Les 25

3.4. De Maan en haar invloed op de Aarde

De Maan is de enige natuurlijke satelliet van de Aarde en is de op vier na grootste maan van ons zonnestelsel. Ze wordt soms aangeduid met haar Latijnse naam Luna. Ook het Engelse woord voor iemand die “maanziek” is, heeft men hiervan afgeleid: Lunatic.

 

3.4.1. De Maan

De samenstelling van de Maan is gelijk aan die van de Aarde. Echter doordat de Maan geen atmosfeer heeft is de kern volledig afgekoeld. Door de diverse ruimteschepen (bemand en onbemand) die de Amerikanen en Russen naar de Maan gestuurd hebben zijn maangesteenten mee genomen. Daarnaast zijn er op Antarctica nog meteorieten gevonden die van de Maan afkomstig zijn. Onderzoek met behulp van isotopen in de maangesteenten toont aan dat de Maan 4,527 miljard jaar oud is. Dat is dus 30 tot 50 miljoen jaar jonger dan de vorming van ons zonnestelsel.

De maan draait éénmaal om haar as in ongeveer 29 dagen. Dat is bijna net zo lang als dat de Maan één volledige cirkel om de aarde draait. Daarom zien wij altijd maar één kant van de Maan. De vorm van de Maan lijkt ook per nacht van vorm te veranderen. Ook dat heeft te maken met het feit dat de Maan om de Aarde heen draait. Op de kant van de Maan die naar de Zon is gericht valt licht.

Ga eens in gedachten op de aarde staan en kijk naar de Maan die Eerste kwartier is genoemd. Voor jou staat de Maan dan links van de Zon aan de hemel en de rechterkant van de Maan is verlicht. De helft van de Maan is te zien en dat noemen we het Eerste Kwartier (EK). Bij Volle maan (VM) staat de Maan recht tegenover de Zon en is als een cirkel te zien. Na volle maan wordt steeds minder van de maan zichtbaar. Bij het Laatste kwartier (LK) zie je de helft van de maan, maar nu de linkerhelft. De maansikkel wordt de dagen daarop steeds kleiner en je kunt haar uiteindelijk niet meer zien. Het is dan Nieuwe maan (NM). Vanaf de Aarde staat de Maan dan in de richting van de Zon en dat betekent dat we haar niet (goed) meer kunnen zien. Wanneer de Maan in een soortgelijke positie precies vóór de zon staat is er ook sprake van een zonsverduistering.

 

Afb. 3.16. Schijngestalten van de Maan

 

Het effect van een zonsverduistering kun je bekijken in de volgende video van 17 augustus 2017:

 

3.4.2. Eb en vloed

Door haar grootte en de wisselende afstand van de Maan tot de Aarde gedurende haar baan om diezelfde Aarde is er variatie in de gravitatiekracht tussen deze twee hemellichamen. Ook de gravitatiekracht van de Zon werkt in op de gehele Aarde. Omdat de aardas onder een hoek van 23,5o staat ten opzichte van de zon is de invloed van de gravitatiekracht verschillend. Dus afhankelijk van de van plek op Aarde varieert dus de gravitatiekracht in grootte en richting. Dit heeft invloed op de watermassa die het grootste deel van onze planeet bedekt en ontstaat er een stromende beweging. Daar waar meer watermassa zich naartoe verplaatst onder deze gravitatiekracht ontstaat er vloed, waardoor er elders dus minder water aanwezig is (eb). Afhankelijk van de positie van de Maan en de Zon ten opzichte van de Aarde kunnen we zelfs extreme hoogtij (springtij) of eb (doodtij) ervaren. Deze verschijnselen vallen samen met bepaalde fasen van de Maan.

Afb. 3.17. Eb en vloed: springtij en doodtij.

 

3.5. De invloed van de Zon op de Aarde

Het is niet alleen de Maan die de Aarde beïnvloedt, in de vorige paragraaf werd al aangetoond dat ook de Zon een rol speelt in onze getijde bewegingen. Vooral de zon speelt een cruciale rol op aarde, die het leven in al zijn vormen mogelijk maakt. De zon levert ons meer dan alleen licht en warmte. Ze geeft ons ook de seizoenen, die geheel afhankelijk zijn van de invloed van de zon. Daarnaast hebben we de zon ook nodig om te weten op welke plek wij ons op Aarde bevinden.

 

3.5.1. De seizoenen

Onze aardas staat niet precies rechtop ten opzichte van de zon, maar onder een hoek van 231/2 graden. Ook de beweging van de cirkel die de Aarde maakt rond de Zon is niet rond, maar ovaal en daarbij bevindt de Aarde zich steeds op een andere afstand van de Zon gedurende het jaar van haar omloop. In totaal zijn dat dus 2 factoren die van grote invloed zijn op de seizoenen en dus ook op het klimaat.
Laten we stapsgewijs van deze 2 factoren eens bekijken wat dit inhoud voor de Aarde.

Doordat de aardas onder een hoek van 231/2o staat zijn er delen op Aarde die meer uren licht ontvangen dan andere. Doordat de afstand van de Aarde tot de zon ook niet altijd hetzelfde is tijdens de omloop rond de zon is ook de temperatuur op dezelfde plek gedurende het jaar verschillend. Dit verschijnsel noemen we de seizoenen.

Afb. 3.18. De seizoenen

 

In de zomer in Nederland staat de Zon ter hoogte van de Kreeftskeerkring op 231/2o Noorderbreedte (NB). Ook helt het noordelijk halfrond naar de zon toe in onze zomer, terwijl deze juist van de zon af helt in december. Het noordelijk halfrond bevindt zich in de zomer dus dichter bij de zon. In de praktijk betekent dit dus dat eind juni in Nederland bijna driekwart van de dagelijkse omwenteling van de Aarde het dus licht is en warmer dan in elk ander jaargetijde. De zon komt op om 5 uur ‘s-morgens en gaat onder rond 10 uur ‘s- avonds. Het is dan bijna 17 uur licht op de langste zomerdag. In onze winter staat de Zon ter hoogte van de Steenbokskeerkring op 231/2o Zuiderbreedte (ZB). Het is dan zomer in Australië en daar viert men dus kerstmis in hartje zomer. Daarom noemen we de zomer op het zuidelijk halfrond de Australische zomer. Op 21 maart en 21 september bevindt de Zon zich precies boven de evenaar. Bij ons is het dan lente en herfst, respectievelijk.

Dit verklaard dus dat hoe meer je richting de Noordpool of Zuidpool gaat, hoe groter de dag/nacht verschillen worden. Zo is het op de Noordpool zomers 24 uur per dag licht en in de winter 24 uur per dag donker. Strikt genomen in dag/nacht ritmes gerekend duurt een pooldag (licht) een halfjaar en een poolnacht (donker) eveneens een halfjaar. In de video “Het ontstaan van de seizoenen” kun je een animatiefilm zien van het hierboven beschreven proces.

 

[3.19 min.].

 

Opdrachten

Opdracht 74

Van wanneer tot wanneer loopt een poolnacht op de Noordpool?