Les 47

6.5.1. Het Malthusiaans plafond

Uit het voorgaande bleek al dat de komst van de landbouw leidde tot bevolkingsgroei. De bevolkingsgroei luidde ook in wat we nu beschaving noemen. Maar waar is het eind vroeg Thomas Malthus (1766-1834) zich af in zijn An Essay on the Principle of Population (1798). Hij hield zich hierin bezig met de relatie tussen bevolkings-groei en voedselaanbod. Wanneer de bevolkingsgroei exponentieel toeneemt enerzijds en de voedselproductie lineair, dan komt er een moment dat de vraag voor voedsel die van de productie overschrijdt. Dit werd door hem het Malthusiaans plafond genoemd.

 

Afb. 6.2. Thomas Malthus.

 

Feitelijk was hij de eerste die hongersnood kon voorspellen met zijn model. Wanneer het Mathusiaans plafond overschreden wordt is een Malthusiaanse catastrofe het gevolg. Dat is een situatie waarin de overbevolking zichzelf reguleert door een verhoogde sterfte. Malthus dacht dat de ‘positive checks’ zoals epidemieën en oorlog onvoldoende waren om de bevolkingsomvang te corrigeren. Daarom zag Malthus als enige oplossing voor de overbevolking 'moral restraint'. Arme mensen die wisten dat ze geen gezin zouden kunnen onderhouden, moesten volgens hem dan ook geen gezin stichten.


Afb. 6.3. Malthusiaans plafond.

 

6.5.2. De verspreiding van ziektes

Met de expansie en uitwisseling werden ook allerlei ziektes verspreidt. Ziektes worden veroorzaakt door ziekteverwekkers. Dit kunnen bacteriën zijn of virussen. Niet alleen de ziektes raakten zo verspreid, maar ook de weerstand die men tegen deze ziektes opbouwt werd bevorderd. Dit gebeurde vooral over de Afrikaanse-Euraziatische zone. De Amerikaanse zone, de Australaziatische zone en de Pacifische zone lagen voornamelijk geïsoleerd van de Afrikaans-Euraziatische zone en naast de collective learning ten aanzien van cultuur en kennis verliep ook de verspreiding van de ziektes uit deze zone aanzienlijk trager. Terwijl Europa door de pestepidemieën uit de 14e tot en met 19e eeuw geteisterd werd bleven de andere zones tijdens de grote pestepidemiën uit de 14e en 15e eeuw buiten schot. Door de pestepidemie van 1347-1351 stierf een derde van de bevolking aan deze ziekte. Toch zijn we al deze ziektes te boven gekomen en niet in het minst door de weerstand enerzijds die men opgebouwd heeft en anderzijds door de kennis die we kregen om deze ziekten de baas te kunnen.

Onze kennis van medisch onderzoek naar de oorzaken van ziektes kent haar eerste mijlpalen in het onderzoek van Edward Jenner (1749-1823) die de eerste was die een vaccin ontwikkelde tegen de pokken. Hij ontdekte dat wanneer je blootgesteld werd aan een kleine hoeveelheid verzwakte of dode ziekteverwekker ons lichaam daar antistoffen tegen aanmaakt, waardoor er immuniteit ontstaat.

 

Afb. 6.4. De 9-jarige Joseph Meister krijgt een door Louis Pasteur ontwikkeld serum tegen hondsdolheid.

 

Louis Pasteur (1822-1895) was de eerste die er in slaagde antistoffen (serum) te kweken en deze bij patiënten in te spuiten. Wanneer je een vaccin toedient spreken we van kunstmatige actieve immunisatie, wanneer je antistoffen inspuit zal het lichaam niet zelf antistoffen verder aan gaan maken en is er sprake van kunstmatige passieve immunisatie. Wanneer je langs natuurlijke weg besmet raakt met een ziekteverwekker is er natuurlijke actieve immunisatie. Natuurlijke passieve immunisatie treedt alleen op wanneer een moeder via de navelstreng antistoffen doorgeeft aan haar ongeboren kind of via de moedermelk na de geboorte.

 

Opdrachten

Opdracht 156

Wat is het verschil tussen bacteriën en virussen?

 

Opdracht 156

Waarom worden virussen niet gezien als levende wezens?

 

Opdracht 157

Vrij kort nadat de eerste Spanjaarden (conquistadores) voet aan land zetten in Zuid-Amerika trad er een grote sterfte op onder de inlandse bevolking. Hoe kan deze sterftegolf verband houden met de komst van de conquistadores?