1.2 Lijnsymmetrie

Inleiding.

De tweede paragraaf van hoofdstuk 1 gaat over (lijn)symmetrie. We behandelen de volgende leerdoelen.

 

Leerdoelen bij paragraaf 1.

 

 

Kennisbank

Wat is symmetrie?

Een symmetrische figuur bestaat uit twee helften die precies op elkaar passen. Kijk maar naar de vlinder hieronder.

jan watteeuw: Ogen

Je kunt ook zeggen dat je de twee helften op elkaar kunt vouwen.

De lijn waarom je vouwt heet de spiegelas of symmetrieas. We noemen dit ook wel spiegelsymmetrie of lijnsymmetrie.

Je krijgt hetzelfde effect als je de ene helft tegen de spiegel houdt; in de spiegel krijg je dan de andere helft te zien.

 

Soms kun je een figuur op verschillende manieren dubbelvouwen, kijk maar eens naar de afbeelding hieronder.

Symmetrie

 

Symmetrie wil dus zeggen aan beide kanten gelijk.

 

 


H2.1 opdracht 1

Teken in iedere figuur de spiegelassen; De lijn waarlangs je de figuur kunt dubbelvouwen.Op je werkblad staat de volgende afbeelding.

Let op! Het kan zo zijn dat de figuur geen spiegelassen heeft.

 

 

H2.1 opdracht 2

Op je werkblad staat de volgende afbeelding.

  1. Welke figuren hebben precies twee symmetrieassen? Noteer de nummers van de figuren in je schrift.
    Teken met rood kleurpotlood beide symmetrieassen in de figuren.
    .
  2. Welke figuur heeft geen symmetrieassen?
    .

  3. Welke figuur heeft precies één symmetrieas?
    Teken met groen kleurpotlood de symmetrieas.
    .

  4. Welke figuur heeft 5 symmetrieassen?
    Teken met blauw kleurpotlood de symmetrieassen.

 

 

H2.1 opdracht 3

Bekijk de afbeelding hiernaast. Geef daarna van iedere figuur het aantal symmetieassen aan (spiegellijnen)

symmetrie-assen.JPGMaak een schema in je schrift:

Figuur Aantal symmetrieassen
A  
B  
C  
D  

* heeft een figuur geen symetrieassen schrijf dan nul op (0)

 

 

H2.1 opdracht 4

Schrijf in je schrift de definitie (betekenis) op van het begrip symmetrie.

Vindt je lijnsymmetrie nog lastig? oefen dan verder door  op de knop  applet te klikken.

 

 


H2.1 opdracht 5

Bekijk de afbeelding hieronder. Je ziet een trapezium, een kruis en een plus.

Geef van iedere figuur het aantal symmetrieassen aan.

 

H2.1 opdracht 6

 

 

H2.1 opdracht 7

Veel logo’s zijn lijnsymmetrisch.

Het logo hiernaast is opgebouwd uit rechthoekjes en vierkantjes.

  1. Is het logo lijnsymmetrisch?
  2. Zo ja, teken alle symmetrieassen.

 

 

 

 

H2.1 opdracht 8

Je ziet de 26 hoofdletters uit het alfabet.

  1. Welke hoofdletters zijn lijnsymmetrisch?
  2. Welke hoofdletters hebben twee of meer symmetrieassen?
  3. Teken op je werkblad de symmetrieassen in de letters.

 

 

Kennisbank

Spiegelen door een lijn.

Figuren kun je spiegelen in een lijn. Het figuur dat gespiegeld wordt noem je het origineel. Het figuur dat je erbij tekent wordt het spiegelbeeld of het beeld genoemd.

  • Het spiegelbeeld van het punt Z schrijf je als Z '.
  • Spiegelen doe je als volgt: het lijnstuk tussen Z en Z ' staat loodrecht op de spiegelas en het origineel en het beeld liggen even ver van de spiegelas af.

 

In het filmpje hieronder wordt goed voorgedaan hoe je een figuur kunt spiegelen door een lijn.

Een figuur spiegelen door een lijn is een vaardigheid. Iets dat je moet kunnen voordoen. Je kunt het helaas niet helemaal uit je hoofd leren, je moet het vooral doen, oefenen, foutjes maken en verbeteren.

Wat wel handig is, schrijf voor jezelf een stappenplan op zodat je stapje voor stapje te werk gaat.

 

 

H2.1 opdracht 9

Spiegel de volgende figuren in de rode symmetrieas

:

 

 


H2.1 opdracht 10

Op je werkblad zie je de afbeelding zoals die hiernaast staat.

 

Spiegel driehoek ABC door de rode lijn s.

 

Zet ook letter bij je spiegelbeeld.

 

 

 


H2.1 opdracht 11

Hiernaast zie je driehoek PQR. De driehoek wordt gespiegeld in lijn m.

     

 

 

 

 


H2.1 opdracht 12

SpiegelenHiernaast zie je vierhoek PQRS. Vierhoek PQRS wordt gespiegeld in de spiegelas. Maak op je werkblad het spiegelbeeld van de vierhoek. Noem het spiegelbeeld P'Q'R'S'.

 

 

 

 


H2.1 opdracht 13

Bekijk de afbeelding hieronder.

Het voorbeeld wordt gespiegeld door de rode lijn. Welk van de figuren is het spiegelbeeld?
Noteer de letter van het juiste antwoord in je schrift.

 

aftekenen 4.JPG

 

 


H2.1 opdracht 14

 

 

H2.1 opdracht 15

 

  1. Teken zelf een driehoek of vierhoek in je schrift.
  2. Teken er een spiegelas naast.
  3. Spiegel je figuur door de spiegel as.
  4. Zet er ook letter bij.