Les 30

4.4. Hoe oud zijn fossielen?

Veel kennis over de ontwikkeling van het leven op aarde is verkregen door het bestuderen van aardlagen (dit zegt vaak iets over omstandigheden zoals klimaat) en fossielen (dit zegt vaak iets over welke organismen er toen voorkwamen). Fossielen zijn versteende resten of afdrukken van (producten) van organismen. Om de ouderdom te bepalen kunnen we gebruik maken van twee methoden, nl. een absolute datering en een relatieve datering.

 

4.4.1. Absolute datering

In het begin van de Aarde was er meer radioactieve straling aanwezig. Deze straling bevond zich voornamelijk in een deel van de diverse elementen. Deze radioactieve elementen verliezen in de loop der tijd hun radioactiviteit.

De tijd waarover de helft van de radioactiviteit in het aanwezige element verdwenen is, noemen we de halfwaardetijd van het radioactief verval. Als je dus de halfwaardetijd weet van een element, kun je van fossielen of aardlagen die dit element bevatten vrij nauwkeurig de ouderdom bepalen. Een nauwkeurige ouderdomsbepaling noemen we een absolute datering.

Afb. 4.8. Halfwaardetijdgrafiek van het radioactief verval van koolstof

 

4.4.2. Relatieve datering

In de loop der tijd hebben we veel kennis opgedaan door de bestudering van de fossielen. Net als op je bureau is in principe het onderste boek in een stapel boeken het “oudst”. Dat boek is het langst geleden bekeken. Elke keer leg je er in de tijd weer een boek op. Dus het bovenste boek is het kortst geleden bekeken en op de stapel gelegd. Dat geldt ook voor fossielen. De fossielen die dieper liggen dan de andere fossielen zijn dus in principe ouder dan de hoger gelegen fossielen. Hoe oud ze zijn kun je niet precies zeggen, wel kun je de ouderdom in volgorde aangeven. Door ervaring en vondsten van fossielen en eerdere absolute dateringen van soortgelijke grondlagen waarin dit soort fossielen gevonden zijn, hebben we een idee over welke periode deze organismen voorkwamen. Omdat we niet precies kunnen zeggen hoe oud een fossiel is, maar wel weten van wanneer tot wanneer deze voorkwam spreken we van een relatieve datering. Voor relatieve dateringen gebruiken we gidsfossielen. Gidsfossielen zijn fossielen van organismen die voldoen aan de volgende drie criteria:

Met een gidsfossiel kun je dus de ouderdom van nieuwe omringende fossielen in het veld dateren.

 

Opdrachten

Opdracht 90

In een urn in Zuid-Amerika wordt een gemummificeerd lijk gevonden. Men gaat een absolute datering uitvoeren en meet 1/3 van de oorspronkelijke radioactiviteit van koolstof (14C)in het lijk. Hoe oud is de mummie?

 

Opdracht 90

Men vindt af en toe resten van de legendarische Tyrannosaurus rex in het zuiden van de Verenigde Staten. Waarom is de T. rex niet geschikt als gidsfossiel?

 

Opdracht 92

Bedenk een manier waarop een relatieve datering die men uitvoert niet correct blijkt te zijn. Geef dit aan in een tekening.

 

Werkblad opdracht 90