Letters leren - Letter i

Letters leren - Letter i

Lessenserie Letter i

Algemene informatie – Letters leren – Letter i

Titel lessenserie

Letters leren - letter i

Algemene informatie lessenserie

De lessenserie maakt deel uit van een arrangement waarin meerdere letters op vergelijkbare wijze worden aangeboden. Elke letter vormt een afzonderlijke lessenserie met dezelfde didactische opbouw en herkenbare werkvormen, zodat leerlingen steeds volgens een herkenbare structuur kunnen werken.

De lessenserie is opgebouwd uit verschillende leeractiviteiten (zoals leesblad, werkbladen en spelactiviteiten) die flexibel herhaald kunnen worden ingezet. Hierdoor kan de leerkracht per lesmoment aansluiten bij het niveau, de onderwijsbehoefte en het lesdoel van de groep of individuele leerling.

Doelgroep en aantal leerlingen

Vso-leerlingen die werken op spellingniveau 5

Leerroute(s): 2 en 3

Aantal leerlingen: flexibel inzetbaar (individueel of in kleine groep)

Beginsituatie leerlingen

Het materiaal is bedoeld voor leerlingen die al enige kennismaking hebben gehad met letters en MKM-woorden, maar deze basiskennis nog niet volledig beheersen. Het leermateriaal sluit aan bij hun behoefte aan herhaling, structuur en gerichte oefening op het gebied van klankzuivere woorden en basis-spellingsregels.
Het is bedoeld voor leerlingen die toe zijn aan toepassing en automatisering, niet alleen herkenning. Het is niet bedoeld voor het aanleren van letters vanaf nul, maar voor het verdiepen en onderhouden van eerder aangeboden letters.

Kerndoelen

Functioneel kerndoel 2 (Domein Communicatie) - De leerling doet informatie op met teksten.
2a De leerling toont basaal begrip van teksten.

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.
6b De leerling benut kennis over spelling bij het schriftelijk formuleren. 

Koppeling aan leerlijn(en), leerroute(s)

Het leermateriaal sluit aan bij de leerlijnen technisch lezen en spelling binnen het Vso en kan worden ingezet binnen leerroute 2 en leerroute 3.

Het leermateriaal is ontwikkeld als aanvulling op Letters leren 1 van de methodiek Werken aan Nederlands, maar kan ook zelfstandig worden ingezet, zonder gebruik van de genoemde methodiek.

Bij de uitvoering van de lessen wordt gewerkt volgens het Doordacht Passend Lesmodel (DPL), waarbij instructie, begeleide oefening en zelfstandige verwerking elkaar afwisselen.

Volgorde van de lessen/(leer)activiteiten

Variabel

Binnen deze lessenserie staat de letter i centraal en wordt gedurende meerdere lesmomenten aan dezelfde letter gewerkt. De activiteiten hebben geen vaste volgorde, maar worden herhaald en gevarieerd ingezet om de letter te automatiseren.
Per lesmoment kiest de leerkracht één of meerdere activiteiten, afhankelijk van het lesdoel en het niveau van de leerling. Na afronding van deze lessenserie kan worden gestart met een volgende letter. Daarbij blijven eerder aangeboden letters regelmatig terugkeren in lees- en spelactiviteiten. Het geleerde wordt zo onderhouden en verdiept.

Bij het ontwikkelen van de lessenserie is de opbouw van de methodiek Werken aan Nederlands als referentie gebruikt. Daarom is er ook leermateriaal gemaakt waar letters worden gecombineerd.

Tijdsduur les/(leer)activiteiten

Per lesmoment wordt ongeveer 45 minuten aan de letter gewerkt. De lessenserie beslaat circa twee weken, met meerdere herhaalmomenten per week. In totaal wordt er ongeveer 4,5 uur aan de letter gewerkt.

Kernactiviteiten/-thema’s per les/(leer)activiteit

Dit leermateriaal is ontwikkeld om de technische lees- en spellingvaardigheid van leerlingen te versterken. Door gestructureerde oefeningen aan te bieden op het eigen niveau, met klankzuivere MKM-woorden en korte zinnen, worden herkenbare woordstructuren herhaald en visueel ondersteund.

De kernactiviteiten bestaan uit herhaald lezen, het koppelen van woord en beeld en het oefenen van de letter in verschillende werkvormen zoals werkbladen en spelactiviteiten. Door dezelfde inhoud via verschillende activiteiten aan te bieden, krijgen leerlingen veel herhaling en ondersteuning bij het automatiseren van de letter.

Didactiek / instructiemodel(len)

Doordacht Passend Lesmodel (DPL)

Bronnen / materiaalverwijzing

n.v.t.
Het leermateriaal is door de docent zelf ontwikkeld en samengesteld.

Lesformulier - Leesblad letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 2 (Domein Communicatie) - De leerling doet informatie op met teksten.
2a De leerling toont basaal begrip van teksten.

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.
6b De leerling benut kennis over spelling bij het schriftelijk formuleren.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van de les:

- leest de leerling klankzuivere MKM-woorden met de letter i vlot en correct.
- koppelt de leerling geschreven woorden aan bijbehorende afbeeldingen.
- leest de leerling korte zinnen met woorden waarin de letter i voorkomt.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert of de leerling woorden en korte zinnen met de letter i correct leest en toepast. Dit gebeurt door het hardop lezen van (delen van) het leesblad en door observatie tijdens begeleide leesmomenten of herhaalactiviteiten binnen de lessenserie.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Het leesblad is een kernactiviteit binnen de lessenserie Letter i. Het wordt ingezet om woorden en korte zinnen met de letter i te introduceren, te oefenen en herhaald aan te bieden. Het leesblad kan meerdere keren terugkomen binnen verschillende lesmomenten, zowel tijdens instructie als bij herhaling en onderhoud.
De activiteit richt zich op technisch lezen, woordherkenning en het koppelen van geschreven woorden aan betekenis en beeld.

 

Didactische opbouw – Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht activeert voorkennis rondom de letter
i. De aandacht wordt gericht op de letter en bijbehorende klanken of woorden. Het lesdoel wordt benoemd en gekoppeld aan wat leerlingen al kunnen. De leerkracht legt uit wat de leerlingen met het leesblad gaan doen.  

 

Fase 2 – interactieve instructie 
De leerkracht doet het lezen en toepassen van de letter
i voor en denkt daarbij hardop. Vervolgens start de leerkracht met klassikaal lezen van de woordrijtjes. De leerkracht leest mee, zodat er een stabiel tempo wordt aangehouden. Synchroon lezen helpt leerlingen het leesritme te ontwikkelen. De rijtjes kunnen indien nodig nog een keer worden herhaald. De leerkracht benoemt waar leerlingen op moeten letten en wat als succes geldt.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen oefenen individueel met het leesblad. Zij lezen en benoemen woorden en koppelen geschreven woorden aan afbeeldingen. De leerkracht observeert, ondersteunt waar nodig en stimuleert herhaling.

Daarna lezen leerlingen om de beurt een rijtje woorden. Andere leerlingen lezen stil mee (lippen meebewegen of fluisterend lezen) en wijzen het gelezen woord aan. De leerkracht geeft positieve feedback en biedt ondersteuning bij moeilijke woorden.

De actieve verwerking kan direct na de instructie plaatsvinden en/of op een later moment als herhaalmoment binnen de lessenserie.

 

Fase 4 – eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op de les en het doel.

De leerkracht bespreekt welke woorden nieuw of lastig waren en stimuleert leerlingen om de betekenis van nieuwe woorden te verwoorden, bijvoorbeeld door er een zin mee te maken.
De leerkracht gebruikt visuele ondersteuning (plaatjes, pictogrammen of gebaren) om de betekenis van (nieuwe) woorden te verduidelijken.

Tot slot bespreekt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter i opnieuw terugkomt in een volgende les of activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:

- leesblad letter i voor alle leerlingen (eventueel vergroot)
- hulpmiddelen zoals leeslinialen

Voorbereiding:

- Zorg voor een rustige werkplek.
- Leg ondersteunende materialen klaar, zoals visuele woordkaarten of pictogrammen (niet inbegrepen).

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Het materiaal is individueel inzetbaar of in kleine groepen. Differentiatie vindt plaats door te variëren in hoeveelheid woorden, tempo en mate van ondersteuning. Leerlingen die sneller werken kunnen verdiepen door combinaties met eerder aangeboden letters.

Overige

Na afronding van de lessenserie Letter i kunnen activiteiten met regelmaat terugkomen als onderhoud. De aanpak en opbouw zijn gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Het leesblad wordt vooral ingezet wanneer leerlingen de letter i hebben verkend en toe zijn aan gerichte toepassing en verwerking.

 

Lesformulier - Werkbladen letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.
6b De leerling benut kennis over spelling bij het schriftelijk formuleren.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van de les:

- kan de leerling woorden met de letter i herkennen en lezen.
- koppelt de leerling geschreven woorden aan bijbehorende afbeeldingen.
- kan de leerling de letter i op de juiste plaats in een woord toepassen (begin, midden, eind).

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert of de leerling de opdrachten op het werkblad correct uitvoert door woorden met de letter i te lezen, toe te passen en te herkennen.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Het werkblad is een verwerkingsactiviteit binnen de lessenserie letter i. Het wordt ingezet om de letter i toe te passen en te automatiseren in klankzuivere woorden. Leerlingen werken zelfstandig aan verschillende opdrachten waarin lezen, woord-beeldkoppeling en het toepassen van de letter i centraal staan.

Didactische opbouw – Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt het werkblad stap voor stap uit aan de leerlingen. Samen met de leerlingen worden de verschillende opdrachten kort doorgenomen. De leerkracht benoemt waar leerlingen hulp kunnen vragen wanneer dat nodig is.  

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht geeft voorbeelden bij de opdrachten en laat zien wat er van de leerlingen wordt verwacht. De leerkracht controleert of alle leerlingen de uitleg begrijpen, voordat zij zelfstandig aan de slag gaan.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen maken de opdrachten zelfstandig. Zij lezen woorden, koppelen woord en beeld en passen de letter i toe in verschillende opdrachten. De leerkracht observeert het werken, biedt ondersteuning waar nodig en stimuleert leerlingen om zorgvuldig te lezen en te controleren.

 

Fase 4 – eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op de les en het doel. De leerkracht bespreekt enkele opdrachten klassikaal en benoemt wat goed ging en waar nog aandacht nodig is. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter
i opnieuw terugkomt in een volgende les of activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- werkblad letter i (eventueel vergroot)

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige werkplek.
- Leg ondersteunende materialen klaar, zoals visuele woordkaarten of pictogrammen (niet inbegrepen).

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Het materiaal is individueel inzetbaar of in kleine groepen. Differentiatie vindt plaats door te variëren in hoeveelheid woorden, tempo en mate van ondersteuning. Leerlingen die sneller werken kunnen verdiepen door combinaties met eerder aangeboden letters.

Overige

Na afronding van de lessenserie Letter i kunnen de werkbladen met regelmaat terugkomen als onderhoud. De aanpak en opbouw zijn gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

De werkbladen worden vooral ingezet wanneer leerlingen de letter i hebben verkend en toe zijn aan gerichte toepassing en verwerking.

 

Lesformulier - Piccolo letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van de les:

- kan de leerling woorden met de letter i herkennen en lezen.
- koppelt de leerling geschreven woorden aan bijbehorende afbeeldingen.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens de Piccolo-activiteit of de leerling geschreven woorden met de letter i correct leest en koppelt aan de juiste afbeeldingen.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Piccolo is een gestructureerde spelactiviteit binnen de lessenserie Letter i. Leerlingen lezen geschreven woorden en koppelen deze aan bijbehorende afbeeldingen met behulp van een spelbord en schuifschijven.
De activiteit ondersteunt visuele woordherkenning en het nauwkeurig lezen van klankzuivere woorden en is geschikt voor oefening, herhaling en automatisering. Leerlingen kunnen hun antwoorden zelfstandig controleren.

 

Didactische opbouw – Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt de Piccolo-activiteit stap voor stap uit aan de leerlingen. Samen met de leerlingen wordt besproken wat zij gaan doen en wat het doel van de activiteit is. De leerkracht benoemt dat leerlingen geschreven woorden gaan lezen en koppelen aan bijbehorende afbeeldingen. De leerkracht benoemt waar leerling leerlingen hulp kunnen vragen wanneer dat nodig is.

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht laat in een voorbeeld zien hoe met het spelbord wordt gewerkt. De leerkracht plaatst één opdrachtkaart op het spelbord en leest het woord hardop (eventueel gezamenlijk). Samen met de leerlingen wordt bepaald welk plaatje bij het woord hoort. De leerkracht laat zien welk teken bij het plaatje staat en schuift de schijf met het corresponderende teken naar het juiste woord.
Daarna laat de leerkracht de leerlingen deze stappen herhalen.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen werken zelfstandig met het Piccolo-materiaal. Zij herhalen de stappen die in de instructie zijn gegeven totdat alle opdrachten zijn uitgevoerd. Wanneer alle opdrachten zijn afgerond, controleren leerlingen hun antwoorden door de opdrachtkaart om te draaien. De leerkracht observeert het werken en biedt ondersteuning waar nodig.

 

Fase 4 – eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op de activiteit en het doel. De leerkracht bespreekt met de leerlingen welke woorden goed gingen en welke nog lastig waren. De leerkracht kan dit doen door ieder plaatje nog een keer langs te lopen en te vragen wat het juiste woord is dat bij het plaatje hoort. De leerlingen kunnen daarbij hun spelbord gebruiken. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter
i opnieuw terugkomt in een volgende les/activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- piccolo-opdrachtenkaarten (dubbelzijdig geprint, eventueel gelamineerd)
- spelbord met schuifschijven

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige werkplek.
- Leg ondersteunende materialen klaar, zoals de opdrachtenkaarten en het spelbord.

- Alternatief: zonder spelbord kunnen knijpers worden gebruikt om woord en plaatje te koppelen.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

De activiteit is individueel inzetbaar of in kleine groepjes.
Differentiatie is mogelijk door:
- samen hardop te lezen of zelfstandig laten werken.
- woorden te combineren met eerder aangeboden letters.

Overige

Piccolo kan regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit binnen de lessenserie Letter i. De opzet is gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Piccolo wordt vooral ingezet als oefen- en herhaalactiviteit. De leerlingen hebben al kennisgemaakt met de letter R. De activiteit is geschikt voor zelfstandige verwerking en automatisering.

 

 

Lesformulier - Memory letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van deze les:

- kan de leerling woorden met de letter i herkennen en lezen.
- koppelt de leerling geschreven woorden aan bijbehorende afbeeldingen.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens het spel of de leerling geschreven woorden correct koppelt aan een de bijbehorende afbeeldingen.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Memory is een spelactiviteit waarbij leerlingen steeds een geschreven woord en een afbeelding aan elkaar koppelen. De activiteit ondersteunt de visuele woordherkenning en het nauwkeurig lezen van klankzuivere woorden met de letter i en is geschikt voor oefening, herhaling en automatisering.

 

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt uit wat er in de les gedaan gaat worden en aan welk leerdoel de leerlingen werken. De leerkracht vraagt of de leerlingen het spel Memory kennen. Indien nodig wordt het spel kort uitgelegd. De leerkracht legt uit dat het bij dit spel gaat om het juist combineren van een geschreven woord en een afbeelding en laat dit zien met twee bij elkaar passende kaartjes.  

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht begeleidt het Memoryspel klassikaal:
- De jongste speler begint.
- De speler draait 2 kaartjes om en benoemt wat erop staat.
- Als het geschreven woord en de afbeelding bij elkaar passen, mag de speler de kaartjes houden en voor zich leggen.
- In dat geval mag diezelfde speler opnieuw 2 kaartjes omdraaien.
- Wanneer de kaartjes niet bij elkaar horen, worden ze op dezelfde plek teruggelegd en is de volgende speler aan de beurt.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Het spel wordt opnieuw gespeeld, met aanvullende opdrachten wanneer een combinatie van twee kaartjes klopt. De leerkracht kan bijvoorbeeld vragen:
- Lees het woord op het kaartje hardop voor.
- Draai het kaartje met de afbeelding om en lees nu het woord.
- Weet je het antwoord op de volgende vraag? Bijvoorbeeld: Wat is de kleur van sneeuw? (wit)
- kun je een zin maken waarin je het woord gebruikt.

De leerkracht stimuleert door te helpen om tot een zin te komen.

 

Fase 4 –eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op de les en het leerdoel.
De leerkracht laat klassikaal een afbeelding en een woord zien (soms passend, soms niet) en vraagt of de combinatie goed of fout is. De leerkracht leest het woord soms expres fout voor en vraagt de leerlingen dit te corrigeren.
Tot slot bespreekt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter i terugkomt in een volgende les of activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- Memorykaartjes met woorden en afbeeldingen (geprint en eventueel gelamineerd).

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige omgeving.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

De activiteit is inzetbaar in kleine groepen of klassikaal. Differentiatie is mogelijk door:
- samen hardop te lezen of zelfstandig te laten werken.
- extra vragen te stellen bij sterke lezers.
- het aantal kaartjes te beperken of uit te breiden.

 

differentiatie in het spelen van memory

makkelijk: de afbeeldingskaartjes en de woordkaartjes van elkaar gescheiden aanbieden. Uit beide vlakken moet een kaartje gepakt worden om een set te kunnen maken.

moeilijk: afbeeldingskaartjes en woordkaartjes door elkaar op het speelveld.

Overige

Memory kan regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit binnen de lessenserie Letter i. De opzet is gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Memory wordt vooral ingezet als herhaal- en automatiseringsactiviteit, wanneer leerlingen al bekend zijn met de letter en de bijbehorende woorden. De activiteit is geschikt voor begeleid of zelfstandig oefenen.

 

 

Lesformulier - Kwartet letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van deze les:

- kan de leerling woorden met de letter i herkennen en lezen.
- koppelt de leerling geschreven woorden aan bijbehorende afbeeldingen.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens het kwartetspel of de leerling de geschreven woorden met de letter i correct herkent en benoemt.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Kwartet is een gestructureerde spelactiviteit waarbij leerlingen setjes van bij elkaar horende woorden en afbeeldingen verzamelen. Door het lezen, benoemen en herkennen van woorden met de letter i oefenen leerlingen spelenderwijs met visuele woordherkenning en technisch lezen. De activiteit is geschikt voor oefening, herhaling en automatisering.

 

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt kort uit dat de leerlingen kwartet gaan spelen met woorden met de letter i en minimaal drie andere letters. De leerkracht vraagt of de leerlingen het spel Kwartet kennen. Indien nodig wordt het spel kort uitgelegd. De leerkracht legt uit dat is de bedoeling in dit spel dat de leerlingen zo snel mogelijk alle vier de kaarten van één letter (een kwartet) bij elkaar krijgen.
De leerkracht laat enkele voorbeeldkaartjes zien en benoemt hardop wat erop staat (woord en afbeelding).

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht doet een voorbeeldronde van het kwartetspel en benoemt de spelregels:
- Iedere speler krijgt 4 kaarten, de overige kaarten vormen de stapel.
- De jongste speler begint.
- De speler vraagt gericht om een kaart: eerst de letter, dan welke kaart/woord (eventueel met kleur).
- Heeft de ander de kaart die je vraagt? Je krijgt de kaart en je mag doorvragen.
- Heeft de ander de kaart die je vraagt niet? Je pakt een kaart van de stapel en je beurt is voorbij.
- Bij een compleet kwartet is je beurt ook voorbij. Het kwartet leg je zichtbaar neer.
- Het spel stopt wanneer alle kwartetten zijn gevormd. De speler met de meeste kwartetten wint.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen spelen het spel volgens de spelregels. De leerkracht observeert en helpt waar nodig (meelezen, helpen met het stellen van de vragen, woorden laten herhalen).

 

Fase 4 – einde van de les:
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op het leerdoel.
De leerkracht laat een of meerdere kwartetten zien en bespreekt welke woorden en afbeeldingen bij elkaar horen. De leerkracht benoemt een woord uit het kwartet en vraagt of de afbeelding erbij past, of leest een woord voor en laat de leerlingen de juiste afbeelding aanwijzen.
Tot slot bespreekt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter i terugkomt in een volgende les of activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- Kwartetkaartjes met woorden en afbeeldingen (geprint en eventueel gelamineerd).

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige werkplek.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

De activiteit is inzetbaar in kleine groepen of begeleid door de leerkracht. Differentiatie is mogelijk door:
- samen hardop te lezen of zelfstandig te laten lezen.
- het aantal kaarten te beperken of uit te breiden.
- de leerkracht actief te laten meespelen bij extra ondersteuning.

Overige

Kwartet kan regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit binnen de lessenserie Letter i. De opzet is gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Let op: Deze spelactiviteit kan je spelen als er meerdere letters aangeboden zijn.
Er zijn minimaal drie andere letters nodig.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Kwartet kan worden ingezet wanneer meerdere letters zijn aangeboden. De activiteit is geschikt als herhaal- en automatiseringsmoment waarbij leerlingen woorden met verschillende letters actief benoemen en vergelijken.

 

Lesformulier - Bingo letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van deze les:

- kan de leerling woorden met de letter i herkennen, lezen of benoemen en deze terugvinden op een bingokaart.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens het bingospel of de leerling woorden met de letter i herkent, leest of benoemt en deze juist afdekt op de bingokaart.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Bingo is een gestructureerde spelactiviteit. Leerlingen luisteren naar woorden of bekijken afbeeldingen en zoeken deze terug op hun bingokaart.
De activiteit ondersteunt visuele woordherkenning en technisch lezen en is geschikt voor oefening, herhaling en automatisering.  

 

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les

De leerkracht legt kort uit dat de leerlingen bingo gaan spelen met woorden en/of afbeeldingen van de letter i. De leerkracht vraagt of de leerlingen het spel Bingo kennen. Indien nodig wordt het spel kort uitgelegd.
De leerkracht benoemt het leerdoel en laat een bingokaart zien met enkele voorbeeldwoorden of afbeeldingen.

Fase 2 – interactieve instructie

De leerkracht doet een voorbeeldronde:

  • leest een woord hardop voor of laat een afbeelding zien;
  • laat zien hoe het juiste woord of plaatje op de bingokaart wordt opgezocht;
  • benoemt waarom dit woord of plaatje past;
  • laat zien hoe het juiste vakje wordt afgedekt.

Fase 3 – actieve verwerking

Leerlingen spelen het bingospel:

  • een leerling leest het woord hardop;
  • leerlingen zoeken het woord of plaatje op hun bingokaart;
  • wanneer het voorkomt, lezen of benoemen zij het woord en dekken het juiste vakje af.

De leerkracht observeert en ondersteunt waar nodig door mee te lezen of woorden te laten herhalen.

Fase 4 – eind van de les

Het spel eindigt wanneer een leerling bingo heeft.
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op het leerdoel. De leerkracht bespreekt enkele woorden uit het spel en controleert of woord en betekenis bij elkaar passen.
Tot slot benoemt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt en wanneer en hoe de letter i terugkomt in een volgende les of activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- bingokaarten van de letter i
- afdekmateriaal (fiches, blokjes of stift)

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige werkplek.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

De activiteit wordt in kleine groepjes gespeeld. Differentiatie is mogelijk door:
- samen hardop te lezen of zelfstandig te laten werken.
- te werken met woorden of met afbeeldingen.

Overige

Na afronding van de letter i kan bingo regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit. De aanpak en opbouw zijn gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Bingo wordt ingezet wanneer leerlingen al bekend zijn met de letter i en bijbehorende woorden. De activiteit is geschikt als herhaal- en automatiseringsmoment waarbij leerlingen woorden herkennen, benoemen en/of lezen in een speelse, gestructureerde vorm.

Lesformulier - Woord in blokjes letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.
6b De leerling benut kennis over spelling het schriftelijk formuleren.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van deze les:

- kan de leerling woorden met de letter i analyseren door het woord op te delen in afzonderlijke klanken/letters en deze correct weer te geven in blokjes.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens de activiteit of de leerling:
- het juiste aantal blokjes gebruikt voor het woord.
- de juiste letters kiest.
- het woord correct samenstelt op basis van het bijbehorende plaatje.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Woord in blokjes is een gestructureerde verwerkingsactiviteit waarbij leerlingen een woord koppelen aan een afbeelding, het woord analyseren in klanken/letters en deze weergeven met blokjes en losse letters. De activiteit ondersteunt technisch lezen, beginnende spelling en het inzicht in de opbouw van woorden.

 

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt uit dat de leerlingen woorden gaan maken met blokjes bij afbeeldingen met de letter i. De leerkracht legt kort uit dat een blokje staat voor één letter. De leerkracht laat een voorbeeldafbeelding zien en benoemt het woord.  

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht laat een voorbeeld zien:
- Zeg hardop welk woord je op de afbeelding ziet.
- Spreek het woord langzaam uit en tel samen het aantal letters.
- Laat zien hoeveel blokjes nodig zijn.
- Kies de juiste letters en laat zien hoe het woord wordt opgebouwd.
Tijdens het voordoen benoemt de leerkracht steeds de koppeling tussen afbeelding, woord en letters.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen werken zelfstandig of begeleid:
- zij benoemen de afbeelding.
- bepalen hoeveel blokjes nodig zijn.
- kiezen de juiste letter.
- bouwen het woord op in blokjes.
De leerkracht observeert en ondersteunt waar nodig door mee te spreken, te laten herhalen of samen te tellen.

Fase 4 – eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op de activiteit en het leerdoel. De leerkracht bespreekt enkele gemaakte woorden en controleert klassikaal of het aantal blokjes en de letters klopt. Tot slot bespreekt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter i opnieuw terugkomt in een volgende les/activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- werkblad Woord in blokjes letter i (geprint en eventueel gelamineerd)
- kleurpotloden of stiften

Voorbereiding:
- Zorg voor een rustige werkplek.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Het materiaal is individueel inzetbaar of in kleine groepen. Differentiatie vindt plaats door:
- te werken met kortere of langere woorden.  
- samen hardop te analyseren of zelfstandig te werken.
- extra ondersteuning te bieden bij het tellen van klanken.

Overige

Na afronding van de letter i kan de activiteit regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit. De aanpak en opbouw zijn gelijk aan die van andere letters in deze reeks, zodat leerlingen steeds binnen een herkenbare structuur werken.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Woord in blokjes wordt ingezet wanneer leerlingen toe zijn aan verdieping in de analyse van woorden met de letter i. De activiteit sluit aan op eerdere lees- en herkenningsactiviteiten en ondersteunt het inzicht in de opbouw van woorden.

Lesformulier - Magische letters letter i

Kerndoelen van deze les

Functioneel kerndoel 6 (Domein Taal) - De leerling verkent taal als systeem.
6a De leerling verkent de relatie tussen vorm en betekenis van taal.

Leerdoelen – kennis en/of vaardigheden

Na afloop van deze les:

- kan de leerling de letter i en/of woorden met de letter i herkennen en benoemen.

Eindopdracht om te bepalen of leerdoelen zijn behaald

De leerkracht observeert tijdens de activiteit of de leerling de letter i en/of woorden met de letter i correct herkent en benoemt.

Didactische opbouw – hoe bouw je de activiteiten op

Korte toelichting op de activiteit

Magische letters is een spelactiviteit waarbij leerlingen door middel van water letters en/of woorden zichtbaar maken en herkennen. De activiteit ondersteunt letter- en woordherkenning en combineert lezen met beweging en zintuiglijke ervaring.

 

Instructie en fasering - Doordacht Passend Lesmodel

Fase 1 – start van de les
De leerkracht legt kort uit dat de leerlingen een bewegende leeractiviteit gaan doen met letters en/of woorden van de letter
i. De leerkracht vraagt of de leerlingen deze activiteit kennen. Indien nodig wordt kort uitgelegd dat de letters “magisch” zichtbaar worden door het water te bewegen.
De leerkracht benoemt het leerdoel en laat het materiaal zien.

 

Fase 2 – interactieve instructie
De leerkracht geeft een voorbeeld:

  • geeft een opdracht (bijvoorbeeld: zoek de beginletter i of maak een woord letter voor letter);
  • beweegt met het glas het water zodat een letter of woord zichtbaar wordt;
  • benoemt de gevonden letter of leest het woord hardop voor.

Tijdens het voordoen benoemt de leerkracht steeds de koppeling tussen letter, woord en betekenis.

 

Fase 3 – actieve verwerking
Leerlingen voeren de activiteit uit:  

  • zij krijgen een opdracht van de leerkracht;
  • zoeken door het water te bewegen naar letters of woorden;
  • benoemen de gevonden letter of lezen het woord hardop.

De leerkracht observeert en ondersteunt waar nodig.

Fase 4 – eind van de les
Het lesmoment wordt afgesloten met een korte terugblik op het leerdoel.
De leerkracht bespreekt welke letters en/of woorden zijn gevonden en controleert klassikaal of deze correct zijn benoemd.
Tot slot bespreekt de leerkracht wat al goed lukt en wat nog aandacht vraagt. De leerkracht benoemt wanneer en hoe de letter
i opnieuw terugkomt in een volgende les/activiteit.

Benodigde materialen en voorbereiding

Benodigde materialen:
- bak met water
- zwarte verf
- glas
- gelamineerd A4-blad met letters en / of woorden

Voorbereiding:
- Vul de bak met water en meng een kleine hoeveelheid zwarte verf door het water.
- Plaats het gelamineerde A4-blad onder in de bak.
- Zorg voor een rustige werkplek.

Klassenmanagement, differentiatie en ondersteuning in de klas

Het materiaal is individueel inzetbaar of in kleine groepen. Differentiatie is mogelijk door:

  • alleen letters te laten benoemen of volledige woorden te laten lezen;
  • de complexiteit van de opdracht aan te passen;
  • meer of minder begeleiding te bieden.

Overige

Na afronding van de letter i kan deze activiteit regelmatig terugkeren als herhaal- en onderhoudsactiviteit. De aanpak en opbouw zijn gelijk aan die van andere activiteiten binnen deze reeks, zodat leerlingen werken binnen een herkenbare structuur.

Lesmateriaal

Inzetmoment binnen de lessenserie

Magische letters wordt ingezet als afwisselende oefen- of herhaalactiviteit binnen de lessenserie. De activiteit is geschikt voor momenten waarop leerlingen extra ondersteuning nodig hebben bij automatisering of baat hebben bij beweging.

  • Het arrangement Letters leren - Letter i is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

    Auteur
    GOpen
    Laatst gewijzigd
    09-02-2026 17:00:41
    Licentie

    Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om:

    • het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat
    • het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken
    • voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.

    Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 4.0 Internationale licentie.

    Aanvullende informatie over dit lesmateriaal

    Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:

    Toelichting
    De lessenserie Letter i is ontwikkeld voor leerlingen in het gespecialiseerd onderwijs. Leerlingen oefenen met het herkennen, lezen en toepassen van woorden met de letter i via gevarieerde en gestructureerde activiteiten. De serie ondersteunt het technisch lezen, de letterherkenning en de woordopbouw. Binnen de lessenserie werken leerlingen met verschillende werkvormen, zoals een leesblad, werkbladen, spelactiviteiten (Piccolo, Memory, Kwartet en Bingo) en analyserende opdrachten (Woord in blokjes) ). Door deze variatie komen leerlingen de letter i herhaald tegen in verschillende contexten en verwerken zij deze op verschillende manieren: visueel, auditief, motorisch en spelenderwijs. vso_kerndoel_2a vso_kerndoel_6a vso_kerndoel_6b leerroute_2 leerroute_3
    Leerniveau
    VSO;
    Leerinhoud en doelen
    Nederlandse Taal;
    Eindgebruiker
    leraar
    Moeilijkheidsgraad
    gemiddeld
    Studiebelasting
    4 uur 30 minuten

    Gebruikte Wikiwijs Arrangementen

    GOpen. (2026).

    Letters leren - Letter R

    https://maken.wikiwijs.nl/222074/Letters_leren___Letter_R

  • Downloaden

    Het volledige arrangement is in de onderstaande formaten te downloaden.

    Metadata

    LTI

    Leeromgevingen die gebruik maken van LTI kunnen Wikiwijs arrangementen en toetsen afspelen en resultaten terugkoppelen. Hiervoor moet de leeromgeving wel bij Wikiwijs aangemeld zijn. Wil je gebruik maken van de LTI koppeling? Meld je aan via info@wikiwijs.nl met het verzoek om een LTI koppeling aan te gaan.

    Maak je al gebruik van LTI? Gebruik dan de onderstaande Launch URL’s.

    Arrangement

    IMSCC package

    Wil je de Launch URL’s niet los kopiëren, maar in één keer downloaden? Download dan de IMSCC package.

    Voor developers

    Wikiwijs lesmateriaal kan worden gebruikt in een externe leeromgeving. Er kunnen koppelingen worden gemaakt en het lesmateriaal kan op verschillende manieren worden geëxporteerd. Meer informatie hierover kun je vinden op onze Developers Wiki.