Test

Waarom deze wiki?

Welkom op deze wikipagina met als thema 'stagedidactiek'. Hier zal je meer info vinden over hoe je een goede stagementor kan zijn.

Als inleiding kun je lezen waarom deze wiki interessant kan zijn voor jou. Volgende subtitels komen hierbij aan bod:

  • Wie zijn wij?
  • Hoe gebruik je deze wiki?
  • Waarover gaat deze wiki?
  • Waarom kan dit onderwerp voor jou interessant zijn?
  • Wat zegt de actuele wetenschappelijke literatuur over dit onderwerp?

 

Verder bekijken we elke stagefase afzonderlijk. Deze zijn terug te vinden als titel in het menu met bijhorende vragen of problemen.

  • Introductiefase
  • Werk- en leerfase
  • Beoordelings- en evaluatiefase

Wie zijn wij?

  • Dave Vanderbeke
  • Fleur Gossiaux
  • Leen Van Landschoot
  • Lieselot Vanderbeke

studenten lerarenopleiding UGent

SLO in de gezondheidswetenschappen

Hoe gebruik je deze wiki?

Deze wiki is speciaal ontwikkeld voor mentoren binnen de zorgsector. Onze doelgroep is bijgevolg zeer breed wat maakt dat deze wiki een groot draagvlak heeft. Niet alleen verpleegkundigen zijn erbij gebaat. Ook ergotherapeuten, vroedvrouwen, zorgkundigen, opvoeders, … kunnen handige tips terugvinden die hen kunnen helpen om hun rol als mentor zo optimaal mogelijk in te vullen. 

Onze wiki kan met het grootste gemak worden gebruikt opdat de mentor binnen de kortste tijd alle essentiële informatie kan opzoeken. De ontwikkelaars hebben hiertoe het wikiwijs-platform gebruikt, om een gestructureerde website te creëren die een antwoord biedt op de prangende vragen die bij mentoren heersen.

 

Deze wiki bestaat uit een set specifieke vragen waar mentoren geregeld mee geconfronteerd worden. Klassiek delen we het stagetraject op in drie fasen: de voorbereidingsfase, de werk- en leerfase en tot slot de beoordelings- en evaluatiefase. 

Waarover gaat deze wiki?

Vroeg of laat komt elke zorgprofessional in contact met stagiairs. Zeker als mentor is het belangrijk om deze young professional zo goed mogelijk te begeleiden opdat hij/zij later de zorgtaak zelfstandig kan overnemen. Hoe kan ik mijn rol als mentor nu het best waarmaken?

Niet alleen de aspirant mentor, ook de meer ervaren collega kampt soms nog met specifieke vragen omtrent het mentorschap. Om aan de persoonlijke noden van elke mentor te voldoen, hebben we deze wiki volgens het model van het klassieke stagetraject ingedeeld. Bij elk van de drie fasen (voorbereiding, leer/werk, beoordeling/evaluatie) kan de mentor terecht voor gepaste richtlijnen en tips.

Wat zijn goede doelstellingen?  Hoe geef ik gepaste feedback? Hoe creëer ik een positief leerklimaat voor de student? Op al deze vragen heeft de wiki een gepast antwoord klaar. Bij elk antwoord hoort tevens een sectie met do’s en don’ts waar de mentor te allen tijde rekening mee dient te houden in de praktijk.

Waarom kan dit onderwerp voor jou interessant zijn?

Je bent mentor en je neemt deze taak ernstig. Je wil je stagiair optimale leerkansen bieden en transparante communicatie garanderen. Binnen elke fase van het stagetraject van jouw stagiair (voorbereiding, leer/werk, beoordeling/evaluatie) wil je jouw taak zo goed mogelijk uitvoeren en ondersteuning bieden. Onze wiki is voor jou dé kans om jezelf verder te ontplooien tot een nog betere mentor. Zit je met specifieke vragen over mentorschap? Wil je jouw competenties een boost geven? Dan is deze wiki voor jou ‘the place to be’!

Ook voor de beginnende mentor of de mentor in wording biedt de wiki belangrijke richtlijnen en tips die bijdragen tot het ontwikkelen van de benodigde vaardigheden die het mentorschap vergt. Het is een mooie kans om te werken aan jouw minder ontwikkelde competenties (bijv. geven van gepaste feedback). Tevens biedt deze wiki de mogelijkheid om jouw troeven nog beter uit te spelen in de praktijk (cf. ‘Hoe kan ik de doelstellingen van mijn stagiair beter beoordelen?’).

Dankzij de gebruiksvriendelijkheid van onze software kan elke bezoeker bovendien in een mum van tijd die informatie opzoeken die voor hem/haar het meest waardevol is. Wanneer een mentor zich interesseert voor een specifiek deel van de wiki kan dit tevens in pdf-formaat worden afgedrukt. Op die manier kan hij/zij op eender welk moment even terugkijken naar de richtlijnen en tips passend bij een specifieke praktijksituatie (cf. do’s en don’ts op een eerste stagedag).

Wat zegt de actuele wetenschappelijke literatuur over dit onderwerp?

Binnen de zorgsector is er een ware overvloed aan literatuur dat diverse aspecten van het mentorschap onder de loep neemt. Deze artikels treffen we met name binnen het domein van de verpleegkunde aan. Wat volgt is een beknopte samenvatting van de actuele literatuur dat dienst doet als achtergrond voor deze wiki.

Anno 2005 duidde Barker reeds op de complexiteit van de relatie tussen mentor en de advanced practice nurse (APN; verpleegkundig specialist of nurse practitioner). Uit dit Amerikaans onderzoek blijkt het belang van een zekere ‘click’ tussen mentor en student. Valkuilen die de mentor-studentrelatie kunnen doen falen, zijn zwakke communicatiepatronen en inadequate identificatie van leerdoelen. Sleutelaspecten van deze relatie zijn persoonlijke introspectie, eerlijke en constructieve communicatie alsook de ontwikkeling van alternatieve ondersteunende netwerken.

In een Britse studie maakte Ven Veeramah (2012) een synthese van de knelpunten waar het bij mentorschap in de verpleeg- en vroedkunde allemaal om draait. Hij concludeerde dat er vijf aspecten zijn die een belangrijke impact hebben op dit begeleidingsproces:
  • Tijdsgebrek en de zorgvraag
  • Inadequate voorbereiding
  • Ondersteuning en bijscholing voor wat betreft assessmentformulieren
  • Regelmatige updates en training op de werkvloer
  • Communicatie tussen management, verpleegkundige/vroedvrouw, lector en mentor

Myall et al (2008) toonden in een eerder onderzoek op Engelse bodem al aan dat mentorschap heel belangrijk is bij ongekwalificeerde studenten. De afnemende kloof tussen theorie en praktijk van het mentorschap is op zijn minst hoopgevend te noemen.


Op onze startpagina kun je tevens een link vinden naar ander didactisch materiaal. Hier kun je websites en andere wiki’s over mentorschap raadplegen die tevens verwijzen naar recente vakliteratuur.

Vóór de stage

Een goede opvang van de student begint met een goede voorbereiding vóór de aanvang van de stage.

Informeer je als mentor over je rol als mentor, over de verwachtingen door de verschillende partijen en over de stagiair die je zal begeleiden.

 

Vragen die in deze fase voorkomen zijn:

Waar kan ik terecht voor meer info over het mentorschap?

In deze wiki vind je als mentor, algemene basisinformatie over de begeleiding van studenten.

 

Heb je vragen over een specifieke situatie bij jou op dienst, dan kan je terecht bij:

  • collega-mentoren of je verantwoordelijke​
  • de stagebegeleider of de stagecoördinator van de school van de stagiair

 

Wil je je verder verdiepen in het onderwerp, dan kan je terecht bij:

  • Mentorenopleidingen
    In mentorenopleidingen komen de belangrijkste onderwerpen mbt het mentorschap aan bod. Vaak wordt er actief gewerkt met (eigen) casuïstiek.
    Mentorenopleidingen voor de zorg vind je in Oost-Vlaanderen onder andere in Hogent en Vokans.

 

  • http://zorgvoorstage.be
    ‘Zorg voor stage’ is een online vormingspakket voor kwaliteitsvolle stages en stagebegeleidingen. De site is bedoeld als inspiratie, geeft stof tot nadenken en voer voor discussie.

 

  • Overige literatuur
    Er bestaat heel wat literatuur over dit onderwerp.
    Een overzicht van relevante actuele wetenschappelijke literatuur vind je terug op deze wiki.

Wat kan ik doen ter voorbereiding?

Voorbereiding op het mentorschap

  • Ga na wat verwacht wordt met betrekking tot (het begeleiden van) de stage door je werkgever
    Ga na of hieromtrent iets op papier staat.
    Lees ook de infobrochure van je dienst na, zo weet je bovendien over welke informatie de student al beschikt.
    Richt je met vragen tot een collega-mentor of tot je verantwoordelijke.

 

  • Ga na wat verwacht wordt door de opleidingsinstelling
    Dit vind je terug in het stagereglement van de school.
    Richt je met vragen tot de stagebegeleider van de school.

 

Voorbereiding op de komst van een specifieke student

  • Ga de gegevens na van de stagiair (naam, jaar van de opleiding, stageperiode)
  • Plan hoe je de student zal opvangen de eerste dag

Introductiefase

De introductiefase situeert zich de eerste dag of dagen van de stageperiode.

Heet als mentor de student welkom, maak concrete afspraken, bespreek de leerdoelen van de student en stem de verwachtingen (mentor-stagiair) op elkaar af.

 

Vragen die in deze fase voorkomen zijn:

Hoe vang ik de student op de eerste dag?

Je krijgt maar één kans voor het maken van een goede eerste indruk.
Trek er daarom wat tijd voor uit:
  • Heet de student welkom.
  • Stel jezelf voor en stel de student voor aan het team.
  • Geef de student een rondleiding op de afdeling.
  • Maak praktische afspraken over maaltijden, pauzes, kleedkamer, maaltijden, …
  • Laat de student zichzelf voorstellen en geef ruimte om zijn/haar ervaringen met de stageplaats of patiëntengroep te bespreken.
  • Bespreek de wederzijdse verwachtingen (link) en overloop de doelstellingen (link) van de stagiair.

 

Heb je op het moment dat de student toekomt heel weinig tijd, vertel dit aan de stagiair.

  • Beperk je tot een verwelkoming, de voorstelling van de dienst en de voorstelling van de student aan de collega’s.
  • Geef aan wanneer je die dag tijd kan uittrekken voor een rondleiding, bespreken van de doelstellingen, ..
  • Maak duidelijk wat je tot dan van de student verwacht.
    Bijvoorbeeld meelopen of meewerken, al dan niet vragen stellen, …

Hoe beoordeel ik de doelstellingen van de student?

Bij de aanvang van de stage legt de stagiair zijn/haar doelstellingen voor.
Deze gaan over de kennis, vaardigheden en attitudes die hij/zij tijdens tijdens deze stage willen bereiken.
 
De doelstellingen moeten Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden zijn. Men zegt ook wel dat doelstellingen 'SMART' moeten opgesteld zijn.

 

  • Specifiek
    Is het duidelijk wat de stagiair als eindresultaat wil bereiken?
    Zijn de doelstellingen afgestemd op de stageplaats?
  • Meetbaar
    Kan je meten/nagaan of de stagiair het doel daadwerkelijk heeft bereikt?
  • Acceptabel
    Is het doel aanvaardbaar?
  • Realistisch
    Is het doel niet te makkelijk of te moeilijk te bereiken?
  • Tijdgebonden
    Is het duidelijk wanneer de stagiair dit doel wil bereiken?
    Dit kan bijvoorbeeld na een week stage zijn of op het einde van de stage.

 

Wanneer je vindt dat een doelstelling niet aan deze voorwaarden voldoet, stuur je, in overleg met de stagiair, de doelstelling bij.
Bij vragen over specifieke doelstellingen kan je je richten tot de stagebegeleider van de stagiair.

Hoe bespreek ik de wederzijdse verwachtingen?

Maak bij aanvang van de stage even tijd voor het bespreken van de wederzijdse verwachtingen.

 

Verwachtingen van de stagiair

Wat de stagiair verwacht te leren op stage, vind je terug in de stagedoelstellingen (kan hier een link worden toegevoegd?). Deze doelstellingen samen bespreken en waar nodig bijsturen, geeft je een zicht op de verwachtingen van de stagiair.
 

Verwachtingen van jou als mentor

Deze verwachtingen van de mentor verschillen van stageplaats tot stageplaats en zelfs van mentor tot mentor. Het geeft de student een gevoel van veiligheid wanneer deze weet wat hij van jou mag verwachten en wat van hem/haar wordt verwacht.

Bijvoorbeeld:

  • verwacht je dat de student zelfstandig aan een taak begint of vraagt hij/zij eerst toestemming.
  • wat verwacht je de eerste dagen van de student en wat verwacht je naar het einde van de stage toe.
  • verwacht je dat de student je dagelijks zijn documenten voor feedback aanbiedt of stelt hij/zij deze beschikbaar op een bepaalde plaats.

Werk & leerfase

Na de introductiefase volgt de werk- en leerfase.

Er zijn tal van factoren op de werkvloer die bepalend zijn voor het uiteindelijke resultaat van deze leerperiode.
Als mentor zorg je voor een leerrijke omgeving en een open communicatie. Laat de student nadenken over zijn eigen handelen en geef voldoende en gepaste feedback. Laat de student ook eens nadenken over een ethische kwestie.
Stuur bij wanneer de stage niet loopt zoals verwacht.

 

Vragen die in deze fase voorkomen zijn:

Hoe zorg ik voor een leerrijke omgeving?

Het is belangrijk om een goed contact te hebben tussen de mentor en de studenten. Zo moet er een wederzijds respect zijn, eerlijke communicatie en vertrouwen.

Vervolgens moeten er ook realistische doelen voorop gesteld worden, aangepast aan het leerjaar en de geziene leerstof van de stagiair. Naar verloop van tijd kunnen de leerdoelen aangepast worden naargelang er zich andere leermomenten voordoen en er andere doelen bereikt zijn. Enkel op die manier kan je groeien.

Het is ook belangrijk om steeds de stagiairs te betrekken bij wat er gebeurd. Zodanig dat zij zich betrokken voelen en niet enkel aan de zijlijn staan. Binnen de perken kunnen zij ook inspraak krijgen. De studenten moeten het gevoel krijgen dat zij toekomstige collega's kunnen worden en niet enkel stage "moeten" lopen.

Als mentor is het ook zinvol om zich te proberen inleven in de leefwereld van de stagiair.

Het spreekt voor zich dat er damen moet gewerkt worden aan de stage tot de laatste dag.

 

 

 

Hoe draag ik als mentor bij tot een positief leerklimaat? Wat volgt is een reeks do’s en don’ts die bijdragen tot een optimale leeromgeving. Belangrijke opmerking hierbij is wel dat de mentor niet de enige spilfiguur is in het stagetraject. Ook de student en de stagebegeleider bepalen tevens de sfeer tijdens de stage. In dit kader kunnen we spreken van een trialoog (stagiair, mentor, stagebegeleider) die aan de basis dient te liggen van het ganse leerproces.  

Do’s:

  • Leren aantrekkelijk voorstellen (meer voordelen dan nadelen aan handelen
    verbonden)

  • Voorzien ruimte voor wederzijds respect, een gedeelde visie, goede communicatie,
    groepsreflectie en steun.

  • Frequent inlassen reflectiemomenten

  • Creëren van een open sfeer

  • Stagiair als evenwaardig lid van het zorgteam beschouwen

  • Ruimte laten voor experimenteren

  • Evenwicht bewaren tussen taakbelasting en kwaliteit van het leerproces

  • Inspirerende en emotioneel veilige omgeving (vertrouwensband, open klimaat,
    positieve feedback)

  • Uitdagend en stimulerend leerklimaat (uitnodigen tot actie, interesse voor leertraject, stimulans totzelfstandigheid)

Don’ts:

  • Negeer geen vragen van de stagiair

  • Vind het niet vanzelfsprekend dat de stagiair alles al weet

Werkplekleren door trialoog

Hoe bekom ik open communicatie?

De mentor dient over zowel luister- als communicatieve vaardigheden te beschikken. Wat luisteren betreft, dienen we goed het onderscheid te bewaren met horen. Iets horen betekent niets meer dan opmerken dat er iemand aan het spreken is. Wanneer je luistert, geef je betekenis aan dat wat je opvangt en let je constant op. Een mentor met goede luistervaardigheden luistert actief. Dit betekent dat hij/zij tevens gevoelens kan associëren met dat wat hij/zij hoort. Om actief te kunnen luisteren zijn er vier factoren die noodzakelijk zijn: intensiteit, empathie, aanvaarding en wil om verantwoordelijkheid op te nemen. De volgende tips helpen de mentor om actief te luisteren:

  • Maak oogcontact

  • Bevestig door ja te knikken en gebruik gepaste expressies

  • Vermijd ongepaste acties of gebaren

  • Stel vragen

  • Parafraseer

  • Voorkom dat je de spreker onderbreekt

  • Spreek niet te veel

Om de vertrouwensrelatie tussen mentor en mentee (de stagiair) op te bouwen, zijn er ook enkele belangrijke communicatieve richtlijnen:

  • Zorg er voor dat de communicatie positief, duidelijk en specifiek is;

  • Wees je ervan bewust dat elk individu een geheel eigen kijk/perspectief heeft op de zaak;

  • Wees open en eerlijk over jouw gevoelens en accepteer de gevoelens van de andere;

  • Vraag om verduidelijking bij problemen;

  • Leer luisteren en laat de student praten zonder steeds in de rede te vallen.

Mentoring

Hoe laat ik de student nadenken over zijn eigen handelen?

In progress...

Hoe geef ik feedback ?

Feedback zorgt ervoor dat de stagiair inzicht krijgt in het eigen functioneren en zich waar nodig kan bijsturen.

Zorg voor goede randvoorwaarden

  • Bereid het gesprek voor
    Denk op voorhand na wat je wil meegeven, dit kan bijvoorbeeld door al een aantal zaken te noteren tijdens de uitvoering.
  • Zorg voor een rustige plek om te praten; zorg voor privacy.
    Geef indien mogelijk geen negatieve feedback aan een stagiair in het bijzijn van de patiënt, medestagiairs of collega's.
  • voorzie voldoende tijd

Houd rekening met volgende aandachtspunten

  • Geef ook positieve feedback!
    Positieve feedback bekrachtigt het goede gedrag van de stagiair.
    Het zorgt er bovendien voor dat deze zich meer zal openstellen voor de werkpunten.
  • Spreek steeds in de ik-vorm
    Bijvoorbeeld 'ik merk op dat  ...' in plaats van 'je bent ...'.
  • Wees steeds zo concreet mogelijk
    Bijvoorbeeld 'ik merkte dat er nog afval lag nog op de kamer' in plaats van 'ik merkte dat je de kamer slordig had achtergelaten'
  • Geef aan wat je verwacht in de toekomst
    Bijvoorbeeld 'ik wil dat je het afval dat nog op de kamer aanwezig is eerst gaat opruimen en dat je voortaan, voor je de kamer verlaat, nog eens nagaat of alle afval is verwijderd'.
  • Geef de student ruimte om te reageren
    Bijvoorbeeld 'kan je je vinden in deze opmerkingen'  of 'was je je hiervan bewust'

 

Wil je meer over weten over feedback geven en krijgen, dan kan je ook terecht bij de VDAB voor een gratis online cursus over feedback geven.

Hoe kan ik de stagiair laten nadenken over ethische kwesties?

Het is belangrijk om (ethische) dilemma’s te bespreken met de stagiair. Tijdens de stageperiode kanje vragen stellen  naargelang er zich bepaalde situaties voordoen. Dit kan door bijvoorbeeld casussen voorl te leggen. Deze worden dan vanuit de verschillende partijen bekeken: de rol van de patiënt, de familie van de patiënt, de verpleegkundige, de collega, de hoofdverpleegkundige, de directie nursing, de directie en de maatschappij.

Je kan ook de stagiair bewust laten reflecteren door vergelijkingen te maken met andere landen, bijvoorbeeld kan je in Engeland maar tot een bepaalde leeftijd getransplanteerd worden of nierdialyse (behandeling) krijgen. Bijvoorbeeld in België krijg je nog steeds een pacemaker als je 100jaar bent.

Het kan ook zinvol zijn om uitleg te geven over het ethische comité in een ziekenhuis: wat zijn de taken, de bevoegdheden enzovoort.

Wat als de stage niet loopt zoals verwacht?

Bij problemen (ongevallen, fouten) moet de hiërarchie gerespecteerd worden. De hoofdverpleegkundige en de school contacteren zal de eerste stap zijn. Vervolgens de directie nursing en de directie van de school contacteren. Vergeet niet de verzekeringen te contacteren voor verdere richtlijnen.

De aansprakelijkheid van de stagiair leggen we uit aan de hand van vier vragen.

1. Is de rechtspositie van de stagiairs- verpleegkundigen in deze voldoende geregeld?

2. Hoe worden de schadelijke gevolgen voor studenten, veroorzaakt door beroepsfouten te wijten aan onervaren, door onderwijsinstelingen opgevangen

3. Hoe wordt de aansprakelijkheid van studenten ten opzichte van patiënten, ten opzichte van ander personeel, ten opzichte van een inrichtende macht opgevangen? Is daarop controle?

4. Werd de minister de laatste jaren geconfronteerd met problemen van schade bij stagiairs, bij patiënten, ...die niet door de bestaande regels worden opgevangen? Wat werd hierbij ondernomen?

Antwoord:

De stagiair- verpleegkundige wordt door de ziekenhuizen gelijkgesteld met een tijdelijke werknemer.

De rechtspositieregeling van de stagiairs- verpleegkundigen resorteert daarom onder de wetgeving op de werking van de ziekenhuizen. De ziekenhuizen zelf dekken zich in op twee manieren: 

via de ziekenhuisverzekering voor beroepsfouten door de personeelsleden, 

via de arbeidsgeneeskundige dienst van de ziekenhuizen. Deze dienst houdt toezicht op de bescherming van het personleel tegen bijvoorbeeld besmettelijke ziekten of straling.

Scholen sluiten een verzekeringspolis af voor alle gevallen die niet onder het bovenvermelde ressorteren. De polis "burgerlijke aansprakelijkheid" dekt de beroepsfouten door onervarenheid, die een ziekenhuis verhaalt op de school. De polis "ongevallen" dekt de schade aan een student ten gevolge van ongeval, bijvoorbeeld besmetting met hepatitis B door toevallige zelfverwonding. Bovendien sluiten de scholen zelf aan bij een arbeidsgeneeskundige dienst, die preventief maatregelen ter bescherming van de student neemt, zoals bijvoorbeeld preventieve vaccinatie tege hepatitis B. Door het feit dat de stagiair in de stageplaats wordt beschouwd als tijdelijke werknemer, kunnen sommige gevallen ook worden geregeld via het Fonds voor Beroepsziekten.

 

De schadeverzekering tegen over derden is opgenomen in de polis "burgerlijke aansprakelijkheid" die de scholen afsluiten. Specifiek voor het secondair onderwijs in de verpleegkunde (vierde graad van het voltijds beroepssecondair onderwijs) is het zo dat het klinisch onderwijs, waaronder de stages vallen, onder de verantwoordelijkheid van de onderwijsinstellingen verloopt, die dan ook dienen in te staan voor de verzekering inzake burgerlijke aansprakelijkheid en de begeleiding van de stages.

De hoofdverpleegkundige/ de hoofdvroedvrouw houdt toezicht op de studenten verpleegkunde en verloskunde op zijn afdeling, in samenwerking met de stagebegeleiders en de verpleegkundige belast met de begeleiding van intreders en herintreders behorend tot de categorei van het verpleegkundig personeel.

Indien de schadelijder ering slaagt te bewijzen dat de geleden schade veroorzaakt werd ten gevolge van een fout van de schadeverwekker, zal door de schadelijder tegen deze laatste een vordering tot schadevergoedeing kunnen worden ingesteld. De aquiliaanse aansprakelijkheid van de schadeverwekker zal tot gevolg hebben dat deze de veroorzaakte schade volledig zal moeten vergoeden.

In geval van contractuele aansprakelijkheid kan de schadevergoeding overeenkomstig het contract desgevallend beperkt worden.
 

Een werknemer die bij de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst aan de werkgever of derden schade berokkent, zal hiervoor, in tegenstelling tot hetgeen geschreven werd betreffende de aansprakelijkheid voor eigen daden, niet aansprakelijk zijn. Indien immers de fout van de werknemer een toevallig voorkomende lichte fout is en geen bedrog, zware schuld of een eerder gewoonlijk voorkomende lichte fout betreft, zal zijn aansprakelijkheid op grond van de arbeidsovereenkomstwet niet kunnen weerhouden worden. Gelet op het feit dat deze uitzonderingsregel vereist dat er een arbeidsovereenkomst bestaat, zal deze beperking van de aansprakelijkheid geen toepassing vinden op zelfstandig werkende personen, nog op studenten.

Door de wet van 10.02.2003  is deze beperking van de aansprakelijkheid nu ook uitgebreid tot de statutair tewerkgestelde personen. Ook zij zijn sinds 09.03.2003 niet meer aansprakelijk voor hun toevallig voorkomende lichte fout.

Beoordelings- & evaluatiefase

De evaluatie vindt plaats op het einde van de stageperiode.

Afhankelijk van de gewoontes van de stageplaats en de school, kunnen hierbij de mentor, hoofdverpleegkundige, stagebegeleider en de student betrokken worden.

Als mentor bereid je dit gesprek voor. Je gaat na wat de sterke punten zijn van de stagiair en welke nog werkpunten zijn. Deze werkpunten zal de stagiair meenemen als leerdoelen voor een volgende stageperiode.
De eindscore wordt gegeven door de stagebegeleider.

 

Vragen die in deze fase voorkomen zijn:

 

 

Hoe bereid ik een evaluatiegesprek voor?

De student doet aan zelfevaluatie en schrijft dit op papier

Daarna leest de stagementor dit en vult aan met eigen bedenkingen

Vervolgens vult de stagebegeleiding aan. Dit laatste moet op basis zijn van mondelinge en schriftelijke feedback van de verpleegkundigen op dienst. Ook kan het een meerwaarde hebben om navraag te doen bij het niet medisch personeel zoals het kuispersoneel, mensen van het vervoer om na te gaan als er op een respectvolle manier kan samen gewerkt worden in een team. Evaluatie mag niet enkel het verpleegtechnisch aspect zijn.

Wie betrek ik bij de evaluatie?

  • Student
  • Stagementor
  • Stagebegeleider
  • (Hoofdverpleegkundige)
  • (Patiënten)

Waar kan ik meer informatie vinden?

Zorgvoorstage.be

  • Het arrangement Test is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteurs
    Lieselot Berlanger
    Laatst gewijzigd
    30-04-2014 17:26:44
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding 4.0 Internationale licentie.

     

     

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Eindgebruiker
    leerling/student
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld

    Bronnen

    Bron Type
    Werkplekleren door trialoog
    http://ppw.kuleuven.be/o_en_o/pooll/projectonderwijs/projectrapporten/werkplekleren-door-trialoog.pdf
    Link
    Mentoring
    http://www.mentoring.org/downloads/mentoring_436.pdf
    Link
    Zorgvoorstage.be
    http://zorgvoorstage.be
    Link
  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    Voor developers

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.