7.4. Duurzaamheid
De Verenigde Naties stelt in 1983 de Commissie Brundtland in met de opdracht een lange-termijn visie te ontwikkelen op de economische ontwikkelingen op wereldschaal. In 1987 verschijnt dan het rapport “Our common future”, waarin voorspellingen gedaan worden over onze economie uitgaand van het concept van een samenleving op basis van duurzame ontwikkelingen. Onder een duurzame ontwikkeling verstaat de commissie het vervullen van de behoefte van de huidige wereldbevolking zonder dat die van toekomstige generaties in gevaar wordt gebracht. De tweede deinitie van duurame ontwikkeling door de commissie is: “Duurzame ontwikkeling is een proces van verandering, waarin de benutting van hulpbronnen, de richting van de investeringen, de oriëntatie van technologische ontwikkeling en de institutionele verandering met elkaar in harmonie zijn en zowel de huidige als de toekomstige mogelijkheden vergroten om aan de menselijke behoeften tegemoet te komen”.
Dit houdt in dat er structurele maatregelen getroffen moeten worden waarbij een mentaliteitsverandering bij de consument nodig is. Duurzame ontwikkelingen zijn voornamelijk gericht op preventie, hergebruik, energie-besparing en het ontwikkelen van “schone” technologie. Dit heeft gevolgen op een aantal belangrijke pijlers in onze maatschappij, waarvan er hieronder enkele genoemd worden. De maatregelen die genomen worden noemen we brongerichte maatregelen.
7.4.1. Afval
Door afval te storten vervuil je de leefomgeving voor allerlei vormen van leven. De hygiëne rond afvalstort-hopen is schadelijk voor de gezondheid. Daarom sterven er nog jaarlijks vele mensen die in de zogenaamde “ontwikkelingslanden” op en rond vuilnishopen wonen.

Afb. 7.6. Leven en werken op een vuilnishoop
Door afval te verbranden raken we ons afval kwijt. Echter dan komt er extra koolstofdioxide vrij, waardoor het koolstofdioxidegehalte in de lucht toeneemt. Er komen bij verbranding ook giftige stoffen zoals dioxinen vrij. Het gevolg is een toename van het versterkt broeikaseffect en zure regen.
Bij een duurzaam afvalbeleid probeer je de hoeveelheid afval te verminderen met behulp van recycling van papier, glas, rubber, metaal e.a. grondstoffen of hergebruik van spullen die je zodanig opknapt dat ze nog een “tweede leven” hebben. Met recycling worden er nieuwe producten gemaakt uit de oude, bij hergebruik wordt hetzelfde product nogmaals gebruikt nadat het opgeknapt is. Het is ook duurzaam om de grondstoffen zodanig te kiezen, dat bij verbranding geen giftige stoffen meer vrijkomen.
Opdrachten
Opdracht 175
Maak een overzicht van afvalstoffen die we recyclen en hergebruiken.
Opdracht 176
Bekijk de video “Energy and Chemistry” [4:08 min.] van Anne McNeil over alternatieve grondstoffen voor producten.
7.4.2. Landbouw
Er wordt meer dan voldoende voedsel geproduceerd, maar toch leiden er mensen hongen. Bijna 1 miljard mensen lijden honger van de 7 miljard. De oorzaak hiervoor ligt bij de distributie, de problemen bij de toegang tot bouwland of door armoede. In de regel denken we aan het “arme” Zuiden, maar ook in onze eigen ontwikkelde maatschappij is er armoede en honger. Nog steeds leven er mensen onder het bestaansminimum. In Europa en de Verenigde Staten waren dat er in de jaren 80 van de vorige eeuw meer dan 30 miljoen. In tijden van economische crisis is dit aantal veel groter en zijn mensen afhankelijk van voedselbanken en liefdadigheid. Ook aan de stijging van het aantal daklozen merk je de impact van de economische crises waar onze maatschappij zo nu en dan in terecht komt.
Doordat we meer dan genoeg produceren om iedereen te voeden kunnen we ook op het gebied van landbouw een stap terug doen om duurzamer te produceren. Zo zijn er landbouwers die “biologisch” boer zijn en gewassen zonder bestrijdingsmiddelen (gewasbeschermings-middelen) telen en diervriendelijk vlees produceren. De vervuiling die dit met zich meebrengt is aanzienlijk minder dan die van de “bio-industrie”. De hoofdvraag die duurzame landbouw moet bezighouden is of we rekening houden met de generaties die na ons komen met onze landbouwactiviteiten. Hierbij denk je na over houtkap ten gunste van landbouwgrond, gebruik van gewas-beschermingsmiddelen, welzijn van dieren et cetera.
Afb. 7.8. Bio-industrie 

Afb. 7.9. Biologische landbouw
Opdrachten
Opdracht 177
Zoek tenminste 3 voordelen en nadelen op van Biologische landbouw en van Bio-industrie.
7.4.3. Milieu
Met de term milieu wordt het ecologische milieu bedoeld. Milieu is de omgeving waarin een levend organisme zich bevindt. Je moet daarbij aan zowel levende (biotische) als levenloze (abiotische) factoren denken. Niet alleen de organismen die ons omringen en waarvan we afhankelijk zijn, maar ook factoren als zonlicht, wind, water, de aanwezigheid van metalen, olie et cetera bepalen mede ons leven. Moeten we wel al onze behoeften bevredigen of moeten we prioriteiten stellen? Kiezen we voor de persoonlijke ontwikkeling als hoofddoel (“economie van het maximale”) of nemen we genoegen met de “economie van het genoeg”. Wanneer we kiezen voor de bevrediging van de primaire levensbehoeften, is er geen levensbedreigende situatie meer en komt er ruimte voor andere zaken die van belang kunnen zijn. Wanneer we er voor kiezen ook ruimte te creëren voor anderen en we gaan bewust om met bijvoorbeeld ons drinkwater en het gebruik van “grijs” water om de auto te wassen is er sprake van duurzaam omgaan met je milieu.
7.4.4. Energie
Naast de vervuilende aardgasgestookte electriciteitscen-trales, wordt de meeste energie opgewekt met het verbranden van fossiele brandstoffen. Ook kerncentrales leveren geen “schone” energie op, vanwege de gevaren van radioactieve straling die mogelijk kan vrijkomen en zeer schadelijk is voor levende organismen.
Daarom wordt er veel onderzoek gedaan naar alternatieve energievormen, die ingezet kunnen worden al naar gelang het gebied waar ze gebruikt kunnen worden. Zo zul je in nederland een waterkrachtcentrale aantreffen, omdat we in de benedenloop zitten van de rivieren de Waal, de Rijn en de Maas. Nederland echter is een vlak en open land dat met name geschikt is voor windmolens en (in mindere mate) zonnepanelen. Er zijn diverse andere alternatieven voorhanden.


Afb. 7.9. Zonnepanelen (links) en waterkrachtcentrale (rechts)

Afb. 7.10. Windmolens
Opdracht
Opdracht 178
Zoek tenminste 2 andere vormen van alternatieve energie opwekking op en geef een beschrijving hoe daar energie mee wordt opgewekt.
7.4.5. Infrastructuur
Veel mensen rijden elke dag naar en van het werk alleen in hun auto. De meeste auto’s rijden op fossiele brandstoffen en dat is belastend voor het milieu enerzijds en anderzijds is dit een grote aanslag op onze voorraden aan fossiele brandstoffen. Aanvankelijk werd er veel geïnvesteerd in een goed openbaar vervoer netwerk, want met groepsvervoer wordt er minder aan fossiele brandstoffen verbruikt. Maar ook daar is een limiet aan, want op een gegeven moment wordt de belasting van het netwerk zo groot dat de veiligheid in het geding komt. Daarom is er de laatste jaren ook veel aandacht voor hybride auto’s, auto’s die op koolzaadolie of alcohol lopen en werkt men hard aan een auto op waterstofgas, die alleen waterdamp uitblaast.
Ook een intensief wegennet heeft een negatief effect op de natuur, want hierdoor treedt er een versnippering op van natuurgebieden en worden deze te klein voor sommige diersoorten. De aanleg van bijvoorbeeld Dassentunnels verbindt natuurgebieden met elkaar zodat deze dieren zich nog kunnen handhaven in hun gebied. Maar infrastructuur gaat ook verder, via automatisering en digitalisering van archieven, ambtelijke systemen en zelfs onderwijs, zoals bij laatstgenoemde bleek tijdens de Corona-crisis van 2020 in Nederland toen scholen massaal over moesten gaan op digitaal lesgeven. Ook de inrichting van video-calls in plaats van vergaderen op locatie, zorgde voor een daling van reizen, hetgeen financieel, maar ook voor het milieu gunstiger was. Door de afname van de uitstoot door fossiele brandstoffen werd de lucht aanzienlijk schoner door minder stikstofoxiden, koolstofdioxide en fijn stof.
7.4.6. Huizenbouw
Steeds meer mensen betekent een steeds groter beroep doen op woonruimte. Steeds meer woningen heeft een steeds groter verbruik van energie en andere grondstoffen tot gevolg. Door onze technologische kennis aan te wenden kunnen we denken aan een andere “vorm” van woningbouw. Al in 1971 begon de Amerikaanse architect Michael Ryan met de bouw van zijn eerste earthship. Een huis dat gebouwd is met afval (autobanden, lege flessen) en alternatieve oplossingen voor watervoorziening (regenwaterzuivering, “grijs” water) en energie (windenergie, zonnepanelen). Ook in Nederland staat een Earthship, maar een deel van de voorzieningen zijn door wetgeving helaas niet duurzaam uitgevoerd.

Earthship (een theehuis) in Zwolle
Een andere duurzame manier van huizenbouw is het zogenaamde nul-energiehuis. Hier zijn juist duurzame technologische toepassingen gebruikt en is het huis zo geconstrueerd dat er een minimum aan energie verloren gaat en dus ook maar weinig energie aangevoerd moet worden. Door zoveel mogelijk gesloten energiekringen te maken, verbruikt het huis net zoveel energie als het opwekt. Deze vorm van bouw is ook geschikt in dichtbevolkte gebieden, omdat deze vaak er gewoon uitzien als een standaard rijtjeshuis.
Opdracht
Bekijk de video "Garbage homes" [3:08 min.] over hoe een Earthship gebouwd wordt en welke duurzame systemen er in verwerkt zijn.
Opdracht
Opdracht 179
Zoek zelf nu ook informatie op over wat een nul-energiehuis is.
7.5. Tot slot
Onze reis over 13,7 miljard jaar zit er op. We hebben gezien dat alles steeds complexer geworden is, maar toch kunnen we over onze toekomst slechts speculeren. Feitelijk zijn we daarmee weer terug bij af, want net als bij de eerste stap kunnen we nu invullen bij de ingrediënten en goldilocks condities “we can only speculate”.
We hebben een redelijk goed idee wat de “deep future” ons kan brengen, maar is het juist de “near future” die een stuk ingewikkelder is. Het zijn onze keuzes en gezamenlijke inspanningen die de toekomst veilig zal moeten stellen voor ons, en onze nakomelingen.