kan je loslaten en laten experimenteren. Ook kan je complexere opdrachten aan ze geven. Bijvoorbeeld: Kan je ook een andere stuur bedenken voor deze zeepkist? De leerlingen die meer moeite hebben met het project kan je meer begeleiden. Deze leerlingen neem je individueel stap voor stap mee en waar nodig leg je de opdracht nogmaals uit.  Je bent begeleider in het leerproces van de leerlingen.

Groepsvorm:

Op het Esdal Vakcollege werken wij veel met Performance Types. Elk jaar worden alle nieuwe leerlingen in kaart gebracht.  Elke leerling krijgt een eigen profiel. Het verteld de docenten verschillende dingen. Hoe spreek je de leermotivatie aan, hoe maak je een leerling gemotiveerd voor een taak? Performance Types is een taal geworden om verschillen te duiden en met elkaar in gesprek te zijn over het vergroten van de kwaliteit van onderwijs en leerlingbegeleiding.  

https://www.performancetypes.nl/#wat-is-het

Tijdens het maken van groepjes heb ik rekening gehouden met de PT.  Ik wilde groepjes maken met verschillende types. Ik wilde bijvoorbeeld geen 5 zelfstandige denkers in één groepje hebben, dat zou nooit goed gaan.  Ik heb geprobeerd om de zelfstandige denkers, impulsieve doeners, creatieve denkers en de gestructureerde werker te mengen.  Zo kunnen ze elkaar versterken en elkaars sterke eigenschappen ontdekken. Natuurlijk zorgde dit ook voor wrijving. Want een gestructureerde werker gaat niet erg goed met de impulsieve doener. Maar dit was juist erg leuk, want ging er een keer wat mis, dan konden we met elkaar in gesprek en een oplossing zoeken. Dit is erg leerzaam voor de leerlingen. 

Docentrollen:

 

De docent heeft een docerende en coachende rol in deze module. De docent zorgt voor een prettige en veilige werksfeer in de klas. De docent begeleid de leerlingen op een gestructureerde manier door deze module heen. Soms neemt de docent de leerlingen stap voor stap mee (zoals bij de opbouw), en bij andere opdrachten gaan ze zelfstandig aan het werk.

Bronnen en leermiddelen:

 

  • Deze module

  • Filmpjes

  • Plaatjes

  • Tekstbronnen

Groepsvorm:

 

  • VMBO 2 (Opdracht ook geschikt voor vmbo 3)

  • Grotendeels samenwerkingsopdrachten. Deze worden afgewisseld met zelfstandige opdrachten.

  • De leerlingen maken zelf de groepjes. Ze krijgen een paar voorwaarden. De groepjes moeten bestaan uit 3 tot maximaal 4 personen en ze gaan onderling bekijken wat het beste werkt. Geen 4 drukke leerlingen bij elkaar bijvoorbeeld. Ze komen met een voorstel en ik keur het goed of fout en leg de reden uit. Daarna gaan ze eventueel opnieuw beslissen. Wij werken op school met performers types en hier hou ik dus rekening mee.

Plaats:

 

Het leren vind plaats op school, in het vaklokaal Dienstverlening & Producten. De wagen worden buiten op het plein getest.

Ook gaan leerlingen naar de stad toe. (Locatie race vaststellen).

In overleg kunnen leerlingen bepaalde opdrachten buiten het klaslokaal uitvoeren. (Bijvoorbeeld het opnemen van een teampresentatie film).

Daarnaast gaan ze een dag naar het Drenthe college. Ze gaan de opleiding 'timmerman' bekijken. Ook gaan ze mee op bedrijfsbezoek naar de 3D fabriek in Emmen.

Tijd:

 

1 les duurt bij ons 2.5 uur

Onderdeel oriëntatie + locatie = 1 les

Onderdeel het onderstel = 3 lessen

Onderdeel de opbouw = 3 lessen

De beker ontwerpen en printen = 2 lessen

Poster, persberichten, teampresentatie, mindmap = 3 lessen

De race zelf = 1 les

Uitloop = 1 les

Totaal 14 x 2.5 uur = 35 uur

Extra - Excursie = 2 dagdelen

Toetsing:

 

Presentatie / praktijk

In een eindpresentatie presenteren de leerlingen de zeepwagen en alle opdrachten er om heen.

Ze worden beoordeeld op de werkstukken en op de manier van presenteren. Ze krijgen een O/V/G.  (Het is een 2e klas). In klas 3 en 4 krijgen ze cijfers. (PTA/EXAMEN)

Evaluatie:

Aan het einde van deze lessenserie ga ik alles evalueren met de leerlingen. Ik ga ze een evalutatie formulier laten invullen. Wat vonden ze ervan? Wat hebben ze geleerd? Wat was leuk en wat was minder leuk? Dit ga ik gebruiken om de lessen verder te ontwikkelen.