Kan ik wat ik moet kunnen?
de Noordpool, Zuidpool en evenaar aanwijzen.
uitleggen wat parallellen en meridianen zijn.
een plaats vinden met lengte- en breedtegraad.
vertellen dat de aarde in 365 dagen om de zon draait.
uitleggen wat een schrikkeljaar is.
zeggen waarom er zomer, winter, dag en nacht zijn.
vertellen wat een tijdzone is en hoeveel er zijn.
Hoe ging het?
Tijd
Eindopdracht