
Driehoeken, vierhoeken en cirkels zijn voorbeelden van vlakke figuren die je in dit thema
regelmatig zult tegenkomen. Je kijkt naar de eigenschappen van deze figuren, je rekent met hoeken en je kijkt wat er gebeurt als je de figuren vergroot of verkleint.
Een aantal onderwerpen die in dit thema behandeld worden, ben je ook in de onderbouw al tegengekomen. Maar er komen ook enkele zaken aan de orde die waarschijnlijk nieuw voor je zijn.
Het thema bestaat uit de volgende drie hoofdstukken met subparagrafen:
Driehoeken
1. Driehoeken
2. Pythagoras
3. Oppervlakte driehoek
4. Vergroten
Vierhoeken
5. Vierhoeken
6. Oppervlakte vierhoeken
7. F-Z-hoeken
Cirkel
8. Omtrek cirkel
9. Oppervlakte cirkel
10. Gebieden
Koersen, aanzichten en kijklijnen
11. Koersen, aanzichten en kijklijnen
Onthoud: wiskunde leer je vooral door te doen, niet door alleen maar leren. Dus ons advies: zoveel mogelijk veel sommen maken!
Veel succes!