Opzet Wikiwijs leeslogboek H5

Opzet Wikiwijs leeslogboek H5

Algemeen

Instructie

Hoe moet je leeslogboek eruit zien?

Je leest in havo 5 nog vier boeken. Bij elk boek moet je je leeslogboek updaten. Maak de opdracht in Wikiwijs en niet via een bestand als bijlage!

 

Bij elk gelezen boek moet er een reflectie terug te vinden zijn in je leeslogboek. Hiervoor moet je de volgende stappen doorlopen:

1. Geef op het tabblad  'boekenoverzicht' een volledig overzicht van de gelezen boeken. Neem allereerst de boeken uit havo 4 over. Zo kun je in één oogopslag zien welke boeken je gelezen hebt. Noteer van elk boek: de titel, de auteur, het niveau van het boek en het aantal sterren dat je het boek zou geven. Hierbij geldt dat 5 sterren maximaal is.
2. Voor elk boek gebruik je vervolgens een tabblad waar je een verwerkingsopdracht maakt bij het gelezen boek. De opdrachten waar je uit kunt kiezen, vind je bij het tabblad 'opdrachten'. Je mag hierbij natuurlijk werken met afbeeldingen als je wilt!
3. Aan het einde van het schooljaar ontvang je van je docent nog overige opdrachten die je bij het tabblad 'overige opdrachten' moet uitvoeren.


Word je beoordeeld?
Je docent zal aangeven wanneer zij de leeslogboeken gaat bekijken. Als je ervoor zorgt dat je op dit moment 'helemaal bij bent' met updaten, kan je docent je feedback geven. Je krijgt geen tussentijdse beoordeling. Pas aan het einde van havo 5, net voor je mondeling literatuur, zal je van je docent een eindscore krijgen voor je leeslogboek. Hierbij wordt gelet op volledigheid, kwaliteit en ontwikkeling. Je krijgt een totaalscore over het leeslogboek havo 5 en over het leesdossier havo 4.

 

Verwerkingsopdrachten

In je leeslogboek is het van belang dat je bij elk gelezen boek vooral aangeeft wat je ervan vond en waarom. Je kunt hierbij kiezen uit een aantal vaste opdrachten of je maakt een eigen verslag waarin de voor jou belangrijkste informatie is opgenomen.

Neem bij elk boek sowieso op: titel - auteur
Op deze manier is het voor jouzelf en voor je docent direct duidelijk over welk boek het verslag gaat.

 

Kies voor een eigen verslag, of kies één van de volgende opdrachten om op te nemen in je leeslogboek:

Recensieopdracht

Schrijf een recensie waarin je elementen uit de samenvatting, de analyse, de schrijversinformatie en je eigen mening combineert. Let hierbij op het volgende:
- Je schrijft de recensie voor iemand die het boek niet gelezen heeft. Laat de lezer van de recensie dus eerst kennismaken met het boek. Vertel kort waar het over gaat / neem een stukje uit het boek letterlijk over. Maak de lezer nieuwsgierig naar het verhaal
- Vertel in de kern meer over de analyse en de schrijver. Combineer deze informatie met je eigen mening. Leg dus steeds uit wat jij ergens van vindt.
- In het slot geef je je eindoordeel. Je vertelt wat je uiteindelijk ‘over-all’ van het boek vond. Je geeft een tip aan mogelijke lezers of reageert op de verwachting die je had voordat je ging lezen. 
- Je recensie krijgt een passende en pakkende titel. Dat kan een quote zijn uit het boek, het mag al iets zeggen over je eindoordeel. Als het maar origineel is en de aandacht trekt.
- Markeer in je recensie de zinnen / zinsdelen waarin je je eigen mening verwoordt.

 

Opdracht van Lezen voor de Lijst

Maak de opdrachten die op de site www.lezenvoordelijst.nl horen bij jouw boek. Als er bij jouw boek opdrachten horen op verschillende niveaus, kies dan de opdracht die het beste bij jou past. Neem bij de uitwerking van de opdracht telkens de opdracht over en het bijbehorende antwoord. Geef tot slot kort aan waarom je voor deze opdracht gekozen hebt.

 

Juryrapport

Je doet alsof het boek dat je hebt gelezen is ingezonden voor een landelijke boekenwedstrijd. Bij deze wedstrijd ben je als jurylid op zoek naar het beste Nederlandstalige boek. Om dit beste boek te kunnen kiezen, moet je eerst bepalen aan welke eisen het moet voldoen. 2 eisen zijn al bekend, namelijk: - het boek moet een verrassend einde hebben EN - de titel moet perfect de strekking van het verhaal weergeven.
Wat ga jij als jurylid op papier zetten:
- Je vult de gegeven eisen aan met 3 eigen eisen waarvan jij vindt dat het beste boek daaraan moet voldoen. Geef ook een korte motivatie / verantwoording bij elke eis: waarom vind je deze eis belangrijk?
- Uiteindelijk heb je een lijst van 5 eisen verzameld die je nu moet gaan koppelen aan het gelezen boek. Dit doe je door bij elke eis een omschrijving te geven van jouw boek. Dus bijvoorbeeld: heeft het boek een verrassend einde? Waarom wel of waarom niet? De antwoorden hoeven niet altijd positief te zijn.
- De laatste stap is bepalen of jouw boek het beste Nederlandstalige boek is. Dit doe je door een conclusie te schrijven bij de 5 eisen. Je geeft een korte samenvatting van jouw bevindingen en komt tot een eindoordeel. Dit eindoordeel hoeft niet altijd positief te zijn!

 

Brief van de uitgever

Bij deze opdracht kruip je in de huid van de uitgever. Je doet je alsof het boek dat je gelezen hebt, nog niet is uitgegeven.
Stel je voor: je werkt bij een uitgeverij. De schrijver van jouw boek komt binnen met zijn verhaal en vraagt of jij het werk wilt uitgeven. Je bent best enthousiast, maar je ziet nog wel ruimte voor verbeteringen. Je besluit om jouw reactie op papier te zetten en naar de schrijver te sturen.
De opdracht:
- Schrijf een brief aan de schrijver. Je begint natuurlijk met een korte inleiding.
- Vervolgens geef je jouw persoonlijke oordeel over het boek. Het is jouw oordeel, dat betekent dat het zowel positief als negatief kan zijn.
- Daarna ga je aangeven waarom je op dit moment het boek nog niet wilt uitgeven. Je geeft 3 elementen waarvan je vindt dat deze aangepast moeten worden en waarom. Denk bij elementen aan de theorie van verhaalanlyse.
- Als je hebt aangegeven wat je aangepast wilt hebben en waarom, ga je de schrijver advies geven in hoe hij/zij het moet aanpassen. Je hebt hier als uitgever natuurlijk een visie in. Dus: wat zou de schrijver moeten doen om ervoor te zorgen dat je het boek wel uitgeeft.
- Je rondt de brief netjes af.

 

Brief aan de uitgeverij

Stel je voor: het werk dat je gelezen hebt, heb je zelf geschreven. Je blijkt over bijzonder schrijftalent te beschikken. Het verhaal is nog niet gepubliceerd, maar je wilt graag dat een uitgeverij het uit gaat geven. Je besluit een uitgeverij te schrijven om je verhaal te promoten!
- Je schrijft een brief aan een uitgeverij. Ga eerst eens op zoek naar bestaande uitgeverijen en kies een geschikte uit voor jouw boek.
- Je introduceert jezelf als schrijver en je vertet kort waarom je deze brief schrijft.
- In de kern introduceer je het verhaal. Je geeft informatie over de titel, het thema, het plot en het perspectief.
- Je legt uit voor welk publiek jouw boek geschikt is. Koppel dit aan de niveaus van Lezen voor de Lijst en leg uit waarom dit het geschikte publiek is.
- Rond je brief netjes af.

Afsluitende opdrachten havo 4

Onderstaande opdrachten moeten voorkomen in je leesdossier havo 4. Heb je deze opdrachten vorig jaar niet gemaakt? Zorg er dan voor dat je de opdrachten opneemt in je leeslogboek H5.

Leesautobiografie

Wat vind je van je boekkeuzes en de niveaus die je gelezen hebt in havo 4? Hoe heb je boeken gekozen? Hoe heb je gelezen? Wat viel mee wat viel tegen? Waarom? Waar wil je je volgend jaar op richten? Wat zijn de onderwerpen waar je over wilt lezen, op welke niveaus ga je je richten? Beschrijf de terugblik en de vooruitblik in minimaal 750 woorden.

 

Rode draad in de boeken

Kijk eens naar de boeken die je hebt gelezen in havo 4. Wat is volgens jou de rode draad in deze boeken? Is die er eigenlijk wel?
Je gaat informatie van de boeken aan elkaar koppelen om op zoek te gaan naar overeenkomsten of juist verschillen tussen de gelezen boeken.
Bijvoorbeeld: je hebt 3 boeken met het thema oorlog gelezen. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen tussen deze boeken? Of je hebt 2 boeken met een open einde gelezen. Is dit in beide gevallen goed gekozen of vind je het ene einde beter dan het andere?


Deze opdracht mag je vormgeven in een mindmap of een schema of een Worddocument; wat voor jou het meest overzichtelijk is.

Boeken

Boekenoverzicht

Boek 1

Leesverslag 7

Dood van een thrillerschrijfster

Pauline Slot

Niveau 4

Juryrapport

 

Het boek moet een verassend einde hebben:

Dit boek heeft wel een verassend einde omdat je de manier waarop het einde afloopt i.v.m. de dood heel anders liep dan je dacht.

Het heeft een open einde waardoor ik het gevoel kreeg dat toen ik de laatste bladzijde las, dat het nog niet het einde van het boek was, dit was ook erg verassend.
 

De titel moet perfect de strekking van het verhaal weergeven.

Jammer genoeg gaf de titel van dit boek niet de perfecte strekking van het verhaal weer. Dit komt omdat Het geen echte thriller is maar een roman met spannende momenten. En omdat het onderwerp van dit boek niks te maken heeft met de dood van een thrillerschrijfster.

 

Het boek moet vloeiend te lezen zijn.

Het moet vloeiend te lezen zijn omdat je daardoor minder snel ‘verdwaalt’ in het boek. Hierdoor is het ook prettiger om te lezen omdat je niet te veel hoeft uit te puzzelen waar het over gaat.

 

Dit boek is wel vloeiend te lezen omdat het niet te moeilijk om te lezen omdat het duidelijk aangeeft waar het is en over wie op dat moment in het verhaal gaat. Het verhaal loopt ook vloeiend omdat het niet te moeilijke woorden heeft en omdat de verhaallijn makkelijk en niet onverwachts loopt.

 

Het verhaal moet makkelijk te begrijpen zijn

Dit is een belangrijk punt omdat als een boek te moeilijk wordt, gaan er mensen afhaken waardoor ze het verhaal sneller als saai zouden beoordelen omdat ze niet snappen wat er wordt bedoeld.

 

Dit verhaal is makkelijk te begrijpen, omdat er geen verhaallijnen zijn die door elkaar lopen, maar ook omdat er geen moeilijke personages of te veel personages in het verhaal omschreven worden.

 

Het boek moet interessant blijven

Als een boek niet interessant genoeg is haken mensen af. Hierdoor zullen ze minder snel zin hebben om het boek uit te lezen en daardoor zal het lager worden beoordeeld.

 

In het grootste eerste deel van het boek was het Moeilijk in het verhaal komen omdat er heel veel werd ingegaan op details en omdat er niks echt gebeurd. Dit vind ik echt een minpunt aan dit boek want onlangs dat de omgeving heel mooi werd omschreven gebeurde er verder niks en hierdoor was het niet interessant om te lezen. In het einde van het boek echter, leek het verhaal weer interessant te worden. Dit kwam omdat he hele sfeer veranderde met Esther erbij en omdat er steeds vaker spannende momenten in voorkwamen. Het was dan alleen niet spannend genoeg om een thriller te noemen.

 

Conclusie: wij als juryleden hebben geconcludeerd dat dit boek niet waardig genoeg is om het te prijzen met het beste Nederlandstalige boek. De omschrijvingen en het soepel verlopen van het verhaal waren wel pluspunten, maar doordat de titel, en het hoge verwachtingspatroon wat je daardoor er al in het begin van het boek bij krijgt niet vervuld wordt, voldoet het niet aan onze eisen.

Boek 2

Boek 3

Leesverslag 9

Brief aan de uitgeverij

Maar buiten is het feest

Arthur Japin

Niveau 4

 

Aan: Uitgeverij Archipel

Geachte heer/mevrouw,

Mijn naam is Arthur Japin en ik heb een boek geschreven met inspiratie uit het levensverhaal van Karin Bloemen. Ik schrijf u deze brief omdat ik het boek wat ik heb geschreven uit wil geven en u de meest geschikte uitgeverij vind die er was. Dit komt door uw specialisatie voor unieke levensverhalen van sterke vrouwen en toonaangevende boeken op het gebied van psychologie en persoonlijke groei.

Het boek gaat over Karin Bloemen als 4-jarig meisje die een stiefvader krijgt. Haar stiefvader is alleen niet zo goedaardig als gedacht. Hij misbruikt en verkracht haar jarenlang en na een tijd zijn haar zusjes ook nog slachtoffer van hem. Het thema van het verhaal is dan ook seksueel misbruik. Het wordt allemaal in het ik-perspectief verteld waardoor je nog meer in de personage gaat zitten. Het plot van het verhaal bestaat uit 2 delen en die lopen ook door elkaar heen in het boek. Het ene gedeelte gaat over ‘Weijntje’ de jonge versie van de hoofdpersoon en het verhaal over wat ze heeft meegemaakt, dit bestaat vooral uit trauma’s die Weijntje heeft opgelopen door haar Stiefvader Sijmen. Het tweede gedeelte gaat over ‘Zonne’, Zonne is dezelfde persoon alleen dan ouder en kijkt in het verhaal terug op wat ze heeft meegemaakt als Weijntje zijnde. De naam Zonne moet dan ook de sterke kant van haar weerspiegelen en Weijntje de kleine, bange, onzekere en getraumatiseerde kant van haar. Zonne spant in het boek een rechtszaak aan tegen haar stiefvader, en niet omdat hij haar die jarenlang heeft misbruikt, maar omdat zij wil voorkomen dat de dochter van haar oudste zus en haar stiefvader in handen zal komen van haar stiefvader omdat haar oudste zus in overleden tijdens een brand. De titel heet: Maar buiten is het feest. Deze titel geeft de daadwerkelijke kern weer van het verhaal, omdat Weijntje voor de buitenwereld een talentvol en leuk meisje was maar ondertussen haar stiefvader dingen bij haar liet doen die zij nooit aan de buitenwereld zou durven laten zien.

Dit boek is gericht op mensen die zelf ook een moeilijke jeugd hebben gehad en herkenning kunnen vinden, maar ook voor mensen die interesse tonen in het leven van Karin Bloemen. Het boek is niveau 4 Omdat het voor mensen is bedoelt die willen begrijpen hoe het voelt om zo kwetsbaar te zijn en dan zo misbruikt te worden, maar ook omdat dit zo heftig is en de verhaallijnen zo door elkaar wordt geschreven.

Graag zou ik van u willen horen of u interesse toont in het uitgeven van mijn boek.

 

Met vriendelijke groet,

Arthur Japin

 

 

 

Boek 4

Overige opdrachten

  • Het arrangement Opzet Wikiwijs leeslogboek H5 is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    Faye van der Laaken Je moet eerst inloggen om feedback aan de auteur te kunnen geven.
    Laatst gewijzigd
    2017-03-13 20:18:46
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding 3.0 Nederlands licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Leerniveau
    HAVO 5;
    Leerinhoud en doelen
    Nederlands; Literatuur;
    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    Musters, Marloes. (2016).

    Opzet Wikiwijs leeslogboek H5

    https://maken.wikiwijs.nl/84277/Opzet_Wikiwijs_leeslogboek_H5

  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    Meer informatie voor ontwikkelaars

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.